De gemeente mag er dan vragen over hebben, de mysterieuze wegverbinding op bedrijventerrein Boekelermeer zorgt voor blije gezichten onder ondernemers. Waar Heiloo de illegale aanleg via een juridische procedure wil aanpakken, zien veel bedrijven de nieuwe route juist als de oplossing voor een probleem dat al jaren speelt.
De verbinding maakt het mogelijk om rechtstreeks tussen het Alkmaarse en Heilooër deel van bedrijventerrein Boekelermeer te rijden. Jarenlang ontbrak op de Middenweg een stukje van ongeveer vijftig meter, waardoor ondernemers en leveranciers telkens een flinke omweg moesten maken.
Dat zorgde al langer voor frustratie. Volgens Rob van der Wal van Ondernemend Heiloo werd er eerder al geprobeerd de afgesloten route toegankelijker te maken. “Later heeft iemand ook nog weleens wat grind van een shovel laten vallen om de weg wat comfortabeler te maken”, vertelt hij met een knipoog aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. “Nu heeft iemand het dichtgelegd en diegene zou ik willen bedanken.” (tekst gaat door onder de foto)
Rob van der Wal is net als veel andere ondernemers erg blij met de aangelegde weg. (foto: NH Nieuws)
Sinds kort ligt er een nette bouwweg van betonplaten. Wie de verbinding heeft aangelegd, dát is nog altijd in nevelen gehuld. Wél is duidelijk dat het werk vakkundig is uitgevoerd. Ondernemers op het bedrijventerrein spreken dan ook met bewondering over de raadselachtige wegenbouwer. “Ik denk dat hier een soort Batman van het bedrijventerrein aan de slag is geweest”, zegt een ondernemer. “Het is sowieso een legend.”
Volgens de ondernemers is de verbinding precies wat nodig was. Hoewel de doorgang maar net breed genoeg is voor verkeer uit één richting, levert dat al veel tijdwinst op. Bestuurders blijke in de praktijk netjes op elkaar te wachten wanneer er tegenliggers aankomen. (tekst gaat door onder de foto)
De illegale weg tussen Alkmaar en Heiloo zorgt voor gemengde reacties. (foto: Streekstad Centraal)
De gemeente Heiloo kijkt er toch heel anders tegenaan. Eerder werd al bekend dat de weg zonder vergunning is aangelegd. Daarom is een juridische procedure gestart om te achterhalen wie verantwoordelijk is voor de werkzaamheden. De gemeente wil de aanlegger aanspreken en verantwoordelijk houden voor de ontstane situatie.
Van der Wal begrijpt dat de gemeente moet optreden, maar vindt dat de discussie vooral laat zien hoe groot de behoefte aan de verbinding is. “Ik denk niet dat de dader zich moet melden. Dit is iets wat alle ondernemers al heel lang willen en wat de gemeente al jaren geleden had moeten realiseren.”
Een bootongeluk bij de Voormeer in Alkmaar heeft meer gevolgen voor de Amalia dan in eerste instantie gedacht. Het cruiseschip ontkwam weliswaar aan een volle aanvaring, maar nu blijkt een stang van de stuurinrichting krom. Daardoor is de Amalia nog zeker twee weken langer uit de vaart. “We huren nu een ander schip.”
Het is alweer drie weken geleden dat een flinke hotelboot de bocht in het Noordhollandsch Kanaal bij de Voormeer miste en tegen de Amalia en de boot die daar achter lag botste. Had het gevaarte een van de twee vol geramd, dan was deze zeker naar de bodem gegaan. Wat dat betreft valt het drama dus heel erg mee kapitein Yuri Roschar sprak nog van ‘mazzel’.
Maar ja, dan is het evengoed balen als de schade toch nog groter is dan aanvankelijk geïnventariseerd.
De Amalia ligt nu bij Damen in de Amsterdamse Oranjewerf . “We hebben gekeken of hij bij Witsen op het droge kon, maar zij hebben een rechte helling. Een geklonken schip als de Amalia kan dan vervormen en gaan lekken. De Oranjewerf heeft een langshelling en dan is dat geen probleem.” (tekst gaat door onder de foto)
Schipper Yuri Roschar beseft dat het erger af had kunnen lopen, maar toch zijn er zorgen. (foto: Streekstad Centraal)
Inmiddels is zo’n beetje alle schade gerepareerd: het roer, het hekwerk en de deuk in de achtersteven zijn allemaal weer in orde. Ook zijn de keerringen van de stuurcilinder vervangen. “Zeg maar de pakkingen die de olie in de cilinder houden”, legt Roschar uit.
“Maar bij de controle bleek dat de stang krom was en zo’n onderdeel ligt niet zomaar ergens op de plank. We hebben dus toch maar voor reparatie gekozen, maar dat kost evengoed nog twee weken. Voor een klein bedrijf is dat best wel een drama. Het is nu hoogseizoen.”
