Een geschiedenis van 45 jaar is met een blaf en een plons afgesloten. Het waren honden die voor de allerlaatste keer het koele water van het buitenbad van Zwembad Hoornse Vaart in doken. De komende jaren moet op deze plek een heel nieuw zwemparadijs verrijzen. “Bye bye en dank voor de lange dienst.”
Gudron Vis en Patrick Langendijk zijn er bij, op deze laatste zondag – net als Streekstad Centraal. Vis namens Alkmaar Sport en Langendijk namens de gemeente Alkmaar. Ze hopen er over drie jaar ook weer bij te zijn, als hier het vernieuwde Sportcomplex Hoornse Vaart opent.
“In januari gaan we echt starten met bouwen”, kondigt Langendijk aan. Bouwkranen, een complex dat langzaam vorm krijgt – er is genoeg te zien. Óók voor zwemmers. “Het oude complex blijft gewoon open.” (tekst gaat door onder de foto)
Nog even een paar keer van de glijbaan, voordat het buitenbad sluit en plaats maakt voor een compleet nieuw Sportcomplex Hoornse Vaart, mét nieuw buitenbad natuurlijk. (foto: Streekstad Centraal)
Alleen dus even zónder dat buitenbad, daar moest zondag echt afscheid van genomen worden. “Het buitenland is geopend in 1981”, vertelt Vis. “Ik heb hier heel vaak gezwommen, ben van de glijbaan af geweest. Lekker met mijn kinderen gespetterd… Het is een heerlijk bad om af te koelen in de warme zomerdagen.”
Vis is niet de enige met warme herinneringen aan het zwembad. “We hebben bezoekers gevraagd om hun verhalen, hun belevenissen in het buitenbad naar ons op te sturen”, vertelt Vis. “Herinneringen van eerste liefdes, van generaties die samen zwommen, met de blote billen van de glijbaan…”
Om tien voor vier konden de trouwe fans nog één keer van de glijbaan. Daarna was het dan echt de beurt aan de honden, als aller-, allerlaatsten. Terwijl de zon begon te zakken sloot het boek van Alkmaars beroemdste buitenbad, om over drie jaar in een heel andere vorm weer open te gaan.
Normaal trekt Agneau Niyonzima zijn voetbalschoenen aan voor het derde elftal van CSV BOL in Broek op Langedijk. Binnenkort ziet zijn voetbalweekend er alleen iets anders uit. Geen wedstrijd op het vertrouwde sportpark, maar een Europees kampioenschap in Italië. De 24-jarige Congolees is geselecteerd voor het Nederlandse team op het vluchtelingen-EK. “Het is een trots moment.”
Voor Niyonzima is voetbal een belangrijk onderdeel van zijn leven in Nederland. Drie jaar geleden kwam hij hierheen, inmiddels woont hij in het azc in Heerhugowaard. Hij werkt in een bakkerij, gaat naar school en probeert ondertussen zo vaak mogelijk op het voetbalveld te staan.
Dat doet hij onder meer bij CSV BOL. Daar speelt hij in het derde seniorenteam. Sportcoach Jelle Zuijdam kent hem goed en ziet hoe belangrijk voetbal voor hem is. “Agneau is nog steeds heel graag op het voetbalveld te vinden, het liefst elke dag”, vertelt hij tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. De selectie voor het EK maakt hem dan ook trots. “Het is voor hem onwijs mooi dat hij het Nederlandse shirt mag dragen.” (tekst gaat door onder de foto)
Nu loopt Niyonzima nog in een blauw trainingsshirt, maar binnenkort mag hij het oranje shirt weer aan. (foto: NH Nieuws)
Dat oranje shirt kwam niet zomaar uit de kast. Niyonzima heeft inmiddels meerdere trainingen achter de rug op het KNVB-complex in Zeist. Daar bereidt de Nederlandse selectie zich voor op het Europese toernooi, waar 22 teams aan meedoen.
