Muziektheatergezelschap Scala is verrast met een bijdrage van 5.000 euro. De Alkmaarse vereniging werd door deelnemers aan de VriendenLoterij uitgeroepen tot Club van de Week. Penningmeester Henk Wijtsma reageerde verheugd. “De titel betekent dat wij trots mogen zijn op onze club en op onze producties en dat we dat ook uit mogen dragen”
“Wij zijn een musicaltheatergezelschap waar iedereen zichzelf kan en mag zijn”, vertelt Wijtsma. Dat is niet uniek, maar wel is dat de werkwijze van het gezelschap: “Scala verbindt zich bij elke productie aan een maatschappelijke organisatie. Om hen in het licht te zetten én om ons beter te kunnen inleven in het verhaal dat we op het toneel willen vertellen. Daarmee onderstrepen we onze verbondenheid met de samenleving. Zo hebben we al samengewerkt met COC Alkmaar, de VoorleesExpress en Politie Alkmaar.”
Verenigingen en stichtingen kunnen zichzelf aanmelden voor de verkiezing voor de Club van de Week. Daarna is het aan de spelers om op hun favoriete club te stemmen. Minimaal 40 procent van hun lotprijs gaat er heen. (foto: Wendy van Bree)
De Alkmaarse binnenstad en alle bezoekers zijn inmiddels weer hersteld van alle ‘korte termijn Koningsdageffecten’. En die Koningsdag voelde dit jaar, met de nieuwe locatie op de Kanaalkade, toch een beetje anders. Maar was dat geslaagd of blijft er een beetje vervelende nasmaak hangen? De foto’s van de ‘voorkant’ laten een feestje van klasse zien, maar hoe was het achter de schermen?
In februari werd duidelijk dat er dit jaar geen Koningsnacht op het Waagplein, Platte Stenenbrug en het Ritsevoort/Koorstraat zou plaatsvinden. Althans, niet op de manier zoals dat al jaren het geval is. De kosten voor onder meer de beveiliging werden zo hoog dat de horeca-ondernemers dat niet meer zagen zitten. (tekst loopt door onder de foto)
Het feestje op de Kanaalkade werd goed gevonden door de feestvierders. (foto: Streekstad Centraal / Marco Schilpp)
Dus moest er een alternatief worden bedacht met nog nauwelijks twee maanden te gaan. Het werd – na een tijdje ‘wel-of-niet’ toch de Kanaalkade. “Het was wel spannend of dat allemaal ging lukken”, laat mede-organisator Peter Visser NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal weten. “Want we hadden het plan voor een feest op de Kanaalkade natuurlijk veel te laat bedacht. Normaal heb je in februari alles al rond, nu moesten we de vergunning nog indienen.”
En dat viel niet goed bij de organisatoren die al wél iets hadden geregeld. Mensen die naar de Kanaalkade gaan, staan dan bijvoorbeeld níet op de Paardenmarkt. En dat heeft weer gevolgen voor de beveiliging en andere kosten.
“Dat heeft invloed op hoe het plein eruitziet, hoe en hoeveel beveiliging je inzet, waar de ingangen komen en natuurlijk op je inkoop. Dat zijn dingen waar je in de laatste twee maanden niet meer mee bezig wil zijn. Het heeft mij ontzettend veel extra werk bezorgd”, vertelt organisator van het Paardenmarktfeest Robert-Jan Wille. (tekst loopt door onder de foto)
Ondanks het feest op de Kanaalkade was ook de tent op de Paardenmarkt goed gevuld. (foto: Streekstad Centraal / Marco Schilpp)
Het werd, qua planning, kantjeboord. Met minder dan twee weken te gaan kwam er een ‘go!’ voor het feest op de Kanaalkade. En het werd een succes vertelt Visser. “Alles wat we bedacht hebben, is gelukt. De binnenstad werd rustiger, de terrassen op het Waagplein en Platte Stenenbrug konden er gewoon staan. Op het drukste moment, op vrijdag, hadden we bijna 8.000 man staan.”
