Alkmaar is zondag nog rood-witter dan anders. Al rond het middaguur stroomden de straten vol met fietsers in de stadskleuren. Over de Bierkade, de Vondelstraat – met maar één doel: het stadion. Want dáár stonden de bussen klaar.
De bekerfinale van AZ, tegen NEC uit Nijmegen, die zou niet in Alkmaar worden gespeeld. Zondagmiddag stond dus in het teken van een serieuze volksverhuizing. Bussen vol supporters op weg naar Rotterdam. Dáár ging het gebeuren.
‘Verlenging’. ‘Gewoon 2-1’. Winst, in ieder geval. De schattingen liepen uiteen op de drukke parkeerplaats van het AZ-stadion, maar in elk geval was er vertrouwen. (tekst gaat door onder de foto)
Drukte bij de bussen – maar vooral ook: vertrouwen (beeld: Streekstad Centraal)
Dat het in het verleden nog wel eens was tegen gevallen voor AZ, dat stérkte dat vertrouwen juist. “We gaan eindelijk eens beloond worden.”
Een klein beetje twijfel hoort er ook bij, dat is juist de spanning: “Als NEC zo speelt als tegen PSV, dán gaan ze verliezen. Maar ik hoop natuurlijk dat ze gaan winnen”, duidt een jeugdige commentator de grote KNVB-bekerfinale die komen gaat. Het móét gewoon lukken, is ieders hoop, bijna ieders overtuiging.
Dát was de energie, en de zon deed eraan mee. Wat volgt is een avond waarop heel Alkmaar, of toch bijna heel Alkmaar, met ingehouden adem voor de buis zit. Laat dát feest nou maar komen.
Zal AZ eindelijk weer eens de Bekerfinale winnen? Supporters kijken reikhalzend uit naar de eindstrijd tegen N.E.C. in Rotterdam en natuurlijk hopen ze vurig dat ze daarna feest kunnen vieren. Wie niet naar De Kuip gaat, kan de finale live kijken en luisteren op de Paardenmarkt. De organisatie is er bijna klaar voor, net als de Alkmaarse Fan & Giftshop even verderop.
Net als vorig jaar wordt de Bekerfinale live uitgezonden op de Paardenmarkt. Toen was het Go Ahead Eagles die met de overwinning naar huis ging na een penaltyreeks. Nagelbijtend keken supporters op het plein toe, en zagen ze hoe een wedstrijd met goede kansen verloren ging tijdens de penaltyreeks.
AZ won de KNVB-beker voor het laatst in 2013. “Het is hoog tijd dat ze weer wat winnen”, vindt Peter Rood van de Alkmaarse Fan & Giftshop even verderop. Hij heeft er alle vertrouwen in dat AZ van NEC gaat winnen, zegt hij tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. “Dit gaan we niet meer uit handen geven!” Winnen of verliezen, hij heeft zijn wedstrijdsjaaltjes en andere fanspullen al klaarliggen. (tekst gaat verder onder de foto)
Peter Rood van de Alkmaarse Fan & Giftshop toont trots de Bekerfinale-sjaal. (foto: NH Nieuws)
Organisator en nachtburgemeester Robert-Jan Wille is bezig met de laatste voorbereidingen op de Paardenmarkt. “Er is hier keihard gewerkt. Er is in twee dagen tijd een tentje, een podium en alles erop en eraan neergezet”, zegt hij ogenschijnlijk relaxed.
Maar zo ontspannen is Wille niet, bekent hij, en zijn stressniveau zal stijgen wanneer er wordt afgetrapt. Hij is AZ-fan maar kan niet zomaar toeschouwer zijn. “Ik sta dan op het podium om te kunnen ‘troubleshooten’. Dat is heel stressvol kan ik je zeggen. Normaal gesproken ben ik niet zo gestrest, maar bij deze productie wel. Vorig jaar viel álles twee minuten voor de wedtrijd uit.”
Opbouwer Kick Baas is sowieso niet op de Paardenmarkt te vinden. Hij grinnikt: “Ik ben zelf niet aanwezig, ik zit dan in de Kuip. Het wordt vast een leuk feestje.”
Met de overwinning op Telstar heeft AZ zich voor het tweede seizoen op rij geplaatst voor de finale van de KNVB Beker. De finale tegen N.E.C. Nijmegen is op zondagavond 19 april in De Kuip in Rotterdam. Mócht AZ winnen, dan moet dat natuurlijk uitbundig worden gevierd. De gemeente en AZ bereiden een feestelijke huldiging op dinsdag 21 april voor.