Voor de voetballer uit Heerhugowaard draait dat toernooi om meer dan alleen winnen. De spelers hebben verschillende achtergronden en komen uit allerlei landen, maar op het veld verdwijnt een deel van die verschillen vanzelf. “Het is mooi hoe voetbal mensen kan samenbrengen”, zegt Niyonzima. “Ook al kom je van verschillende plekken en heb je verschillende culturen. Het is een soort magie, de verbinding is ongelooflijk.” (tekst gaat door onder de foto)
Sportcoach Jelle Zuijdam is trots op Agneau, die binnenkort het shirt van Oranje aantrekt op het vluchtelingen-EK. (foto: NH Nieuws)
Ook buiten het voetbalveld probeert hij ondertussen steeds meer zijn plek te vinden. Vooral de Nederlandse taal vraagt nog de nodige oefening. “Maar ik blijf het proberen, ik wil Nederlands spreken”, zegt hij. “Als je dezelfde taal spreekt, wordt het leven makkelijker.”
Bij BOL wordt zijn bijzondere uitstapje naar Italië in ieder geval met trots gevolgd. Een speler uit het derde die ineens op een Europees kampioenschap staat, gebeurt tenslotte niet iedere dag.
En Niyonzima zelf? Die reist niet alleen naar Italië om mee te doen. Op de vraag wanneer het toernooi voor hem echt geslaagd is, hoeft hij niet lang na te denken: “Als we de trofee mee naar huis nemen. We gaan ons best doen en ons trots voelen.”
Tien jaar geleden stopte hij met judo op het hoogste niveau, maar Neal van de Kamer behield een warm hart voor de sport en doet nu weer volop mee. Bij de veteranen, oftewel de 30-plussers. Afgelopen weekend veroverde hij in Sarajevo de wereldtitel in de gewichtsklasse onder 81 kg in een nagelbijter van een finale.
Neal van de Kamer brak door in 2013. Na goud op de European Open schopte de judoka van het Alkmaarse Sportinstituut Tom van der Kolk het tijdens zijn eerste WK tot de derde ronde. Het jaar erna won hij de European Open opnieuw. Verder behaalde Van de Kamer in 2025 nog brons tijdens een Europacup. In totaal pakte hij vijf nationale titels bij de mannen, bijzonder genoeg in drie verschillende gewichtsklasses, voordat hij zijn judopak in 2026 aan de wilgen hing.
Nu is hij op 37-jarige leeftijd terug, maar dan tussen de veteranen, ook wel ‘masters’ genoemd. Van de Kamer begon het WK Veteranen relaxed, want hij was vrijgeloot voor de eerste ronde. Daarna plaatste hij zich via overwinningen op tegenstanders uit Georgië, Brazilië en België voor de eindstrijd.
In die finale stond Van de Kamer tegenover de 35-jarige Serviër Bojan Ivezic. Al vroeg in de wedstrijd kreeg hij een yuko – de laagste score voor een actie – tegen en moest hij meer initiatief nemen. Met succes, want daarna kreeg hij steeds meer de overhand. De twee jaar jongere Serviër raakte vermoeid en liep twee straffen op. Van de Kamer bleef druk zetten op jacht naar de beslissende score. Met nog slechts drie seconden te gaan lukte het: Van de Kamer wierp Ivezic voor waza-ari – een half punt – en daarna liet hij zich niet verrassen. (tekst gaat verder onder de foto)
Neal van de Kamer op het podium met zijn gouden medaille, tussen de andere toppers in zijn gewichtsklasse. (foto: aangeleverd)
Tom van de Kolk is trots op Neal van de Kamer. “Dit is geweldig. Neal bleef tot de allerlaatste seconde geloven dat hij de partij nog kon winnen. Als je drie seconden voor tijd in een WK-finale zo’n beslissende actie kunt maken, zegt dat ontzettend veel over zijn mentaliteit. Ik ben enorm trots op hem. Dat hij zich nu wereldkampioen mag noemen, is meer dan verdiend.”
Zes nationale juniorentitels gingen naar atleten in regio Alkmaar. Bij vier daarvan keek niemand echt op. Jade Kamps uit Heerhugowaard domineerde op de 400m voor meisjes U18 en plaatsgenoot Zeb Tesselaar deed dat bij het verspringen en de 200m bij de jongens U18. Florian Rijks van AV Trias – Heiloo pakte de titel op de 800m in diezelfde categorie. De verrassing was Tim Posthuma de Boer, eveneens uit Heerhugowaard, die met de polsstok won bij de jongens U20.