Wel is meteen van de gelegenheid gebruik gemaakt om extra werk te laten verrichten. “We hebben meteen de boegschroef laten vervangen, die had te eigenlijk te weinig vermogen. De nieuwe heeft twee keer zo veel vermogen”, vertelt de eigenaar. “We hebben ook meteen nog wat schilderwerk laten doen. Morgen gaat ie het water weer in.” (tekst gaat door onder de foto)
De Amalia op het droge voor de noodzakelijke herstelwerkzaamheden. (foto: Alkmaar Cruises)
Om in de tussentijd toch te kunnen varen huurt Yuri Roschar telkens een schip van een andere rederij als vervanger voor de vertrouwde Amalia. “We varen nu onder eigen vlag op een andere boot, met daarop een deel van onze eigen bemanning en de bemanning van het andere bedrijf.”
Dat zal aardig in de winst vreten. “Nou, ik hou er zo helemaal niks aan over”, reageert hij direct. Deze noodoplossing is dus vooral bedoeld om aan het werk te blijven en gasten niet teleur te hoeven stellen.
“Ik hoop dat de verzekering het allemaal gaat dekken”, zegt Roschar. Daarmee doelt hij niet alleen op de reparatiekosten, maar ook op de boothuur om toch te kunnen varen. “Het hangt echt van de verzekeraar af.”
Dat een Alkmaarse architectenbureau meedoet aan een ontwerpwedstrijd in Catalonië is al opmerkelijk genoeg. Maar BRTArchitecten, die samen met Cantallops Vicente Arquitectes tekende aan een vernieuwde campus voor ESDI Higher School of Design, ging verder dan dat. De visie sprak zó aan dat ze de wedstrijd wonnen en nu klaar zijn voor de volgende stappen.
ESDI is gevestigd in Sabadell, een zelfstandige stad in de directe nabijheid van Barcelona. Het opleidingsinstituut is gespecialiseerd in design, van mode tot architectuur. Daar ligt ook meteen de link met BRTArchitecten uit Alkmaar: Marc de Rooij, van dit bureau, heeft hier ooit college gegeven.
“ESDI valt onder Universitat Ramón Llull”, legt De Rooij uit in gesprek met Streekstad Centraal. “In 1989 richtte een stichting de universiteit op om de oude textielindustrie in Sabadell een boost te geven.” Vandaar dat mode en design er zo op de voorgrond staan. (tekst gaat door onder de foto)
Het nieuwe ontwerp moet meer licht in de universiteit brengen. (render: BRTArchitecten / Cantallops Vicente)
Sabadell had een grote textielindustrie, met ook de fabrieken en bedrijfspanden die daarbij horen. In zo’n gebouw bevinden zich de aula’s en kantoren van ESDI. Maar een deel van het complex staat nog leeg, zag De Rooij, en dat terwijl er zo’n vraag is naar studentenwoningen. “Wij dachten: dat is een kans om studenten op je campus te houden, zodat het een plek wordt waar ideeën ontstaan.”
Een ‘sticky campus’, dát was het toekomstbeeld dat De Rooij en zijn collega’s schetsten. “Wat wij uiteindelijk hebben gemaakt is groter dan de vraag van de wedstrijd eigenlijk was. We wilden het echt breder trekken. En juist dat sprak ze aan.”
Andere ontwerpers focusten vooral op de technische kant van de prijsvraag, keken naar oplossingen om moderne installaties in het gebouw te krijgen. Cantallops Vicente en BRTArchitecten kwamen met iets heel anders: licht, ruimte, groen. Een gebouw dat mensen uitnodigt om elkaar te ontmoeten. (tekst gaat door onder de foto)
Het nieuwe groene plein geeft de universiteit extra aantrekking, verwachten de ontwerpers. (render: BRTArchitecten / Cantallops Vicente)
“Als je nu binnenkomt is het vrij donker, maar er is een trappenhuis met een atrium”, legt De Rooij uit. Die natuurlijke lichtinval, in combinatie met de relatieve koelte van de kelderruimtes van het oude gebouw, is in de nieuwe plannen uitgewerkt tot een grote patio van boven tot onder. Wel zo fijn in een warm land.
“Maar Spanje is natuurlijk ook: buiten leven, elkaar buiten ontmoeten”, haalt De Rooij aan. De buitenruimte van ESDI is nu een saaie parkeerplaats tussen de blokken in, met een hek ervoor. Dat zien De Rooij en zijn collega’s graag anders: “Dat moet het groene hart van de universiteit worden!”
Buiten les geven, of er genieten van een filmfestival, live muziek, een voetbalwedstrijd – de gewonnen WK-finale nog vers in het geheugen. De Rooij ziet het voor zich en de mensen van de universiteit gaan graag mee in dat toekomstbeeld.
“Het is ook wel de universiteit van Sabadell, je moet ook iets aan de stad teruggeven. Met deze ruimte kun je veel meer. Dat is ook het verhaal waarmee je naar investeerders kunt stappen. Het is een modeschool, dan kan er ook een winkeltje bij. Dat zijn de ideeën waar we mee spelen.”