Als AZ de bekerfinale wint, wordt het elfttal op P1 parkeerterrein bij het AZ stadion uitvoerig gehuldigd. Het feest wordt ingeleid met een korte huldigingstour van het elftal door de stad. In een open bus worden de spelers vanaf het begin van de Kennemerstraatweg, vlakbij de Molen van Piet, naar het feestterrein gereden. De route loopt via de Willem de Zwijgerlaan en de Vondelstraat en iedereen is welkom om de winnaars van dichtbij toe te juichen, voor ze naar P1 gaan voor de huldiging.
“Ik ben trots dat AZ de bekerfinale speelt en wil ik hen op passende wijze eren”, laat sportwethouder Christiaan Peetoom weten. Om 18:45 uur vertrekt de stoet, de huldiging op P1 is dan naar verwachting om 19:30 uur.
De impact op het verkeer blijft gering doordat de route gefaseerd wordt afgezet en al snel weer wordt vrijgegeven zodra de bus gepasseerd is. Te zijner tijd krijgen mensen die langs de route wonen of ondernemen geïnformeerd.
Sam van Etten is een grote naam in de Nederlandse biljartwereld, maar dit weekend speelde hij zich ook op het hoogste niveau van de wereld in de kijker tijdens de World Cup Bogotá. Dat deed de Schermerhorner door te winnen van de Koreaanse biljarter Myung Woo Cho, die geldt als de nummer 1 van de wereld. “Een goed gevoel.”
Van Etten, die al langer aan de weg timmert, kan terugkijken op een mooi toernooi, al wist hij uiteindelijk zelf geen titel in de wacht te slepen. Maar de winst op Cho was toch een huzarenstukje, dat voor de aanwezige wereldtop echt wel als een verrassing kwam. Van Etten bleef er niettemin nuchter onder: “De winst op Cho was heel leuk, maar in mijn partij tegen Birol Uymaz uit Turkije speelde ik nog beter.”
Toch was dát een verloren partij in een reeks die uiteindelijk dus zonder podiumplek bleef. De Koreaanse topper was de eerste die Van Etten op zijn weg tegenkwam nadat hij zich knap had geplaatst voor het hoofdtoernooi in Bogotá. (tekst gaat door onder de foto)
Sam van Etten net na zijn overwinning op de nummer 1 van de wereld (foto: aangeleverd)
De 29-jarige inwoner van Schermerhorn begon meteen sterk tegen de Koreaan en had na zestien beurten een voorsprong van 20-15 te pakken. Maar na de break liet Cho zien wat hij waard is door te beginnen met een serie van 4 en drie series van 3. Van Etten wist niettemin terug te komen en won de partij met 40-36. Daarmee was de sensatie een feit.
Hierna verloor Van Etten evenwel de partij tegen Birol Uymaz, na een eerdere voorsprong bleef hij steken op 34-40. Daarna hing het weer van Cho en Van Etten af: als de Koreaan zou verliezen van Uymaz lag de weg naar de laatste zestien voor de Schermerhorner nog open, maar zo liep het niet. Cho wón, Van Etten miste de ‘moyenne’ en verloor ook nog eens van Villanueva (36-40).
“De laatste wedstrijd lukte er weinig”, erkent Van Etten. “Waarschijnlijk was mijn geluk op, daar baalde ik wel van. Maar ik kijk toch met een goed gevoel op het toernooi terug.” Zijn eerdere tegenstander Cho stootte intussen door naar de halve finale, wat zijn niveau nog maar eens onderstreept. (foto bovenaan: Marco van Ammers)
Spektakel op het kanaal. En van verre zijn de trommels al te horen. De Alkmaarse drakenbootvereniging United Dragons organiseert jaarlijks ‘Race the Dragon’. Bedrijven-, vrienden- en andere gelegenheidsteams nemen het dan tegen elkaar op in de spectaculaire drakenboten. De alweer 26ste editie is op zaterdag 13 juni. “Race the Dragon is altijd gezellig en het sfeertje is heel gemoedelijk.”
United Dragons werkt langzaam toe naar het evenement. Onlangs is de vroegboekperiode gesloten en tot nu toe hebben zich tien teams aangemeld. “We hebben twee nieuwe teams en de andere teams doen al meerdere jaren mee”, vertelt Diane van Rems van United Dragons. “De gelegenheidsteams zijn vaak sportscholen. Leden die elkaar motiveren om tegen elkaar te strijden. Van één sportschool doen er dit jaar zelfs drie teams mee. ”
“En er zijn ook teams van bedrijven, die meedoen als bedrijfsuitje, voor teambuilding”, vervolgt Van Rems. “Eerder hebben ook wel familieteams meegedaan en er deed ook eens een team mee van mensen die bij elkaar in de straat wonen. Zo leer je elkaar toch weer beter kennen. We hebben tot nu toe tien aanmeldingen en er is plek voor achttien teams.” (tekst gaat verder onder de foto)
Diana van Rems bij de kop van een drakenboot. (foto: aangeleverd)
Een drakenbootteam bestaat uit veertien tot achttien ‘peddelaars’. De in het oog springende ‘drummer’ wordt door United Drangons geleverd, die positie is van groot belang. De wedstrijdafstand is 200 meter – je bent ongeveer een minuut intensief bezig – en ieder team komt vier of vijf keer aan de beurt in races met twee of drie boten.