Drie dagen lang nationale topatletiek in Utrecht, en iedere dag werd goud behaald door een talent uit de regio. Nout van der Kolk beet vrijdag het spits af op de 3000m U18. De atleet AV Castricum finishte in een persoonlijk record van 8:46,46, drie seconden voor de nummer twee. Zondag greep hij ook nog zilver op de 1500m.
Nouts clubgenoot Sepp Schulte maakte een prachtige comeback op de 1500 meter bij de oudste jongens. In 2025 won hij brons op het NK Indoor Junioren en zilver op tijdens het kampioenschap in de buitenlucht. Daarna ging het mis. Nu, bijna een jaar nadat hij geblesseerd raakte, liep hij in 3:55,44 opnieuw naar zilver. (foto gaat verder onder de foto)
Medaillewinnaars Sepp Schulte en Nout van der Kolk vieren feest tijdens het NK Junioren in Utrecht. (foto: aangeleverd)
Jade Kamps uit Heerhugowaard is een snel rijzende ster. Met haar slechts 14 jaar liep ze, uitkomend voor AV Hylas in Alkmaar, al de limiet voor het EK U18 maar ze mocht niet meedoen omdat ze nog te jong was. In augustus won ze bij de International Children’s Games in Taiwan.
Tijdens het NK Junioren in Utrecht liet ze nog maar eens zien hoe goed ze is. In de finale 400m U18 liet een persoonlijk record van 54,59, op ruime afstand van de nummers twee en drie. Ze kan overigens ook nog goed schaatsen.
Zeb Tesselaar, vierde op het EK U18 op de 400m, koos naast het verspringen voor de 200m. Meteen in zijn eerste vertesprong zettte hij de toon en in de tweede ronde verbeterde hij zich naar 7,25m. Daar kwam niemand nog in de buurt. Na eenvoudige plaatsing voor de finale 200m won hij ook hier afgetekend. Met zijn tijd van 21,96s liet hij de andere podiumgangers bijna een seconde achter zich. (tekst gaat verder onder de foto)
Jade Kamps tijdens de International Children’s Games in augustus in Taiwan, waar ze ook won. (foto: AV Hylas)
Florian Rijks van AV Trias – Heiloo voerde de nationale ranglijst op de 800m U18 aan met ruim twee seconden op de nummer twee, en was dus ook favoriet. In de series kon hij zijn krachten enigszins sparen, om daarna uit te halen in de finale. Die won hij met eveneens met meer dan twee seconden op de nummer twee. Hij liep 1:53,63, zijn tweede tijd ooit, wat best bijzonder is in een kampioenschapsrace.
Dan de verrassing vanuit de regio, Tim Posthuma de Boer. In januari landde hij ongelukkig tijdens een polshoogtraining en liep een lastige enkelbreuk op. Na zijn herstel kampte hij met nog wat kwaaltjes. Tim liet zijn ambities voor dit seizoen een beetje varen en ging een paar keer op vakantie.
Eenmaal terug ging het eigenlijk al snel lekker en die stijgende lijn zette hij door op het NK. En waar de favorieten wat achter bleven, verbeterde hij zijn record naar 4,52m. Gezien de ruimte boven de lat kon hij nog wel hoger, maar het begon op te raken. Zijn enige overgebleven concurrent kon daar niet van profiteren en zo pakte Tim de winst.
Het begon met simpele toernooisoftware voor Tennisclub Bakkum, gewoon om de club een handje te helpen. Maar toen kreeg het Alkmaarse bedrijf Byte Me belletjes vanuit andere tennis- en padelclubs in de regio, en sindsdien breidt het gebruik van ‘Match Me’ als een olievlek uit over het land. Eigenaar Kay van Soest ziet kansen om er een volwaardige toernooiplanner van te maken.