In september nemen de ontwerpers en de universiteit de volgende stappen om dit allemaal mogelijk te maken. De Rooij beseft dat zijn plannen ambitieus zijn. Maar juist door er wat meer visie in te leggen kreeg hij de universiteit mee en dat geeft vertrouwen voor het verdere proces. De Rooij spreidt zijn handen: “We moeten het zó breed trekken. We vonden het nodig om een verhaal te vertellen. Dat heeft gewerkt.”
“Nou zeg!” Klanten van Kringloopcentrum Overdie in Alkmaar reageren hoorbaar verbaasd als hen wordt verteld dat de deuren per 1 maart volgend jaar sluiten. Dan maakt de kringloopwinkel plaats voor een nieuwbouwproject waarin een derde Aldi-supermarkt komt.
Kringloopcentrum Overdie zit nu nog op de hoek van de Bestevaerstraat en de Strooijonkerstraat in Overdie. De sluiting van de kringloopwinkel staat vast. Volgens Aldi Vastgoed is de aankoop afgerond en is de verleende omgevingsvergunning inmiddels onherroepelijk.(tekst gaat verder onder de foto)
De kringloopwinkel is in de omgeving al op zoek naar een ander bedrijfspand om de activiteiten te kunnen voortzetten na 1 maart 2027. (foto: Streekstad Centraal)
De bouw staat gepland voor het eerste kwartaal van 2027, waarna de supermarkt naar verwachting in het vierde kwartaal van dat jaar de deuren opent.
Voor de komst van de supermarkt worden het kringlooppand en een deel van het naastgelegen bedrijfsverzamelgebouw gesloopt, waarin Van Rems Automaterialen zit. Op die plek komt het parkeerterrein voor de supermarkt. Van Rems verhuist naar het deel dat wel behouden blijft. (tekst gaat verder onder de foto)
Het naastgelegen pand waarin nu Van Rems Auromaterialen zit, wordt ook deels gesloopt voor het parkeerterrein van de supermarkt. (foto: Streekstad Centraal)
De komst van Aldi kan relatief snel doorgaan, terwijl een groot deel van de woningbouwplannen in Overdie nog wacht op oplossingen voor verschillende ruimtelijke knelpunten. Daardoor verloopt die gebiedsontwikkeling trager dan oorspronkelijk werd voorzien.
Voor de vestiging van Aldi gelden die problemen niet. Op de locatie rust al een bestemming die detailhandel mogelijk maakt, omdat er vroeger al een supermarkt heeft gezeten. Daardoor kon de vergunning relatief snel worden verleend.(tekst gaat verder onder de foto)
Een nieuwe Aldi-winkel heeft in heel Nederland een herkenbaar ontwerp. (foto: aangeleverd)
Voor Kringloopcentrum Overdie betekent de ontwikkeling dat de huidige locatie moet worden verlaten. De kringloopwinkel is sinds enkele jaren gevestigd aan de Bestevaerstraat en is al op zoek naar een ander geschikt en betaalbaar pand op het bedrijventerrein.
Als de planning wordt gehaald, kunnen inwoners eind 2027 terecht in de derde Aldi-vestiging van Alkmaar. Voor Kringloopcentrum Overdie is de zoektocht naar een nieuwe locatie daarmee de belangrijkste opgave voor de komende maanden.
Na jarenlang hét gezicht te zijn geweest van café De Knip in Oudkarspel hebben Jeroen en Gudy Zegers besloten hun horecazaak te koop te zetten. Daarmee komt een iconische ontmoetingsplek in Oudkarspel beschikbaar voor een nieuwe eigenaar. Toch is van een definitief afscheid van de horeca nog geen sprake. Het echtpaar blijft gewoon doorgaan met café De Heerlijkheid in hetzelfde dorp.
Wie de Facebookreacties op de verkoop leest, zou kunnen denken dat gezondheidsproblemen de aanleiding zijn. Maar in een toelichting aan Streekstad Centraal nuanceert Jeroen Zegers dat beeld.
“Er is helemaal nog geen sprake van gezondheidsproblemen”, zegt hij. “Ik ben inmiddels 66 jaar en we willen op tijd gas terugnemen. Onze zoon heeft besloten om zich op zijn eigen carrière te richten, buiten de horeca. Die keuze steunen we natuurlijk volledig, en we zijn blij dat we nog steeds op hem kunnen terugvallen. Hij springt nog vaak bij in De Heerlijkheid.”
“Maar vaak komt het vele sjouwwerk vooral op mijn schouders terecht, en dat is best zwaar. We willen zelf kunnen bepalen wanneer we een stap terug doen, niet pas als we daartoe worden gedwongen.” (tekst gaat verder onder de foto)
Zelfs zonder te adverteren weet de klantenkring van De Knip de weg naar het café te vinden, en hopelijk na afloop weer de weg naar huis. (foto: aangeleverd)
Volgens Gudy Zegers speelt ook mee dat een verkooptraject vaak veel tijd kost. “Je weet niet hoe lang het duurt voordat zich een geschikte koper meldt. Dat kan zomaar een jaar of langer zijn. Daarom hebben we besloten nu alvast het café in de verkoop te zetten.”
