Categorie: nieuws algemeen

  • Paaltjes naast ‘bulten’ Vondelstraat moeten auto’s op rijbaan houden: “70 procent gaat er langs”

    Paaltjes naast ‘bulten’ Vondelstraat moeten auto’s op rijbaan houden: “70 procent gaat er langs”

    De auto komt aanrijden, maar wijkt opeens uit en passeert de snelheidsremmende ‘bult’ in de Alkmaarse Vondelstraat langs de rechterkant. Over het fietspad. En zo gaat het heel vaak sinds de bult er ligt. Het remmend effect is welkom, het uitwijken van de auto’s verre van. Omdat de herinrichting van de straat is vertraagd moeten paaltjes automobilisten van de fietsstrook houden. “Als er ongelukken gebeuren dan trap ik hem er zelf uit.”

    Het gros van het verkeer richting het centrum rijdt netjes over de bult. De bult aan de andere kant wordt vaker omzeild. Volgens Ron Tabak van De Verfmarkt zelfs héél vaak. Hij werkt pal naast de bulten en heeft het een keer bij gehouden. “Zeventig procent gaat er langs.” Net terwijl Ron het zegt gebeurt het weer. “Het is gewoon gevaarlijk voor de fietsers. Het is tot nu toe niet echt mis gegaan, maar schreeuwpartijen hoor je regelmatig. Van fietsers die bijna aangereden worden.”

    Voor Ron is het nieuws dat er paaltjes naast de bulten worden gezet. Hij reageert niet enthousiast. “Lastig voor vrachtwagens denk ik, lekker voor laden en lossen ook. Ik ben er niet blij mee, zeker als het een parkeerplek gaat kosten. We hebben voor al deze winkels best weinig parkeerplaatsen. Deze bobbel ligt gewoon verkeerd, ze hadden hem voor dat zebrapad daar moeten leggen”, zegt Ron terwijl hij naar het einde van de Korte Vondelstraat wijst. (tekst loopt door onder de foto)

    Laden en lossen wordt ter hoogte van de drempel op de Vondelstraat onmogelijk wanneer de tijdelijke paal wordt geplaatst. (foto: Streekstad Centraal)

    Een kleine auto stuitert met een behoorlijke snelheid over de drempel. Ook dat gebeurt regelmatig. “Je schrikt je af en toe kapot als er weer een aanhangwagen overheen rijdt.” En er zouden scheuren in het pand ontstaan door de trillingen. “Bij mij dan niet, maar boven in het gebouw wel ja.”

    De 30 km-zone en de drempels lijken wel effect te hebben. “Bijna-ongelukken gebeuren er sowieso, je hoort altijd wel zwaar getoeter enzo, maar ongelukken… dat valt de laatste tijd gelukkig mee.” Evengoed vindt Ron de kruising met de Hooftstraat nog steeds erg gevaarlijk. “Het is ontzettend druk, zeker ‘s middags rond een uurtje of vijf, altijd onwijs druk.” (tekst loopt door onder de foto.

    Liever slingeren langs de drempel en een geparkeerde bedrijfswagen, dan over de bobbel. Wel even onvrede uiten met een druk op de claxon. (foto: Streekstad Centraal)

    Maar goed, paaltjes naast de bulten dus, op de scheidingslijn tussen rijbaan en fietsstrook. Of daar veel ongelukken mee gaan gebeuren, durft Ron niet in te schatten. Het stuk Vondelstraat is niet breed en er rijden veel fietsers. Dikwijls niet alleen. Denk aan ouders met kinderen, groepjes scholieren of kliekjes mensen die met een biertje of wijntje op samen naar huis fietst. “Als er ongelukken gebeuren dan trap ik die paal er zelf uit. Dat wil ik niet voor mijn deur hebben natuurlijk.”

    In oktober gaat de Vondelstraat definitief op de schop, van het Wolfpad tot en met de kruising met de Hooftstraat. De weg wordt versmald en het wegdek wordt rood asfalt met een straatsteen-patroon. Net zoals op de Bierkade, voor wie niet wist dat hier geen echte stenen liggen. Meteen wordt onderhoud gepleegd aan de Wolfsbrug over de singel.

    Maandag 13 mei is er een infoavond over de herinrichting in buurthuis Oud-Overdie.

