Met een voorzichtig winterzonnetje door de ramen van Schaatsbaan De Meent en het herkenbare, ritmische geluid van ijzers op ijs, hing er zaterdagmiddag een bijzondere sfeer in Alkmaar. Tijdens het NK Masters Marathon stonden niet de twintigers centraal, maar schaatsers die al een flink aantal levensjaren – én rondjes – achter de rug hebben. “Ik ben geen twintig meer.”
Op het programma staan twee NK-marathons. In de eerste wedstrijd kwamen de vrouwen en de mannen van 60 en 70 jaar en ouder in actie. Zij rijden 60 ronden. Daarna volgt de tweede marathon, waarin de mannen van 40 en 50 jaar aan de start verschijnen voor een koers van 75 ronden.
Langs de baan klinkt regelmatig een zucht. “Ik ben geen twintig meer,” mompelt een schaatser terwijl hij zich vastklampt aan de boarding om zijn hamstrings nog één keer goed op te rekken. Een ander lacht hardop na een iets te enthousiaste afzet. “Dat voelde ik meteen in mijn rug.” Toch is er geen spoor van gelatenheid. Integendeel: wie goed kijkt, ziet fanatisme in zijn puurste vorm. Warming-ups langs de baan, geconcentreerde blikken, zorgvuldig aangetrokken schaatsen en serieuze rek- en strekoefeningen. Ze doen het misschien voor de lol, maar wel met een duidelijk doel. (tekst gaat door onder de foto)

Het NK Masters is bedoeld voor schaatsers die de (top)sportjaren achter zich hebben gelaten, maar de liefde voor het ijs nooit zijn kwijtgeraakt. En dat is te merken. Het tempo ligt misschien iets lager dan bij de andere leeftijden, maar de strijdlust is onveranderd. Elke bocht wordt serieus genomen, elke aanval zorgvuldig opgebouwd. Het ijs kraakt, de schaatsen snijden en bij elke doorkomst klinkt er applaus. “Netjes hoor!”, “Goed tempo!” en “Blijven hangen!” galmt het langs de baan.
Ook voor de toeschouwers heeft het evenement iets bijzonders. Velen vinden het ontzettend leuk om eens aan de andere kant van de boarding te staan in plaats van op het ijs. Geen stress om een eigen start, maar juist genieten van bekenden op het ijs. “Normaal sta ik hier zelf,” vertelt Suzan, een van de fanatieke aanmoedigers langs de kant. “Maar dit is minstens zo leuk. Het is even iets anders zo op de zaterdagmiddag.”
Een meisje langs de baan kijkt glunderend toe terwijl haar opa voorbij schaatst. “Kom op opa!” roept ze enthousiast. “Opa komt altijd kijken bij mijn sportwedstrijden,” vertelt ze trots. “Nu is het leuk om hem bezig te zien. Ik wist niet dat hij nog zó fanatiek was.” (tekst gaat door onder de foto)

Een vrouw staat iets verderop met een thermoskan koffie langs de baan en volgt elke ronde aandachtig. Haar man van boven de 70 rijdt mee in de 60-rondenkoers, laat ze Streekstad Centraal weten. “Thuis klaagt hij soms dat alles wat stijver wordt,” vertelt ze lachend. “Maar hier op het ijs zie je hem helemaal opleven. Dan is hij weer even helemaal in zijn element.” Bij elke doorkomst klapt ze enthousiast mee. “Als hij straks klaar is, zegt hij vast dat het zwaar was. Maar hij zal glimmen van trots.”
Tussen de wedstrijden door blijft het onrustig langs de boarding. Schaatsers praten hun koers na, wisselen tips uit en trekken extra laagjes aan of uit. “Even herstellen en dan weer door,” klinkt het nuchter. Het fanatisme verdwijnt niet zodra iemand van het ijs stapt; ook na afloop worden rondetijden besproken en tactische keuzes geëvalueerd. (tekst gaat door onder de foto)

Zo staat even verderop een schaatser die als een van de eerste over de finish kwam, nog licht hijgend na te praten met een ploeggenoot. Tevreden oogt hij niet helemaal. “Die ene bocht had ik slimmer moeten rijden,” zegt hij kritisch. “Daar verlies ik het.” Hoewel het podium lonkt, blijft hij realistisch. “Ik had het vandaag net niet. Dat merk je gewoon.” De verklaring zoekt hij niet in pech of materiaal, maar in zichzelf. “Ik word toch weer een jaartje ouder. Dat voel je, vooral aan het einde.”
Toch overheerst ook bij hem het plezier. Met een glimlach kijkt hij nog één keer richting het ijs. “Maar ach,” voegt hij eraan toe, “dat we hier überhaupt nog staan en dit kunnen doen, dat is al winst.” Als de laatste schaatsers het ijs verlaten en de hal langzaam leegstroomt, blijft vooral dat gevoel hangen. “Een zeer geslaagde schaatsmiddag!”
