Wie het huis opruimt, houdt spullen over. Spullen die gewoon in de vuilniszak kunnen, spullen die daar te groot voor zijn en dus bij het grofvuil moeten – en spullen die daar eigenlijk te goed voor zijn. Die kunnen nog best een ronde mee. Maar ja, een ritje langs de kringloop, dat is wéér een extra rondje, al dan niet met aanhangwagen…
Om het Alkmaarse opruimtalenten wat makkelijker te maken bedacht HVC de ‘innamebalie voor kringloopspullen’. Wie met z’n aanhangertje en de auto volgeladen binnenrijdt op het recycleplein van HVC, kan daar alle spullen die er nog goed genoeg voor zijn een tweede leven geven.
“Ons uitgangspunt is om afval zoveel mogelijk te voorkomen”, zegt Gertjan de Waard, directeur inzameling van HVC. “Wat toch wordt ingeleverd, proberen we eerst geschikt te maken voor hergebruik.” (tekst gaat door onder de foto)
Wie toch al onderweg is naar HVC, kan ook wel een doosje voor de kringloop meenemen (foto: Streekstad Centraal)
Dat is de gedachte achter de innamebalie voor kringloopspullen. Alles wat nu een opruimronde door het huis op de grote hoop is geland, kan daardoor op één plek worden binnengebracht. Mensen hoeven er dus niet apart voor naar een of meerdere kringloopwinkels.
HVC werkt samen met kringloopwinkels in de regio en zorgt ervoor dat de goede spullen daar terechtkomen. “Wat overblijft, scheiden we zorgvuldig zodat waardevolle materialen behouden blijven.” In samenwerking met Zaffier heeft HVC een team gevormd van medewerkers die de spullen in ontvangst nemen.
Tot voor kort was de kringloopbalie er alleen op zaterdag. HVC breidt de service nu uit naar de rest van de week, zodat kringloopgoederen inleveren voortaan ook op werkdagen kan. “Dat we dit nu zes dagen per week kunnen doen, maakt het voor inwoners nog toegankelijker”, besluit De Waard.
14–17–27–29–40. Dát was de code. Een Alkmaarder is miljonair geworden door al deze getallen én het reservegetal 32 correct te voorspellen. De jackpot van de Lotto is namelijk gevallen op deze code.
Eigenlijk zou de prijs voor deze code ‘maar’ 100.000 euro zijn, maar de Alkmaarder had extra geluk, verklaart Lilian van Eijk van Lotto: ““Dit zijn trekkingen die extra bijzonder zijn door de gegarandeerde Jackpot. Dat één speler dan precies de juiste combinatie voorspelt, maakt het een hele mooie winst.”
Over het gewonnen bedrag gaat nog wel belasting, maar de Alkmaarder zal ruim voldoende over houden om zijn of haar vrienden met Koningsdag te trakteren op een rondje. Al raden loterijen meestal aan om het niet meteen aan iedereen te vertellen.
Lotto is onderdeel van de Nederlandse Loterij. Dat betekent dat de opbrengst van de lotenverkoop ten goede komt aan goede doelen: “Jaarlijks geeft Nederlandse Loterij vrijwel haar gehele opbrengst aan de Nederlandse sport via NOC*NSF, aan achttien goede doelen op het gebied van gezondheid, beweging en welzijn en aan de Nederlandse samenleving via het ministerie van Financiën”, verklaart Lotto.
Koningsdag in Broek op Langedijk, dat betekent: de optocht. Een traditie van negentig jaar oud, die als het even kan, de honderdste verjaardag gaat halen. Daarvoor werken de dorpelingen hard, in de dagen voorafgaand aan Koningsdag: “We gaan ook door het nieuwe deel van Broek op Langedijk, om ook de nieuwe gemeenschap mee te nemen.”
Dat zegt Chris Rijnders van Stichting Oranje Activiteiten in gesprek met NH, mediapartner van Streekstad Centraal. Er is hem veel aan gelegen om deze traditie dóór te geven, in stand te houden: “Honderd jaar optocht, dat zou heel bijzonder zijn.”
