Een unieke kans voor jonge AZ-fans. Tijdens een heuse persconferentie bij het AZ-kidsfestival kregen ze de kans om hun favoriete spelers te ontmoeten en vragen te stellen. “Ik ga vragen hoe je niet zenuwachtig wordt bij een penalty.”
Dit is de eerste keer dat de Alkmaarse voetbalclub speciaal voor kinderen een festival organiseert. Een debuut dus. Naast de persconferentie is er een fotosessie voor baby’s en peuters en is er een openbare training van het eerste elftal bij te wonen. En na de training is er alle tijd om een foto te scoren met een voetbalidool naar keuze.
Tijdens de persconferentie zitten dertig kritische journalistjes klaar om AZ’ers Sven Mijnans, Mees de Wit en Hobie Verhulst prangende vragen te stellen. De 9-jarige Nick van Dalen uit Sint Pancras is één van de dertig die zijn idolen het hemd van het lijf kan vragen. Hij heeft zich aangemeld en mag ook daadwerkelijk een vraag stellen aan één van de mannen. “Ik ga vragen hoe je niet zenuwachtig wordt bij een penalty”, vertelt hij aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. (tekst gaat door onder de foto)
De dertig enthousiaste ‘journalistjes’ mochten al hun vragen stellen aan de AZ-spelers tijdens de kinderpersconferentie. (foto: NH Nieuws)
Hoewel Nicks vraag over zenuwachtig zijn gaat, is hij toch zelf ook best zenuwachtig voordat hij zijn vraag gaat stellen. Maar op het moment zelf weet hij zijn zenuwen te bedwingen en vraagt aan alle drie de spelers tegelijk hoe zij denken dat je het beste kalm kan blijven bij een penalty. Na afloop is Nick tevreden met de antwoorden die hij kreeg, en hij heeft er ook echt iets aan. “Hobie Verhulst zei dat ik gewoon veel moet gaan trainen op penalty’s”, vertelt hij. “Dus dat ga ik ook doen.”
Een andere jonge AZ-fan, Anna, komt met een heel ander soort vraag. Haar vader is voor de Rotterdamse voetbalclub Feyenoord. Zij hoopt dat de spelers haar kunnen helpen om haar vader over te halen om supporter van AZ te worden. Daar weten de spelers wel een antwoord op. “Hij moet zondag maar komen kijken”, zegt Hobie Verhulst.
De geur van kolen hangt in de lucht nog voordat de stoomfluit klinkt. Op het perron van Heerhugowaard dringen nieuwsgierige kinderen naar voren, terwijl ouders hun camera’s in de aanslag houden. Zaterdag is geen gewone dag: ter ere van het 25-jarig bestaan van modeltreinwinkel Huider rijdt er een echte stoomtrein dwars door de kop van Noord-Holland.
“Het voelt een beetje alsof je teruggaat in de tijd,” zegt een oudere man met een pet waarop het logo van de NS uit de jaren ’60 prijkt. Hij wacht samen met zijn kleinzoon, die zijn eigen speelgoedtrein stevig vasthoudt. “Hij wil hem straks laten zien aan de machinist”, lacht hij.
Langs het spoor verzamelen zich liefhebbers met statieven, groothoeklenzen en telefoons. Niet alleen bij de perrons in Alkmaar, Schagen en Hoorn, maar ook in de weilanden en bij kleine spoorwegovergangen. Een jongen gekleed in een T-shirt met Thomas de Trein, roept enthousiast: “Dit is de mooiste trein die ik ooit heb gezien. Zelfs mooier dan die van Lego!” (tekst gaat door onder de foto)
Bij ieder station werd de stoomtrein vol bewondering binnengehaald door reizigers die haast niet konden wachten om in te stappen. (foto: Streekstad Centraal)
Binnen in de coupé is het rumoerig en vrolijk. Mensen uit heel het land zijn afgereisd naar Noord-Holland, vaak speciaal om ook even bij Huider langs te gaan. In de trein ontstaan gesprekken tussen wildvreemden die allemaal dezelfde liefde delen: treinen. Een man die al jaren modelbanen bouwt vertelt hoe hij dagen bezig kan zijn met het namaken van een emplacement. Een jonge moeder knikt en zegt: “Mijn zoon van zeven kent álle locomotieven uit zijn hoofd. Voor hem is dit een dag om nooit meer te vergeten!”