  • RADIO Padden

    RADIO Padden

    Er zijn opnieuw minder padden geteld tijdens de paddentrek. De paddenwerkgroep Heiloo telde er dit jaar bijna 1500. Vorig jaar as dat nog het dubbele. Eén van de mogelijke oorzaken is het toegenomen verkeer. De groep is negen weken lang, iedere avond met minstens vier mensen actief geweest. Padden, kikkers en salamanders worden voor het oversteken van de weg gevangen en naar het water aan de andere kant gebracht.

     

    Tijdens de paddentrek dit voorjaar zijn er opnieuw veel minder dieren aangetroffen op de overzetpunten op de Zanderslootweg en de Belieslaan. De Paddenwerkgroep Heiloo telde bijna 1500 dieren, tegen bijna het dubbele vorig jaar.
    Dat meldt Els Meurs van de Paddenwerkgroep Heiloo. „De dieren in onze regio Noord-Kennemerland hebben het erg moeilijk. Des te belangrijker is ons werk. Aan de inzet van de vrijwilligers ligt het niet, want we hebben negen weken lang elke avond met minstens vier mensen gelopen.’’

    Padden worden overgezet naar het water om te paren, en terug.
    Padden worden overgezet naar het water om te paren, en terug.
    © Foto Mirjam Matthaei-Van Eck

    De padden, kikkers en salamanders worden voor het oversteken van de weg opgevangen en overgezet naar het water aan de andere kant. Aan het eind van de paddentrek gaat het andersom.

    Onneembaar
    De paddenwerkgroep trof bij de Belieslaan meer dode dieren aan dan vorig jaar. Merkwaardig, want de weg is opnieuw ingericht, waardoor het verkeer minder hard zou moeten rijden. „Maar het is een onneembare weg geworden voor de padden vanuit het weiland naar de vijvers in de wijk”, zegt Meurs. „Het is er zo ontzettend druk, vaak zien we een lange rij auto’s.” Maar ook op de Zanderslootweg wordt het drukker, zegt Meurs. „Er wordt ook harder gereden, met al die fatbikes en zo. Het lijkt af en toe wel een fietssnelweg.”

    Een kikker wordt opgevangen in het gaas langs de weg.
    Een kikker wordt opgevangen in het gaas langs de weg.
    © Foto Mirjam Matthaei-Van Eck

    De vrijwilligers proberen zo veel mogelijk dieren te redden. „Maar we kunnen niet overal zijn. Padden lopen door het hele dorp. Ze trekken nu nog steeds van de vijvers, waar ze een dag of veertien zijn om te paren, terug naar het land. Dus als je een pad vindt, zet hem dan niet in het water, maar tussen de bosjes op het land. Wees niet bang om ze in je tuin te zetten. Ze eten slakken en insecten op, het zijn heel nuttige dieren.”

    Paddentrappetjes
    Meurs is er blij met de ongeveer zestig paddentrappetjes van de gemeente Heiloo, die in de putten zijn gezet, zodat padden die daarin zijn gevallen er weer uit kruipen. „We gaan nog kijken welke effecten die hebben.”

  • Uitbreiding stroomnet in regio officieel gestart op bedrijventerrein Zandhorst: “Hard nodig”

    Uitbreiding stroomnet in regio officieel gestart op bedrijventerrein Zandhorst: “Hard nodig”

    Noord-Holland Noord is volop in ontwikkeling. Het aantal inwoners en bedrijven groeit rap en daarmee ook de vraag naar elektriciteit. Maar het stroomnet zit overvol. Netbeheerders Liander en TenneT zijn nu volop bezig met uitbreiding van de capaciteit. Maandag zijn de werkzaamheden in deze regio officieel afgetrapt op bedrijventerrein Zandhorst in Heerhugowaard. 

    Naast de bouw van nieuwe elektriciteitsstations en verdubbeling van het aantal elektriciteitshuisjes, worden er ook (zwaardere) verbindingen gelegd. In regio Alkmaar moet bij elkaar zo’n 2.000 kilometer kabel de grond in. De eer was aan wethouder Ester Leibbrand om symbolisch de eerste schop in de grond te zetten. Dat deed ze samen met Geert Hendriks (directeur Visser & Smit Hanab Distributie), en Willeke van Dam en Ruben van Loon van Liander.