Het is iets dat echt bij Broek op Langedijk is gaan horen: de kinderen op de kar, de kleuren, de muziek. De optocht máákt Koningsdag – en vroeger Koninginnedag. (tekst gaat door onder de foto)
Opperste concentratie tijdens de voorbereidingen op het grote feest (beeld: NH)
Toch waren er de laatste jaren ook wat zorgen over de traditie. De animo liep terug, nieuwe inwoners van het dorp gingen er niet vanzelf aan meedoen. Maar met wat extra aandacht en een ommetje door de nieuwste straten van het dorp hopen de vrijwillegers iedereen weer mee te krijgen.
De jongste generatie, die zal het uiteindelijk ook weer moeten doorgeven. Daarvan is iedereen die meebouwt aan de optocht zich bewust. Gelukkig hebben de aanwezige kinderen er wel zin, merkt de verslaggever van NH. “Wat we gaan doen? Heel veel leuke dingen!”
Ouders geven dat enthousiasme van jongs af mee, bevestigt een moeder die als vierjarige al op de praalwagen stond: “Het plezier dat ik altijd heb ervaren op de kar, dat wil ik heel graag meegeven aan mijn kinderen.”
De bestuurder van een motor is zwaargewond naar het ziekenhuis gebracht na een harde botsing in Heerhugowaard. De motor en een personenauto klapten op elkaar in de Nijverheidsstraat. Getuigen zeggen dat de motorrijder meters de lucht in werd gelanceerd.
Het ongeluk gebeurde zondagmiddag, rond 14:00 uur. De motor kwam hard tegen de auto aan, waardoor het voertuig in tweeën brak.
Het letsel van de bestuurder is ernstig. De toegesnelde ambulance heeft het slachtoffer dan ook met spoed naar het ziekenhuis gebracht, na een eerste behandeling op de plek van het ongeval.
Ook de auto raakte door de klap beschadigd. De politie heeft de straat tijdelijk afgesloten voor het onderzoek naar de toedracht van het ongeval.
Het is even na negenen. Moeder en zoon lopen met tassen in de richting van het Kennemerpark. Met tóch een beetje de schrik in hun gezicht. Want ja, iedereen is er al. De Alkmaarse vrijmarkt mag dan officieel om 15:00 uur beginnen, de binnenstad is om negen uur al bijna helemaal gevuld.
“Ik kreeg om half zeven bericht van mijn ouders: ze zijn al bezig”, verzucht een verkoopster even verderop, op de brug over de Oudegracht. Zelf woont ze net buiten de binnenstad, maar ze had het geluk dat haar ouders haar plekje een beetje in het oog hielden. “Ik had eigenlijk nog wel wat andere dingen willen doen, maar nu ben ik maar hierheen gegaan.”
Het is wat Streekstad Centraal veel hoort, bij de vroege ronde over de vrijmarkt: omdat andere plekjes al zo vroeg bezet raakten, haastte de rest zich ook – soms met een beetje tegenzin. (tekst gaat door onder de foto)
Gelukkig hadden haar ouders de brug in de gaten, anders was het plekje misschien verloren gegaan (foto: Streekstad Centraal)
“Wij stonden hier om half acht”, vertellen verkopers in de Zilverstraat. “Half acht? Zes uur!”, horen we twee kramen verder. Duidelijk is dat het voor iedereen vroeg opstaan was, op deze zonnige zondag. ‘Prima vrijmarktweer’, verklaren kenners.
De uitgestalde waren trekken ondanks het vroege uur de nodige geïnteresseerden. Al wordt er nog niet heel veel gehandeld, het is vooral ‘kijken, kijken, niet kopen’. (tekst gaat door onder de foto)
De zeiltjes raken gaandeweg gevuld met van alles en nog wat (foto: Streekstad Centraal)
Wat opvalt is dat veel van de schoenen en kledingstukken die uitgestald liggen als nieuw ogen. Online bestellingen die niet meer zijn teruggestuurd – en nu dus op de vrijmarkt eindigen. Maar ook veel oude strips, schoolkaarten met een scheurtje, boeken over paarden en het nodige serviesgoed.
