Geen last van straatwervers meer bij AH Oudorp

Geschreven door

in

Het bord ‘Verboden voor straatwervers’ van de Albert Heijn in Oudorp blijkt een succes. Sinds het bord er staat, blijven straatwervers weg. Klanten klaagden over de vele wervers van goede doelen en ook van dagbladen, providers en energieleveranciers. Een aantal was daarbij behoorlijk opdringerig. Klanten en ook mensen die boven de AH wonen reageren volgens de eigenaar opgelucht.

 

„Klanten reageren opgelucht. Ik kreeg ook reacties van de mensen die boven de winkels wonen. Die zien die teams ook elke dag en werden er ook gek van.”

De AH-klanten kennen allemaal de straatwerfteams. Een vrouw vertelt dat ze nu een goed doel steunt voor een tientje per maand, nadat ze op straat voor Albert Heijn werd aangeklampt door een werver en een goed gesprek had. Ze heeft geen slecht gevoel over die donatie. Maar weet ze dat haar geld als eerste naar het wervingsbureau gaat? Vaak is het goede doel pas na een of zelfs twee jaar aan de beurt.

Geen klachten over straatwerfteams
Alkmaar laat weten geen klachten te krijgen over opdringerige straatwerfteams. Er zijn weinig regels. Alleen de inzameling voor goede doelen is tot op zekere hoogte gereguleerd, met het collecteplan van het CBF (Centraal Bureau Fondswerving) als richtlijn. Het CBF stelt vaste collecteperiodes vast. Zo wordt voorkomen dat goede doelen tegelijk de straat op gaan.

De meeste klanten negeren de straatwervers. Een vrouw zegt: ,,Gewoon doorlopen en vriendelijk zeggen dat je geen tijd of geen interesse hebt.” Ze zou veel makkelijker iets geven als er een collectebus stond: „Maar je kunt nooit eenmalig doneren, je zit altijd vast aan een maandelijkse donatie.”

Straatkrantverkoper
Albert Heijn in Oudorp heeft ook een vaste straatkrantverkoper. „Die zie ik de laatste tijd niet meer”, zegt een andere klant. „Ik kocht altijd een krantje bij hem. Voor zulke mensen moet wel plek zijn hier.” Robin de Goede is ook niet van plan straatkrantverkopers te weren. „Die man die hier vaak zat, is niemand tot last. Die zat gewoon naast de ingang en hij was heel bescheiden; hij drong zich niet op.”