De 25-jarige Daniël B. uit Alkmaar is veroordeeld tot bijna vier maanden gevangenisstraf voor een reeks verkeersdelicten. De rechtbank straft hem daarmee zwaarder dan het Openbaar Ministerie had geëist. Vooral dat B. een 77-jarige fietsster uit Heiloo na een botsing gewond achterliet en vervolgens zonder rijbewijs wegreed, rekent de rechtbank hem zwaar aan. De vrouw overleed een dag later aan haar verwondingen.
Het ongeluk gebeurde op 24 april vorig jaar op de Kennemerstraatweg in Alkmaar. B. stak tussen geparkeerde auto’s het fietspad over en keek volgens de rechtbank niet goed uit. Daardoor kwam hij in botsing met de fietsster. Zij viel en liep ernstig hersenletsel op.
De vrouw schreeuwde na haar val nog. Volgens de rechtbank had B. daarom kunnen weten dat zij gewond was geraakt. Toch bood hij geen hulp, belde hij de hulpdiensten niet en liep hij naar zijn auto. Vervolgens reed hij weg, terwijl hij geen rijbewijs had. (tekst gaat verder onder de foto)

De 77-jarige vrouw overleed de volgende dag aan het opgelopen hersenletsel. B. is echter niet veroordeeld voor het veroorzaken van haar dood. Het Openbaar Ministerie stelde tijdens de rechtszaak al dat juridisch niet kon worden bewezen dat B. schuld had aan een dodelijk verkeersongeval en vroeg daarvoor vrijspraak. Wel acht de rechtbank bewezen dat hij gevaar op de weg veroorzaakte en het slachtoffer hulpeloos achterliet.
Daar bleef het niet bij. B. werd later opnieuw betrapt op rijden zonder rijbewijs. Ook reed hij bij een van de latere incidenten onder invloed van drugs en alcohol. De rechtbank neemt het hem kwalijk dat hij ondanks de fatale afloop van het ongeluk op de Kennemerstraatweg doorging met het overtreden van verkeersregels.
De Alkmaarder krijgt een gevangenisstraf van bijna vier maanden, een boete van 200 euro en een rijverbod van een jaar. Daarmee is de straf van de rechtbank zwaarder dan het Openbaar Ministerie had geëist. De officier van justitie vroeg om twaalf weken cel, waarvan twee weken voorwaardelijk. De rechtbank vindt dat die straf onvoldoende recht doet aan de ernst van de bewezen feiten. (tekst gaat verder onder de foto)

B. was twee weken geleden zelf niet aanwezig bij de behandeling van zijn zaak. Ook zijn advocaat en de reclassering kregen geen contact met hem. De zaak werd daarom bij verstek behandeld.
Streekstad Centraal schreef vorige week uitgebreid over de bijzondere voorgeschiedenis van de zaak. B. zat eerder een gevangenisstraf van vierenhalf jaar uit voor grootschalige wapenhandel. Nadat hij een deel daarvan had uitgezeten, kwam hij voorwaardelijk vrij. Alle verkeersdelicten waarvoor hij nu is veroordeeld, werden gepleegd tijdens die voorwaardelijke invrijheidstelling.
Het Openbaar Ministerie wilde na vragen van Streekstad Centraal vanwege de privacy van B. niet vertellen welke maatregelen tijdens die proeftijd zijn genomen. Daardoor blijft onduidelijk of na de nieuwe verdenkingen is overwogen zijn voorwaardelijke invrijheidstelling in te trekken. Die liep uiteindelijk in december vorig jaar af.