Op strategische plekken staan containers van HVC, waar afval in kan – zo houdt Alkmaar de vrijmarkt netjes. (tekst gaat door onder de foto)
Een container op de Ridderstraatbrug, voor dat wat overblijft… (foto: Streekstad Centraal)
“Zes uur, dan ben je eigenlijk niet goed bij je hoofd.” Aan de jongen die om 9:00 uur het vloerkleed uitrolt is dat vroege gedoe duidelijk niet besteed. “Ik ga ook niet zelf staan hoor, ik maak dit klaar en dan ga ik lekker weer mijn bed in.”
Niet ver naast hem hebben de moeder en zoon die even daarvoor nog met een drafje het Kennermerpark in gingen, hun plekje dan toch gevonden. Met stoepkrijt staan er nog wel meer namen zonder kraampje erbij, blijkt dan. Die komen nog, en voorlopig hebben ze nog plek. “Ja, ach, het zijn kinderen…”
Niet iedereen is even sportief, maar veel vrijmarkters eerbiedigen toch de regel: eens geclaimd, blijft geclaimd. (tekst gaat door onder de foto)
Eliza en Jayden waren er nog niet, maar hun plekje bleef vrij (foto: Streekstad Centraal)
Dat claimen was eerder deze week wel het gesprek van de dag, nadat bleek dat de gemeente handhavend optrad tegen de tentharingen en stukken tape. Die gingen pardoes de container in, niks claimen, het mag niet – weg ermee.
“Ja, daar schrok ik wel van”, bekent een verkoper aan de rand van het Kennemerpark. “Vandaag is het ook eigenlijk pas vanaf 15:00 uur hè. Dus ik twijfelde wel of ik eerder zou gaan, straks slingeren ze je op de bon of zo. Maar toen ik zag dat iedereen ging, ben ik ook maar gegaan.” (tekst gaat door onder de foto)
Met moeite baant het verkeer zich een weg door de vroege vrijmarkt (foto: Streekstad Centraal)
De stemming is ondanks die eerdere handhavingsactie gemoedelijk. Alleen de fietsers, díé hebben het er maar moeilijk mee, die voetgangers overal. Dat zullen er zondag én maandag alleen nog maar meer worden. Twee dagen feest – daar wil Alkmaar geen minuut van missen.
Aan deze barren was het nog stil, zondagmorgen – maar niet voor lang (foto: Streekstad Centraal)
Schrik, dat is wel wat overheerste bij een eenzijdig ongeval op de Noordervaart (N243) tussen Schermerhorn en Stompetoren. Een auto met daarin vier inzittenden raakte van de weg en sloeg over de kop. De bestuurder, een 20-jarige Alkmaarder, is aangehouden vanwege rijden onder invloed.
Dat gebeurde allemaal zaterdagavond rond 22:15 uur. Getuigen wisten te vertellen dat de bestuurder was geschrokken van een dier dat overstak over de donkere weg. In reactie daarop week de automobilist uit en toen ging het mis.
Meerdere ambulances kwamen ter plaatse. Met vier inzittenden in de auto was er reden tot bezorgdheid. Volgens de eerste berichten viel het met de verwondingen mee, de betrokkenen zijn nagekeken in de ambulance.
Na vragen over het ongeval liet de politie weten dat de bestuurder onder invloed van alcohol reed. Omdat hij zijn rijbewijs eerder eens moest inleveren vanwege een (extreme) snelheidsovertreding, moest hij deze opnieuw afstaan.
Als sportmasseur meehelpen bij een evenement van Roparun – daar zei ze wel ja tegen, zes jaar geleden. Maar hoe de onderwerpen kanker, steun én leven na de behandeling in de tijd die volgde het leven van Cindy de Pagter zouden tekenen, dat had ze nooit kunnen bevroeden. “Drie weken voor het evenement voelde ik een knobbel op mijn borst.”