Kay van Soest lanceerde anderhalf jaar geleden Byte Me op bedrijventerrein Beverkoog. Zijn team bouwt software voor bedrijven, van mobiele apps en webapplicaties tot AI-integraties en koppelingen tussen bestaande systemen. “We doen niks standaard, het is allemaal maatwerk en het wordt van de grond opgebouwd”, benadrukt hij. Een eigen softwareproduct stond helemaal niet op de planning.
Maar dat veranderde vorig jaar al. Van Soest en een van zijn medewerkers spelen bij TC Bakkum. Hij is ook als vrijwilliger betrokken en sponsort nog wel eens wedstrijden. “Na een training zaten we een biertje te drinken en dachten we: kunnen we niet iets verzinnen waarmee we écht iets van waarde toevoegen.”
Ze kwamen uit bij digitalisering van het speelschema voor het Bakkum Dubbeltoernooi. De organisatie werkte ouderwets met namen op papiertjes, die dan op een groot bord werden gehangen om duidelijk te maken wie wanneer op welke baan moesten spelen. En dan na de wedstrijd werd het papiertje van het bord gehaald om de uitslag erop te schrijven. (tekst gaat verder onder de foto)
Kay van Soest demonstreert de toernooiplanner Match Me op groot scherm. (foto: Streekstad Centraal)
“‘s Avonds gingen de dames al die scores in het systeem zetten. Het werkt op zich goed, maar soms raakt zo’n papiertje kwijt en of werd wel eens iets niet goed genoteerd”, licht Van Soest toe. “Wat de dames ook vervelend vonden was dat ze soms moesten zoeken naar spelers.”
“Gewoon even een simpel appie maken met al die wedstrijden erin en als iemand dan zich komt melden, dan vink je die even aan op je tablet of je telefoon. En op het moment dat de speler de baan op kan, krijgt diegene een whatsappje”, dat was het idee. “Daarna dachten we dat het wel grappig zou zijn om ervoor te zorgen dat je op een TV ziet wie op welke baan speelt. En toen dachten we: we kunnen met AI wel laten omroepen dat een wedstrijd begint, bijvoorbeeld op baan 3 start een wedstrijd met die en die spelers. Dat kan prima met AI.”
Van Soest en zijn team flansten het programma in een weekje in elkaar. “We hadden het heel simpel opgezet. Gewoon puur snel voor onszelf. Dat was leuk om te doen.” De software had ook nog niet eens een naam. (tekst gaat verder onder de foto)
Zo verliep de toernooiplanning bij TC Bakkum voordat deze werd gedigitaliseerd. (foto: aangeleverd)
Al was het programma simpel en naamloos, al tijdens Bakkum Dubbel vroegen mensen van andere clubs of zij er ook gebruik van konden gaan maken.De KNLTB werkt met toernooi.nl, maar dat schiet tekort voor echte toernooiplanning. Voor verkoop moest de software wel worden gepolijst. “Ik kon het zo niet zomaar bij een andere club neerleggen.”
Sinds april biedt Byte Me de toernooiplanner ‘Match Me’ aan, gekoppeld aan toernooi.nl. “Het bedrijf achter toernooi.nl wilde het overkopen, maar dat wilden wij niet. Het bestaat nog maar net en we vinden het gewoon leuk om eraan te werken. We hebben nog overleg gehad over samenwerking, maar daar kwamen we niet uit.”
Volgens Van Soest zijn al rond honderd tennis- en padeltoernooien bij zo’n vijftig clubs georganiseerd met het systeem. “Kreeg ik een belletje vanuit een tennisclub in Breda. Hadden ze er daar blijkbaar lucht van gekregen. En nadat ze Match Me in gebruik hadden genomen, kwamen er belletjes vanuit andere clubs in de omgeving van Breda.” (tekst gaat verder onder de foto)
Op je tablet of mobieltje even namen voor het tennis- of padeltoernooi invullen, zó gedaan (foto: Streekstad Centraal)
Kayleigh Vonk van TC Bakkum is erg blij met de toernooiplanner: “Qua gemak en tijd maakt het enorm veel verschil. Wij zitten vaak helemaal vol en dan hebben we vijf, zes soms acht wedstrijden opgelijnd staan voor de volgende vrije baan. Het zoeken naar spelers kostte ook veel tijd want het park staat vol mensen en soms zitten ze ergens achter de baan. Dat werkt met whatsapp nu echt top en het zorgt ervoor dat we daar veel minder tussen hoeven te zitten. Plus het omroepsysteem met de schermen is top en geeft ook op het park een geinig sfeertje.”
