Steenhof van De Rijp naar Alkmaar: “Een museum waar alles te koop is”

Twee mensen poseren bij een marktkraam met rood-wit gestreepte luifel, omringd door spiegels, potten en decoratie

Geschreven door

in

Nee, het is geen kringloopwinkel. Je moet er echt niks komen brengen, zeggen René Steenhof en Tineke Missu er maar even bij. Maar een plek om lekker te snuffelen tussen oude spulletjes is het natuurlijk wél en die plek verhuist deze maand van het vertrouwde De Rijp naar een nieuwe plek in Alkmaar. “Kleding? Hebben we. Maar dan wel móóie kleding.”

Verkoopster Tineke kan het helder uitleggen: Steenhof is toch nét even wat anders. En dat heeft alles te maken met het werk van René Steenhof, de naamgever van Boedelzorg Steenhof. Hij wacht niet af tot mensen wat brengen, hij kijkt zelf wat er voor moois tussen oude inboedels zit. Huizen, bedrijven. En soms ook verlaten opslagboxen.

“Dat is een gok hoor”, vertelt de enthousiaste René in gesprek met Streekstad Centraal, als we een kijkje nemen in de nieuwe winkel in Overdie. “Je weet niet wat er in zo’n box zit. Je mag met een zaklamp even naar binnen kijken. Meer niet.” (tekst gaat door onder de foto)

Twee glimlachende mensen in een loods tussen met oranje zeilen afgedekte meubels, met houten spanten boven hen
Spulletjes liggen nog onder zeil, maar René en Tineke zijn er klaar voor. Achter hen de pashokjes. (foto: Streekstad Centraal)

Die opbergboxen zijn een avontuurlijk kantje van zijn vak. Mensen huren zo’n box om er spullen in te bewaren, maar het komt nogal eens voor dat de huur na verloop van tijd niet meer wordt betaald, er geen contact meer is, en de eigenaar van de box zegt: nu is het klaar.

“Dan worden die boxen geveild. Omdat je niet weet of er wat van waarde in zit is dat altijd spannend. We doen het wel, maar ik kijk wel hoe ver ik ga met bieden. Boxen zijn bijzaak hoor. Onze hoofdtaak is toch wel inboedels opruimen na een overlijden. Daar bellen mensen ons voor.”

Daar zullen mensen uit de streek zijn naam dan ook in de eerste plaats van kennen. Hij is er om nabestaanden werk uit handen te nemen, dat is de dienst die hij levert. ‘Bel die man maar als ik dood ben’, René weet dan wie er bedoeld wordt. “Het is heel veel mond tot mond reclame.” (tekst gaat door onder de foto)

Ouderwets wasbord met geribbelde metalen plaat in een zinken teil, met houten wringer erboven op een rommelige markt
Uit de geschiedenis van het huishouden: wassen toen het nog echt handwerk was. (foto: Streekstad Centraal)

Nabestaanden hebben hun dierbaarste herinneringen dan meestal al wel opgeruimd, al trof hij ook een keer gevulde urn aan. “Maar die hoefden ze niet te hebben. Het was toch een rotkerel, zei ze aan de telefoon.”

Het zijn de anekdotes die bijblijven. Net als natuurlijk die kleine missers: een kunstwerk dat wél waarde bleek te hebben, maar voor een prikkie in zijn winkel stond. (tekst gaat door onder de foto)

Bronzen beeld van een vrouw met opgeheven arm, naast een sierlijke gouden mantelklok met cherubijnen
Er is van alles te zien in de loods in Overdie. (foto: Streekstad Centraal)

“Ja, dat hoor ik dan liever niet, maar ach. De mensen die zoiets meemaken komen wel weer terug als klant, denk ik dan.”

René staat er merkbaar nuchter in. Hij maakt al in het huis zelf een selectie: dingen met echte waarde, dingen die afval zijn, en spulletjes die in zijn winkel op een koper mogen wachten. Zo stalde hij ze uit in een steeds grotere winkel in De Rijp.

Maar: “In De Rijp had ik intussen zó verschrikkelijk veel in opslag staan. Opslag kost alleen maar heel veel geld, dacht ik. Dus ik ben gaan zoeken naar een nóg grotere ruimte.” (tekst gaat door onder de foto)

Vijf stofzuigers met slangen op een tafel naast een aluminium trap, met ingelijste schilderijen aan de muur
Het is zeker niet alleen maar kunst en antiek wat de weg naar de winkel vindt. Nog werkende stofzuigers zijn een handeltje op zich. (foto: Streekstad Centraal)

In Alkmaar heeft hij straks ruim duizend vierkante meter tot zijn beschikking. Die meters vond hij op industrieterrein Overdie, in de Herculesstraat. Niet in de bekende Kringloopboulevard dus, maar goed bereikbaar, en daar gaat het om. Ook de vertrouwde klanten uit De Rijp en omgeving moeten hem hier weer kunnen vinden.

“De loop moet er nog wel in komen natuurlijk”, erkent René. “Maar hier om de hoek gaat een andere winkel weg.” Hij doelt op Kringloopcentrum Overdie, waar een Aldi voor in de plaats komt. Ook De Boekentuin zit tegenwoordig om de hoek. (tekst gaat door onder de foto)

Stapel zwarte en gekleurde winkelmanden naast een rek vol sleutelhangers in een loods met tweedehands spullen
Ook aan winkelmandjes is gedacht. (foto: Streekstad Centraal)

Tineke zal het vertrouwde van De Rijp wel een beetje missen. “Daar komen mensen ook echt voor het praatje. Dan kopen ze alleen maar een flesje Dreft. Dat is echt het dorp. Hoe dat hier gaat zijn, dat is afwachten.”

Ook René denkt meteen aan de vaste klanten, die hij natuurlijk wel hoopt terug te zien. Hij haalt nog de typering aan die één van die klanten aan zijn winkel gaf: een museum waar alles te koop is. Zó moet het hier ook worden.