Ze vertelt er openhartig over, als ze Streekstad Centraal ontvangt bij haar thuis in Heerhugowaard. Over de behandeling, maar ook over wat er ná de behandeling komt, iets waar ze nog altijd midden in zit. “Na het ziekenhuis, dan begint het pas echt”, bevestigt zoon Robert, die van dichtbij de impact van kanker, van chemo, van de ontreddering meemaakt.
“Ik wil wat met mijn verhaal dóén”, vertelt Cindy. “Ik wil anderen helpen met het gat dat valt na het ziekenhuis. Zo kom ik ook zelf weer terug in de maatschappij.” (tekst gaat door onder de foto)
Cindy vlakbij haar huis in Heerhugowaard: “Dit was mijn eerste loopje, na de behandeling.” (foto: Streekstad Centraal)
Met trots draagt ze het shirt van Runningteam222. Dát Roparunteam is de rode draad in haar verhaal. Een team uit Oud-Beijerland, opvallend genoeg. Ze is zelf een Koedijkse die in Heerhugowaard woont, met familie in Alkmaar – hartstikke lokaal allemaal. Maar ze is intussen helemaal met de Oud-Beijerlanders vergroeid geraakt.
“Ze kwamen bij toeval op mijn pad. Ik zag een oproep op Facebook, daar hebben mijn man en ik op gereageerd. Ze zochten een sportmasseur en dat zijn wij allebei, we wilden wel helpen. Zo begon het. Ik kende die mensen niet, maar toen we bij ze kwamen, voor de voorbereiding, was het meteen een ‘hug’, meteen dat welkome gevoel.”
“Sporten is voor ons altijd heel belangrijk geweest”, duidt Cindy de motivatie van haarzelf en die van haar man John. “We wilden graag helpen, het voelde goed. Masseren.” (tekst gaat door onder de foto)
‘Runningteam222’ uit Oud-Beijerland betekende veel voor Cindy (foto: Facebook/Runningteam222)
Maar toen werd alles in heel korte tijd anders. “Drie weken voor het pinksterevent voelde ik ineens een knobbeltje op mijn borst”, vertelt Cindy. De rest vertelt zich haast vanzelf – behandeling, hoop en vrees, uiteindelijk toch genezing – maar het is natuurlijk toch wat anders voor wie het zélf meemaakt. Daarover schreef ze op haar blog.
Het beeld, van hoe de rode vloeistof haar bloed in ging, het gevoel: ik moet hier weg – de onomkeerbaarheid. Ze kan het terughalen, maar ze houdt ook afstand van de pijn die ze toen voelde. “Later, tijdens de bestraling, moest ik mijn adem inhouden. Als je dat doet, zakt je hart naar achteren, zeiden ze. Dan raken de stralen het hart niet, maar alleen de borst”, vertelt ze. “Maar dat bleek bij mij weer anders te gaan. Daarom ben ik naar Delft gestuurd. Wat daar kon, kon niet in Alkmaar… Dan zat ik in een vakantiehuisje en ging naar het ziekenhuis voor de behandelingen.”
Het is een traject dat ze zo veel mogelijk op de automatische piloot doorliep. Tussen de behandelingen door toch eens mee naar het team van Roparun – ‘als mascotte’, zoals ze het zelf uitrukt. Humor, soms tegen beter weten in.
“Vanaf het moment dat zo’n behandeling begint, geef je alles uit handen”, ervoer Cindy. “Ik voelde me soms net als zo’n auto die ze in de garage op een brug zetten. Dan lag ik plat terwijl ze met mijn borst bezig waren.”