Op de rode stoelen kijken mensen vol bewondering naar buiten. “Echt een hele bijzondere ervaring dit”, zeggen ze tegen elkaar. Kinderen schuifelen ondertussen van raam naar raam. Buiten staan mensen rijen dik, met fotocamera’s in de aanslag. Bij elke overweg en elk weiland zwaaien ze enthousiast naar mensen die buiten staan te filmen. “Het lijkt wel of we zelf beroemd zijn,” roept een meisje. (tekst gaat door onder de foto)
Langs de hele route van de stoomtrein stonden mensen met hun telefoon en camera klaar om de trein vast te leggen. (foto: Streekstad Centraal)
Voor sommigen is deze dag meer dan een hobby: het is pure nostalgie. In een coupé vertelt een vrouw van in de zeventig: “Dit geluid, dat puffen, die rook… ik moest vroeger met de trein naar mijn oma. Toen klonk het precies zo. Ik voel me weer even kind.” Haar ogen glinsteren terwijl ze naar buiten kijkt.
De hele dag gonst het in de trein van verhalen, herinneringen en verwondering. Voor de een is het een nostalgische terugblik, voor de ander een jongensdroom die uitkomt. Wat iedereen gemeen heeft: de twinkeling in de ogen bij elke rookpluim die voorbij de raampjes trekt. (tekst gaat door onder de foto)
De stoomtrein kwam tijdens de open dag vanwege het 25-jarig jubileum van Huider Modelbouw meerdere keren langs het gebouw, waar ook veel mensen keken naar hoe de trein langskwam. (foto: Streekstad Centraal)
Naast een ritje in de stoomtrein is er ook een oude streekbus geregeld om de reizigers tussen de Huider-winkel en station Heerhugowaard te pendelen. “Ook dit is een leuk extraatje, zo’n echt oude bus zie je niet vaak meer,” zegt een man die net instapt.
Eenmaal aangekomen bij de winkel is, naast het winkelgedeelte, ook de zolder te bewonderen. “Daar staan de leveranciers met informatie, maar er rijden ook modeltreinen op banen die iedereen kan bekijken,” vertelt eigenaar Ernst Huider trots. Bezoekers lopen er vol interesse rond, nemen foto’s en kijken hun ogen uit. Sommige bezoekers nemen kort te tijd om Ernst even te feliciteren met het jubileum. “Gefeliciteerd, mooi geregeld hoor! En de treinrit was fantastisch.”
Ernst is blij met hoe het jubileum verloopt, maar kijkt ook wel uit naar het einde van de dag. “Het echte genieten voor mij en de werknemers zal later pas komen,” lacht Ernst. “Nu is het ook veel geregel en erg druk. Maar als we vanavond zelf in de stoomtrein zitten richting Rotterdam, hebben we eindelijk rust en kunnen we echt even plezier maken en terugkijken op een mooie dag.”
Aan de Merwede in Heerhugowaard is donderdagmiddag een straatroof gepleegd. Twee jongens van ongeveer 15 jaar oud beroofden leeftijdsgenoten van een fatbike. De slachtoffers waren tijdens de straatroof in een speeltuin.
Volgens een buurtbewoner werd er geweld gebruikt. Eén van de slachtoffers zou hardhandig van zijn fatbike zijn getrokken, waarna de daders er met de gestolen fatbike vandoor gingen.