Maar het avontuur begint al eerder, want teams moeten een verplichte training doen, voor de veiligheid en zodat de club geen drakenboten van de bodem van het kanaal hoeft te vissen. “Je leert dan hoe wankel de boot is en dat je niet zomaar op moet staan, en je oefent vooral met het gelijkmatig peddelen. Dat is belangrijker dan pure kracht.” Goed nieuws voor teams die wat minder fit zijn: je kunt dus gebrek aan kracht compenseren met coördinatie. (tekst gaat verder onder de foto)
Op de Noorderkade is het altijd heel gezellig tijdens Race the Dragon. (foto: United Dragons)
“In een uurtje leer je het peddelen een beetje te begrijpen. Samen met de drummer bouw je het tempo gelijkmatige op”, licht Diana van Rems toe. “Je hebt teams waarbij dat dan vlot aardig gaat, maar we hebben het ook wel gehad dat teams het lastig hadden om het peddelen gelijk te krijgen.” Dan wordt het een lastige missie.
United Dragons organiseert Race the Dragon om de sport te promoten. “Drakenbootracen is een hele kleine sport in Nederland en onze club bestaat uit ongeveer 35 leden”, legt Van Rems uit. De promotie werkt. “Ieder jaar krijgen we daarna toch wel een paar aanmeldingen. Sommigen zijn na een paar reguliere trainingen weer afgehaakt, maar in ieder geval wekt de wedstrijd interesse voor onze sport.” (tekst gaat verder onder de foto)
Teams moeten voor de wedstrijd een keertje komen trainen om te wennen aan een drakenboot en om het peddelen met elkaar te oefenen. (foto: United Dragons)
En de wedstrijd spekt de clubkas een beetje, bij meer dan twaalf deelnemende teams. Deelname kost 350 euro per team nu de vroegboekkorting verstreken is. Dat lijkt aardig wat, maar Van Rems stipt aan dat het om een training en een volledig verzorgde wedstrijddag gaat, voor teams tot achttien deelnemers.
Aanmelden kan nog tot 1 mei via racethedragon.nl, tenzij eerder het maximum aantal van achttien teams is bereikt.
Een team van gedreven jongens, op een toernooi met nét wat andere mores dan ze van huis uit gewend waren. Maar ze hielden stand. Dat was dit weekend het jongensboek van de handballers van Tornado uit Heerhugowaard, die samen met JHC uit Julianadorp een team hadden gesmeed dat zich mocht meten met de Europese top.
En dat is toch mooi, want als het om handbal gaat leven er in Nederland bést wat vooroordelen. Handbal is voetbal voor meisjes, is de aloude overtuiging, en tegen zo’n cliché is het lastig opboksen als je als jongensteam niet ook wat prestéért. De jongens van Tornado en JHC hebben de sport een dienst bewezen door zich te presenteren op de Kolding Handball Cup in Denemarken.
“Dat toernooi staat bekend om zijn professionele opzet”, vertelt fan van het eerste uur Steff van der Meer. “Voor de Nederlandse jongens een unieke kans om zich te meten met internationale tegenstanders én om te ervaren hoe populair jongenshandbal in het buitenland is.” (tekst gaat door onder de foto)
De tenues ter ere van de samenwerking met Julianadorp (foto: aangeleverd)
Van der Meer is de partner van coach Karima van der Meer, één van de twee coaches die de jongens begeleidde, samen met Yvonne van Vuure. Hij zorgde ook voor de shirtjes, want de combi van Julianadorp en Heerhugowaard vereiste natuurlijk wel een passend tenue: “Bij zo’n bijzondere ervaring hoort iets unieks.”
Zo ontstonden de shirtjes met beide namen erop, gesponsord door De Bolle Buik en vervaardigd door Own Brand. “Met de clubkleuren in de mix”, verklaart Steff van der Meer.