En dat alles in grote onzekerheid. Het leven zelf werd een vraag. De antwoorden: behandelingen, onderzoeken, nieuwe behandelingen. Maar uiteindelijk was ze dan toch ‘schoon’ en had ook de nabehandeling in Delft het beoogde effect. “Ja, en toen viel ik in een gat.” (tekst gaat door onder de foto)
Cindy hoopt met haar verhaal ook anderen te helpen (foto: Streekstad Centraal)
Na de behandeling, na het ziekenhuis, na dat overleven – letterlijk – op de automatische piloot, daarna kwam pas het besef. Ze erkent het inmiddels als een trauma en krijgt ook hulp bij haar worsteling daarmee. Maar weg is het nog niet. Des te sterker haar wil om ook ánderen te waarschuwen, om het besef te vergroten dat dit ook bestaat.
Dat – en Runningteam222 natuurlijk. “Drie weken na mijn diagnose al, toen ging dat team voor mij lopen… We kenden elkaar net. Maar dat is Roparun. Iedereen heeft er een gevoel bij. Iedereen heeft een verhaal.” Zo bleef de band met het team innig. Ook toen ze bijna niks kon, kwam ze mee. Nu hoopt ze ook echt weer te kunnen masseren, bij het aanstaande evenement in mei.
“Daar zoek ik nu sponsoren voor. Hier, in de regio. Er zijn al Heerhugowaarders die sponsoren. Mavitec bijvoorbeeld, daar werkt John. Danny Diemeer van Belle-Vue Wonen. Zo hopen we er meer te krijgen, dat het ook hier leeft.” Wie daar meer over wil weten kan contact opnemen via Runningteam222. Op 23 mei gaat Roparun 2026 van start. Deze keer zeker niet zonder Cindy – en dus mogelijk met ook een beetje hulp uit Heerhugowaard.
Het had misschien al eerder moeten gebeuren, vóór dat vervelende incident met de brandweer, die het archief onderspoot tijdens een oefening. Vrijdag werd het eeuwenoude archief van het Alkmaarse Kaasdragersgilde overhandigd aan het Regionaal Archief Alkmaar, waar het professioneel zal worden bewaard: “Heel bijzonder dat het zó mooi is aangeleverd.”
Archiefdirecteur Paul Post toont zich meer dan tevreden met wat hij binnenkrijgt. De Kaasdragers hebben er, ondanks dat ongeluk met de brandweer, goed voor gezorgd. “Het gebeurt niet vaak dat we het zo netjes binnenkrijgen. Ik kan je wel wat bananendozen laten zien bij ons… We zijn Joris Jan erg dankbaar.”
Joris Jan de Vries zette zijn tanden in de klus: heel het archief ordenen, inventariseren, doorspitten. Zorgen dat alles in het juiste mapje komt. “We hebben 23 inventarissen”, zegt hij trots. (tekst gaat door onder de foto)
Een hartelijk welkom in de B&W kamer op het Alkmaarse stadhuis. Links kaasdrager Jette de Vries, in het midden geeft Joris Jan de Vries wethouder Jan Hoekzema een hand. (foto: Streekstad Centraal)
Alles opschrijven is één ding, dat ook nog een beetje knap bewaren op een manier die latere generaties toegang tot al deze herinneringen verschaft, dát is een huzarenstukje, zo blijkt uit De Vries’ verhaal. Hij weet van de hoed en de rand. “We hebben uiteindelijk drie meter archief. Alles wat speelde werd vastgelegd en nu krijgt dat een plek in de geschiedenis.”
De kaasdragers zijn hun archivaris dankbaar voor zijn noeste arbeid. “Het heeft 3,5 jaar geduurd”, blikt Jette de Vries – geen familie – terug. “En nu dus de officiële overhandiging op het stadhuis. Nou, zolang we maar voor tienen weer op de markt zijn…” (tekst gaat door onder de foto)
Het officiële moment: de Kaasvader tekent de overeenkomst voor eeuwige bruikleen. Rechts directeur van het Regionaal Archief Paul Post. (foto: Streekstad Centraal)
De ‘hoge heren van het gilde’, zoals wethouder Jan Hoekzema ze aankondigde, zijn dan al gaan zitten in een sierlijke zaal in het Alkmaarse stadhuis. Hier vergaderen normaal de burgemeester en de wethouders, maar vandaag is het even feest. “Ik ben gewend om zélf het woord te voeren, maar dat laat ik nu dus aan de hoge heren”, lacht de wethouder.