Ook Wille kijkt tevreden terug op de viering. Feestvierders wisten de Paardenmarkt en het Hofplein goed te vinden. “Het was een succesvolle editie. We hebben het concept op de Paardenmarkt wat omgegooid, met andere muziek en een andere opstelling dan de voorgaande jaren. Dat is heel goed ontvangen. Ik durf wel te zeggen dat wij het gezelligste plein van Alkmaar waren.” (tekst loopt door onder de foto)
Het feestje op de Kanaalkade lijkt – als vervanger van het Waagplein – een blijvertje. (foto: Streekstad Centraal / Marco Schilpp)
Niet alleen de organisatoren kijken met een goed gevoel achterom, ook de gemeente is blij met hoe Koningsdag in Alkmaar is verlopen. Burgemeester Anja Schouten bevestigt dat in een brief aan de gemeenteraad: “De dagen zijn gezellig en goed verlopen, natuurlijk speelde het prachtige weer hierin ook een rol. Alkmaar is en blijft een populaire plek om Oranjefeesten te vieren.”
Bij dat laatste sluit ook Wille zich aan. “Er zijn niet zo veel steden waar dit op zo’n manier gebeurt. De hele stad verandert in een soort Koningsdagfestival. Daar mogen we echt trots op zijn.”
Wat rest is de (financiële) evaluatie, maar de Kanaalkade lijkt volgens Peter Visser een blijvertje tijdens Koningsnacht- en dag. “We moeten nog even de optelsom van de kosten en baten maken, daar zijn we nog niet helemaal uit. Daarna gaan we in gesprek met de gemeente, omwonenden en bedrijven, maar dit geeft wel vertrouwen voor de toekomst.”
“Het zijn domme chauffeurs die hun lading niet hebben opgemeten of buitenlandse rijders die het gevaar onderschatten.” De spoorbrug over de N242 in Heerhugowaard is door de jaren heen vaak geraakt. Onlangs ramde een chauffeur de ‘botsbrug’ nota bene op zijn heen- én terugweg. Cees de Waard van De Waard Transport in Noord-Scharwoude schudt zijn hoofd en roept ProRail op om het probleem snel op te lossen, liefst voor eens en voor altijd.
Normaal gesproken zou een Nederlandse vrachtwagen de spoorbrug niet moeten kunnen raken, vertelt Cees de Waard aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. Hij runt het ruim 90 jaar oude familiebedrijf met zijn achternaam. “Nederlandse vrachtwagens zijn allemaal maximaal vier meter hoog. Die passen – al is het krap – allemaal onder de Heerhugowaardse spoorbrug over de N242 door.”
En toch gaat het nog wel eens mis. In 2024 is de brug negen keer aangereden en dit jaar al vier keer, aldus de provincie. Met als gevolg schade en stremmingen op de weg en het spoor. De provincie besloot in 2021 met ProRail om hoogteportalen te plaatsen maar kwam daarvan terug, om ze uiteindelijk toch maar wel te plaatsen. Dat gebeurde gebeurde eind maart ’s nachts. (tekst gaat verder onder de video)
De volgende ochtend was het al raak, als een klokkenspel. Sommige chauffeurs claimden dat de doorgang te laag was, maar ProRail sprak dit tegen. Toch werden de rood-witte staven aan beide portalen later die dag weggehaald. Meteen de volgende dag ramde een chauffeur de botsbrug. Twee keer zelfs. “Dat was dezelfde buitenlandse chauffeur. Eerst op de heenweg en later ook op de terugweg”, vertelt De Waard. Een paar dagen later was het alweer raak, en goed ook. Zijn eigen personeel rijdt met hoge ladingen altijd om via de N245 en de N9. “Daar zijn geen obstakels.”
“Er zijn heel veel vier-meter-bruggen in de provincie”, vervolgt de transporteur. “Het is echt een Noord-Hollands probleem. En voor deze spoorbrug probeer ik het al zo’n zeven jaar beter te krijgen, maar er wordt – nog – niet naar mij geluisterd.” Behalve dan dat op zijn advies het asfalt al meerdere jaren een centimeter dunner is. Maar dat maakt blijkbaar weinig uit.