Dat tenue gaf toch wel kleur aan de reis naar het Deense Kolding, waar de Nederlanders aan den lijve mochten ondervinden dat handbal in de rest van Europa een sport op niveau is. “De eerste dag was een zware dag”, blikt Steff terug. “In Denemarken en Duitsland is jongenshandbal echt een topsport. Ze spelen anders, zijn veel fysieker en het tempo ligt hoog.” (tekst gaat door onder de foto)
Na de winst kwam ook de ontlading (foto: aangeleverd)
Voor de Noord-Hollanders lag daar dus een uitdaging. Maar die gingen ze aan, zag coach Karima: “In Nederland spelen ze vaak gemengd. Je ziet toch dat ze zich dan een beetje inhouden, tegenover de meiden. Nou, dat hoefde ze hier dus niet te doen! Ze konden er echt voor gaan.”
Met succes: na de verloren wedstrijden op dag één, wisten ze op dag twee juist te winnen. “Onwijs gaaf”, vindt de trotse coach. “Voor een eerste keer hè. Een heel mooie ervaring voor ze. De schakel ging echt om, mooi om te zien.”
De handballers van JHC en Tornado kunnen dus met opgeheven hoofd terugkeren uit Denemarken. Met een mooie samenwerking waar nog meer uit voort kan komen voor dit eerste jongensteam in de regio Dijk en Waard.
Gebogen knieën, de blik strak op de bal en dan een korte, beheerste zwaai. De sajetbal rolt over de baan, tikt de paal en komt langzaam tot stilstand. Even is het stil in café De Schelvis in Zuid-Scharwoude, totdat iemand vanaf de zijkant al zachtjes het aantal punten mompelt. Nog voordat de bal echt stil ligt, wordt er geknikt: dit is een goede slag.
Tijdens de Sajet Kolfkampioenschappen draait het niet alleen om winnen, maar vooral om het spel zelf. Om techniek, gevoel en een beetje geluk. In het zaaltje langs de baan zitten toeschouwers dicht op het spel, pen in de hand, terwijl spelers zich concentreren op hun volgende poging. Het is serieus en ontspannen tegelijk – precies zoals kolven bedoeld is.
Kolven lijkt eenvoudig, maar schijn bedriegt. “Het lijkt veel makkelijker dan het is,” zegt Franck van Kleef, lid van Kolfvereniging Gezellig Samenzijn. “We hadden laatst jongeren die dachten: dat doen we wel even. Maar om echt goede punten te halen heb je techniek nodig én moet je veel oefenen.” De uitdaging zit in de precisie: spelers proberen de bal zó over de baan te slaan dat hij via de paal loopt en zoveel mogelijk punten oplevert. Geen slag is hetzelfde, en juist dat maakt het spel volgens de liefhebbers zo aantrekkelijk. (tekst gaat door onder de foto)
Bij iedere slag staat de markeur goed op te letten op de plek waar de volgende slag genomen moet worden. (foto: Streekstad Centraal)
Er wordt gespeeld volgens de regels van de Koninklijke Nederlandse Kolfbond. Per ronde staan drie spelers in de baan en slaan om de beurt. Begrippen als ‘vol’ – goed voor twaalf punten – en ‘boedel’, een ongeldige slag, vliegen over tafel alsof het de normaalste zaak van de wereld is. De positie van de bal na elke slag bepaalt het vervolg, waardoor spelers telkens opnieuw moeten inschatten wat de beste aanpak is.
Op de achtergrond houdt markeur Dick IJff alles scherp in de gaten. Met kleine streepjes noteert hij waar de bal tot stilstand komt en vanaf waar de volgende slag moet worden genomen. Zelf speelt hij deze dag niet mee. “Ik speel alleen met gummieballen,” legt hij uit. “En dat is echt heel anders dan sajet.” Die sajetballen zijn lichter en gevuld met garen. Het maakt het spel minder voorspelbaar. “De bal is en blijft rond,” zegt IJff. “Je kunt nog zo goed zijn, maar je hebt ook geluk nodig. Zeker als de druk oploopt.” (tekst gaat door onder de foto)
Aandachtig wordt er gekeken naar de mannen op de baan. Is het een goede slag? Of blijkt het toch een ‘boedel’ te zijn? (foto: Streekstad Centraal)
Die spanning waar IJff over spreekt, zit volgens hem in het onvoorspelbare karakter van het spel. “Meestal is het wel duidelijk wie mee gaan spelen voor de podiumplekken,” zegt hij. “Maar je hebt echt het geluk aan je zijde nodig om goede punten te slaan. En als daar dan ook nog de druk van de finale bij komt kijken, dan kan het zomaar heel spannend worden.”
Langs de baan wordt dat zichtbaar. Terwijl de punten worden opgeteld, wordt duidelijk wie bovenin meedraait, maar niets ligt vast. Elke slag kan het verschil maken en iedereen langs de kant rekent mee. Nog voordat de bal stil ligt, wordt er al zachtjes een score genoemd.
