Kratten met levensmiddelen schuiven over de balie en op de eerste verdieping wordt tussen de kleding gezocht. Het is druk bij de voedselbank in Langedijk. Logisch, want het is een open dag. Want terwijl de armoede stijgt daalt het aantal klanten van de voedselbank. En dat is vreemd, vindt ook één van de bezoekers. “Ik vind dit initiatief een heel goed idee want ik denk dat er nog heel veel armoede is.”
Volgens Carla Danenberg is de daling gedeeltelijk te wijten aan schaamte. Ja, mensen schamen zich, je geeft toch toe dat je in armoede leeft. Maar ook toch nog steeds onbekendheid, daarom deze open dag.” Maar dat is niet het enige dat de voedselbank doet om in beeld te komen bij de doelgroep.
Heerhugowaarder en kunstenaar Fred Brocke zorgde voor een kleurrijke noot tijdens de open dag van de voedselbank. (foto: Streekstad Centraal)
“We zijn ook in gesprek geweest met de ketenpartners zoals bijvoorbeeld huisartsen. Die hebben nu vouchers die ze aan mensen kunnen geven waarvan zij denken of weten dat ze hier terecht kunnen. Met die vouchers kunnen ze zonder verdere verplichtingen toch bij ons terecht. Normaal gesproken worden er dan ook meteen gesprekken gevoerd.”
Bijzondere gast tijdens de open dag was de 91-jarige Fred Brocke. De kunstenaar uit Heerhugowaard deed zijn eigen duit in het zakje
hij doneerde een groot aantal van zijn schilderijen aan de voedselbank. Of gaf ze weg: “Ik vind dat diegene die het goed kan betalen, het moet betalen. Dan kan dat geld naar iemand die het niet niet kan betalen. Het maakt me niet uit wie ze meeneemt, iedereen mag ze hebben.”
“Met spoed hulp gevraagd.” Dat staat boven de mail die de 75-jarige Nico Molenaar stuurt naar de redactie van Streekstad Centraal. Hij heeft een plan en zoekt een weg naar het publiek. Het tekent de Langedijker. Niet lullen, maar poetsen. Zijn verhaal begint met het smokkelen van bijbels. “Dat was heel spannend, hoor. Ik had geheime plekken in mijn auto en moest soms twintig uur wachten bij de grens.”
Al jaren probeert hij – samen met dochter Maria – het leven van mensen in Roemenië te verbeteren, en wat ooit begon met het smokkelen van bijbels, is inmiddels uitgegroeid tot het helpen van Roma-weeskinderen. Tijdens de koningsdagmarkt in Sint Pancras wil hij spullen verkopen voor dát goede doel. “De kinderen zijn niet zielig. Het is alleen zielig dat ze daar zitten. Zonder ouders. Er is iets verkeerd gegaan in hun levens en nu worden ze een soort van weggegooid. Dat moet niet kunnen.”
Nico en zijn dochter kennen de Roemenen die ze helpen vaak al jaren. (foto: Stichting ChildsCareFoundation)
Molenaar grossiert in verhalen. Over de gesmokkelde bijbels. Over hoe hij zijn vrouw ontmoette in een ziekenhuis en voor zich wist te winnen. Over zijn auto die bij een cycloon zwaar beschadigd raakte. Maar vooral over zijn stichting ChildsCareFoundation. “Omdat ik christen ben, wil ik wat doen. De verhalen die je hoort en dan met name ook over hoe de overheid daar sommige mensen behandeld, daar schrik je van”, vertelt Molenaar aan Streekstad Centraal.
Het moreel, geestelijk en financieel ondersteunen van de kinderen is het doel, zo staat op de website. “Dat klinkt misschien abstract, maar we willen helpen door eten en drinken te geven, maar ook lesboeken en buskaartjes te geven. Je moet er toch niet aandenken dat meisjes moeten stoppen met hun opleiding en in de prostitutie belanden.”