De wedstrijdorganisatie van TC Bakkum heeft meegeholpen met de opzet van Match Me, vertelt Vonk. “We hebben op een aantal specifieke punten meegedacht. Met hun eigen kennis kwamen ze een heel eind, maar wij hebben natuurlijk de gebruikerservaring die heel belangrijk was in de ontwikkeling.” (tekst gaat verder onder de foto)
Tennisclub Bakkum heeft bij elkaar negen banen en een minibaan. Een toernooi kan dus behoorlijk wat vragen van de organisatie. (foto: TC Bakkum)
Rijst de vraag aan Kay van Soest: waarom bestaat zo’n eenvoudige toernooiplanner niet al veel langer? Hij gooit zijn armen op en lacht. “Ja, geen idee, heel moeilijk is het niet. Maar ja, je moet het evengoed toch wel even bouwen.”
Byte Me hangt Match Me voorlopig niet aan de grote klok. “We doen eigenlijk niet zo heel veel aan marketing”, vertelt Van Soest. “Je wilt niet meteen duizend klanten, dat kunnen we helemaal niet aan.”
Maar Van Soest is wel van plan om de toernooiplanner extra mogelijkheden te geven, en om uit te breiden naar andere sporten. “Maar dan hebben we wel hulp nodig van mensen die echt thuis zijn in die sporten. Ik denk dat er op het gebied van sport en software nog best veel te halen valt.”
Hét geluid van Power Valley is natuurlijk dat van ronkende motoren, trekkers die hun weg banen, publiek dat daar enthousiast op reageert. Maar hét woord van de editie van dit jaar, tegen wil en dank: ransuil. Toch niet een term die in andere jaren direct met Power Valley in Geestmerambacht werd geassocieerd, maar dit jaar kon niemand om die vogel heen.
En wel letterlijk niet, want de voorjaarseditie van dit spektakel kon niet doorgaan omdat in het Geestmerambacht een broedende ransuil was gezien. Een beschermde vogel die niet gestoord mag worden, dus alles moest worden afgelast. Tot verdriet van de organisatie.
‘Balen’, in de woorden van Roos Liefting, mede-organisator van Power Valley, als zij erover spreekt met NH, mediapartner van Streekstad Centraal. Maar gelukkig werd er met ze meegevoeld en meegedacht in het pulling-wereldje. Met een beetje kunst- en vliegwerk kon er tóch een Power Valley worden georganiseerd, dit weekend. (tekst gaat door onder de foto)
Roos Liefting is zaterdag helemaal in haar element. (foto: NH)
Wel maar één dag in plaats van twee, iets kleinschaliger dus. Maar de motoren konden tenminste loeien tijdens deze herkansing. Van een broedseizoen is in september gelukkig alllang geen sprake meer.
Al die stoere techniek, dat is handwerk, zelfbouw, wijst deelnemer Bram Liefting. Ja, de broer van. En zoon van. Bij de familie Liefting zitten de trekkers er duidelijk van jongs af aan in.
Dat gold ook voor het publiek: jong én oud keken toe op de wedstrijden, niet zelden in de combinatie ‘zo vader zo zoon’. Ze hadden er dan wat maanden langer op gewacht, tóch was het genieten, op deze winderige zaterdag in het Geestmerambacht.
Trampolinespringen staat sinds Sydney 2000 op het programma van de Olympische Spelen. Toch moeten springers reis- en verblijfskosten voor internationale toernooien zelf betalen. Thalissa Wijkstra gaat in november naar het WK in China en droomt van de Spelen van 2028 in Los Angeles. “Het plaatsen lukt wel, maar het geld is een dingetje.”
De 17-jarige Thalissa heeft een aanzienlijke internationale erelijst bij de jeugd en junioren. Zo won ze in 2022 zilver op het WK en in 2024 zelfs goud op het EK. En ze timmert bij de dames senioren flink aan de weg. Ze behaalde meerdere Worldcup finales, werd zelfs eens tweede, en debuteerde op het ‘grote’ WK. Ze lijkt dus mooi op koers naar de Olympische Spelen in 2028. Qua prestaties dan. Financieel, dat is een heel ander verhaal.