De politie verspreidde kort na het incident een bericht via Burgernet. Daarin wordt gemeld dat het gaat om twee jongens van rond de 15 jaar, volledig in het zwart gekleed en rijdend op een fatbike. Tijdens de beroving droegen zij een bivakmuts.
De politie roept mensen op de jongens niet zelf te benaderen, maar direct 112 te bellen bij het zien van de verdachten of bij tips die kunnen helpen in het onderzoek.
Op de Goudenregenstraat in Heerhugowaard is donderdagmiddag een busje van een schilder zwaar beschadigd geraakt door brand. Bij aankomst van de brandweer stond een groot deel van het voertuig al in lichterlaaie.
De brandweerlieden kregen het vuur snel onder controle, maar het busje kan als verloren worden beschouwd en is door een bergingsbedrijf afgevoerd. De oorzaak van de brand lijkt een technisch defect te zijn, maar dit wordt nog onderzocht.
Tijdens de bluswerkzaamheden was de straat tijdelijk afgesloten voor verkeer.
Een zolder vol met spullen die je eigenlijk helemaal niet meer gebruikt, of een kast vol spullen die vooral in de weg liggen. Iedereen herkent het wel. Juist voor die spullen zijn de ‘ontspuldagen’ bedacht. Tijdens deze dagen kunnen mensen heel gemakkelijk van dit soort spullen afkomen. “Er wordt zo veel mogelijk van de spullen hergebruikt.”
“Veel mensen hebben last van spullen”, begint Jan Bosma, een van de bedenkers van stichting De Ontspulknul. “Vooral naarmate we ouder worden zien we dat het problemen oplevert.” Volgens hem komt dat doordat mensen dan vaak kleiner gaan wonen, maar het kan bijvoorbeeld ook te maken hebben met het overlijden van mensen die spullen ‘achterlaten’. “Daarom proberen we mensen met deze dagen te motiveren om spullen in te leveren.”
Door het organiseren van de zogenoemde ‘ontspuldagen’ probeert de stichting het mensen zo makkelijk mogelijk te maken om spullen te doneren. “Wat er hier vandaag in de Rijp ingeleverd wordt geven we door aan goede doelen, dat is deze keer kringloopwinkel RataPlan”, vertelt Jan aan Streekstad Centraal. De spullen worden dan uitgezocht en wat niet gebruikt kan worden wordt gerecycled. “Er wordt zo veel mogelijk van de spullen hergebruikt.” (tekst gaat door onder de foto)
Jan Bosma helpt met stichting de Ontspulknul mensen bij het afstand doen van spullen. Tijdens de ontspuldag in De Rijp kwamen mensen in grote getalen hun spullen inleveren. (foto: Streekstad Centraal)
Hoewel de dagen gaan om het inleveren van spullen – ontspullen – is dat niet het enige wat blijft hangen. “Om al die verhalen te horen en dat mensen ook wat kwijt willen is erg mooi, dat geeft deze dag net dat stukje meer”, zegt Magalie van Exel, een van de helpende handen. “Het gaat op zo’n dag als vandaag ook echt om het stukje verbinding.”
En dat is te merken aan de reacties van de mensen die langskomen om spullen af te leveren. “Het is een mooie manier om van mijn spullen af te komen”, zegt een vrouw. “En het zorgt er ook voor dat ik prettiger woon.” Een ander is het daar roerend mee eens. “Opruimen vind ik altijd fijn, dan is er weer ruimte en dan kunnen we weer opnieuw spullen sparen.”
Naast het organiseren van ontspuldagen in de buurt biedt de stichting ook één-op-één hulp aan huis. Dan komen en ‘ontspulknullen’ van de stichting langs bij mensen thuis en door middel van tips en een stappenplan krijgen ze hulp bij het afstand nemen van spullen. En dat valt in de smaak: “Vanochtend hebben ze bij mij thuis al wat spullen opgehaald. Hele fijne en een leuke manier om anderen blij te maken met mijn spullen.”
