[Lijsttrekkersgesprek] Eva van Gulick van Volt: langetermijndenken en duurzaamheid in de stad

Vrouw met koptelefoon spreekt in microfoon in een studio. Op de achtergrond een scherm met "Streekstad Centraal" tekst.

In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen sprak Streekstad Centraal met alle lijsttrekkers in Alkmaar. In dit vraaggesprek staat Eva van Gulick centraal, fractievoorzitter en lijsttrekker van Volt in Alkmaar. Zij gaat in op waar Volt voor staat, met aandacht voor internationale samenwerking, het benutten van Europese kansen, cultuur en duurzaamheid in de stad.

Wie is Eva van Gulick?
“Ik ben geboren en getogen in Alkmaar, en heb eigenlijk altijd in de buurt van het centrum gewoond. Op dit moment ben ik woonachtig in het centrum van Alkmaar. Ik ben 43. Ik heb een vriend en een dochter van vijftien en een achtergrond in de sociale hoek, dus ik kom uit het maatschappelijk werk, sociaal-cultureel werk, en ik heb jobcoaching gedaan en ondertussen ben ik ook nog in het onderwijs beland. Sinds een jaar ben ik politiek zeer actief. Ik ben lid geworden van Volt na de vorige Tweede Kamerverkiezingen. Ik was behoorlijk geschrokken van de uitslag, en met mij denk ik vele mensen die wat meer aan de linkerkant van het spectrum zitten.”

Waar schrok je precies van bij die uitslag?
“Van de opkomst van rechts en ook van het anti-Europese geluid, wat natuurlijk tegenovergesteld is aan wat Volt wil. Zeker op mijn werk, in Amsterdam Zuidoost, sloeg dat echt in als een bom. Ik heb echt huilende collega’s gehad. Dus dat was echt heftig. Ik denk dat het wel een week of twee, drie heeft geduurd voordat iedereen weer een beetje gesetteld was. Toen dacht ik: nu moet ik in beweging komen.”

Waarom juist bij Volt?
“Omdat ik heel erg voor Europa ben. Ik denk dat wat je op dit moment ziet gebeuren in de wereld alleen maar het belang van Europa, één Europa en één stem groter maakt. De problemen die er nu spelen zijn niet lokaal op te lossen. Daar moet veel meer voor worden samengewerkt. Ik wil dat dat geluid een duidelijkere stem krijgt. En dat doe je door lid te worden van een partij, want dan wordt die partij groter.”

Waarom vond je dat geluid niet bij andere partijen?
“Vooral het nieuwere geluid trekt mij heel erg. Ik denk dat wat er tot nu toe is veelal in herhaling valt en niet echt veel voor elkaar krijgt. En ik denk dat Volt de stem van jongeren politiek gezien beter vertegenwoordigt en meer een toekomstplan heeft.”

Waarom zouden Alkmaarders op 18 maart op Volt moeten stemmen?
“Wat je in Alkmaar nu heel erg ziet, is dat het allemaal heel erg voor de eigen achterban is en heel erg korte-termijndenken. Als je kijkt naar de overlast van daklozen in het Hoefplan. Dan moet die opvang daar weg en wordt die verplaatst. Daarmee verplaatst ook de overlast. Het probleem wordt opgelost voor deze groep, maar op een andere plek ontstaat het weer. Langetermijn denken is dan beter.”

Hoe zou Volt dat anders aanpakken?
“Je moet veel meer inzetten op hulpverlening en kijken naar wat de doelgroep zelf nodig heeft. Waar hebben zij behoefte aan om die overlast te laten stoppen? Ze worden niet ’s ochtends wakker met het idee: ik ga vandaag voor overlast zorgen.”

Jullie kijken dus anders naar veiligheid dan alleen handhaven?
“Ik denk dat meer boa’s op straat kan helpen. Maar het beboeten van dakloze mensen heeft geen zin. Van een kale kip kan je niet plukken. Een gebiedsverbod is ook symptoombestrijding. Je moet veel meer kijken naar waar iemand behoefte aan heeft. Waarom zit iemand op straat? Wat speelt daar? En daar veel meer in investeren. Dat gebeurt nu weinig omdat er te weinig hulpverlening is. Mensen uit de opvang geven zelf ook aan dat keuzes die zijn gemaakt niet altijd handig zijn. Wat deze mensen nodig hebben is veel meer ondersteuning en die is er nu te weinig.”

Wat wil je zeggen tegen inwoners die zich onveilig voelen?
“Ik kan me heel goed voorstellen dat je je onveilig voelt. Maar je moet ook kijken: wat maakt dat jij je onveilig voelt? En wat heeft de andere groep nodig om dat gevoel niet te veroorzaken? Ontmoeting is daarbij belangrijk. Als je elkaar niet kent, wordt de ander eng. Met ondersteuning kan je samen kijken waar beide groepen behoefte aan hebben. Die expertise is er al in Alkmaar.”