De kinderen worden geholpen met onder andere schoolspullen en het betalen van tandartsrekeningen. (foto: Stichting ChildsCareFoundation)
Molenaar staat volgende week op de koningsdagmarkt in Sint Pancras. “Om precies te zijn op de Destreelaan”, vult hij aan. Van de organisatie heeft hij drie kramen gekregen voor de prijs van één. “We staan er van negen tot vijf. Ik kan nog heel wat handjes gebruiken en daarom mailde ik jullie. We zoeken mensen die willen helpen. Die het ook belangrijk vinden om voor dit goede doel bezig te zijn.”
Wat Molenaar van de koningsdagmarkt verwacht? “Als het maar wat geld oplevert”, beantwoordt hij. “Ik hoop op honderd euro of tweehonderd euro. Ik weet het niet, ik heb eigenlijk geen idee. We hopen heel wat te verkopen en niet te vergeten het verhaal te vertellen van de kinderen. Want het is zo belangrijk dat mensen weten dat ze bestaan. Ze moeten niet vergeten, maar geholpen worden.” In contact komen met Nico kan via email of telefonisch: 06-23256122.
“Van der Schaaf! Ja, hoor, hij is er! Goed je te zien, man, gaaf!” Een ferme schouderklop en stralende ogen. Een groot aantal van de bezoekers van de Kolping Boys reünieavond, ziet elkaar zaterdagochtend weer langs de lijn. Maar een enkeling heeft uren gereden om erbij te zijn. Want dat doe je zonder twijfel, voor je cluppie. “Een zwart-wit hart hebben we.”
Vrijdagavond in Oudorp, half acht, de kantine van Kolping Boys stroomt vol. Voelbare warmte en energie gonst door de ruimte. Dat komt door de hoeveelheid bezoekers, zeker, maar nog meer vanwege het enthousiaste kameraadschap dat heerst. Gevuld met foto’s van toen tot nu, is de kantine omgetoverd tot een museum van voetbalverhalen. De tap staat open, handen worden driftig geschud.
Achterin de kantine, met zicht op groene voetbalvelden waar de jeugd een balletje trapt, is het nog wél rustig. Gerard Floris (83) zit alleen aan een tafel, dromerig starend naar het grote scherm waarop zwart-wit foto’s voorbij flitsen. “Ik ken ze niet meer van naam, maar van gezicht allemaal.” Twintig jaar floot hij voor de KNVB. “En als ik vrij was, was ik hier. Ze kwamen altijd wel een scheidsrechter tekort.” Toen fluiten niet meer ging, hielp hij in de schoonmaak. Alles om deel te blijven van zijn club. Floris’ ogen lichten op als hij zijn zoon op het doek voorbijkomt. “Die heeft nog in de eerste gespeeld”, zegt hij trots. De oudgediende komt nog naar elke thuiswedstrijd van het eerste elftal. “Inmiddels met m’n Ferrari”, grapt hij, wijzend naar de rollator in de hoek. (tekst loopt verder onder foto)
Als Gerard Floris nu nog naar een voetbalwedstrijd op tv kijkt, gaat zijn hand soms automatisch naar waar zijn fluit ooit hing (foto: Streekstad Centraal)
Met het verstrijken van de uren neemt het volume toe. Bulderend gelach, afgewisseld met een aantal hard geschreeuwde “Stilte!” door bezoekers, wanneer de organisatie de meer formele momenten probeert in te leiden. Zilveren KNVB-spelden worden uitgereikt, rauwe portretten van diehard Kolping Boys onthuld, maar de aandacht ligt vooral bij elkaar. Dat doorbreek je niet zomaar.
Buiten, net naast de ingang, bij een kliko-opslagplaats annex (stiekem) rookhok, staat Dirk Molenaar (62). Aan de drukte ontsnapt voor een sigaret, groet hij elke Kolping Boy die hem passeert. “Vanaf m’n zevende loop ik hier rond, al 55 jaar. Mijn vader voetbalde hier, en ja, dan ga mee.” Eerst op het oude complex aan de Herenweg en in ’79 moest Kolping Boys verhuizen, vanwege het groeiend aantal voetballers. “Het is een grote club geworden, met 1200 leden. Maar ja, het blijft ook een dorp, hè.” Ons kent ons, iedereen gunt elkaar wat. En dat verbindt. (tekst loopt verder onder foto)
Dirk Molenaar (rechts) is naast zanger (genre: André Hazes) ook de stem van Kolping Boys. Tijdens de wedstrijden klinkt hij door de luidsprekers (foto: Streekstad Centraal)
Dat is het mooie van zo’n vereniging, vindt Molenaar. “Je kent elkaar en weet wat je aan elkaar hebt. Kinderen van mijn vrienden kwamen al met 2, 3 jaar kijken. Die jongens en meiden heb ik nog de fles gegeven. En nu voetballen ze in het eerste elftal dat ik coach. Da’s toch bijzonder.” In zijn doordringende, blauwe ogen schuilt trots en nostalgie. “Toen ik zelf jong was stonden ze voor mij langs de lijn te klappen. Nu ik ouder ben, ben ik er voor hen.”