De verkoop van De Knip betekent niet dat het echtpaar de horeca volledig achter zich laat. Café De Heerlijkheid blijft in hun bezit en daar blijven zij zich de komende jaren op richten. “We stoppen dus niet met werken. We willen alleen wat minder hooi op onze vork nemen.” (tekst gaat verder onder de foto)
Gudy Zegers en haar man Jeroen willen zich straks na een verkoop van De Knip volledig richten op De Heerlijkheid. (foto: Streekstad Centraal)
De Knip is al jarenlang een begrip in Oudkarspel en ver daarbuiten. Het café aan de Dorpsstraat ligt in het historische deel van het dorp, de Luizeknip, en groeide onder Jeroen en Gudy uit tot een geliefde ontmoetingsplek voor een kop koffie, een maaltijd, feesten, bruiloften en verenigingsactiviteiten.
De zaak werd meerdere keren onderscheiden met de Gouden Tapknop en werd eerder uitgeroepen tot beste café en beste eetcafé van Noord-Holland. Ook is De Knip al jaren de vaste locatie van het Bevrijdingsfestival Langedijk. (tekst gaat verder onder de foto)
Het horecastel wint regelmatig prijzen met hun café, waaronder in 2017 de Gouden Tapknop. (foto: Streekstad Centraal)
De reacties op de aangekondigde verkoop laten zien hoeveel het café voor het dorp betekent. Op sociale media spreken vaste bezoekers hun waardering uit voor Jeroen en Gudy en hopen zij dat een nieuwe eigenaar het karakter van De Knip voortzet.
Voorlopig verandert er voor bezoekers nog niets. De Knip blijft gewoon geopend totdat horecamakelaardij Alkemare een geschikte koper vindt. Wanneer de overdracht plaatsvindt, is daarom nog niet bekend.
“Het is echt een beslissing die we met pijn in ons hart hebben genomen”, zegt Jeroen. “Maar we denken dat dit het juiste moment is. Zo kunnen we rustig toewerken naar een volgende fase, terwijl we met veel plezier doorgaan in De Heerlijkheid.” (foto’s: aangeleverd)
“Ik ben murw gebeukt.” Dat verzucht schoenenondernemer Arno Meijerink nadat een juridische strijd van ruim drie jaar tot een eind komt. Vorige week kreeg hij te horen dat hij definitief ongelijk heeft gekregen van de rechtbank. Alkmaar hoeft hem geen vergoeding te betalen voor de omzet die hij misliep tijdens de langdurige herinrichting van de Laat.
Daarmee komt ook een einde aan de laatste overgebleven schadeprocedure van ondernemers die door de werkzaamheden werden getroffen. Tien aanvragen werden ingediend, en daarvan werd er één toegewezen. Waarom die ene wel is niet duidelijk.
De herinrichting van de Laat-West in Alkmaar begon in maart 2022 en liep maanden langer door dan gepland. Winkeliers klaagden destijds over slechte bereikbaarheid, stof, geluidsoverlast en teruglopende bezoekersaantallen. Het effect hield daarna nog lang aan. “Na achttien maanden staan de klanten niet ineens weer voor je deur”, zei de ondernemer tijdens de rechtszaak. “Dat sijpelt nog maanden door.” (tekst gaat verder onder de foto)
Tijdens de werkzaamheden was het maandenlang niet aantrekkelijk om te winkelen op de Laat-West. (foto: Streekstad Centraal)
De rechtbank oordeelt dat de gemeente de aanvraag volgens de geldende regels heeft beoordeeld en daarom mocht concluderen dat Meijerink niet voor nadeelcompensatie in aanmerking komt. (tekst gaat verder onder de foto)
De Ecco winkel op de Laat is inmiddels gesloten. (foto: aangeleverd)
Daarbij mocht Alkmaar uitgaan van adviezen van een onafhankelijke deskundige, die concludeerde dat de geleden schade binnen het normale ondernemersrisico bleef. Daardoor bestaat volgens de regeling geen recht op nadeelcompensatie. Meijerink is diep teleurgesteld. “Een enorm minpunt voor de gemeente”, zo stelt de ondernemer na het lezen van de uitspraak.
Volgens zijn advocaat Manon Buiter stelt de rechter vast dat de gemeente veel beleidsvrijheid heeft om de aanvragen te beoordelen. “De gemeente had veel soepeler mogen zijn, maar koos ervoor om dat niet te doen. De rechter kan niets doen aan die speelruimte van het gemeentebestuur”, zo vat de Alkmaarse bestuursrechtadvocaat de uitspraak samen. (tekst gaat verder onder de foto)
Advocaat Manon Buiter deed in de rechtbank een beroep op de menselijke maat bij het toekennen van nadeelcompensatie voor ondernemers op de Laat. (foto: Streekstad Centraal)
Een belangrijk punt in de procedure was dat niet alleen naar de Alkmaarse vestiging werd gekeken, maar naar het totale bedrijf van Meijerink, die destijds ook een winkel in Purmerend had. Volgens vaste rechtspraak mag een gemeente die zogenoemde concernbenadering toepassen. De rechtbank vindt dat de gemeente daarmee rekening mocht houden.