“De doorrijhoogte is nu gemiddeld iets van 4,03 meter”, zegt De Waard. “Het gevaar bij deze brug zit ‘m ook in de bocht waar de brug in ligt. Daardoor is het wegdek scheef en is de doorgang vanuit Alkmaar net iets hoger dan van de kant van Heerhugowaard. De beste oplossing is een nieuwe, hogere spoorbrug maken. Die plannen zijn er, maar zo ver is het nog lang niet.” (tekst gaat verder on de foto)
Schade bij een aanrijding met de spoorbrug op 31 maart. Toch reed de chauffeur een paar uur later terug, en kwam toen weer klem te zitten. (foto: Streekstad Centraal)
Toen de hoogteportalen er net stonden, klonk al snel kritiek op de locaties. Cees de Waard is ook niet blij mee met de plaatsing. “Ze staan helemaal verkeerd. Stel je komt als te hoge vrachtwagen bij de hoogteportalen, dan ben je al te laat. Er is geen keerlus of parkeerstrook. Dus je moet achteruit en dan hebt altijd oponthoud en files. De provincie en ProRail, wilden echter hooguit twee portalen plaatsen. Zet portalen nog voor de kruisingen met Westtangent en Zuidtangent, en dan heb je er vijf nodig om al het verkeer te ‘vangen.”
Hoe dan ook, de twee die er nu staan hebben al een maand geen rood-witte staven om al of niet tegenaan te rijden. Er staan waarschuwingsborden tot ProRail met een betere oplossing komt.
Voor veel katholieken is Koningsdag 2025 een gekke dag. Want terwijl Nederland feest viert, wordt hun geestelijk leider – paus Franciscus – begraven. “Bitterzoet” omschrijft de Alkmaarse pastoor Jan-Jaap van Peperstraten het. “Het is heel dubbel vandaag.”
“Koningsdag is een van mijn favoriete dagen van het jaar”, vertelt ’twitterpastoor’ Van Peperstraten aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. Hij is daarom blij dat het feest gewoon doorgaat, maar de dag is voor hem heel dubbel. “Maar zo is het leven ook”, zegt hij.
Eenmaal thuis kruipt Van Peperstraten direct achter de televisie om de uitvaartmis voor paus Franciscus te bekijken. “De gezangen zijn redelijk eenvoudig”, ziet hij onder het genot van een oranje tompoes. “Zo’n uitvaart zou je ook als gewone katholiek krijgen. Het past bij deze paus.” (tekst loopt door onder de foto)
Onder het genot van een oranje tompoes bekijkt Van Peperstraten de uitvaartsmis voor paus Franciscus (foto: NH Nieuws)
Aan een voorspelling voor de nieuwe paus durft hij zich niet te wagen. “Na de uitvaart volgen negen dagen rouw en dan begint het conclaaf. Niemand weet wie het wordt, ook de kardinalen niet. Die hebben doorgaans meer dan één dag nodig met stemrondes.”
In de Rijp wordt er al twintig jaar met keien gesmeten. En altijd volgens dezelfde regels. Maar dit jaar kreeg het Rijper Steenwerpen er iets nieuws bij: achterstevoren keiensmijten. Blijkbaar lastig, want met deze uniek-voor-De-Rijp-variant werden veel minder punten binnengehaald. Het plezier was er overigens niet minder om.
Toen Piet Slooten twintig jaar geleden op de kermis in de Beemster zag hoe mensen bloedfanatiek met keien een dobbelsteen van een paaltje af probeerden te gooien dacht hij: ‘beter goed gejat dan slecht verzonnen, dit spel moeten we ook naar de Rijp brengen’. “We zochten al langer naar een laagdrempelig, verbindend spel dat we konden spelen tijdens Koningsdag in De Rijp. Toen ik ze in de Beemster zag keiensmijten wist ik gelijk dat dat ook hier heel leuk zou zijn. Zo ontstond twintig jaar geleden het Rijper Stenenwerpen” (tekst loopt door onder de foto)
Piet Slooten (midden) met zijn medeorganisatoren Harrie en Tom (foto: Streekstad Centraal)
Het idee: men probeert vanaf een meter of zeven met een kei een dobbelsteen van een paaltje te gooien. Wanneer dat lukt, krijg je het aantal punten dat de dobbelsteen weergeeft. Wanneer het lukt om om de dobbelsteen van het paaltje te gooien zonder dat het paaltje omvalt, wordt het aantal punten verdubbeld.
Zo wordt tenminste de originele versie van het spel gespeeld. Maar dit jaar bedacht Piet ook een geavanceerde variant, een versie voor de echt getrainde spelers. “Ik kwam op een avond spontaan op het idee om de deelnemers op een stoel te laten zitten met hun rug naar het paaltje met de dobbelsteen. Ze moeten de kei tussen de stoelpoten door naar het paaltje met de bobbelsteen erop gooien. Dat is een stuk uitdagender, maar als het lukt is de euforie ook groter”, zo legt Piet uit.