Het is bijna tijd voor de onthulling van het vernieuwde clublied. “Dat heb ik ingezongen. Ze hebben me weer voor ’t karretje gespannen”, lacht Molenaar. Op de tonen van ‘Engelbewaarder’ geeft hij een tipje van de sluier: “Ik weet nuuuuu, dat er een Kolping liefde bestaaaaat.” (tekst loopt verder onder foto)
Tussen alle gezelligheid moesten toch ook wat formele zaken worden afgewikkeld. (foto: Streekstad Centraal)
Eenmaal binnen is de ene stem niet meer te onderscheiden van de ander. Als een ongeleid orkest aan klanken is het schreeuwen om elkaar te verstaan. Maar dat doen ze met liefde, net als op het veld. “Het is die saamhorigheid”, zegt Molenaar tot slot. Maar ook vriendschap, broederschap, warmte en liefde. Dat was er toen en dat merk je nog steeds.”
Ze kijkt niet blij. En dat is ze ook niet. Natuurwetenschapper Mariska de Wild-Scholten maakt zich zorgen om de uitspraak van de Raad van State die bepaalde dat – na dertien jaar discussie – de mountainbikeroute in de Schoorlse duinen toch verlegd mag worden. “Op de eerste plaats is dit een beschermd natuurgebied, een Natura 2000 gebied, een stiltegebied.”
Boswachter Samuelle van Deutekom pakt er een duinkaart bij en laat zien dat er juist meer rust komt in een deel van de duinen. “We zien ook dat er heel veel mountainbikers zijn, dus het is fijn dat we die straks meer kunnen spreiden. We hebben met ecologen gekeken waar de route goed kan komen en we hebben vlonders geplaatst waar wel zandhagedissen zitten.” Staatsbosbeheer en MTB-Noordwest zien de nieuwe route als winst voor fietser en natuur. (tekst loopt door onder de foto)
Boswachter Samuelle van Deutekom laat op een kaart zien dat er ook rust terugkomt voor een deel van de Schoorlse duinen. (foto: NH Media)
Ondanks de uitspraak van de Raad van State lijken de betrokken partijen nauwelijks dichter bij elkaar te zijn gekomen, of – zoals in het geval van Mariska – rust te hebben gevonden. Zij is aangesloten bij de natuurliefhebbers van Stichting Duinbes, en ziet vooral problemen. Ook de maatregelen die Staatsbosbeheer treft om de boshagedissen te beschermen stellen haar niet gerust.
Zij had liever gezien dat de verlegging en uitbreiding van het MTB-parcours helemaal niet door was gegaan. “Het is een stiltegebied, maar op deze manier is het meer een pretpark”, vertelt Mariska aan NH, mediapartner van Streekstad Centraal. Dat de nieuwe route langer is, helpt niet. Bovendien er zijn zorgen over de veiligheid van wandelaars.
“We zorgen dat de mountainbikers niet te veel snelheid hebben op de kruisingen en er worden extra waarschuwingsbordjes geplaatst”, pareert Samuelle de zorgen. Wanneer de nieuwe route in gebruik genomen gaat worden is nog niet bekend. “Maar het zal geen jaren meer duren”, grapt ze.
“Drie, twee, één!” Stan, Ivar en Tjeerd – studenten van het Horizon College in Alkmaar – drukken samen op de rode knop. Daarmee is het nieuwe innovatielab officieel geopend. “Uiteindelijk is het bedoeld voor ons, dus wie kun je beter om hulp vragen dan de studenten.”