Voorzitter Martin Bakker kijkt aandachtig toe. “Als je de baan door en door kent, weet je ongeveer wat een bal gaat doen,” zegt hij. De 84-jarige Bakker is al jaren betrokken bij de sport, maar zie ook dat het deelnemersveld kleiner wordt. De sport wordt wel gezien als een verdwijnend erfgoed. “We hebben vandaag veel afzeggingen gehad, dus het is een kleiner gezelschap. Maar we maken er hoe dan ook een mooie avond van.” (tekst gaat door onder de foto)
Met het oog op de prijzen doen alle deelnemers hun uiterste best zo veel mogelijk punten te behalen. (foto: Streekstad Centraal)
Volgens hem zit de kracht van kolven in de combinatie van spel en gezelligheid. “We bestaan al honderd jaar en het is een hechte groep. Je bent blij voor elkaar als iemand een goede slag doet, al wil iedereen natuurlijk winnen, maar het gaat ook om het samenzijn.” Die sfeer is overal voelbaar. Er wordt fanatiek gespeeld, maar ook gelachen en gepraat. Een mislukte slag zorgt soms voor een zucht, maar even later gaat het gesprek gewoon weer verder.
Voor Van Kleef is dat precies waarom hij blijft terugkomen. “De sport is zo leuk en zo gezellig.” Dat hij daar eerst anders over dacht, geeft hij eerlijk toe. “In het begin dacht ik: wat doe ik hier? Maar als je het eenmaal kent, dan denk je: dit is leuk.” Volgens hem verdient de sport meer aandacht. “Het heeft een oud imago, maar dat klopt niet. Geen slag is hetzelfde, en dat maakt het juist uitdagend.”
Wie het spel voor het eerst ziet, moet even kijken voordat het duidelijk wordt wat er precies gebeurt. Kolven wordt gespeeld op een smalle baan met aan beide uiteinden een paal. Het doel is om de bal zo te slaan dat hij via die paal heen en weer gaat en daarbij zoveel mogelijk punten oplevert. Spelers slaan om de beurt en spelen steeds verder vanaf de plek waar de bal stil komt te liggen. (tekst gaat door onder de foto)
De top drie van het kampioenschap (vlnr) Max Bruin, Dirk Swart en Detlef Redeker. (foto: Streekstad Centraal)
De kunst zit in de controle: hoe hard sla je, onder welke hoek en hoe zorg je dat de bal precies goed langs de paal loopt? Een perfecte slag levert een ‘vol’ op, goed voor twaalf punten, terwijl een ‘boedel’ juist niets oplevert. Omdat elke bal anders ligt en elke slag een nieuwe situatie creëert, moeten spelers continu opnieuw inschatten wat de beste keuze is. Dat maakt kolven minder rechtlijnig dan het lijkt – en volgens de spelers juist zo verslavend.
Tijdens de finale wordt er niet alleen om bekers gespeeld, maar ook om zuurkool met worst. Per ronde bepaalt Dick Beers welke slagen die prijs waard zijn. “Langedijk is groot geworden door drie dingen: zuurkool, de chipsfabriek en het kolven,” klinkt het lachend.
Na drie rondes zijn de eerste twee plekken duidelijk. Voor de derde plaats moet een beslissingsronde uitkomst bieden. Detlef Redeker trekt daarin aan het langste eind. De overwinning gaat naar Dirk Swart, met Max Bruin op de tweede plaats. Na de laatste slag wordt er nog lang nagepraat in De Schelvis. Over punten, over pech en over geluk. Want bij kolven weet je het pas zeker als de bal stil ligt.
Koud en stormachtig. En soms werd je een beetje gezandstraald. De omstandigheden waren niet best voor de Heerhugowaard Cityrun 2026. Maar duizenden mensen besloten vrijdag niet om op de bank te blijven zitten. Nee, met meer dan ooit kwamen ze naar het Park van Luna om mee te doen aan het hardloopfestijn.
We komen aan terwijl de jongens 7 tot en met 12 jaar over de finish komen na hun Allente en Blosse Kidsrun van 2 kilometer. Langs de kant staan ouders rijen dik de kinderen aan te moedigen. De meisjes staan al klaar bij de start-finish voor hun 2 kilometer, maar ze houden wel ruimte voor de jongens om doorheen te kunnen. Nog even geduld tot de allerlaatste jongens ook binnen zijn. Ook die laatste twee die de organisatie even niet had gezien.