Ook de andere bezwaren van Meijerink werden verworpen. Volgens de rechtbank mocht de gemeente gebruikmaken van een landelijke methode om het normale ondernemersrisico te berekenen. De rechter ziet bovendien geen aanleiding om vanwege de lange duur van de werkzaamheden of de overlast van de regels af te wijken. Ook van een toezegging dat ondernemers ruimhartig zouden worden gecompenseerd, is volgens de rechtbank niet gebleken. (tekst gaat verder onder de foto)
Arno Meijerink met zijn zoon Robin, die al meedraait in het retailbedrijf om in de toekomst de directie over te nemen van zijn vader. (foto: Streekstad Centraal)
De uitspraak betekent dat de afwijzing van de gemeente definitief in stand blijft, omdat Meijerink heeft besloten niet in hoger beroep te gaan. “Ik wilde mijn punt maken, maar verder procederen is niet goed voor mijn gezondheid. Ik laat het nu rusten en ga ons pand in Hoorn verkopen. Want daartoe ben ik nu gedwongen, terwijl dat bedoeld was voor mijn pensioen.”
Voor zijn Alkmaarse winkel kwam de rechtszaak al te laat. Die sloot vorig jaar al definitief de deuren. De gemeente kon maandagmiddag nog niet reageren op de uitspraak.
Nog voordat de eerste camper de boerderij aan de Noordervaart opdraait, klinkt het vertrouwde geloei van de roodbonte koeien. Even verderop rijdt een trekker over het erf, in boerderijwinkel Smits Boer& Goed worden verse zuivelproducten afgerekend en tussen de bloemen zoemen de bijen rond een insectenhotel. Op het eerste gezicht lijkt alles zijn gewone gang te gaan op de boerderij van Vincent en Roos Smit aan de Noordervaart in Stompetoren.
Alleen de koeien moesten de afgelopen dagen even wennen. “Er stond ineens een camper. Inclusief fietsen onder een zwart afdekzeil. De koeien vonden dat maar vreemd en durfden er niet langs”, vertelt Roos Smit lachend. “We hebben de fietsen een kwartslag gedraaid en toen liepen ze gewoon weer verder. Ze moeten er gewoon even aan wennen.” (tekst gaat verder onder de foto)
Vincent en Roos Smit: “Het is ooit allemaal begonnen doordat we elkaar wel aardig vonden.” (foto: Streekstad Centraal)
Het is een van de eerste ervaringen sinds zestien camperplaatsen op het melkveebedrijf in gebruik zijn genomen. Het idee leefde al langer, maar voordat de eerste gasten konden worden ontvangen, waren anderhalf jaar voorbereiding, vergunningen, onderzoeken en tientallen praktische keuzes nodig.
Dat de camperplaatsen er uiteindelijk kwamen, heeft alles te maken met een probleem dat aanvankelijk niets met recreatie te maken had. Roos en Vincent runnen het melkveebedrijf samen met de ouders van Vincent. In de stal staan roodbonte koeien waarvan zowel melk als vlees wordt gebruikt. In de boerderijwinkel worden rauwe melk, rundvlees en zelfgemaakte boerenzuivel verkocht. Ook is er inmiddels een zorgboerderij met dagbesteding. (tekst gaat verder onder de foto)
De nabijheid van Alkmaar blijkt een belangrijke reden voor veel campergasten om neer te strijken bij Vincent en Roos. (foto: Streekstad Centraal)
“De kosten blijven stijgen, maar de opbrengst van melk groeit niet mee”, zegt Vincent. “Groter worden met meer koeien is tegenwoordig ook niet meer vanzelfsprekend. Daarom zoeken wij het in verbreding.”
Die zoektocht begon al jaren geleden. Na de bouw van een nieuwe ligboxenstal in 2013 volgden tijdens de coronapandemie een boerderijwinkel en de eigen productie van boerenzuivel. Later ontstond bij hun bedrijf Smit’s Boer & Goed ook een zorgboerderij, nadat een klant van de winkel dagbesteding zocht voor zijn demente vader.
De nieuwste uitbreiding ontstond opmerkelijk genoeg door een plan voor zonnepanelen. Door de groei van de winkel en de zuivelproductie wilden Roos en Vincent investeren in een nieuw geïsoleerd staldak met zonnepanelen. De bank zag daar echter geen extra inkomsten tegenover. (tekst gaat verder onder de foto)
Op een stukje weiland naast de stal liepen vorig jaar nog de vaarsen en eerstekalvers rond (foto: Streekstad Centraal)
“De koeien geven niet meer melk doordat er een nieuw dak op de stal ligt”, kreeg Vincent te horen. Pas toen het plan werd uitgebreid met zestien camperplaatsen kwam de financiering rond. “Toen moesten we uiteindelijk zelfs méér geld lenen, maar omdat daar wel extra inkomsten tegenover stonden, kon het ineens wel.”
