De 14-jarige Summer Wijkhuizen schittert volgende maand in de première van de beroemde show Holiday on Ice. Onder de titel ‘No Limits’ krijgt het publiek een muzikaal en visueel spektakel voorgeschoteld, met kunstrijders van het hoogste niveau, en de Alkmaarse is uitverkoren om hier aan mee te doen. De première is op vrijdag 6 december in Martiniplaza in Groningen.
De Alkmaarse Summer is aangesloten bij Stichting Kunstrijden Nederland, die jonge talenten ondersteunt en samenwerkt met Holiday on Ice. Haar ouders zijn maar wat trots. “Deze unieke kans is een hoogtepunt in haar carrière”, laat haar moeder weten. “Summers deelname aan deze bijzondere show is een eerbetoon aan haar harde werk en toewijding aan de sport.” (tekst gaat verder onder de foto)
Summer, tweede van links, poseert trots voor een groepsfoto van de beroemde ijsshow Holiday on Ice.
No Limits vertelt een verhaal over het overwinnen van grenzen, het vinden van liefde en de kracht van menselijke verbinding. De ijsdansshow is een grenzeloos spektakel met een mix van traditie en innovatie: prachtige muziek, videoprojecties, kinetische verlichting en honderden kostuums.
Na Groningen is Holiday on Ice te zien in Breda, Den Bosch, Amsterdam, Rotterdam en Maastricht. (foto’s: aangeleverd)
“Hartelijk ge-fe-li-ci-teerd, hartelijk ge-fe-li-ci-teerd!”, galmt met betoverende stemmen door de Grote Kerk van Alkmaar. En dat is niet zonder reden. Toonkunstkoor Alkmaar viert dit jaar een bijzondere mijlpaal: het koor bestaat maar liefst 150 jaar. Zo’n jubileum laat het koor natuurlijk niet onopgemerkt voorbijgaan. Dus werd zondag – samen met andere organisaties – een groots optreden in de ‘Huiskamer van Alkmaar’ georganiseerd.
Opgericht in 1874 begon het koor bescheiden, maar inmiddels zijn de optredens een vast onderdeel van het culturele leven in Alkmaar, met jaarlijks twee concerten in de Grote Kerk. Om het 150e jubileum te vieren, organiseerde het koor zondagmiddag het muziekfestival als cadeau aan de Alkmaarders. “Wie jarig is, trakteert”, stelt de organisatie. (tekst gaat verder onder de foto)
“Twee jaar geleden wisten we al dat we dit jubileum moesten gaan vieren”, zegt Bente Biesheuvel (in het midden met de jurk met zwarte blokjes). (foto: Streekstad Centraal)
Maar dit was niet zomaar voorstelling: verschillende koren, waaronder een kinderkoor, een kamerkoor een popkoor en zelfs een musicalvereniging, treden op. En als afsluiter komen maar liefst 300 zangers – uit diverse muziekgenres – samen voor een “spetterend optreden”, tipt Bente Biesheuvel van Toonkunstkoor Alkmaar. Het thema van het festival is dan ook ‘Het plezier van samen zingen’. Het publiek wordt getrakteerd op onder andere klassieke muziek, pop en musical.
De 55-jarige Bente zit al vijftien jaar bij het koor maar wordt toch als een van de jongeren gezien, want de leeftijden lopen flink op. “Dat het koor 150 jaar bestaat is echt bijzonder”, zegt ze de ochtend voor het grote optreden tegen Streekstad Centraal. “Je ziet dat steeds meer koren moeten stoppen omdat ze te weinig leden hebben. Door het samen zingen te benadrukken hopen we ook een verbinding te maken met de jeugd.” (tekst gaat verder onder de foto)
Bente wil met het muziekfestival ook meer jongeren bereiken. (foto: Streekstad Centraal)
Om alles in goede banen te leiden, verzamelen de zangers zich enkele uren voor het grote optreden voor een laatste gezamenlijke repetitie. “We hebben al twee keer eerder geoefend in september en oktober, dus het zit er ingesleten en dat hoor je”, vertelt Bente. En dat het goed zit, is duidelijk te horen – voor ongeoefende oren klinkt het hemels.