De meisjes kunnen zich dan eindelijk opmaken voor de start. Veel massa hebben ze niet, dus warm zullen ze het niet hebben. Maar eerst even een paar meter naar achter, om achter de echte startlijn te gaan staan. Het is dringen en de fanatiekste meiden proberen hun plekje vooraan te behouden, want ze willen er voor gaan. Het startschot klinkt en na wat ellebogenwerk verdwijnen ze uit beeld. Uiteindelijk is het een meisje van de Alkmaarse atletiekclub Hylas die er met de winst vandoor gaat.(tekst gaat verder onder de foto)
Na 2 kilometer hardlopen nog even een eindsprint naar de finish. (foto: Streekstad Centraal)
Dan wordt het tijd voor de grootste afstand: de 10 kilometer. Er onstaat een lang lint lopers in de diverse opstelvakken, terwijl lopers zoeken naar het vak dat past bij de kleur van hun startnummer. De sfeer is heel gemengd, van gezellig kletsen en gelach tot – natuurlijk vooral vooraan – wat gespannen en ongeduldig.
Na een korte speech van Marco Smit, voorzitter van de Heerhugowaard Cityrun, en van burgemeester Maarten Poorter is het aan de burgemeester om hen op weg te schieten met een grote revolver. De knal klinkt. En net als bij de kinderen is het dringen om snel weg te komen, uit het gedrang vandaan, en om zo snel mogelijk een goed loopritme te vinden. Het duurt enkele minuten voordat ook de laatsten de startlijn over zijn. (tekst gaat onder de foto)
Dringen geblazen bij de start van de 10 kilometer. (foto: Streekstad Centraal)
Na de start spreken we Marco Smit. Ondanks de gure omstandigheden heeft hij het naar zijn zin. “Uiteraard, wij vermaken ons sowieso!”, zegt hij. “Het is de Juniorkamer die dit mogelijk maakt, dat zijn twintig enthousiaste ondernemende types die met elkaar een evenement als dit kunnen neerzetten. Uiteraard is het jammer van het weer en vooral de wind, maar de opzet is geweldig.”
De verhuizing naar het Strand van Luna leverde de Cityrun ruimte op om flink uit te breiden. Meer ruimte voor deelnemers, voor een soort festivalterrein, en binnen bij FG Live ruimte voor een grote afterparty, het Blarenbal. Verder is er in het Park van Luna ook veel minder gedoe met straten afzetten.
Helaas moest het festivalterrein vanwege de storm wel weer afgebroken worden, betreurt Marco. “Ook de warming-up hebben we anders op moeten zetten. Maar dat mag de pret uiteraard niet drukken.” (tekst gaat verder onder de foto)
Terwijl de 10 kilometer gelopen wordt, is binnen de prijsuitreiking voor de Kidsruns. (foto: Streekstad Centraal)
De Heerhugowaard Cityrun 2026 was eigenlijk bij voorbaat al een succes. “We hebben meer lopers dan ooit. Ik kreeg net het bericht dat het 4.000ste startnummer is verkocht. Daar zijn we heel erg blij mee. Vorig jaar hadden we er net onder de 3.000, dus daar zitten we nu ver overheen.”
De open omgeving van het Park van Luna lijkt ook al te wennen bij de deelnemers. “Vorig jaar was er nog wel wat beklag over. Mensen misten het gevoel van het centrum. Ik hoor het nu al minder. En ja, daar hadden we nooit zoveel lopers kunnen laten meedoen. Daar zaten we tussen de 2.500 à 2.800.” En zo’n groot Blarenbal lekker binnen is natuurlijk ook gezellig. (tekst gaat verder onder de foto)
Jesse Duin en Lars Derriks, beide in het geel van het goede doel waar ze voor lopen, (foto: Streekstad Centraal)
Meer deelnemers betekent ook meer geld voor goede doelen. “Dit jaar is een goed doel Stichting TAS Heerhugowaard“, vertelt de voorzitter. “TAS biedt jeugd in Heerhugowaard vermaak en dan zijn ze lekker van de straat. Ze verzorgen ook zomerkampen. Wij sponsoren dit jaar dat ook gehandicapten mee kunnen doen. We gaan ze een mooie cheque overhandigen. Het tweede goede doel is atletiekvereniging Hera. Die helpt ons met het opzetten van dit evenement.”