Mike Koster lukt het zaterdag nog niet zo erg om het paaltje om te gooien bij achterstevoren keiensmijten. Hij doet al meerdere jaren mee aan het keiensmijten, maar aan deze variant moet hij toch nog even wennen. “Nee, het gaat nog niet geweldig. Het is wel echt lastig.” Bij zijn eerste poging gaat zijn kei nog richting het paaltje, maar bij zijn tweede poging strandt zijn kei al in een vroeg stadium: een stoelpoot staat de vlucht van de kei in de weg. (tekst loopt door onder de foto)
Mike probeert de nieuwe variant van keiensmijten: achterstevoren keiensmijten. (foto: Streekstad Centraal)
Even verderop bij het ‘normale’ keiensmijten worden meer punten gescoord. Het ene na het andere paaltje gaat omver, men is er inmiddels al aardig getraind in. Toch gaat het af en toe nog mis, met, vooral voor bloemenliefhebbers, grote gevolgen. Wanneer de keien te ver worden gegooid, verdwijnen ze over een muurtje en gaan ze als een sloopkogel door het kleurrijke bloemperk van de Grote Kerk.
Paulien heeft het bloemperkje nog niet geraakt met de kei, maar ook de dobbelsteen nog niet echt vaak. Maar áls ze raak gooit, is het ook gelijk bingo. “Ik heb nu zes keer gegooid en één daarvan was raak. Maar dat was wel gelijk zes. Sommige mensen gooien zes keer één, ik gooi één keer zes.”
Of de winst voor Pauliens team, de Keien Queens, in het verschiet ligt aan het einde van de dag, daaraan twijfelt ze. Heeft overigens niets met de kunde van het team te maken. “We zijn wel lekker bezig, maar hoe meer we gaan drinken, hoe minder accuraat onze worpen zijn. Ik begin zelf al steeds meer twee linkerhanden te krijgen, merk ik.” (tekst loopt door onder de foto)
Twintig jaar geleden begon het keienspelen, maar nog steeds is het spel springlevend in De Rijp (foto: Streekstad Centraal)
Het deelnemersveld bestaat uit 25 teams van vier. Alle teams spelen drie rondes: normaal keiensmijten, achterstevoren keiensmijten en… sjoelen. Althans een variant daarvan. Want de sjoelbak heeft een bocht van 90 graden en een onregelmatige ‘kaatsrand’. “Dat is een stuk moeilijker dan normaal sjoelen,” vertelt Dimitri, die het sjoelen begeleidt. “Het komt nu nog meer aan op tactiek, want als al je stenen in een cluster achterin de bak belanden, ben je de sjaak.”
De tienjarige Teun lijkt al wel door te hebben hoe het spelletje werkt. Wanneer er even geen wedstrijd aan de gang is bij de sjoelbak, ziet hij zijn kans schoon om een paar stenen te gooien. “Het is wel moeilijker dan normaal sjoelen, maar je kan alsnog veel punten scoren. Ik weet inmiddels voor elk gat precies waar in de bocht ik de stenen moet gooien.” (tekst loopt door onder de foto)
Terwijl de wedstrijden even stil liggen, speelt Teun (10) een potje geavanceerd sjoelen (foto: Streekstad Centraal)
Wanneer de volgende ronde gaat beginnen, schallen de teamnamen luid en duidelijk over het plein. Terwijl de teams rustig richting hun volgende activiteit lopen, krijgen ze een dringende waarschuwing mee. “Waag het niet om vals te spelen. We hebben dit jaar hele oplettende scheidsrechters, want we kennen jullie inmiddels een beetje.”
Met een stralende zon en rijkelijk vloeiend bier zit de sfeer er goed in op Koningsdag in De Rijp. Het keiensmijten is de ideale activiteit voor zo’n dag, denkt Piet. “Het is laagdrempelig, het creëert samenhorigheid en je hoeft je er niet door te vervelen.”
Maar ook al zijn de spellen vooral bedoeld als laagdrempelige activiteiten om Rijpers samen te brengen, gaat het er soms fanatiek aan toe. En dat is niet voor niks: welk team aan het einde van dag de meeste punten heeft na het keiensmijten, achterstevoren keiensmijten en sjoelen, wint een boottocht rondom de De Rijp voor het hele team. Er wordt dan gewoon rechtdoor gevaren…
Ieder jaar genieten vele duizenden mensen van de Gondelvaart in Koedijk, en alles wat er omheen gebeurt. Maar het evenement staat onder druk. Niet omdat de animo in het dorp inzakt – de jeugd doet enthousiast mee – maar omdat er steeds minder plekken zijn waar botenbouwers aan de slag kunnen. “Vorig jaar is een team afgehaakt, omdat er geen plek was.”