Op 17 juni 1593 begint de geschiedenis die in die drie meter archief ligt opgeslagen. Lang niet alles is bewaard, veel ging verloren toen die brandspuit erover ging, zo door een raampje hoog in de Waagtoren waarachter het toch veilig leek – maar heel veel is er ook nog wél. (tekst gaat door onder de foto)
Vooruit, ook maar een foto voor het archief. (foto: Streekstad Centraal)
Bijnamen bijvoorbeeld. Kaasdragers hebben altijd een bijnaam en welke bijnaam bij welke hoort, ook dat is – meestal tenminste – in de stukken terug te vinden. “Dat zijn wel persoonsgegevens”, zegt archiefdirecteur Post daarover. “Daar gaan we voorzichtig mee om.” Niet zomaar online zetten dus, maar wie hier onderzoek naar doet, kan er wel over beschikken.
Dat is mooi voor mensen die stamboomonderzoek doen, vindt Joris Jan de Vries. “De kaasdragers waren sjouwers. Dat was lange tijd zo’n beetje het laagste beroep, het waren mensen waarover nooit werd geschreven, maar in Alkmaar werd dat anders met de oprichting van dit gilde. Daardoor zijn ze terug te vinden.” Zo komen voorvaderen tot leven die anders dat plekje in de geschiedenis misschien wel nooit bevochten hadden. (tekst gaat door onder de foto)
Opmerkelijk vervoer in Alkmaar, waar kaasdragers natuurlijk altijd voorrang hebben op het overige verkeer (foto: Streekstad Centraal)
“Wie weet leidt dit archief nog tot een boek, of een andere publicatie”, zegt Post. Hij weet uit ervaring wat ‘zijn’ archief voor geschiedenisliefhebbers kan betekenen. “Geschiedenis, daar zijn wij trots op. En wat is er nou Alkmaarser dan de geschiedenis van de Kaasdragers?”
Om dat nog extra te onderstrepen werden de archiefdozen op de ‘mallejan’, mét kazen uiteraard, tot aan de poort van het Regionaal Archief gesjouwd. Daarna was het echt zo ver en was het uit handen – de twee kaasdragers konden voldaan weer terug naar de markt. (tekst gaat door onder de foto)
Kaasdragers zijn ze allereerst en bovenal, maar daarnaast ook professionele bezorgers, tot aan de deur van het archief (foto: Streekstad Centraal)
Kaasvader Willem Borst is er eerder die ochtend natuurlijk ook bij, in het stadhuis. Hij zet zijn handtekening, onder die bruikleen dus. Het archief blijft van het gilde, dat is daarmee wel vastgelegd.
“Eeuwigdurend, wat is eeuwigdurend”, filosoferen de aanwezigen. Joris Jan de Vries ziet dat vrij nuchter: “Als een van beide omvalt, het archief of de kaasdragers, dan gaat het archief naar de ander.”
Bij Willem Borst is er gelukkig geen twijfel over die toekomst. “De Kaasmarkt, ons gilde, dat zijn dingen die altijd blijven bestaan. We moeten dit doorgeven. Als wij straks zélf ‘katje-wijle’ zijn, gaan de jongeren hiermee verder. Dat is eeuwig.”
De Alkmaarse Spoorbuurt, het Bolwerk, de Noorderkade op Overstad: al lange tijd zijn het plekken waar veel overlast wordt gemeld van dak- en thuislozen die er openlijk drugs gebruiken, vuil achterlaten en ‘onbegrepen gedrag’ vertonen. Gemeente Alkmaar voerde een uitgebreid pakket extra maatregelen in, maar toch blijft de overlast bestaan.