Lampjes in alle kleuren van de regenboog, boten die veranderen in varende kunstwerken en langs het water mensen die zich daaraan vergapen en foto’s maken: het was weer Lichtjesavond in Langedijk. Voor de 31ste keer varen tientallen boten rond de Broekerveiling en door de smalle wateren eromheen. Het gaat niet om snelheid of sportieve strijd, maar om sfeer, gezelligheid en een flinke dosis creativiteit. En dat is precies wat de honderden bezoekers beleven.
De avond begint rustig, met de eerste boten die voorzichtig uitvaren. Zodra de zon achter de horizon zakt, wordt het water een spiegel van licht. Wie een rondje langs het water maakt, ziet boten die tot in de puntjes zijn verzorgd. Van sprookjesachtige lichtjes tot actuele thema’s: de deelnemers laten hun fantasie de vrije loop.
“We letten op de originaliteit, de actualiteit en de moeite die erin is gestopt. En ja, de kleding van de mensen aan boord telt ook mee”, legt een jurylid aan Streekstad Centraal uit. En dat is ook te zien: sommige opvarenden dragen prachtige kostuums, precies passend bij hun thema. Van piraten tot prinsessen, en van muzikanten tot clowns. En het publiek vermaakt zich ondertussen kostelijk. (tekst gaat door onder de foto).
De juryleden van Lichtjesavond Langedijk beoordeelden heel secuur alle boten die meededen aan de wedstrijd. (foto: Streekstad Centraal)
Langs de kades schuifelen ze langzaam mee in de stoet. Sommigen hebben klapstoeltjes meegenomen en zitten met een thermoskan koffie of een glas wijn in de hand. Anderen proberen juist een zo goed mogelijk uitzicht te bemachtigen. Het geroezemoes wordt af en toe overstemd door gejuich of applaus als een boot extra spectaculair voorbijvaart. “Vorig jaar liep ik hier toevallig langs en ik dacht meteen: dit wil ik nog een keer meemaken,” zegt een man enthousiast. “Het is zo knus, iedereen is vrolijk. Daar kom je toch voor naar buiten?”
Niet altijd verloopt alles vlekkeloos. In de smalle sloten van Langedijk klinkt zo nu en dan een paniekerig “pas op!”, of moet er snel iets van een boot worden gehaald om nét onder een lage brug door te kunnen. Maar niemand lijkt zich er echt druk om te maken – integendeel, het zorgt voor hilarische momenten. Een oudere man, die al jaren komt kijken, glimlacht: “Dat hoort er gewoon bij. Het is een beetje stuntelen, maar juist daardoor spannend en leuk. Anders zou het veel te netjes zijn.”
Langs de kanten van de sloten stonden een hele boel mensen om de versierde boten te bewonderen. (foto: Streekstad Centraal)
Wie goed luistert, hoort dat er ook op de boten flink wordt gezongen. Sommigen hebben speakers meegenomen en draaien vrolijke meezingers, andere varen juist in stilte om de magie van de lampjes te laten spreken. Wanneer de stoet bijna voorbij is, blijft het grootste deel van de toeschouwers staan. Niemand lijkt haast te hebben om naar huis te gaan. Een groep mensen loopt snel tussendoor naar een andere brug waar de boten onderdoor moeten. “Als we zo lopen zien we ze nog een keer langskomen voor ze terugkeren naar de Broekerveiling”, zegt een meisje tegen haar moeder.
Dan, langzaam maar zeker, keren de boten terug naar de plek waar ze hun tocht begonnen zijn. Eén voor één varen ze het water rondom de Broekerveiling weer in en meren ze aan. Langs de kades zwaaien de mensen naar de deelnemers, en de eerste groepen pakken hun stoeltjes en gaan richting huis. Toch is de avond nog niet meteen voorbij. In de straten rondom de Broekerveiling klinkt nog lang geroezemoes en muziek. “Op naar volgend jaar, dan wil ik eigenlijk zelf ook op een boot zitten!”
