Inwoners van Uitgeest en Heemskerk met huisdieren hebben antivlooienmiddelen in huis, die milieuvervuiling veroorzaken. Dat blijkt uit een onderzoek van het waterschap en de twee gemeenten. Vijftig eigenaren van katten en honden leverden stof- en haar monsters voor het onderzoek. Hierin werden gifstoffen gevonden, waaronder twee gifsoorten die al jaren verboden zijn in de landbouw. Het onderzoek hoort bij een campagne om het aantal gifstoffen uit antivlooienmiddelen in het milieu terug te dringen
Onderzoek geeft inzicht: giftige stoffen in antivlooienmiddelen blijven achter in huis
Op initiatief van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK), gemeente Uitgeest en gemeente Heemskerk startte afgelopen voorjaar de campagne Verzorg je huisdier/je tuin én bescherm de natuur. De campagne helpt inwoners bewuster om te gaan met onder andere antivlooienmiddelen voor honden en katten. Veel mensen weten niet dat de giftige stoffen in die middelen kunnen achterblijven in hun huis en indirect in het oppervlaktewater terecht kunnen komen. Uit een verkennend onderzoek onder bijna vijftig huishoudens in Uitgeest en Heemskerk blijkt dat giftige stoffen inderdaad achterblijven in huis.
Een onderdeel van de campagne was een verkennend onderzoek onder huishoudens naar welke stoffen huisdieren met zich meedragen, bijvoorbeeld door het gebruik van antivlooienproducten. Via haren en stof kunnen deze stoffen in het oppervlaktewater terechtkomen. Door hier meer inzicht in te krijgen, kunnen we gerichter werken aan schoon oppervlaktewater voor mens, dier en natuur. Inwoners van Heemskerk en Uitgeest met een hond of kat konden meedoen aan het burgeronderzoek via het inzenden van een stof- en haarmonster.
De vereniging Velt voerde het onderzoek uit. De resultaten laten zien dat stoffen uit vlooien- en tekenmiddelen binnenshuis achterblijven. De vijf meest teruggevonden stoffen binnenshuis zijn imidacloprid, fipronil, dinotefuran, pyriproxyfen en selamectine. Deze stoffen komen veel voor in vlooien- en tekenmiddelen. Imidacloprid en fipronil zijn in de Europese Unie jaren geleden verboden in de landbouw omdat deze te schadelijk zijn voor mens en milieu.
HHNK ziet dat imidacloprid, dat bijensterfte veroorzaakt, nog steeds voorkomt in het oppervlaktewater. Dit onderzoek laat zien dat het gebruik van deze stof bij huisdieren mogelijk een verklaring is voor de blijvende aanwezigheid ervan in het water. Tegelijkertijd is meer onderzoek nodig om de exacte bijdrage beter in beeld te krijgen.