“Dit jaar wordt de 63ste editie gehouden. Als je kijkt naar het verleden dan stonden er in Koedijk heel veel schuren, heel veel plekken om te bouwen, maar dat wordt steeds minder.”, betreurt Corine Hansen, bestuurslid van Stichting Gondelvaart. Volgend jaar gaat er weer een boerenschuur verloren en worden twee bouwteams dakloos. En dat terwijl er nu al drie, vier teams minder zijn dan in het piekjaar met zestien teams.
“Boeren stoppen ermee, tuinders stoppen. Ze verkopen hun schuur of halen de schuur weg om zelf een tuin aan te leggen”, neemt bestuurslid Mark van Wissen over. “Er zijn nog wel veel mensen die wat ruimte willen afstaan, maar er wordt vanaf mei, juni al gebouwd. Het mooiste is als je een ruimte de hele periode kan gebruiken, dat is het grootste probleem.” (tekst gaat verder onder de foto)
Elk jaar varen weer prachtige schuiten langs Koedijk tijdens de Gondelvaart. (foto: Streekstad Centraal)
“Ja en je krijgt natuurlijk behoorlijk wat volk op je erf, dat je misschien niet kent. Voor de mensen die ruimte bieden is het vaak ‘ons kent ons’. Ze kennen de bouwgroep”, vervolgt Mark. “Er zijn mensen die willen geen vreemden op hun erf. Dat begrijp ik wel, maar aan de andere kant, als je in het dorp woont, hoe ‘vreemd’ ben je dan? De mensen veranderen. Het achterdeur-idee is er niet veel meer. Inderdaad, dat je gewoon bij mensen achterom binnen kan komen lopen.”
‘Ons kent ons’ kalft ook langzaam af omdat er mensen van buitenaf komen, die zich niet echt onderdompelen in het dorpsleven. Corine en haar familie deden dat wél. “Ik heb vijftien jaar in de Vroonermeer gewoond, en woon nu zes jaar in Koedijk. We wonen aan het kanaal en mijn zoons bouwen mee bij de bouwgroep ‘Superboeruh!’. Dit is volgens mij de derde Gondelvaart waaraan ik meehelp. Ik vind het leuk om iets te betekenen voor het dorp waarin ik woon. Ze moesten wel een beetje aan me wennen”, zegt ze lachend.
Corine, Mark en de andere bestuursleden hebben hun voelsprieten uit staan in het dorp, maar helaas dus zonder resultaat. Ze vingen ook bot bij gemeenten Alkmaar en Dijk en Waard en bij het waterschap. “Het schijnt allemaal heel lastig te zijn”, verzucht Corine. Mark vult aan: “De 8 October Vereeniging hebben we ook benaderd. Die hebben een grote ruimte, maar zij hebben ook geen plek voor ons. We dachten het mooi te combineren, maar dat was niet haalbaar. Er jammer, want daar hadden we best wat hoop op gevestigd.” (tekst gaat verder onder de foto)
Mark van Wissen en Corine Hansen, bestuursleden van Stichting Gondelvaart Koedijk, bij de keet en loods van de stichting. (foto: Streekstad Centraal)
“Zestig vierkante meter is wel wat je nodig hebt”, rekent Mark per team. “Als iemand vier of vijf teams kwijt kan, en dan ieder zestig vierkante meter. En dan voor drie, vier maanden tot in augustus.” Ja en dan het liefst natuurlijk in Koedijk of de omgeving. Dat scheelt een hoop gedoe met vervoer van grote decorstukken.
“Het mooiste zou zijn als we één bouwplek waar álle bouwteams in kunnen, en dan in Koedijk of er niet ver vandaan.”, zegt Corine. Wel zo praktisch en doorgewinterde teams kunnen dan de jeugdteams een beetje helpen. En des te gezelliger. “Er zijn ploegen bij die maken een ‘man cave’ of een hoek waar ze een biertje doen”, lacht Mark. “Dat plezier met je gewoon hebben. Die ruimte die weggaat, daar hebben ze een barbecue en een koelkast.”