In 2019 werd trampolinespringen officieel Olympisch en aan het programma van Sydney 2000 toegevoegd. Groot feest in het wereldje. Maar, omdat het NOC en de KNGU (zeg maar de turnbond) weinig medaillekansen zagen, krijgen springers geen financiële steun. Ook niet voor deelname aan de internationale toernooien die toegang bieden tot WK’s, EK’s en de Spelen, legt Thalissa’s trainer Sven Mooij uit aan Streekstad Centraal.
“Voor de sporters die naar internationale wedstrijden gaan is crowdfunding en sponsoring gewoon de enige manier om geld te krijgen.” (tekst gaat verder onder de foto)
Thalissa Wijkstra is Sportvrouw van Alkmaar. Bij De Meent, waar ze wekelijks vele uren traint, prijkt haar afbeelding op een van de zuilen. (foto: Streekstad Centraal)
“Zeker het WK in China zoals eind dit jaar, dat wordt geraamd op 6.000 euro, dat is een héél bedrag”, aldus Mooij. En voor kwalificatie voor grote kampioenschappen is hoge klassering op één wereldcup of kampioenschap niet genoeg. “Minimaal vier, maar je beste drie of vier tellen mee.”
Dat betekent dus zeker vier keer per jaar zelf álle reis- en verblijfskosten betalen. Gelukkig was één van de wereldcups dit jaar in het Alkmaarse Sportcomplex De Meent, bij haar club Triffis thuis.
Thalissa zit in het crowdfundprogramma ‘Talentboek’ van schaatsgrootheid Yvonne van Gennep. Sporters kunnen zo geld inzamelen om hun dromen te realiseren. De jonge Alkmaarse heeft een crowdfundpagina voor haar ‘road to’ het WK in China en Olympische kwalificatie. Begin dit jaar had ze er eentje voor het EK 2026 in Portugal met als streefbedrag 4.000 euro. Het leverde 850 euro op. De teller voor de lopende actie staat op ruim 1.800 euro, met nog 41 dagen te gaan.
“Ik ben op zoek naar bedrijven die grote bedragen kunnen leveren”, vertelt Thalissa Grote klappen, gauw in China. “Maar alle beetjes helpen natuurlijk.”
Het water is eruit, de zwemmers zijn naar huis en de honden hebben weer hun waterpret gehad. Tijd om de bijna antieke techniek in de machinekamer uit elkaar te halen. Na een zomer met meer dan 65.000 bezoeken is bij zwembad Het Baafje in Heiloo donderdag officieel de grote opknapbeurt begonnen. En daar klinkt vooral opluchting over. “Met fingers crossed zijn we het seizoen doorgekomen”, vertelt wethouder Greet Burkels.
Want terwijl buiten duizenden Heilooërs afgelopen zomer genoten van het water, draaide achter de schermen techniek die deels bijna net zo oud is als het zwembad zelf. Het Baafje stamt uit 1970. Onderdelen werden de afgelopen jaren vervangen of met noodreparaties aan de praat gehouden. Sommige onderdelen waren zelfs niet meer te koop en moesten speciaal worden gemaakt. (tekst gaat verder onder de foto)
Het seizoen zit erop voor zwembad Het Baafje, tijd voor groot onderhoud. (foto: Streekstad Centraal)
Nu gaat vrijwel alles eruit. Pompen, leidingwerk en filters worden vernieuwd. Ook de badmeesterpost wordt aangepakt en beschadigd tegelwerk in het 50-meterbad wordt hersteld. De nieuwe installatie moet bovendien zuiniger en milieuvriendelijker worden.