Waar Het Baafje vorig jaar nog wankelde op de rand van sluiting, beleeft het zwembad in Heiloo nu een topseizoen. Naar verwachting passeert dit weekend de vijftigduizendste bezoeker de kassa. Dat is mede te danken aan de gastvrijheid van Martijn en Marloes Veldheer, die de horeca in het zwembad nieuw leven inbliezen. Maar na dit weekend moeten ze iets anders bedenken.
Dankzij Marloes en Martijn veranderde het stoffige loket in een knusse koffiebar, compleet met vers gebak en een warme sfeer. “We moesten eerst vooral kijken wat drukke momenten zijn op een dag en daar onze schema’s op aanpassen,” vertelt Martijn. “Steeds meer mensen weten ons nu ook te vinden voor gewoon een bak koffie.” (tekst gaat door onder de foto)
Ook de exploitant van het zwembad, Holland Sport, ziet de impact. “Je komt nu binnen in deze gezellige huiskamer en daarmee heeft het zwembad het dorpsgevoel teruggekregen,” zegt Eddy Bakker. “Met vijftigduizend bezoekers laat je ook zien dat je bestaansrecht hebt.”
De huidige horecavergunning loopt eind september af, maar Martijn en Marloes zijn vastberaden door te gaan. “De eerste geluiden zijn ook dat we samen met de Stichting Vrienden van Heiloo en exploitant Holland Sport volgend jaar op dezelfde manier doorgaan,” vertelt Marloes tegen NH, mediapartner van Streekstad Centraal.
Komende winter zoeken ze ander werk – Martijn gaat fietscursussen geven en Marloes kijkt uit naar een nieuwe baan – maar hun blik is al gericht op het volgende seizoen. “We hopen vanaf 1 april weer open te gaan en willen onderzoeken of we in 2026 misschien ook in de winter door kunnen,” zegt Martijn. Voor nu overheerst vooral trots. “We kijken in ieder geval erg positief terug op ons eerste jaar,” besluit Marloes.
Huizenbezitters in de gemeente Castricum gaan de komende vier jaar flink meer betalen aan de gemeente. De onroerendezaakbelasting (ozb) wordt in stappen verhoogd met ongeveer 25 procent. Ook toeristen gaan meer betalen, en daarnaast wordt er bezuinigd op klimaatmaatregelen en subsidies. De gemeenteraad van Castricum heeft een akkoord bereikt over dit pakket om de financiën op orde te krijgen.
Voor Castricum dreigen de komende jaren flinke financiële tekorten. De gemeenteraad is daarom al langer bezig met manieren om extra geld te vinden. In maart was er al een plan, maar veel onderdelen daarvan bleken niet haalbaar. Uiteindelijk besloot de raad zelf een aangepast voorstel te maken. Na veel vergaderingen is dat nu gelukt. Het plan – dat een meerderheid van de stemmen lijkt te krijgen – wordt volgende week officieel in stemming gebracht.
In het nieuwe voorstel gaat de ozb in stappen omhoog naar het gemiddelde van de regio. Een verhoging naar het landelijke gemiddelde – waar eerder aan gedacht werd – gaat de raad te ver. Dat zou namelijk een stijging van 33 procent betekenen. Daarom is er nu gekozen voor een verhoging van 25 procent over een periode van vier jaar. Met de verhoging naar het regionale gemiddelde verwacht de gemeente uiteindelijk 1,4 miljoen euro extra op te halen, bovenop de 6,4 miljoen die nu al binnenkomt. Elk jaar wordt bekeken of de verhoging echt nodig is.