Sinds donderdagmiddag is Alkmaar dus een lab rijker, een innovatielab waarmee techniek en onderwijs weer wat dichter bij elkaar komen. En de opening ervan kon op de nodige aandacht rekenen. Het lab is mede ontwikkeld door de studenten zelf: “Wij hadden natuurlijk ook geen flauw idee wat dat was”, vertelt Stan Borremans.
Maar na eigen onderzoek en hulp van een heuse onderwijsinnovator, is het gelukt het lab ‘hightech’ maar tegelijkertijd ook ‘gezellig’ te maken. Vergeleken met de rest van de wereld liepen we hier op school technisch best achter”, laat Stan weten. “In supermarkten wordt alles automatisch en online geregeld en bij bedrijven doen ze dat ook. Maar op school niet.” (tekst loopt door onder de foto)
Robot Patrick staat klaar in het nieuwe innovatielab. (foto: Streekstad Centraal)
Tijdens de rondleiding loopt het compacte lab al snel vol met mensen. Het lab heeft een opnamestudio, een camera setup, een 3D laptop, VR-brillen en, niet te vergeten, robot Patrick. “Het heeft ongeveer 20.000 euro gekost”, laat onderwijsinnovator Lotte Seijsener weten. En dat is het volgens haar waard. “Het is de bedoeling dat de spullen niet alleen in het lab worden gebruikt, maar door de hele school.”
Nu wordt het lab alleen nog gebruikt door de studenten van Technische bedrijfskunde, verpleegkunde en ICT. Maar iedereen is welkom. Met de VR-brillen wil Lotte vooral een beter beeld geven van bedrijven: “Studenten komen niet zomaar bij een zwaar beveiligd datacentrum binnen. Met zo’n simulatie kan dat wel.”
Maar het lab is er ook om bij de docenten bewustwording te creëren, legt I-Coach Michel Ursem Streekstad Centraal uit. “Eerst moeten de docenten inzien dat het leuk én leerzaam is voor de studenten. Ik verwacht niet dat het gelijk helemaal vol loopt. Maar als de studenten een opdracht krijgen zullen ze er wel gebruik van maken.” (tekst loopt door onder de foto)
De opnameapparatuur wordt gelijk uitgeprobeerd door de studenten van het Horizon College in Alkmaar. (foto: Streekstad Centraal)
De opnamestudio wordt ondertussen meteen op de proef gesteld: veel studenten willen de nieuwe apparatuur uitproberen. Een positief teken. Al met al hoopt Lotte dat de opening van het lab de aandacht heeft getrokken van de bedrijven in de regio: “We zien een enorme terugloop bij studenten die in Noord-Holland blijven na de opleiding. Dat is niet goed voor de lokale economie.” Ze wil dat bedrijven zien waar de school mee bezig is en met hun samenwerken.
De inwoners van Heiloo zijn teleurgesteld. ProRail wil het station een opknapbeurt geven, er komt een nieuwe overkapping en meer ruimte voor de reiziger. Maar die moet daar dan wel de kiosk en het toilet voor opgeven. “Ik denk dat ze daar echt niet goed over nagedacht hebben.”
“Ik vind het een ramp. Want het is vooral voor de ouderen mensen, dat je moet wachten en even rustig kunt zitten. Ik vind het gewoon echt heel jammer dat het weggaat”, laat een stationsgebruiker weten aan NH, mediapartner van Streekstad Centraal. Ook andere voorbijgangers hebben geen goed woord over voor de plannen. “Waar moeten we het dan doen? Op de rails”, grapt iemand. “Het is absurd.” (Tekst gaat verder onder de foto)
ProRail wil dat het station een ‘moderne en duurzame uitstraling’ krijgt. (Beeld: ProRail)
Ook op sociale media zorgen de plannen voor gespreksstof. “De kiosk en het toilet moeten juist blijven”, zegt Anneke in de Facebookgroep ‘Je bent Heilooër als…‘. Ook de lokale CDA-fractie reageert onder een bericht: “Bijzondere argumentatie en prioriteiten van ProRail. We zullen hier kritische vragen over stellen.”