Toch heeft dirigent Marcel Joosen tijdens die laatste repetitie nog enkele opmerkingen. Met twee zachte klapjes in zijn handen krijgt hij de driehonderd zangers binnen no-time stil. “De ‘chin chin chin’ moet uit je lijf komen”, benadrukt hij, terwijl hij vol passie met zijn armen beweegt. Dat de zangers van verschillende genres vandaag samenkomen vindt Marcel alleen maar leuk. “Het moet allemaal wel samen komen, maar het is een gemotiveerde groep.” Of hij nou optreedt in Venetië of de Grote Kerk in Alkmaar, hij vindt het geweldig. (tekst gaat verder onder de foto)
Als afsluiter van het festival zongen maar liefst 300 zangers van verschillende koren samen. (foto: Streekstad Centraal)
Marcel is niet de enige. Gastzanger Dick Appel, lid van Soli Deo Gloria Hoorn, is ook dolenthousiast: “Wij hebben dezelfde dirigent – Marcel Joosen – als het Toonkunstkoor, vandaar dat ik van dit feestje wist. Het is fantastisch om in deze kerk te mogen zingen. Het is schitterend als je met driehonderd man tegelijk een bepaald stuk kan zingen.”
Toch ziet de 79-jarige Dick net als Bente de uitdagingen voor koren met klassieke muziek: “We worden ouder en er komt weinig aanwas van onderop.” Maar hij kan dat wel begrijpen. “Of de muziek spreekt ze niet meer aan, of ze hebben te weinig tijd. Wil je vandaag de dag een eigen huis hebben en kinderen, dan moet je alle twee werken. Heb je dan tijd voor dit soort grapjes? Nee.” (tekst loopt door onder de foto)
Zingen is goed voor je, vindt Dick Appel: “Ga je ’s avonds moe naar een koor repetitie, ga je toch weer helemaal blij naar huis.” (foto: Streekstad Centraal)
Voor Dick zelf blijft zingen essentieel. “Als er iets belangrijk is voor de mens, is het wel zingen. Daar wordt je zo blij van. Sporten is uitstekend, maar zingen is ook heel goed.”
In de middag stroomt de kerk vol met nieuwsgierige bezoekers. Met bewondering luisteren ze naar de optredens. Het muziekfestival eindigt met de laatste indrukwekkende uitvoering. Vlak voor de eerste noten klinken, gaat nog een telefoonalarm af, maar zodra de koren beginnen te zingen, verdwijnt ieder storend geluid naar de achtergrond. De volledige aandacht van het publiek is bij de krachtige samenzang. “Een kers op de taart”, zegt één van de toeschouwers.
Met een handjevol opties – Club Ruis, poppodium Victorie, HAL25 en de bekende cafés in de binnenstad – lijkt het aanbod in Alkmaar beperkt, vooral voor jongeren. Daar moet verandering in komen, vindt de 17-jarige Zola Oudshoorn samen met de groep ‘het Nachtgenootschap’. Hun missie: het Alkmaarse nachtleven nieuw leven inblazen, zodat iedereen, van jong tot oud, zijn plek kan vinden. “Anders bloedt het dood.”
Samen met vrienden organiseert Zola al een plek voor jongeren; het Rocket Festival. “Dat is een bandjesfestival gericht op jongeren onder de 18. Het is een van de weinige plekken voor ons als doelgroep, die we dus zelf gecreëerd hebben. Je kan er dansen en je ding doen.” Volgens Zola zijn dit soort evenementen hard nodig.
Er zijn in Alkmaar niet heel veel plekken waar jongeren onder de achttien naar binnen kunnen volgens Zola. “We proberen dus soms ergens naar binnen te sneaken, of we gaan met klasgenoten naar een dorp in de buurt waar ze minder op leeftijd letten”, zegt ze tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. “Frisfeesten zijn er natuurlijk wel, maar daar wil je vanaf je 16e niet meer heen natuurlijk. Dat is niet cool.”
In samenwerking met nachtburgemeester Robert Jan Wille, cultureel producent Chris Vijn, theatermaker en dj Maya Link, en ‘culthør’ Shannah Telleman vormt Zola het Nachtgenootschap, een groep die zich inzet voor een levendiger en meer divers nachtleven in Alkmaar. Met als doel: De Alkmaarse nacht wakker schudden.