Dat concludeert het college van de gemeente Alkmaar in een terugblik op de genomen maatregelen. Het is zeker niet zo dat er niks is geprobeerd. Er zijn extra pleinstewards ingezet, er hangen op meerdere plekken camera’s, de gemeente heeft de overlastgevers beter in beeld. Met al die maatregelen wil de gemeente ook doorgaan.
Maar tegelijk zijn de cijfers hard: er blijven honderden meldingen binnenkomen, in 2025 waren dat er ook fors meer dan in 2024; meer in de zomer, minder in de winter, maar het stopt niet. (tekst gaat door onder de foto)
Slapen in een tent: de gemeente snapt het, maar het mag niet (foto: NH)
De problematiek is dan ook complex, verklaarde het college al eerder. De overlast wordt veroorzaakt door mensen die niet zomaar ergens anders heen kunnen. De gemeente kan ze wel wegsturen, maar dat blijft zonder betekenis als ‘weg’ niet ‘weg’ is.
“De gemeente begrijpt dat mensen uit nood een tentje opzetten wanneer zij geen andere plek hebben. Tegelijkertijd is slapen in de openbare ruimte niet toegestaan”, duidt het college de spagaat waarin handhavers terechtkomen. “Dat neemt niet weg dat het college erkent dat zulke situaties ontstaan omdat mensen geen andere plek meer hebben en zich in een noodsituatie bevinden. Daarom proberen we te voorkomen dat mensen in een dergelijke situatie belanden.”
Maar de opvangmogelijkheden zijn niet onbeperkt en de doorstroom vanuit de opvang loopt vast op de huizencrisis die ook in Alkmaar voelbaar is. Het achterliggende probleem blijft dus bestaan en de ervaren overlast is daar maar één van de gevolgen van. (tekst gaat door onder de foto)
De bankjesplek langs de Herderseweg werkte niet, de bankjes gaan dus weg (foto: aangeleverd)
“We zien dat in en rondom parkeergarages sprake blijft van overlast. Door de gerichte inzet van pleinstewards, politie en handhaving wordt hier actief toezicht op gehouden en wordt opgetreden bij overtredingen zoals het alcoholverbod. Zo worden situaties tijdig gesignaleerd, wat verdere overlast voorkomt”, legt het college de gevolgde werkwijze uit.
Verder zijn er dus camera’s, die ook de komende zomer zullen blijven staan. “We merken op dat de huidige aanpak veel inzet vraagt van politie, handhaving en pleinstewards”, is de kanttekening. “Deze inzet kan daardoor niet worden besteed aan andere vragen en meldingen van inwoners in de stad.” Er moet dus echt structureel iets veranderen, want dit zou eigenlijk niet moeten voortduren.
“Belangrijk om te benadrukken is dat deze maatregelen tijdelijk zijn”, benadrukt het college ook. “Ze zijn bedoeld om de rust terug te brengen voor bewoners en om beter inzicht te krijgen. Ons uiteindelijke doel is normalisering van de situatie.”
Daarom zet Alkmaar in op meer perspectieven voor de dak- en thuislozen, betere zorg, betere doorstroming naar woonruimte – dat ook in samenwerking met omliggende gemeenten. In juni komt het college met een update over de effecten van deze maatregelen.
Een auto en een fiets zijn met elkaar in botsing gekomen op de Terborchlaan in de Alkmaarse wijk De Hoef. Dat gebeurde vrijdagmorgen rond de klok van 10:00 uur. De vrouw op de fiets raakte bij de aanrijding gewond en is naar het ziekenhuis gebracht voor verdere behandeling.
Het ongeluk gebeurde bij de rotonde ter hoogte van het winkelcentrum van De Hoef. Op de melding van het ongeval kwamen behalve de ambulance twee politie-eenheden af. De politoe onderzoekt hoe het ongeluk precies heeft kunnen gebeuren.
Het ambulancepersoneel controleerde het slachtoffer ter plekke en besloot haar mee te nemen naar het ziekenhuis. Door de aanwezigheid van de hulpdiensten was er enige hinder op de Terborchlaan.