De spoorwegbeheerder spreekt zelf over ‘het toekomstbestendig maken’ van het station. Begin volgend jaar worden de werkzaamheden uitgevoerd. Voor de sloop van de kap en de bouw van de nieuwe zal het station twee keer gesloten zijn. De CDA-fractie heeft vooralsnog geen politieke vragen gesteld.
De provincie doet onderzoek naar een natuurbrug of ecoduct over de Egmonderstraatweg bij Egmond aan Zee. Dieren hebben moeite om de drukke weg over te steken. De natuurbrug zou daarom het noordelijke en zuidelijke deel van de duinen met elkaar moeten verbinden. De provincie heeft de Wageningen Universiteit gevraagd een aanvullend onderzoek te doen en vraagt voor het onderzoek en de voorbereidingen subsidie aan bij het Rijk.
In het duingebied bij Egmond aan Zee vormt de Egmonderstraatweg een hinderlijke scheiding voor de dierenwereld. Er wordt onderzoek gedaan naar een natuurbrug tussen het noordelijke en zuidelijke deel.
Dat meldt het college van b en w van Bergen. Het duingebied loopt om Egmond aan Zee heen, maar dieren hebben moeite om de drukke Egmonderstraatweg over te steken. Dat is echter wel de enige mogelijke locatie om de twee gebieden met elkaar te verbinden. Daarom doet de provincie, die eigenaar is van het duingebied, een onderzoek naar een natuurbrug ofwel ecoduct. Die zou moeten komen tussen de splitsing met de Voorstraat en de kruising met de Van Oldenborghweg. De corridor die de weg vormt tussen het noordelijk en zuidelijk duingebied is daar enkele tientallen meters breed.
De provincie heeft de Wageningen Universiteit nu gevraagd een aanvullend onderzoek te doen naar de natuurbrug. De provincie vraagt voor het onderzoek en de voorbereidingen subsidie aan bij het Rijk. Het project heeft een vrij hoge prioriteit. Als het doorgaat, moet de gemeenteraad van Bergen nog wel toestemming geven voor de aanleg van de brug.
Poort van Egmond
Voor het ecoduct heeft architectenbureau OD205 al een ontwerp gemaakt. Het heet ’De Poort van Egmond’ en lijkt volgens het bureau op ’een zwevend duin boven de weg’. ,,Je denkt dat je onder het duin door het Egmondse kustlandschap inrijdt.’’ Naast de ruimte voor dieren om de weg over te steken, is ook een wandel- en fietspad ingetekend, in het verlengde van een bestaand wandelpad tussen de Sportlaan en het vakantiepark van Roompot.
Het belang van de brug kan groter worden als het nabijgelegen terrein van voetbalvereniging Egmondia teruggegeven wordt aan de natuur. Het sportterrein De Lange Plas is eigendom van de gemeente en valt binnen het Natuurnetwerk Nederland. Over een nieuwe bestemming van de grond is overleg met PWN, beheerder van het duingebied, en de dorpsvereniging. Egmondia is onderdeel van de nieuwe fusievereniging VV Egmond; de voetballers verhuizen naar het complex aan de Hogedijk in Egmond aan den Hoef.
De 54 in opspraak geraakte statushouders uit Castricum zijn géén Castricummers meer. Ze zijn sinds donderdag officieel Alkmaarse statushouders . Het COA heeft het Alkmaarse verzoek daartoe ingewilligd. Dat betekent dat Alkmaar nu méér statushouders heeft dan wettelijk verplicht is. Dat mag de tweede helft van het jaar gecompenseerd worden. Alkmaar verkent de juridische mogelijkheden en kansen voor stappen tegen de gemeente Castricum dat worstelt met de opvang.
Het Frans Hals Museum, het Teylers Museum en Stedelijk museum in Alkmaar werken samen aan een overzichtstentoonstelling over meesterschilder Maarten van Heemskerck. De gezamenlijke collectie van de drie musea vormt het levenswerk van de schilder. Maarten van Heemskerck is geboren in Heemskerk, dat tussen Alkmaar en Amsterdam in ligt. Ook heeft hij lange tijd in Haarlem gewoond. Iedere tentoonstelling volgt een deel van de levensloop van van Heemskerck.