Voordat de eerste gasten konden arriveren, volgde een lange weg langs vergunningen en onderzoeken. Er moesten stikstof- en bodemonderzoeken worden uitgevoerd en allerlei voorzieningen worden aangelegd, van stroompunten tot nieuw sanitair.
“Voor zestien camperplaatsen vonden we sommige onderzoeken best fors”, zegt Vincent. Toch ging de eerste schop alvast de grond in. “We dachten: als die vergunning straks binnen is, moet het gras wel groen zijn. Dus zijn we alvast begonnen.” (tekst gaat verder onder de foto)
De campergasten komen uit heel Europa. (foto: Streekstad Centraal)
Roos en Vincent bezochten verschillende boerderijcampings om ideeën op te doen. Niet om alles te kopiëren, maar om te kijken wat wel en niet werkte. Daaruit ontstond een systeem waarbij gasten grotendeels zelfstandig kunnen inchecken via een QR-code.
“We hebben hier ook gewoon een melkveebedrijf te runnen, een winkel, de zorg en een gezin. We willen onze gasten graag persoonlijk ontmoeten, maar niet de hele dag achter een receptiebalie staan.”
Ook de eerste gasten leverden meteen bruikbare feedback op. Zo bleek de voorziening voor het legen van chemische toiletten iets te hoog te zijn. “Daar leer je alleen maar van.” (tekst gaat verder onder de foto)
De mestsilo is speciaal ingericht voor de campergasten en de mensen die komen voor de dagbesteding van de zorgboerderij. (foto: Streekstad Centraal)
De camperplaatsen zijn nog maar kort open, maar de belangstelling is groot. Vooral op donderdagmiddag rijden veel campers het erf op. Vrijdag fietsen de meeste gasten naar Alkmaar voor de kaasmarkt of trekken de omgeving in.
“Bijna iedereen heeft fietsen bij zich”, vertelt Roos. “We zien ze ‘s morgens vertrekken en later weer terugkomen.”
De eerste tien gasten beoordelen de camperplaats online allemaal met vijf sterren. Ze prijzen vooral de rust, de gastvrijheid en de combinatie van het actieve melkveebedrijf met de boerderijwinkel. Wie een plek wil reserveren, moet er inmiddels snel bij zijn.
Ondanks alle uitbreidingen blijft de melkveehouderij het hart van het bedrijf. De koeien bepalen grotendeels zelf wanneer ze naar buiten gaan, wanneer ze weer naar binnen lopen en wanneer ze zich laten melken. Roos noemt het liever ‘boeren logisch’ dan biologisch.
In de boerderijwinkel worden steeds meer producten uit het eigen bedrijf verkocht. (foto: Streekstad Centraal)
Tegelijkertijd beseft het jonge stel dat stilstand geen optie is. “We hopen wel dat het de komende jaren iets minder hard hoeft te gaan”, zegt Roos. “Maar stilstaan is achteruitgaan.”
Terwijl bezoekers genieten van het uitzicht over de weilanden, loopt Roos alweer naar de winkel waar een klant vlees komt ophalen. Even later gaat Vincent verder met het melken van de koeien. Tussendoor gaat de telefoon: een vakantieganger krijgt het reserveren via de app nog niet helemaal onder de knie.
Zo gaat het al jaren op de boerderij aan de Noordervaart. Altijd een nieuw idee, altijd een volgende stap, maar uiteindelijk draait alles om de koeien. Alleen moeten ook die nog heel even wennen aan alle campers die tegenwoordig het erf oprijden.
Geen grote kranen met grijpers op de kant, geen vrachtschepen aan de kade. De haven van bedrijventerrein Boekelermeer is al meer dan twee jaar niets meer dan een keerpunt. Maar nu heeft Alkmaar een intentieovereenkomst met Graansloot Kampen BV getekend om te onderzoeken of de industriële haven tot leven te wekken is.
Feest in februari 2024. Het water van de toekomstige Boekelermeerhaven werd aangesloten op het Noordhollandsch Kanaal. De overslagkade werd afgemaakt en…. daarna werd het stil.
Rond het water staat nog steeds alleen maar CO2 Cleanup, de omgeving is verder een kale vlakte. De inham fungeert hooguit als keerpunt voor schippers die bij Albaton Akersloot moeten zijn, of die een stukje verderop moeten aanmeren en liever even achteruit varen dan dat ze voorbij de Leeghwaterbrug keren. Het bijkomend voordeel – betere doorstroming op de N242 – is nu de enige winst.