Volt denkt Europees. Zijn er onderwerpen waarvan je vindt dat ze niet lokaal thuishoren?
“Dat zou ik zo niet één, twee, drie weten. Maar ik denk wel dat we veel meer over onze grenzen heen moeten kijken. We hoeven het wiel niet altijd uit te vinden, en ik denk dat heel veel mensen daar wel vaak mee bezig zijn. We kunnen heel veel leren van wat er in andere gemeentes gebeurt, zowel binnen als buiten de landsgrenzen. Bijvoorbeeld de Skaeve Huse, naar Deens model. Of woningbouw met kleinere woningen, maar met meer community eromheen, zoals een gezamenlijke woonkamer of een huismeester. Dat werkt in andere steden heel goed.”

Dus het is eigenlijk helemaal niet zo Europees, maar meer dat je dat lokaal wil? 
“Het is niet dat we het lokaal willen, maar dat we van Europees voorbeeld kunnen leren. We hoeven niet alles Europees op te lossen. Ik ben er niet voor dat er een Europese regering komt die alles ook op lokaal niveau zou bepalen, want dat werkt niet. Maar ik denk wel dat we veel meer kunnen leren van elkaar en meer naar elkaar kunnen kijken.”

Volt is nieuw in Alkmaar. Wat doen jullie fundamenteel anders dan andere partijen in Alkmaar?
“Wij proberen veel meer lange-termijn te denken. Niet alleen kijken hoe we een probleem nú oplossen, maar hoe Alkmaar leefbaar blijft voor iedereen. We zijn er niet alleen voor onze eigen achterban, maar voor iedereen die in Alkmaar wil wonen. Bijvoorbeeld bij jongeren. Er is weinig aanbod voor jongeren waardoor ze wegtrekken. Dat zorgt er op de lange termijn ook weer voor dat er misschien te weinig jongeren hier in de stad zijn.

Wat bedoel je met aanbod?
“Alles. Wonen is natuurlijk een probleem. Ik hoorde laatst iemand die zei dat ze blij is met de woningnood, want dat betekent dat haar kind wat langer thuis blijft wonen. Maar ik denk dat de meeste jongeren wel op een gegeven moment de deur uit willen. Ik denk dat je dat ook veel meer moet faciliteren als stad. Dat zelfde geldt voor cultuur. Het culturele aanbod is vrij mainstream. Het mag wel wat gekker, wat meer out of the box. Alkmaar heeft geen nachtleven meer. We moeten het culturele aanbod beter verspreiden over de hele gemeente, niet alleen in het centrum.”

Alles moet betaald worden. Waar zou Volt op besparen?
“We zijn eerder voor een verzwaring van de lasten dan voor het schrappen van voorzieningen. Als je voorzieningen schrapt, tref je altijd de meest kwetsbare groepen. Wij vinden dat de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen. en dat kan soms betekenen dat er misschien iets meer betaald moet worden om wel de voorzieneingen voor de kwestbare groepen op peil te kunnen houden en daar niet vanaf te gaan snoepen. De lasten in Alkmaar zijn laag, en dat mag wat zwaarder. Dat is op de lange termijn in het belang van de stad.”

In een dilemma moest je kiezen tussen economie of milieu. Je kiest voor milieu. Waarom? 
“Omdat duurzaamheid en klimaat iets is waar Volt graag in investeert. Ook weer vanwege dat lange termijn idee. Het is belangrijk dat we op de lange termijn goed voor onze planeet zorgen en dan staat milieu toch wel bovenaan. Ik denk als we het milieu niet op één zetten dat er uiteindelijk ook niet zo heel veel economie overblijft.”

Volt denkt natuurlijk erg Europees. Moet een gemeenteraad zich bezighouden met Europa?
“Ja. Ik denk dat je je als gemeente ook wel bezig kan houden met Europese zaken. Ik denk dat we heel veel aan Europa kunnen hebben. Er zijn veel Europese subsidies waar we gebruik van kunnen maken, maar die worden lang niet altijd benut.”

Waar denk je dan aan?
“Ik denk aan internationale samenwerking. Er zijn behoorlijk wat cultuursubsidies vanuit Europa waar je hele mooie projecten mee kunt opbouwen. Er zijn ook duurzaamheidssubsidies en klimaatsubsidies. In Alkmaar wordt daar al wel gebruik van gemaakt, maar de gemiddelde Alkmaarder weet dat eigenlijk helemaal niet. Ik denk dat we moeten kijken of we die lijnen met Europa inzichtelijker kunnen maken en duidelijker laten zien wat een stad als Alkmaar eigenlijk aan Europa kan hebben. Als je bijvoorbeeld de wens hebt om een goed nachtleven te creëren in Alkmaar, kun je ook kijken of daar subsidies voor te krijgen zijn.”

Tot slot: wat wil je tegen de kiezer zeggen?
“Ik hoop dat mensen in Alkmaar het frisse geluid gunnen en daarom op Volt willen stemmen.”

Dit artikel is gebaseerd op de podcast Kiezen voor Alkmaar, waarbij Ger Welbers het gesprek aangaat met de lijsttrekkers van de 14 partijen die deelnemen aan de komende verkiezingen in Alkmaar.