Ok, dus het ideaalplaatje is: een loods voor minimaal dertien teams, met een bar en een buitenplaats met grote barbecue? “Haha, ja dat is goed verwoord.” Mark en Corine zien het al helemaal voor zich. Maar goed, meerdere kleinere ruimten, voor niks of een prikkie, zouden ze ook al heel erg blij zijn.
Dus… bij dezen een oproep aan mensen in Koedijk en omgeving – Warmenhuizen, Bergen, Alkmaar, Langedijk – die van zeg juni tot halverwege augustus (de Gondelvaart is op 16 augustus) plek hebben voor één of meerdere bouwteams. Gegevens over Stichting Gondelvaart zijn te vinden op gondelvaartkoedijk.nl.
Streekstad Centraal kreeg stiekem nog een primeurtje tijdens het bezoek aan de uitvalsbasis van de stichting: de Koedijker Gondelvaart heeft na vele jaren een nieuw logo!
Het nieuwe logo van Gondelvaart Koedijk. (foto: Streekstad Centraal)
“Noem het maar gewoon een nederlaag.” Wouter Hubers uit Bergen klinkt teleurgesteld na het lezen van de uitspraak van de Raad van State. De voorzitter van stichting Behoud Bouwkunsten Bergen hoopte nog dat de hoogste bestuursrechter een stokje zou steken voor de nieuwbouw op de plek van het Parkhotel in het centrum van Bergen. Maar na die uitspraak heeft eigenaar Dirk Kat nu definitief een vergunning om te bouwen.
Eerdere procedures tegen de sloopvergunning voor het oude Parkhotel zorgden al voor bittere verhoudingen tussen de eigenaar het Parkhotel Dirk Kat en bezwaarmakers uit de hoek van de erfgoedbeschermers. De polemiek ging zelfs zo ver dat sympathisanten en personeel pamfletten ophingen aan het Parkhotel met de portretten van de bezwaarmakers, een actie die werd gesteund door eigenaar Dirk Kat.
De bezwaarmakers moesten uit brede kring kritiek en verwijten incasseren. Zij werden verantwoordelijk gehouden voor de stilstand in ontwikkelingen op deze plek. In eerdere bezwaarprocedures tegen de verleende sloopvergunning werd in 2019 nog geen succes geboekt, maar voor vertraging zorgt het altijd.
“De Raad van State heeft een strikt juridische redenering gevolgd, en onze bezwaren tegen onder meer de parkeernorm zou niet passen binnen onze statutaire doelstelling. Het is jammer, maar het is niet anders”, stelt Wouter Hubers van BBB na het lezen van de laatste uitspraak van de Raad van State.
Hubers denkt niet dat er al snel bouw- of sloopactiviteit te zien zal zijn aan de Stationsstraat. “Dat is een zaak van eigenaar Dirk Kat. Als hij het plan nog steeds wil uitvoeren, moet hij eerst een aannemer vinden die de klus wil en kan doen. Dat kost vaak nog vele maanden.”
Een troostprijs voor de erfgoedstichting van Hubers is dat de Raad van State toch wat fouten had gevonden in de besluiten van de gemeente Bergen en in een eerdere uitspraak van de Alkmaarse bestuursrechter. Die heeft de Raad van State rechtgezet. Daardoor draait de gemeente Bergen op voor de proceskosten van de Bergense erfgoedstichting. BBB kan een vergoeding van enkele duizenden euro’s tegemoet zien.
De gemeente Bergen is blij met de uitspraak van de Raad van State. “Als gevolg van de uitspraak is de omgevingsvergunning onherroepelijk. Hier staan dus geen rechtsmiddelen meer tegen open. Wij zijn blij met dit resultaat, want dat betekent dat de eigenaar met de renovatie van het Parkhotel aan de slag kan gaan. Dit leidt tot een ruimtelijke verbetering van deze prominente plek in het centrum voor Bergen.”
Onder een aangenaam voorjaarszonnetje kwam een groep belangstellenden uit Alkmaar en ver daarbuiten dinsdag naar het standbeeld van Truus Wijsmuller op de Gewelfde Stenenbrug in Alkmaar om daar ter ere van haar geboortedag tulpen te leggen. Niet zomaar ’tulpen’, maar natuurlijk de ‘Tante Truus’, de naar haar vernoemde tulp die wordt opgekweekt om de nagedachtenis van de ‘Moeder van 1001 kinderen’ levend te houden.