Het Nachtgenootschap roept Alkmaarders en alle andere mensen die het nachtleven in Alkmaar een warm hart toedragen op om zich uit te spreken over wat ze missen in de stad. (foto: NH Nieuws)
Het genootschap maakt zich zorgen over het beperkte aanbod in de stad, zowel qua locaties als activiteiten voor verschillende leeftijden. “Alkmaar is wat dat betreft nogal mainstream,” vindt Chris. “Er gebeuren prachtige dingen in de stad, maar het is zó belangrijk dat er ook een voedingsbodem is voor de nacht,” vult Robert Jan Wille aan. Zola geeft aan dat ze vooral diversiteit mist. “Ik kan maar op een paar plekken terecht, en het is allemaal een beetje hetzelfde. Je bent snel uitgekeken en dan ga je ergens anders heen. Dat is zonde. Want er zijn genoeg jongeren die hier willen blijven. Ik hoor in mijn omgeving dat er echt behoefte en vraag is naar meer.”
Daarom wordt er binnenkort een stadsgesprek over de toekomst van de nachtcultuur georganiseerd. Daarbij willen ze een manifest opstellen, met input van andere Alkmaarders, dat ze aan de wethouder van cultuur kunnen aanbieden. “We noemen het een Nachtifest”, legt Chris Vijn uit. Het moment is strategisch gekozen, want de gemeente stelt komend voorjaar de Cultuurvisie 2040 vast. “Online en tijdens die avond willen we input verzamelen van alle ‘nachtdieren’, zoals we ze noemen. Wat moet er anders of kan er beter? Hoe kijken anderen naar de nacht en wat zijn de wensen? Naast een debat vullen we die avond natuurlijk ook met muziek.”
Het Nachtgenootschap wil op 22 november in RNGRZ aan het Ringersplein de mening horen van andere Alkmaarders over het nachtleven in de stad. “Die informatie brengen we naar de gemeente, want zolang die ideeën niet waardig verankerd zijn in die Cultuurvisie, dan kan je er de komende vijftien jaar ook geen aanspraak op maken,” stelt Chris. “Al die info gaan we ophalen en ondertekenen we, zo van: dit willen wij.” Het manifest kan alvast online ingevuld worden via de website van het Nachtgenootschap.
Toonkunstkoor Alkmaar staat centraal in de documentaire Een leven lang zingen van KunstNetTV. Daarmee wordt stilgestaan bij het 150-jarig bestaan van het koor.
Het koor mag met recht een groot koor worden genoemd met meer dan 120 leden. Het zingt op semiprofessioneel niveau en bestrijkt een repertoire van alles tussen Bach en hedendaagse componisten als Karl Jenkins. Om het jubileum te vieren organiseert het koor een muziekfestival met meerdere koren.
KunstNetTV maakte de documentaire Een leven lang zingen en filmde de repetities van zowel het Toonkunstkoor Alkmaar als het Kinderkoor van Artiance. De documentairemakers gingen op zoek naar wat zingen zo bijzonder maakt.
De koorleden van het Toonkunstkoor Ab Vogel, Betty Feenstra en Sandra van der Veen vertellen over hun eerste ervaringen met zingen en waarom ze al meer dan 35 jaar lid zijn van het koor. Zingen is een belangrijk onderdeel van hun leven.
Vooral het samen met de andere koorleden werken aan een muziekstuk geeft grote voldoening. Alle drie vinden de rol van hun dirigent essentieel voor het koor. Door de bezielende leiding van Marcel Joosen, sinds 2004 dirigent van het koor, is het niveau van het koor buitengewoon hoog.
Het repertoire voor het jubileum is ook deze keer weer verrassend; twee muziekstukken van de Argentijnse componist Ariel Ramírez en een stuk van Karl Jenkins. (tekst gaat door onder de foto)
Het kinderkoor van Artiance (foto: aangeleverd)
Opvallend is dat de kinderen van het kinderkoor zingen ook als belangrijk in hun leven ervaren. Veel van hen zongen al samen met hun ouders of andere familieleden toen ze nog heel klein waren.
Myrtle Treurniet, de dirigent, koos twee muziekstukken die de prestaties van de kinderen naar een hoger niveau tillen. Een deel uit een opera van Händel en een ontroerend lied van de Amerikaanse componist Webber.
De documentaire Een leven lang zingen is op dit moment elke dag om 10:00 en 22:00 uur te zien bij StreekStad Centraal en via de site van KunstNetTV.
Koorvereniging Bergen zingt op vrijdag 22 november drie muzikale meesterwerken uit de Romantiek. Onder leiding van Pieter-Jan Olthof zetten zij het Stabat Mater van Verdi in, de Messa di Gloria van Puccini en de Messe de Requiem van Saint-Saëns.
