[Beloftechecker] Alkmaarse begroting blijft rustig, tot ravijnjaar de échte keuzes blootlegt

Een vergaderruimte met een beeld van een leeuw met een schild op de voorgrond, en meerdere mensen zittend aan tafels op de achtergrond, verlicht door kroonluchters.

Op financieel vlak koos Alkmaar de afgelopen bestuursperiode ogenschijnlijk niet voor spektakel, maar voor geruststellende stabiliteit. Geen roekeloze financiële avonturen, en de breed gedragen belofte om de onroerendezaakbelasting (OZB) louter te corrigeren voor inflatie werd door de bank genomen keurig nagekomen.

Toch vertelt deze rustige oppervlakte absoluut niet het hele verhaal. Wie de begroting puur als een spreadsheet beoordeelt, mist de fundamentele politieke aardverschuiving die de financiële koers van de stad halverwege de rit ingrijpend heeft veranderd. De huidige financiële dynamiek is namelijk geen vastberaden langetermijnstrategie, maar eerder het logische gevolg van de val van het eerste Alkmaarse college en de daaropvolgende dreiging van bezuinigingen vanuit Den Haag.

Na de verkiezingen van 2022 startte een overwegend progressief blok met grootse ambities gericht op duurzaamheid en een stevig sociaal vangnet. Die expansiedrift kwam echter abrupt ten einde toen dit college viel en de ‘Alkmaarse Stad en Landcoalitie’ aantrad. Met de entree van partijen als de VVD en OPA in het centrum van de macht, veranderde de financiële doctrine fundamenteel naar het devies ‘spaarzaam waar het moet, ruimhartig waar het kan’. (tekst gaat verder onder de foto)

Man in pak kijkt uit een raam in een kantooromgeving.
Wethouder Christian Schouten (D66) paste deze collegeperiode op de Alkmaarse schatkist. (foto: Streekstad Centraal)

Te midden van deze nieuwe, behoudende bestuurscultuur sneuvelden direct harde politieke beloftes. De VVD had richting de kiezer nog geëist dat tekorten in het peperdure sociaal domein uitsluitend binnen dat eigen begrotingsonderdeel opgelost moesten worden, maar in de praktijk accepteerde de partij dat gaten in de jeugdzorg en WMO alsnog met algemene middelen werden gedicht. Ook BAS leverde pijnlijke concessies in: de beloofde gratis parkeermomenten voor ondernemers verdampten simpelweg om de inkomsten op peil te houden.

Ondanks deze compromissen bleek de gemeentelijke schatkist de afgelopen jaren verrassend goed gevuld. Onder leiding van wethouder Financiën Christian Schouten boekte Alkmaar flinke overschotten, met een plus van 15,9 miljoen euro in 2023 en nog eens 9,3 miljoen euro in 2024. (tekst gaat verder onder de foto)

Vijf mannen drukken op een knop voor een bord dat de bouw van een nieuw zwembad en sportcomplex in Alkmaar aankondigt.
Het college koos de afgelopen jaar voor royale investeringen in Alkmaarse sportcomplexen. (foto: Ed van de Pol)

Hierdoor was er plotseling ruimte voor royale investeringen, waarbij het college tientallen miljoenen uittrok voor onder meer de nieuwbouw van zwembad De Hoornse Vaart, het Sportpaleis en flinke vergroeningsprojecten. Terwijl de lasten voor de inwoner laag bleven, leek het stadsbestuur financieel de wind in de zeilen te hebben en trad wethouder Schouten steevast naar buiten met de geruststellende boodschap dat Alkmaar de zaakjes goed op orde had.

De ware politieke kleur van dit college en de wethouder werd echter pas echt zichtbaar toen de donkere wolken van het ‘ravijnjaar’ 2026 zich samenpakten boven het stadhuis. Omdat het Rijk de bijdrage aan gemeenten fors verlaagt, stevent Alkmaar af op een structureel tekort van minimaal 14 miljoen euro.

In de aanpak van deze financiële crisis toonde de Stad en Landcoalitie helder waar haar ideologische prioriteiten liggen. Wethouder Schouten wees een kaasschaafmethode – waarbij overal een klein beetje wordt bezuinigd – resoluut van de hand en sloot een extra verhoging van de OZB direct uit. (tekst gaat verder onder de foto)

Economie gaat voor de verduurzaming van mobiliteit in Alkmaar. (foto: Streekstad Centraal)

In plaats daarvan gaf hij de gemeenteraad het harde advies om de bezuinigingen primair te zoeken in het sociaal domein, bij taken die de gemeente samen met het Rijk uitvoert, zoals de maatschappelijke ondersteuning (WMO) en de jeugdzorg. Het politieke doel hiervan was om via het laten oplopen van wachtlijsten de druk op Den Haag op te voeren, in de hoop dat de bezuiniging alsnog van tafel zou gaan.

Deze kille financiële strategie leidde tot felle verontwaardiging bij de linkse oppositie. Partijen als GroenLinks en de PvdA spraken schande van het plan en verweten de wethouder een totaal gebrek aan een “sociaal hart”. De linkse partijen wezen er op dat de keuze om kwetsbare inwoners te laten bloeden voor een rijksbezuiniging een harde politieke keuze is, zeker zolang de coalitie weigert om huizenbezitters via een lichte verhoging van de extreem lage OZB een paar euro extra per maand te laten bijdragen. (tekst gaat verder onder de foto)

Twee wielrenners en een vrouw in wielerkleding houden een spandoek vast op een plein met toeschouwers. Op het spandoek staat een boodschap die oproept tot veilige wielerfaciliteiten. Op de achtergrond kijken mensen toe bij een evenement.
Ondanks de enorme investeringen in sportcomplexen was niet iedere sporter blij met de financiële keuzes van dit college. (foto: Streekstad Centraal)

Om het hoog opgelopen debat enigszins te pacificeren en de lieve vrede te bewaren, vluchtte de coalitie vervolgens in ‘zacht bestuur’: de pijnlijke discussies over de naderende bezuinigingen werden verplaatst naar besloten dialoogsessies met de gemeenteraad, begeleid door externe consultants, ver weg van de pers en de inwoners.

Onder de streep is de Alkmaarse begroting op papier weliswaar netjes in balans gebleven, maar van transparante en daadkrachtige besluitvorming is nauwelijks sprake. Doordat de coalitie na de eerdere bestuurscrisis grote politieke botsingen krampachtig mijdt, wordt het fundamentele debat over wie de rekening van het ‘ravijnjaar’ gaat betalen – de huiseigenaar of de kwetsbare inwoner met een zorgvraag – angstvallig achter gesloten deuren en via adviesbureaus gevoerd.

De financiële rust in Alkmaar is daarmee geen teken van kracht, maar een bewuste overlevingsstrategie waarbij de échte, onvermijdelijke pijnpunten voor de stad geruisloos vooruit worden geschoven tot na de verkiezingen van maart.