Ook de toeristenbelasting stijgt. Nu betalen bezoekers 2,80 euro per nacht per persoon, straks wordt dat 3,30 euro. Daarmee hoopt de gemeente 380.000 euro extra op te halen. Daarnaast wil de raad minder uitgeven aan klimaat en subsidies. Zo komt er een bezuiniging van ongeveer 50.000 euro op klimaat en 400.000 euro op subsidies. (tekst gaat door onder de foto)
De gemeenteraad van Castricum wil proberen om voorzieningen zoals de bibliotheek en cultureel centrum Toonbeeld te behouden. (foto: Cultureel centrum Geesterhage)
De raad wil proberen belangrijke voorzieningen, zoals de bibliotheek en cultureel centrum Toonbeeld, te behouden. Dat kan bijvoorbeeld door instellingen gebouwen te laten delen of energie te besparen. Of daarmee de geschatte vier ton besparing mee gehaald wordt, wordt later pas duidelijk. De eigen kosten van de raad zijn ook meegenomen in het voorstel. Zo wordt er bespaard op het budget van de gemeenteraad en het college. Die bezuinigingen leveren niet veel geld op, maar worden gedaan om te laten zien dat de gemeente zelf ook een bijdrage levert.
Op de samenwerkingsverbanden met andere gemeenten, denk daarbij aan de BUCH-organisatie, wordt niet bezuinigd, omdat dat simpelweg niet lukte doordat andere gemeenten daar niet mee instemden. Gelukkig zorgt een meevaller van het Rijk ervoor dat er in 2026 minder hard bezuinigd hoeft te worden. Het tekort voor de bijdrage aan de gemeenschappelijke regelingen, zoals de GGD en de Veiligheidsregio, kan dan met rijksgeld worden gedicht.
Met deze plannen kan Castricum de begroting voor 2026 rondkrijgen. Voor de jaren daarna nog niet, maar dat is voorlopig ook niet nodig, zegt de provincie. Het college van burgemeester en wethouders heeft laten weten de plannen te steunen en alvast te beginnen met de uitvoering.
De Vest staat standaard vol en de Karperton schrikt veel bestuurders af met de krappe bochten en smalle plekken. Dan maar naar de garage op het Kanaalschiereiland: lekker dichtbij de binnenstad van Alkmaar, vaak genoeg plek en ruim genoeg om zonder krassen een bocht te maken. Toch is ook deze ‘populaire’ garage inmiddels toe aan een flinke ‘servicebeurt’.
Dat er wat moet gebeuren aan de garage tussen de binnenstad en Overstad is al langer duidelijk, daarom dient wethouder Christiaan Peetoom een raadsvoorstel in waarin hij de raad vraagt om te kiezen voor een uitbreiding van de garage. “Het heeft langer geduurde dan de bedoeling was, maar het plan ligt er.”
De Alkmaarse parkeergarage biedt op dit moment 335 plekken, door het toevoegen van een nieuwe parkeerlaag zouden daar 80 plekken bij komen. Daarnaast zou wordt er dan ook een lift worden geplaatst. “Deze optie zou in totaal ruim 3,2 miljoen euro kosten, waarvan 1,4 miljoen vanuit het parkeerfonds komt”, legt Peetoom uit. (tekst loopt door onder de foto)
De garage op het kanaalschiereiland gaat al wat jaartjes mee en probeert al zo groen mogelijk te zijn. (foto: aangeleverd)
Het aanbrengen van een nieuwe laag met parkeerplekken zou ook een rol kunnen spelen om het het parkeerprobleem in Overstad op te lossen. “We hebben in het voorstel staan dat omwonenden een vergunning kunnen aanvragen waarmee ze in de nacht hun auto kunnen parkeren.” Het idee is dan dat de plekken ‘s nachts voor de bewoners met vergunning zijn en overdag voor bezoekers. “Er is gekeken of het past en wanneer de parkeerplaatsen door bewoners bezet zijn.”