We nemen bij FG Live binnen een kijkje en vallen in de prijsuitreikingen voor de jeugd. Bij de jongens onder 12 jaar pakken Jesse Duin en Lars Derriks de eerste en derde plaats, maar ze zijn niet in het oranje van de club. “Het geel is van het goede doel waar ze voor lopen”, zegt de moeder van Jesse trots. “Ze lopen voor Diabeweeg, een stichting die zich inzet voor kinderen met diabetes type 1 die lekker sportief willen zijn.” (tekst gaat verder onder de foto)
En ook de 5 kilometer lopers mogen van de burgemeester weg. (foto: Streekstad Centraal)
Ondertussen komen de 10 km-lopers buiten over de finish. We vragen aan wat lopers hoe het ging en zo’n beetje unaniem vonden ze de loop pittig door de storm. “Kut!”, zegt een van hen, maar wel met een lach. Een andere loper vond de laatste 700 meter erg zwaar. “Je komt dan van tussen de huizen vandaan en ‘BAM’ volle bak tegen.” Een ander stel vond ook het eerste stuk zwaar, eveneens vol tegen de wind in.
Het is vrijwel donker als de 5 km-lopers eindelijk van start mogen. Net als bij de 10 kilometers is het na het startschot van burgemeester Poorter dringen aan de voorkant. Daarna verdwijnen ze in het donker, tegen de stormwind in. We kijken ze na en besluiten even later om de finish maar niet af te wachten en ook niet nog even naar het Blarenbal te gaan, maar naar huis te fietsen. Met storm tegen natuurlijk.
Het lange lint deelnemers aan de 5 kilometer verdwijnt uit beeld. (foto: Streekstad Centraal)
Het Jan Arentsz in Langedijk timmert aan de weg als het gaat om scholierensport. Zowel de tennissers als de dodgeballers wisten afgelopen week hoge ogen te scoren bij de scholierenkampioenschap, waarbij de dodgeballers zelfs een finaleticket verzilverden. “De ploeg barstte van het zelfvertrouwen!”
Docent Mike van Lawick van Pabst is trots op zijn leerlingen, en niet eens voor het eerst. “Het Jan Arentsz Langedijk nu maar liefst twee finaletickets op zak”, vertelt hij. Dat eerste ticket wisten de volleyballers van de school eerder dit jaar al te verzekeren en nu is het dus ook de dodgeballers gelukt.
Daarnaast maakten ook de tennissers van de school indruk, al grepen zij net naast de finaleplekjes. (tekst gaat door onder de foto)
Eerder al schitterden de volleyballers in het groen van Jan Arentsz (foto: aangeleverd)
Geen reden om hun prestatie dan maar onvermeld te laten, vindt Van Lawick van Pabst: “Op de tennisbaan kregen de leerlingen uit klas 1 en 2 direct te maken met de absolute top uit de wijde omtrek. Hoewel ze voor werkelijk elk punt streden als leeuwen en de passie ervan af spatte, bleek dit net niet voldoende voor een podiumplek. Daarna namen de meiden uit klas 3 en 4 het racket over. Zij speelden fantastisch en wisten hun poule glansrijk te winnen!”
Maar uiteindelijk kwamen ook zij sterkere tegenstanders tegen, in wat hun docent ‘zenuwslopende’ finales noemt: “Na een zware strijd veroverden zij een zeer knappe én dik verdiende derde plaats. Net geen finaleticket, maar wel een prestatie om ontzettend trots op te zijn.”
Tegelijk moesten ook de dodgeballers zich bewijzen. In sporthal Oosterhout gingen het razendsnel: “Het bovenbouwteam schoot spectaculair uit de startblokken met een klinkende overwinning en sleepte daarna een zwaarbevochten gelijkspel uit het vuur. Aan de tomeloze inzet en het aanstekelijke enthousiasme van de ploeg heeft het in ieder geval absoluut niet gelegen!”
Het grootste succes was er voor het onderbouwteam van de dodgeballers. “De ploeg barstte van het zelfvertrouwen en de winnaarsmentaliteit spatte er vanaf”, vertelt de trotse docent. “Ze gingen er vol goede moed in en die inzet werd rijkelijk beloond: met maar liefst drie klinkende overwinningen en slechts één nipt verlies, lieten ze de concurrentie achter zich. Ze kroonden zich tot overtuigend poulekampioen en die titel brengt een schitterende prijs met zich mee: een felbegeerd ticket voor de landelijke finale op 5 juni.”
Een grote teleurstelling voor een groep ritmische gymnastes uit Alkmaar. Door een fout van gymnastiekbond KNGU mag Nederland eind mei niet deelnemen aan het EK ritmische gymnastiek in het Bulgaarse Varna. Daarmee vervliegt ook de kans op deelname aan het WK later dit jaar. “Dromen in duigen.”
Het gaat onder meer om sporters van de Alkmaarse vereniging Ritmica/RG, die zich maandenlang hebben voorbereid op het internationale toernooi. Hun leven stond grotendeels in het teken van trainen: zo’n 25 uur per week, naast hun studie of school. Ritmische gymnastiek is een olympische sport waarin elementen van dans, ballet en turnen samenkomen. De sporters voeren oefeningen uit op muziek met materialen als linten, hoepels en ballen.