    Op bedrijventerrein Zandhorst worden 2,1 kilometer middenspanningskabel en 168 meter laagspanningskabel gelegd, in combinatie met een nieuwe elektriciteitsruimte aan de Voltastraat. Daarmee kan de woningbouw in de omgeving worden aangesloten op het elektriciteitsnet. (tekst gaat verder onder de afbeelding)

    Een overzicht van de grote netwerkuitbreidingen binnen de provincie, die Liander onder andere met TenneT uitvoert. (kaart: Liander)

    “Willen we in de toekomst gebruik blijven maken van het elektriciteitsnet voor bijvoorbeeld het laden van de auto, elektrisch koken, duurzaam verwarmen en zonnepanelen, dan is een vernieuwing en uitbreiding van de elektrische infrastructuur hard nodig”, licht wethouder Leibbrand toe. “Op vier plekken in Dijk en Waard gaat Liander tot 2026 voor ons aan de slag. Dit zorgt tijdelijk voor enige overlast, maar we weten waar we het voor doen.”

    Ruben van Loon van Liander is ook blij met de start van het project. “Mooi om te zien dat we nu hier ook echt buiten gaan starten en samenwerken aan toekomstbestendig elektriciteitsnet in deze regio”. Zijn collega Willeke van Dam vult aan: “Deze symbolische ‘schop in de grond’ laat goed zien hoe we onze opdracht voor elkaar krijgen. Namelijk door op een andere manier samen te werken, en meerjarige contracten af te sluiten met onze aannemers.” (foto: Liander)

  • Jonge lepelaars in de Alkmaarderhout: “Prie, prie, prie!”
    Featured Video Play Icon

    Jonge lepelaars in de Alkmaarderhout: “Prie, prie, prie!”

    Een groep lepelaars streek zo’n anderhalve maand geleden neer in de Alkmaarderhout en besloot daar nesten te bouwen. Een uniek tafereel, want dat is voor zover bekend nog niet eerder gebeurd in het stadspark. Vol verwachting hielden vogelaars en andere liefhebbers de vogels in de gaten. Nu is het zo ver: de eerste jonkies zijn gespot.

    “Tot nu toe hebben wij negen nesten geteld, waarvan de meeste aan het broeden zijn”, vertelt Jeroen van Wetten van de Vogelwerkgroep Alkmaar aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. Wanneer de lepelaars aan het broeden zijn, vallen ze niet zo goed op tussen de takken en bladeren van de bomen. Zijn er kuikens geboren dan wordt het drukker op het nest, maar het duurt daarna natuurlijk nog even voor ze van beneden af te zien zijn. Bij een van de nesten zijn nu jonge lepelaars gezien, en ze zijn eigenlijk al best groot.

    Het is vrij bijzonder dat lepelaars in Nederland verblijven en zich hier  voortplanten, laat staan midden in een stad. Ze komen in Noord-West Europa nog maar weinig voor. In Nederland is de populatie de afgelopen 50 jaar echter spectaculair hersteld, van ongeveer 170 naar 2.500 broedparen. Overwinteren doen ze langs de West-Afrikaanse kust. (tekst gaat verder onder de foto)

    Vogelliefhebbers proberen de jonge lepelaars op de foto te krijgen. (foto: NH Nieuws)

    Stadswerk heeft inmiddels hekken met borden geplaatst rond de nesten in de Alkmaarderhout om mensen te waarschuwen dat ze afstand van de lepelaars moeten houden. Echte vogelfanaten wagen zo nu en dan voorzichtig een kijkje. “Soms kun je ze zien, en anders kan je het wel horen als er jonkies zijn”. Volgens Jeroen maken ze een duidelijk herkenbaar geluid. Hij doet een kuiken na: “Prie, prie, prie!”

    Volgens Jeroen zal het nu steeds drukker worden rond de nesten. Dat geldt ook voor de nesten van de blauwe reigers in het park. De twee vogelsoorten tolereren elkaar voor extra oren en ogen, voor extra veiligheid dus. “Als de eieren zijn uitgekomen gaan de ouders op zoek naar eten voor de jongen, dan ga je ze vaker langs zien vliegen.”

    Lepelaars zijn gek op witvis, stekelbaarsjes en rietvoorntjes. Die vinden ze onder andere in de Alkmaarse buitengebieden en in de omgeving van het Geestmerambacht.