Voor Greet is Het Baafje meer dan een gemeentelijke voorziening. Ze kwam in 1975 als vijfjarige naar Heiloo en zwom er zelf heel wat baantjes en zwemvierdaagses. “Ik weet daarom ook hoe belangrijk dit bad is voor de inwoners van Heiloo.” (tekst gaat verder onder de foto)
Wethouder Greet Burkels kent het zwembad al sinds zij als vijfjarige naar Heiloo kwam. (foto: Streekstad Centraal)
Als alles volgens planning verloopt, merken de zwemmers straks weinig van de nieuwe techniek. En precies dat is volgens projectleider Frank van de Weijer de bedoeling: “Er gebeurt heel veel. Het is heel veel techniek en het is heel ingewikkeld. Maar als het goed is, dan weet niemand dat het er is.” (tekst gaat verder onder de foto)
Een deel van de techniek die moet worden vervangen, is al bijna zestig jaar oud. (foto: Streekstad Centraal)
De gemeenteraad stelde eerder 900.000 euro beschikbaar voor de nieuwe technische installatie. Het werk moet voor het nieuwe zwemseizoen klaar zijn. Volgend jaar blijft Holland Sport Het Baafje exploiteren; voor de jaren daarna bereidt de gemeente een aanbesteding voor een periode van vijf jaar voor.
Negen medailles, drie Nederlandse titels en een groep jonge atleten die elkaar naar steeds betere prestaties stuwt. Voor de junioren van atletiekvereniging Hylas kon het NK in Amsterdam afgelopen weekend bijna niet beter gaan. Volgens Hylas keerden de Alkmaarse junioren nooit eerder met zoveel eremetaal terug van een Nederlands kampioenschap. En het zijn niet één of twee uitblinkers die alle prijzen pakken: het succes komt uit de hele groep.
“Het is fantastisch, we hebben nog nooit zo goed gepresteerd op een NK”, vertelt Rudmer Heerema van Hylas trots aan Streekstad Centraal. “Het gaat om een hele jonge groep die elkaar iedere keer weer inspireert om goede resultaten te behalen.”
De junioren onder dertien en veertien jaar verzamelden zondag drie gouden, vijf zilveren en één bronzen medaille. De meisjes onder dertien deden daar nog een mooie prestatie bovenop: zij wonnen het medailleklassement.
Benthe Heerema pakte goud bij het discuswerpen en bleef de nummer twee ruim vijf meter voor. Daniëla Grootjes sprong bij de meisjes onder dertien met 5,01 meter naar de Nederlandse titel bij het verspringen. Haar afstand was zelfs verder dan die van de winnares bij de meisjes onder veertien. (tekst gaat door onder de foto)
Rudmer Heerenma (midden) is erg trots op wat de junioren hebben gepresteerd tijdens het NK in Amsterdam. (foto: Streekstad Centraal)
Het derde goud ging naar Eva Diepering. Zij liep op de 1000 meter twaalf seconden van haar persoonlijk record af en finishte in 3.09,58. Ook pakte ze zilver op de 300 meter horden.
Verder waren er zilveren medailles voor Fenna Zonneveld bij het speerwerpen, Cato Klein bij het hoogspringen én op de 1000 meter en Vincent Orij op de 1000 meter. Bobbie Smit veroverde brons bij het kogelstoten.
Voor Heerema maakt vooral het grote aantal verschillende medaillewinnaars dit NK bijzonder. “Bij andere verenigingen zie je vaak één of twee kinderen die veel winnen. Maar bij ons zijn het er, zoals je ziet, echt veel meer.” (tekst gaat door onder de foto)
De jonge Hylas-atleten trainen niet alleen op hun favoriete onderdeel, maar krijgen alle onderdelen van de atletiek mee. (foto: Streekstad Centraal)
Volgens Heerema helpt het dat de jonge atleten het onderling goed met elkaar kunnen vinden. De trainers Olav en Sven Mulder spelen een belangrijke en cruciale rol in de ontwikkeling van de kinderen. “Ze trainen veel, maar je ziet echt dat iedereen het leuk vindt.” De kinderen richten zich daarbij niet alleen op één onderdeel. “Ze trainen echt op alle onderdelen van de atletiek.” Die brede training betaalt zich nu uit tijdens wedstrijden, stelt Heerema.