De muzikale ondersteuning is in handen van het Begeleidingsorkest voor Noord-Holland. Het concert wordt uitgevoerd met medewerking van de gerenommeerde solisten Heleen Koele, sopraan, Lien Haegeman, alt, Jeroen de Vaal, tenor en Martijn Sanders, bas. Een belangrijke bijdrage op het orgel wordt geleverd door Wim Voogd.
Giuseppe Verdi (1813-1901) componeerde zijn Stabat Mater toen hij 84 jaar was. Het is een sterk persoonlijk werk waarin hij zich inleeft in het verdriet van Maria die haar zoon ziet sterven. Giacomo Puccini (1858-1924) schreef zijn Messa di Gloria op 18-jarige leeftijd als examenstuk aan het Muziekinstituut van Lucca. In dit werk geeft hij er blijk van dat hij al vroeg beschikte over een buitengewone compositietechniek. De Messe de Requiem van Camille Saint-Saëns (1835-1921) is een gevoelig en fantasierijk werk. Hij componeerde dit meesterstuk in 1878 ter nagedachtenis van zijn vriend en beschermheer Albert Libon.
Het concert in de Petrus en Pauluskerk, Dorpsstraat 20 te Bergen, begint om 20:00 uur en de entree bedraagt 32,50 euro (jongeren 17,50 euro). Online kaarten bestellen kan via de website van de koorvereniging.
Kaarten zijn ook te koop bij Boekhandel Thomas en de Eerste Bergensche Boekhandel in Bergen. In Alkmaar zijn kaarten verkrijgbaar bij Muziekhandel Spanjaard.
Stadsbeiaardier Christiaan Winter heeft net weer een monsterklus achter de rug. Samen met stadsuurwerkmaker Boris Stiensma heeft hij de torens van de Grote of Sint-Laurenskerk, Waagtoren en Kapelkerk beklommen om het komende half jaar tien nieuwe liedjes uit de drie carillons over de binnenstad uit te strooien: “Je bent eigenlijk een 17e-eeuwse computer aan het herprogrammeren.”
De carillons stammen namelijk alledrie uit dezelfde periode rond 1690. Er zijn tegenwoordig wel moderne speelcomputers die een klokkenspel kunnen aansturen, maar in Alkmaar werkt alles nog 100% mechanisch. En dat betekent dat de twee muziekliefhebbers per melodietje een paar honderd pinnetjes moeten plaatsen in de ’trommels’ en die moeten vastzetten met een moertje (zie ook de hoofdfoto). “We doen het nog op dezelfde manier als onze voorgangers 300 jaar geleden”, vertelt Christiaan Winter. “Elk pinnetje is een nootje.” (de tekst loopt door onder de foto)
Stadsbeiaardier Christaan Winter bespeelt nog elke week het carillon in de Waagtoren. (foto: Streekstad Centraal)
De Alkmaarse carillons krijgen elk seizoen nieuwe deuntjes. Bij de Grote Kerk en de Waagtoren zijn dat vier verschillende nummers per uur, bij de Kapelkerk is op het hele en halve uur een ander melodietje te horen. Winter heeft deze keer geen verzoeknummers gekregen, dus hij kon zelf de playlist bepalen. Maar de techniek beperkt wel de keuzemogelijkheden.
“Je hebt bij de Grote Kerk de keuze uit ongeveer 2,5 octaaf, dus de tonen kunnen niet al te laag en al te hoog zijn. Bij de Waagtoren kunnen we iets meer, maar ook daar moet het ritmisch niet al te ingewikkeld zijn, want dan wordt het een janboel. En bekende liedjes zijn ook ongeschikt, want van een halfjaar ‘Altijd is Kortjakje ziek’ word je al snel horendol.” Volgens Winter zoekt hij vooral ‘niks-aan-de-handmuziek’, waar niemand zich snel aan zal storen. (de tekst loopt door onder de foto)
Het carillon in de Grote of Sint-Laurenskerk speelt als een van de weinige beiaards in Nederland nog dag en nacht. (foto: Streekstad Centraal)
“De Grote Kerk speelt bovendien óók in de nachtelijke uren, dus dat vraagt iets meer overleg met elkaar. De nummers moeten niet teveel op elkaar lijken. We kozen deze keer voor een Angelsaksisch thema, met onder meer een muziekstukje gecomponeerd door de organist van Westminster Abbey. Om kwart vóór hoort iedereen ‘Geef vrede door van hand tot hand’. Een aansporing die de wereld wel kan gebruiken momenteel.”