Truus Wijsmuller-Meijer werd op 21 april 1896 geboren aan de Mient in de Alkmaarse binnenstad. Op haar 17e verhuisde ze naar Amsterdam waar ze later – na de Kristallnacht – de Kindertransporten opzette. Op deze manier kon ze tienduizend kinderen uit Europa naar veiliger oorden brengen, voordat nazi-Duitsland een groot deel van Europa bezette.
Haar inzet voor joodse kinderen was in Alkmaar niet zo bekend, totdat een aantal Alkmaarders bij de gemeente gingen pleiten voor een standbeeld. Dat leidde tot een nieuwe stichting en blijvende aandacht voor haar levensverhaal. De laatste jaren krijgt de geboren Alkmaarse een prominentere plek in de lokale geschiedenis.
Maar ook buiten Alkmaar en zelfs buiten Nederland wordt haar verhaal steeds vaker verteld. Volgens burgemeester Anja Schouten is Truus Wijsmuller een van de eerste onderwerpen die bezoekers van het Holocaustmuseum in Amsterdam onder ogen krijgen.
Dit jaar werd in het Alkmaarse stadhuis stilgestaan bij de geboortedag van Truus Wijsmuller-Meijer. De kater van de verloren bekerfinale was bij veel bezoekers nog niet verwerkt, maar volgens voorzitter Jos van Dam was dat maar klein leed: “We staan vandaag stil bij het grote leed.” (tekst gaat verder onder de foto)
Christa van Hees schreef het boek “De zwarte bruid – De twee bruiloften van Elsje en Leo” ter gelegenheid van 80 jaar bevrijding. (foto: Streekstad Centraal)
De belangrijkste spreker van deze middag was Christa van Hees uit Hoorn, auteur van het boek “De zwarte bruid – De twee bruiloften van Elsje en Leo”. Van Hees belichtte enkele verzetshelden uit deze regio, waaronder een andere Truus: Truus Menger, die samen met Hannie Schaft verzetsdaden pleegde.
In haar boek draait het om Elly Trap-Beek en haar niet-Joodse man en verzetsheld Leo Trap. Alle eindexamenleerlingen in het voortgezet onderwijs in Hoorn en Den Helder hebben dit boek cadeau gekregen; ook scholen in Alkmaar ontvingen exemplaren voor hun mediatheken.
Zowel burgemeester Anja Schouten, auteur Christa van Hees en Laura Hassler, in 2022 de eerste winnares van de Truus Wijsmullerprijs, legden nadrukkelijk de link met actuele gebeurtenissen, zoals de toenemende oorlogsdreiging, en de onrust op verschillende plekken in de wereld. Het sterkst kwam dat bij Laura Hassler naar voren als laatste spreker. “Vandaag vraag ik mezelf af: wat zou Truus nu doen, als ze nu zou leven? Het enige mogelijke antwoord: ze zou zich voor de kinderen inzetten.”
De Tweede Kamer heeft zich voorgenomen om geen huurverhogingen toe te laten passen. Dat is te lezen in het Voorjaarsakkoord voor 2025-2026. Een slecht idee, vinden de dertien woningcorporaties van het verband Thuis Noord-Holland Noord (Thuis NH Noord). Ze waarschuwen dat de sociale woningbouw en verduurzaming voor een groot deel stil zullen vallen.
In een voorlopige berekening lopen de dertien wooncorporaties circa 655 miljoen euro mis over een periode van 10 jaar. Volgens Thuis NH Noord kan daardoor de komende jaren de nieuwbouw van zeker 2.400 sociale huurwoningen sowieso niet doorgaan. Ook kan het betekenen dat 7.200 woningen niet kunnen worden gerenoveerd en verduurzaamd.