De sporters werkten via nationale selectiewedstrijden toe naar uitzending naar het EK. Met succes: op basis van hun prestaties verdienden zij een plek in de Nederlandse selectie. Opvallend is dat alle vijf beschikbare plekken voor Nederland dit jaar naar gymnastes uit Alkmaar gingen. “Dat is echt uniek en daar waren we ontzettend trots op,” zegt voorzitter Cees Heegstra van Ritmica/RG. Maar begin maart ging het mis. (tekst gaat door onder de foto)
Amina Abdumalik, Anne Werner, Adriana Bondarenko, Indy Veltman en Noa van der Laan hebben zich wel gekwalificeerd voor het EK maar mogen door een fout niet uitkomen voor Nederland. (foto: Ritmica RG Club Alkmaar)
Op 5 maart vond de loting plaats voor het EK, een dag later werd de deelnemerslijst gepubliceerd. Daar ging het voor de Alkmaarse club mis. “We zagen geen enkele Nederlandse deelneemster staan. Toen zijn we gaan bellen wat er aan de hand was,” vertelt Heegstra. Al snel bleek dat het mis was gegaan bij de bond. “We kregen te horen dat we niet waren opgegeven. Eerst werd door de KNGU nog gezegd dat dat wel zo was, maar uiteindelijk bleek dat gewoon niet te kloppen.”
Volgens Heegstra is er geen sprake van een technisch probleem. “Er werd gewezen naar een nieuw systeem, maar dat systeem bestaat al vijf jaar. Ze zijn het gewoon vergeten. En de regels zijn keihard: te laat is te laat. In ons geval waren we niet eens te laat, we waren helemaal niet ingeschreven.”
Voor de gymnastes uit Alkmaar komt dit nieuws hard aan. In een gezamenlijke reactie laten zij weten dat ze zich al meer dan een half jaar volledig naar dit moment hebben toegeleefd. “Alles waar we zo lang voor hebben gewerkt, valt ineens weg,” reageren ze. “We doen hier zoveel voor, omdat we Nederland willen vertegenwoordigen. Dat dit nu niet kan door een fout waar wij niets aan kunnen doen, is heel pijnlijk.”
De gevolgen zijn groot. “Het betekent ook dat het WK klaar is,” legt Heegstra uit. “Je moet je via het EK kwalificeren. Dus we zitten nu met helemaal niks.” Voor de sporters is het niet alleen een sportieve klap, maar ook een persoonlijke en financiële. “Die meiden betalen alles uit eigen zak. Dat is vaak al een enorme opgave,” zegt Heegstra. “Zelfs de pakjes voor internationale wedstrijden moeten ze zelf kopen via de bond.” Dat maakt de situatie extra wrang. “Er wordt al weinig voor deze discipline gedaan, en dan gebeurt dit ook nog. Dat is echt ernstig.” (tekst gaat door onder de foto)
Anne Werner en Noa van der Laan deden in mei 2025 al mee aan the World Cup in Tashkent. (foto: Instagram/ritmica_rg_club)
Volgens hem is het seizoen feitelijk voorbij. “Andere toernooien zijn voor deze meiden niet interessant. Ze willen op het hoogste niveau presteren, niet ergens achter in de polder in een hal.” Daarnaast vreest hij voor de motivatie van de sporters. “Dit soort dingen zorgen ervoor dat meiden gaan afwegen: waar doe ik het eigenlijk voor? Dat is echt zonde.”
De sportsters proberen inmiddels ook online om aandacht te vragen. Vanuit de vereniging is op Facebook en op Instagram een noodkreet gedeeld,in de hoop dat er toch nog een oplossing komt. Daarin wordt aandacht gevraagd voor de situatie van de Alkmaarse sporters, die buiten hun schuld om buitenspel staan. Vooralsnog lijkt die kans klein, omdat de regels van de internationale bond laten weinig ruimte voor uitzonderingen.
De KNGU heeft aangegeven in gesprek te willen gaan met de betrokken sporters en hun omgeving over het vervolg. Heegstra bevestigt dat er gesprekken aankomen. “De vervolgstap is dat we met de bond om tafel gaan om ervoor te zorgen dat dit nooit meer gebeurt. En ik hoop dat ze voor de meiden en de club met iets moois komen. We gaan het zien.” Voor de Alkmaarse gymnastes blijft voorlopig vooral de teleurstelling overheersen. Het seizoen waar ze maanden naartoe werkten, lijkt plotseling voorbij – zonder dat ze ooit de kans kregen om zich op het EK te laten zien.