Het waarschijnlijk bekendste liedje dat het komende half jaar uit de Waagtoren klinkt, is ‘Here comes the sun’ van oud-Beatle George Harrison. “De accentverschuiving aan het slot gaat enigszins verloren doordat de speeltrommel van de Waag wat traag op gang komt.” De viering van 200 jaar Johan Strauss wordt een kwartier later geëerd met de Wilde Rosen Waltz. “Dankzij André Rieu en zijn orkest is de wals is nog niet gestorven.” Om kwart voor het hele uur kan er uit volle borst worden meegezongen met de eerste tonen van het Alkmaars Stedelied: ‘Wie heeft van Alkmaar niet gehoord?’”(de tekst loopt door onder de foto)
Ook de gereformeerde kerkgemeenschap die kerkt in de Kapelkerk aan de Laat heeft geen inspraak gehad in de melodietjes die er komend halfjaar zijn te horen. (foto: Streekstad Centraal)
De stadsbeiaardier en stadsuurwerkmaker zijn samen per toren een halve dag bezig om de instrumenten opnieuw te programmeren. Bij de Kapelkerk is maar ruimte voor twee melodietjes van maximaal 25 seconden: “Dat levert amper tijdwinst op”. Op de hele uren klinkt er de komende tijd een lichtvoetige ballade van Erik Satie, een half uur later volgt ‘Uit uw hemel zonder grenzen’ van een componist die veel heeft betekend voor de protestantse kerkmuziek.
Wie nog suggesties heeft voor de playlist van het volgende seizoen, kan zijn of haar tip sturen naar beiaardier@alkmaar.nl. Gekeken wordt dan of de melodie geschikt is of geschikt te maken is voor de carillons.
Een lang lint van duizenden mensen slingert vrijdagavond door de sfeervolle binnenstad en over bedrijventerrein Oudorp. Het zijn de bezoekers aan het Alkmaar Light Festival, die door De Karavaan en Cultuur Kartel drie avonden worden getrakteerd op bijzondere licht- en videokunst met creatieve installaties, opgeleukt door theater en muziek. De artistieke route valt in de smaak: “Magisch. Dit is leuker dan in Amsterdam.”
Marja zit met een aantal vriendinnen aan de glühwein na te praten bij de Stadsdrukkerij op bedrijventerrein Oudorp. De dames hebben genoten van de artistieke presentaties onderweg: “Het is onwijs mooi allemaal. Ik ben in het verleden ook naar het Amsterdam Light Festival geweest, maar dit is leuker. Er is meer theater en muziek, en je kunt zelf vaker onderdeel zijn van de kunst.” (tekst loopt verder onder de foto)
Een gekke houding aannemen voor een lichtkunstwerk en dan zien hoe jezelf daarna onderdeel wordt van de projectie. (foto: Streekstad centraal)
En dat is precies wat de organisatoren voor ogen hadden. “We wilden hier niet Amsterdam Light gaan doen”, vertelt organisator Nico Bink van De Karavaan. “We streven naar interactie met het publiek. Die interactiviteit willen we zoveel mogelijk proberen te laten creëren door de mensen zelf. Laat ze maar gaan solderen met lampjes enzo. Meestal zijn het kinderen die dat doen, maar ouders worden daarmee uiteindelijk ook aangemoedigd om onderdeel te worden van het geheel.”
De te volgen route voert langs beide oevers van het Noordhollandsch kanaal. ‘Het nieuwe stoere gebied aan de overkant’, noemen de kunstenaars dat. Daardoor komen de bezoekers in loodsen en langs plekken die je normaal gesproken links laat liggen. En het maakt een bezoek mogelijk aan de Stadsfabriek op bedrijventerrein Oudorp. Die maakt deel uit van de show, waarbij leerlingen van enkele middelbare scholen hun duit in het zakje hebben gedaan. (tekst loopt verder onder de foto)
“Kijk eens wat een enorme discobal”. De route bracht de bezoeker ook in de Stadsfabriek op bedrijventerrein Oudorp (foto: Marco Schilpp)
Om de hoek knalt en explodeert de installatie van experimenteel muzikant Richard van Kruisdijk er op los, terwijl een gigantische schijnwerper de wolken in de lucht lijkt te willen verjagen. In enorme stalen buizen vinden gecontroleerde gasexplosies plaats, waarbij de harde knallen worden omgezet in ritmes. De muzikant vangt deze geluiden op en manipuleert ze met analoge effectapparatuur.