De huurbevriezing kan zelfs tot wel 7.000 nieuwe sociale huurwoningen schelen, waarschuwt Krista Walter, voorzitter Thuis NH Noord en directeur-bestuurder van Kennemer Wonen: “Door het wegvallen van investeringsruimte dreigt stilstand waar juist versnelling nodig is. Deze maatregel haalt de bodem onder onze plannen vandaan. Plannen waar we nu al samen met onze gemeenten, huurdersorganisaties en partners in de bouw aan werken!” (tekst loopt verder onder de foto)
Krista Walter van Thuis NH Noord (rechts), hier samen met Bergense wethouder Yvonne Roos-Bakker, terwijl ze in 2023 tekenden voor het project Elkshove. (archieffoto: aangeleverd)
“Wij willen bouwen, verduurzamen en buurten leefbaar houden, maar met deze huurbevriezing worden onze mogelijkheden uitgehold. Niet goed voor bestaande huurders. Niet goed voor woningzoekenden. Niet goed voor duurzaamheid. Niet goed voor de werkgelegenheid in de bouw- en installatiebranche. Hoe kunnen we nu een nationale bouw- en woonagenda, nationale prestatieafspraken, regionale woondeals en lokale prestatieafspraken realiseren? Afspraken met de politiek zijn zo niks waard!”, reageert Walter boos op de voorgenomen huurbevriezing.
Ze wijst erop dat de corporaties samen met het Rijk, gemeenten en de Woonbond landelijk bindende prestatieafspraken hebben gemaakt over de realisatie van 250.000 sociale huurwoningen, de verduurzaming van 675.000 woningen en het verbeteren van leefbaarheid en betaalbaarheid. Deze Nationale Prestatieafspraken zijn eind 2024 herbevestigd voor de periode 2025–2035.
“Corporaties houden zich aan hun deel van de afspraak. Maar bouwen op een overheid die tussentijds de spelregels verandert, wordt ingewikkeld,” aldus de directeur-bestuurder.
De corporaties, waaronder Kennemer Wonen, Woonwaard, Van Alckmaer en Woonstichting Langedijk, roepen de Tweede Kamer op om de maatregel te heroverwegen en in plaats daarvan gerichte ondersteuning te bieden aan huurders met een laag inkomen. Walter: “Alleen met voldoende investeringsruimte kunnen woningcorporaties blijven bijdragen aan het oplossen van de wooncrisis.”
In Limmen is de 71e editie van de Bloemendagen van start gegaan en op de eerste dag werd er direct al een prijs uitgedeeld: die voor het mooiste mozaïek. Voor de tweede keer op rij wist prikploeg Wup-Inn die hoofdprijs in de wacht te slepen.
‘Wie is de baas?’, zo heet het winnende mozaïek van Wup-Inn dat is gemaakt van hyacintenknoppen en zo’n 8,5 vierkante meter groot is. Het mozaïek bestaat uit vier panelen die, als ze bij elkaar komen, de vraag ‘Who ru(i)ns the world?’ stellen. Als de panelen weer opengaan, komen Donald Trump en Vladimir Poetin tevoorschijn, de presidenten van respectievelijk de VS en Rusland, die de laatste maanden toenadering tot elkaar zochten.
“Als de deuren opengaan, komt de grap tot uiting”, zegt Lex van Duin (20) van prikploeg Wup-Inn tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. Het team, dat uit zo’n vijftig man bestaat, verzon anderhalve maand geleden het onderwerp. “We wisten dat we een diafragma wilden gebruiken en dan moet je er nog een beetje een verhaal bij verzinnen”, vertelt Lex. “We wisten al dat we iets met Trump wilden doen, maar hoe langer je wacht hoe actueler het kan worden.” De ploeg hakte daarom snel een knoop door en besloot dat dit het onderwerp ging worden. (tekst loopt door onder de foto)
De prikploeg van Wup-Inn was vorige week druk bezig met het maken van hun mozaïek (foto: Prikploeg Wup-Inn)
Vorige week haalde Wup-Inn de bloemen van het land en vorige week zondag begonnen ze met prikken. Net voor de start van de Bloemendagen waren ze klaar, vertelt Lex. “Gisteravond waren we om 23.30 uur klaar met prikken, de rest van de opbouw hebben we vanmorgen gedaan.”
Het was zaterdag niet de eerste keer dat Wup-Inn de hoofdprijs wint: vorig jaar won hun mozaïek Euro-PaPa de hoofdprijs. “Super leuk dat het weer gebeurd is”, zegt een blije Lex. “Dat is heel vet en positief voor iedereen om er nog lang mee door te gaan. Ik hoop dat we volgend jaar weer iets moois neer kunnen zetten en mensen blij kunnen maken.”
De Bloemendagen in Limmen duren nog tot en met woensdag 23 april. Via een route langs de openbare weg zijn de ongeveer 35 mozaïeken te bezichtigen.