En het seizoen is nog niet voorbij. Het NK meerkamp, de landelijke competitiefinale en het NK estafette staan nog op het programma. Sommige Hylas-atleten doen daarbij nu al goed mee tussen kinderen die een jaar ouder zijn. “Dus dat belooft wat voor volgend jaar.”
Tegelijkertijd kijkt Hylas niet alleen naar prestaties op de baan. De vereniging wacht op het onderzoek naar een mogelijke nieuwe locatie in Alkmaar. Heerema hoopt dat de prestaties goed laten zien wat er in Alkmaar rondloopt. “We hopen dat de gemeente inziet dat wij het nodig hebben. Anders zou het erg zonde zijn als we niet meer kunnen groeien.”
Het zat, of beter: lag níét mee deze keer. Maar de deelnemers van de beddenrace in Noord-Scharwoude zetten door, ondanks de stevige plensbuien die het sportieve element teisterden. De beddenrace mag voor een deel van het deelnemersveld dan ‘ludiek’ zijn, de wedstrijd is toch serieus genoeg om er een nat pak voor over te hebben.
“Ik kom uit Langedijk, dan moet je wel”, lacht deelneemster Marinel in gesprek met Streekstad Centraal. Ze racet samen met Femke, die er voor de eerste keer bij is. Dat laatste geldt zeker niet voor Marinel: “Ik kom hier al jaren.”
Echt hárd zullen Marinel en Femke niet gaan, kondigen ze voorafgaand aan de race aan. Het gaat voor hun vooral om de lol die ze eraan beleven. De voorbereiding is daar deel van. (tekst gaat door onder de foto)
De strijd tegen de elementen werd niet helemaal met winst afgesloten, maar dat mocht de pret niet drukken. (foto: Streekstad Centraal)
Voor Iggy en Thomas is de beddenrace van Bedspecial het juist wél een serieuze wedstrijd. “Voor mij is dit het vierde jaar”, verklaart Iggy. Thomas: “Voor mij de vijfde keer.” Het doel: winnen.
“De eerste plek bij de jeugd en zo lang mogelijk aanhaken bij de heren”, omschrijft Iggy de ambities. “Wij lopen altijd de 2,5 uur uit en proberen dan zo hoog mogelijk te eindigen bij de heren. We trainen twee keer in de week!”
Voor Marinel en Femke telt niet de winst, maar het geld dat ze zo ophalen voor Museum BroekerVeiling. “Wij komen uit de museale wereld. We vinden dat er meer aandacht moet komen voor het behoud van objecten. Juist het werk achter de schermen, wat minder bekend is.”
Concreet hebben ze het dan over de bestrijding van houtworm, maar als vanzelf gaan de gedachten deze zaterdag naar de risico’s van waterschade. Alles wat ze voorbereid hadden: doorweekt. Zijzelf, als we ze na hun race weer spreken: ook doorweekt. (tekst gaat door onder de foto)
De finish, na een uitputtende tocht door weer en wind… (foto: Streekstad Centraal)
Iggy en Thomas zijn behalve nat ook ‘kapot’, laten ze weten, maar hun sportieve inzet heeft zich uitbetaald: “Eerste bij de jeugd en vierde bij de heren, dus prima.” Doel behaald.
Zo is het ook voor organisator Jilles Witte. Wat de organisatie zelf in de hand heeft, dát liep toch op rolletjes. Het weer is nou eenmaal niet te controleren. “We zagen de week van tevoren al dat het niet beter weer zou worden. En dat merk je nu dus ook. Ja, dit heb je nou eenmaal. Het is een buitenevenement en beter dan dit kunnen wij het ook niet maken. We hebben tenten neergezet en hier ook een tent. Dus ja, we moeten het ermee doen, helaas.”
Voor echt noodweer is natuurlijk een protocol, zegt Witte, maar dat was deze keer nog niet nodig. Die Langedijkers zijn niet van suiker – en reken maar dat Langedijkers deze wedstrijd máken. “Toevallig is mijn oom dit ooit begonnen, bij negen eeuwen Langedijk”, vertelt Witte. “Daarna heeft mijn vader het wat jaren gedaan. En nu, sinds tien jaar, doet mijn neef het met een clubje. En sinds drie jaar zit ik er ook bij. Dus ja, het zit in de familie!”