De lichtstraal die van kilometers ver is te zien boven Alkmaar, komt van een schijnwerper van het Explosion Light Organ aan het Jaagpad (foto: Marco Schilpp)
Het weer werkt goed mee deze editie van het Alkmaar Light Festival. Het blijft droog en de temperatuur is aangenaam. In de binnenstad passeert de route de gevulde terrassen van de Platte-Stenenbrug, tussen het lichtorgel in de Kapelkerk en de projectie in de Sint Jacobstraat. Dat maakt van de straat een kleurig schilderij.
“Bezoekers worden onderdeel van het schilderij zodra ze het doek betreden. Eenmaal in het schilderij is iedereen hetzelfde en gelijkwaardig”, zo lichten de kunstenaars van Social Skills toe in de audiotour die iedere bezoeker kan afspelen op zijn eigen telefoon. Vrijwel iedereen grijpt hier zijn telefoon voor een groepsfoto of een selfie. (tekst loopt verder onder de foto)
Het kunstwerk ‘Walk In The Canvas’ van de kunstenaarsgroep Social Skills in de Sint Jacobstraat (foto: Marco Schilpp)
De wandelroute van zes kilometer kan zaterdagavond voor het laatst worden gevolgd. Gestart wordt bij de Drukkerij aan de Marconistraat, de Schelphoek en het IJkgebouw. Kaarten zijn online te bestellen vanaf 12,50 op de website van het Alkmaar Light Festival. (foto’s: Marco Schilpp)
Op dinsdag 19 november vindt er een taxatiemiddag plaats in Hotel Zuiderduin in Egmond aan Zee. Taxateur Arie Molendijk taxeert daar oude boeken zoals oude (staten)bijbels, atlassen, geïllustreerde werken en reisboeken, handschriften, oude brieven, foto’s, ansichtkaarten en prenten.
Taxateur Arie Molendijk werkt al jaren samen met de Vrije Universiteit, de Koninklijke Bibliotheek en andere bibliotheken en overheidsinstellingen. Regelmatig wordt hij gevraagd bibliotheken te taxeren voorafgaand aan een veiling.
Molendijk: “De taxaties die ik verricht, zijn zo mogelijk gebaseerd op recente opbrengsten van vergelijkbaar materiaal op veilingen. De taxaties vinden alleen plaats op mijn taxatiedagen, dus niet via foto’s, telefoon of per e-mail.”
De kosten voor een taxatie zijn vijf euro voor één tot ongeveer tien boeken of seriewerken. De taxatiekosten van grotere collecties/bibliotheken, die meer tijd in beslag nemen, variëren van 25 tot vijftig euro. “U krijgt altijd alle aandacht en uitleg. Een taxatierapport is zo nodig ook mogelijk, maar alleen voor waardevolle boeken met een waarde vanaf tweehonderd euro en tegen een van tevoren afgesproken tarief.”
Bezoekers zijn zonder afspraak welkom in het restaurant van het hotel, Zeeweg 52 in Egmond aan Zee op dinsdag 19 november van 13.00 tot 15.30 uur.
Van veraf is het al te zien. En wie dichterbij komt wordt als vanzelf naar de door en om de binnenstad verspreide lichtkunstwerken getrokken. Het jaarlijkse Alkmaar Light festival is weer van start gegaan. Meest opvallend vanaf een afstand is dit jaar de grote lichtvinger die richting de hemel wijst.
Het hele weekend kunnen mensen zich nog vergapen aan de langs een zes kilometer lange route gedrapeerde lichtkunst, die ook tijdens de openingsavond op donderdag al de nodige deelnemers trok. (foto: NH / Maaike Polder)
Barokensemble Dieci Cantanti geeft op zaterdag 23 november en zondag 24 november een concert in Oudorp en Warmenhuizen.
Het twaalfkoppige muziekgezelschap wil het publiek meenemen naar de turbulente wereld van het oorlogszuchtige en boze Europa van de 16e en 17e eeuw. Een periode waarin componisten, voorlopers van de grote Johann Sebastian Bach, met hun liederen probeerden de ontredderde bevolking troost en richting te bieden. Het programma omvat vocale werken van o.a. Heinrich Schütz, Johann Michael Bach en Andreas Hammerschmidt.
Het concert is op zaterdag 23 november is het concert om 20.15 uur in De Terp in Oudorp aan de Kerklaan 4.
Op zondag 24 november is het concert om 15.00 uur in de Oude Ursulakerk in Warmenhuizen aan de Dorpsstraat 93.
Kaarten à € 15,00 zijn te bestellen via de website van het gezelschap, of via telefoonnummer 06-52654490.