Overvalbendelid D.R. had geld nodig om te vluchten

Verdachte D. R. uit Obdam geeft toe deel te hebben genomen aan de dubbele woningoverval in Noord-Scharwoude in 2021. Hij zei tijdens het hoger beroep geld nodig te hebben om te vluchten. Dat wilde hij omdat hij een uitgebreid politieonderzoek verwachtte naar de dodelijke overval in Berkhout. D. R. kreeg eerder 25 jaar celstraf opgelegd. Hij zegt blij te zijn als hij er met 15 jaar vanaf komt.

had hij naar eigen zeggen hij te hebben omdat hij er vanuit ging dat de politrie

„Als ik vijftien jaar krijg, ben ik blij”, zegt hij voorzichtig.

Op dag vier van het hoger beroep tegen de Noord-Hollandse overvalbende licht verdachte D. R. toe waarom hij meedeed aan een dubbele overval in Noord-Scharwoude. „Ik verwachtte dat de politie groot onderzoek zou instellen na de dood van Sjaak Groot en had geld nodig om te vluchten.”

Levenslang voor G. V. past volgens zijn advocaten niet. Zij vragen om vrijspraak of een minder hoge celstraf. ’Ieder mens verdient hoop’

De dubbele overval op de Oranjestraat in Noord-Scharwoude is de laatste in een reeks overvallen die de kop van Noord-Holland in 2020 en 2021 treft. Het gaat om een woning met een schuur erachter. D. R. uit Obdam heeft in twee verhoren eerder dit jaar benoemd wie daarbij waren en R. M. uit Rotterdam aangewezen als degene die een bewoner in zijn borst heeft geschoten.

De zitting begint met het afspelen van drie videofragmenten. Dat gebeurt op verzoek van de raadsheer van de Rotterdammer. De zaal ziet D. R. zitten tegenover twee agenten. Hij noemt namen van mannen die bij een overval zijn geweest.

Alleen, op de naam van R. M. komt hij niet. „Die kale met die baard”, beschrijft hij zijn kompaan. Wanneer de verbalisant zijn achternaam zegt, reageert D. R. met ’ja, die’. Het brokje informatie komt mogelijk terug in het pleidooi volgende week.

Naast de openhartigheid van D. R. zijn er getuigen die hebben verklaard over wat zich in juli 2021 heeft afgespeeld. Volgens een ex-partner van verdachte G. V. is hij met R. M. op pad geweest ’s nachts. Ook denkt zij verschillende overvallers te hebben herkend op camerabeelden die het vijftal hebben vastgelegd.

’Ik wist ervan’
R. M. mag reageren op die beschuldiging. Hij erkent de betreffende nacht in Noord-Scharwoude te zijn geweest en van de overval te hebben geweten, maar zegt deze niet te hebben uitgevoerd. Dat is in lijn met wat hij over andere overvallen in de reeks heeft gezegd. Wie wél zijn meegegaan en hoe lang zij op pad zijn geweest, wil hij niet zeggen. Ook in dat opzicht is hij consequent.

Ook G. V. ontkent deel te hebben genomen aan de overval(len). Wel zijn er die nacht allerlei mensen bij hem thuis geweest. Wie dat zijn geweest, blijft vaag. Een getuigenis die hem aan de overval koppelt, trekt hij in twijfel. Zijn advocaten vragen R. M. later of hij en G. V. die nacht in zijn woning zijn gebleven. „Voor zover ik weet wel.”

D. R. geeft ruiterlijk toe een van de overvallers te zijn geweest. Hij schetst een beeld van een mislukte overval. Wanneer de bewoner na een worsteling met G. V. naar buiten vlucht en om hulp schreeuwt, trekt dit de aandacht van omwonenden. Ze moeten vluchten. Als de Obdammer gevraagd wordt waarom hij een week na de dodelijke overval op Sjaak Groot in Berkhout op pad is gegaan, zegt hij dat hij geld nodig had om te vluchten voor de politie.

In therapie
’s Middags neemt het gerechtshof de persoonlijke omstandigheden door met de mannen. Met name D. R. en G. V. hebben bepaald geen geluk gehad. Laatstgenoemde zegt dat de instanties (met name jeugdzorg en justitie) hem in de steek hebben gelaten en dat hij gedurende zijn leven meer tijd in cellen doorbracht dan daarbuiten.

„Dit heeft me gevormd tot een klotejong”, reflecteert hij, waarna hij aangeeft inmiddels therapie te krijgen. De Noord-Scharwoudenaar houdt verder vol dat anderen de schuld op hem willen afschuiven.

Lees ook:
Huilende verdachte verklaart belastend over vermeende schutter en chauffeur bij overval die Sjaak Groot het leven kost: ’Ik wil dat het klaar is’

Als het OM aan D. R. vraagt wat hij een passende straf vindt (eerder kreeg hij 25 jaar), met oog op de openheid die hij inmiddels heeft gegeven, is het even stil. „Als ik vijftien jaar krijg, ben ik blij”, zegt hij voorzichtig.

De zaak gaat donderdagochtend verder. Dan laat het OM zijn licht schijnen op de zaak en volgt de strafeis.