Dat komt door het mislukken van de aanbesteding voor exploitatie van de overslagkade. Geen enkel bedrijf meldde zich in 2024. (tekst gaat verder onder de foto)
Februari 2024: het water van de toekomstige Haven Boekelermeer wordt aangesloten op het Noordhollandsch Kanaal. (foto: Streekstad Centraal)
Gemeente Alkmaar besloot daarop om een aantal havenbedrijven zelf te benaderen en al duurde het even, er is nu succes. Graansloot Kampen BV heeft interesse getoond en heeft inmiddels een intentieovereenkomst met Alkmaar getekend om de mogelijkheden voor exploitatie te onderzoeken.
Graansloot startte in 2000 in Kampen met logistieke dienstverlening voor bulkladingen. De opslag en overslag begon met een vrij bescheiden 30.000 ton aan grondstoffen en goederen, maar in 25 jaar tijd is de capaciteit uitgebreid naar 260.000 ton. Opdrachtgevers van het bedrijf zijn eindverbruikers en handelaren in grondstoffen in de lijn van de mengvoederindustrie en biovergisting.
“Zij volgden de ontwikkelingen in de Boekelermeer al langere tijd, maar schreven destijds niet in op de aanbesteding omdat de tijd voor hen nog niet rijp was”, aldus verantwoordelijk wethouder Marco Wiesehahn-Vrijman. “Inmiddels hebben enkele van hun opdrachtgevers belangstelling voor op- en overslag via de haven op de Boekelermeer. Dat vormde voor Graansloot de aanleiding om met ons in gesprek te gaan.” (tekst gaat verder onder de foto)
De afgelopen twee jaar zijn direct rond de haven alleen een grote batterij en bomen neergezet. (foto: Stadswerk072)
De Boekelermeer is een locatie geworden waar grootschalig duurzame energie wordt gewonnen. Denk aan de bio-energiecentrale van HVC, de biovergister van Sustenso. Bovendien wil Energy Greenery Alkmaar een experimentele afvalfabriek bouwen. Er moet dus veel bioafval worden geleverd, en verwerkingsprocessen leveren bruikbare grondstoffen op, die weer moeten worden afgevoerd. Mogelijk ook interessant is het feit dat er grote batterijen op de Boekelermeer zijn neergezet.
“Omdat het een fragiele markt betreft, moet nog worden onderzocht of de exploitatie financieel en praktisch haalbaar is”, tempert Wiesehahn de verwachtingen. “De intentieovereenkomst is aangegaan voor de periode van maximaal twaalf maanden.”
Alkmaar en Graansloot hoeven zich in ieder geval geen zorgen te maken om het stikstofspook. De omliggende Natura2000-gebieden liggen op 7 kilometer afstand, en verkennend onderzoek wijst uit dat de stikstof die met de haven te maken heeft genoeg ruimte krijgt om zich uit te spreiden. “De bijdrage aan de stikstofneerslag is daarmee zo klein dat deze volgens de wettelijke regels niet van betekenis is. Met deze stikstofneerslag is geen vergunning voor een Natura 2000-activiteit nodig. Vanuit het aspect stikstof kan het project zonder meer doorgaan”, besluit Wiesehahn.
Het was nog écht even spannend, maar gelukkig hebben de Langedijker ondernemers Donna en Maarten wel een avontuurlijke aanleg. Dat spreekt uit alles wat er te zien is in ‘Tof Adventures’, het spiksplinternieuwe evenementencentrum in Broek op Langedijk, dat zaterdagmiddag feestelijk werd geopend.
“We waren deze week nog druk aan het timmeren, aan het schilderen, aan het poetsen”, vertelt Donna, die maar wat blij is dat het dan tóch gelukt is. De grootste spanning zat natuurlijk niet in een likje verf. Het hing van veel meer af. “We kregen pas donderdag officieel groen licht van de gemeente.”
De beoordeling van alle benodigde papieren had enige vertraging opgelopen en dus was het nog tot het laatste moment maar afwachten of alles zou lukken zaterdag. “De mega-opening die we voor ogen hadden is het dus niet, maar toch ben ik verrast door de belangstelling.” (tekst gaat door onder de foto)
Tof Adventures is een écht familiebedrijf. (foto: Streekstad Centraal)
De belangstelling van enthousiaste mensen uit de buurt laat zien dat er echt behoefte is aan Tof Adventures. Een belevingscentrum voor álle leeftijden, dat was echt wat Donna en Maarten er van wilden maken. Het idee dat opa’s en oma’s en hun kleinkinderen samen de grootste lol kunnen beleven op één plek.
“Dit is echt van 8 tot 88”, zegt Donna trots. “We hebben oudhollandse spelletjes, maar ook een ‘lasermaze’, waar je je weg moet vinden door laserstralen.” Die twee attracties bevinden zich ook direct naast elkaar, op de verdieping die uitzicht biedt over de bowlingbaan.