Er zijn ook nog andere opties die aan de raad zijn voorgelegd. “Ze hebben al laten weten dat ze een extra laag wel zien zitten, maar of dat ook voldoende is of dat ze meer willen wordt tijdens de raadsvergadering duidelijk.” De andere opties bestaan uit het aanpakken van de uitstraling en het comfort van de garage, vergroening ervan, of zelfs volledige nieuwbouw. Die laatste optie zou meer dan 11 miljoen kosten.
Tijdens de raadsvergadering van 16 oktober beslist de gemeenteraad welke optie of opties werkelijkheid worden. Naar verwachting zal de uitvoering in 2027 volgen.
Gemeente Alkmaar krijgt een helpende hand toegestoken van het Rijk. De kaasstad is aangewezen als één van de 21 grote ontwikkelgebieden van Nederland. Dat betekent vooral dat er een flinke subsidies kunnen worden aangevraagd, waardoor ontwikkelingen zoals woningbouw in een stroomversnelling terecht komen.
Afgelopen zomer kreeg de gemeente Alkmaar te horen dat ze definitief bij de grote ontwikkelingsgebieden hoort. “We hebben dan ook de hele zomer hard gewerkt aan die subsidieaanvraag”, legt wethouder Christiaan Peetoom uit. “Er moest duidelijk worden waar precies geld voor nodig is.”
Uiteindelijk is er 140 miljoen euro aan het Rijk gevraagd. “Dat geld is voor de kosten die gemaakt worden om in een tijdsbestek van vijftien jaar 10.000 huizen extra te bouwen.” Die kosten kunnen worden verdeeld in gebiedskosten en infrastructurele kosten. “Denk daarbij aan de kosten voor bedrijfsverplaatsing en de aanleg van wegen en bijvoorbeeld fietsstraatbruggen.” (tekst gaat verder onder de foto)
Wethouder Christiaan Peetoom ziet in dat door de mogelijke subsidie ontwikkelingsplannen veel sneller kunnen worden uitgevoerd. (foto: Streekstad Centraal)
De begroting van dit jaar laat zien dat – als al het geld toegekend wordt – er door de gemeente ook nog 25 miljoen euro moet worden opgehoest. “Er kan nog wat af vallen, maar het helpt dat we de helft van de financiering al rond hebben.”
Menno Cabooter, directeur grootschalige gebiedsontwikkeling benadrukt tijdens een persgesprek dat het extra geld er vooral voor zal zorgen dat projecten versneld kunnen worden uitgevoerd. “We worden door het Rijk aan de afspraken gehouden en andersom. De subsidie maakt het makkelijker om de plannen die we al langer wilden doen uit te voeren. Het is een soort helpende hand. We zijn gepromoveerd naar de Eredivisie.”
Hoewel de plannen waarover gesproken wordt er al langer lagen is het tot op heden nog niet gelukt ze uit te voeren. Een geldkwestie. “Zonder subsidie was het ook gelukt, maar nu gaat het allemaal gewoon veel sneller en makkelijker”, zegt Peetoom. Voordat er duidelijkheid komt over de geldsom die beschikbaar wordt, gaat het plan nog wel langs de gemeenteraad. “Dat geeft het Rijk meer zekerheid”, legt Cabooter uit. (tekst gaat verder na de foto)
Directeur grootschalige gebiedsontwikkeling Menno Cabooter (met schaar) bij de aftrap van een bouwproject (foto: aangeleverd)
In de subsidieaanvraag zijn meerdere gebieden meegenomen, de grens wordt getrokken bij de ringweg. Projecten in Oudorp, op Overstad, bij de Viaanse Molen, en in de stationsgebieden en het centrum vallen daar ook onder. Daarnaast is een aanvraag gedaan buiten dat gebied, voor de Kennemerstraatweg richting Heiloo.
“We willen betrokken zijn met de regio en zetten ons in voor een sterk Noord-Holland Noord.” In november wordt er besloten of de gemeente de subsidie krijgt en in welke vorm, tot die tijd is nog veel onduidelijk over wat er wel en niet kan worden gedaan op het gebied van ontwikkeling.