Poolen, een speelhal, boogschieten: alle soorten van avonturen komen hier samen. Zélfs autoracen, maar dan in het klein. (tekst gaat door onder de foto)
Het indoor racepark is het eerste van Nederland. (foto: Streekstad Centraal)
“Er is best weinig op het moment, hier in Langedijk, en je ziet ook dingen weggaan”, vertelt Donna. “Dat is dan misschien goed voor ons, maar voor het dorp is het niet goed. Ondernemen, iets nieuws opzetten: het is lastig, het kost tijd. Maar we wilden dit echt.”
Bij de gemeente Dijk en Waard ging het zeker niet vanzelf, toch heeft Donna ook warme woorden over voor de hulp die ze daar kreeg. “Er waren zeker mensen die écht enthousiast waren, die hier brood in zagen. Dat is wel belangrijk.” (tekst gaat door onder de foto)
De bowlingbaan blijft het hart van het bedrijf. (foto: Streekstad Centraal)
Want zo kon het dus tóch allemaal geregeld worden, op het nippertje. De bezoekers zijn er zaterdag blij mee. Met het nieuwe, maar ook met het oude. “Echt goed dat de bowlingbaan weer open is”, vinden bezoekers die hier eerder ook al kwamen.
Er zijn twee bars, boven en beneden, en eten en drinken kan eenvoudig worden besteld met een qr-code. “Maar we lopen ook gewoon langs hoor”, belooft Luna, één van de dochters die hier ook werkt. Een echt familiebedrijf, waar Donna en Maarten hun werk in de zorg en de bouw voor opgaven.
“Met 25 man personeel, liever te veel dan te weinig”, vertrouwt Donna ons toe. “Zij hebben ook keihard meegebouwd. En we zijn nog niet uitgebouwd. Er komt nog een pikdonker doolhof… Ideeën genoeg! Maar nu eerst volop reclame maken, nu we open zijn.”
Bij een feestelijke opening hoort natuurlijk taart. (foto: Streekstad Centraal)
“Als we dit allemaal van tevoren hadden geweten…” Joost Botman van Duindorp Schoorl brengt de gevoelens van zijn dorpsgenoten onder woorden, terugblikkend op de grote vernieuwing van het centrum. Een project met een mooi resultaat, maar het waren twee lange jaren. Deze zomer viert Schoorl wat er is bereikt met méér dan een braderie.
“Het verschilt natuurlijk per ondernemer”, nuanceert Botman in gesprek met Streekstad Centraal. “Maar het heeft er wel ingehakt.” De grootschalige verbouwing van de straat en omgeving maakte Schoorl een tijdlang minder bereikbaar. Klanten bleven weg, bestedingen liepen terug. En bij het project zelf ging ook niet alles zoals gepland.
“We willlen nu vooruit kijken”, benadrukt Botman. “We hebben er een geweldige winkelstraat voor teruggekregen.” Daarom zette hij en andere ondernemers zich met hart en ziel in voor de aankomende Duinmarkten, die écht bijzonder moeten worden. (tekst gaat door onder de foto)
Het iconische Klimduin staat centraal tijdens de Duinmarkt. (foto: aangeleverd)
“Chill, met een kleedje op het klimduin”, schetst Botman de sfeer deze zomer. Het Zomerfeest vorig jaar was een voorproefje van wat komen gaat. Toen zette Duindorp Schoorl zich ook in voor een feestelijke sfeer op en rond het Klimduin.
Dinsdag 7 juli is de eerste in de reeks van acht Duinmarkten. Deze eerste markt valt ook nog eens mooi samen met de eerste editie van de Zomertrek, een culinaire wandeling langs de restaurants en speciaalzaken van Schoorl.
“We hebben echt een prachtig centrum”, ziet Botman. Dat indrukwekkende Klimduin is natuurlijk iconisch en de ruimte daaromheen is nu op een mooie manier ingericht. “Toeristen en bewoners weten de Duinmarkt altijd al goed te vinden. Maar we hebben er wel nog eens goed naar gekeken, wat kon anders. We wilden dat het méér dan een braderie is.” (tekst gaat door onder de foto)
Uiteraard zijn de kraampjes er ook weer gewoon. (foto: aangeleverd)
Kraampjes, die zijn er natuurlijk ook in de nieuwe uitvoering gewoon. Vanaf 15:00 ‘s middags tot ‘s avonds 21:00 uur. Bijzonder is dat er daarnaast ook muziek zal klinken. Er is theater voor kinderen. Er staan foodtrucks. “Het wordt echt een beetje een festival, heel leuk. Eén groot familiefeest.”
Duintheater, tussen 18:00 en 20:00 uur, is een extra trekker voor de bezoekers, een ‘extra dimensie’ in de woorden van de organisatie. Zo worden de markten echt evenementen om over na te praten. “Bezoekers komen hier nagenieten van de dag, met muziek.”
Zo willen de ondernemers de frustraties van de afgelopen twee jaar omzetten in positieve energie die Schoorl laat stralen. “We willen dit echt volhouden, ook in de komende jaren. We mogen best trots zijn op Schoorl. Meer doen met wat we hier hebben. Dat laten we deze zomer zien.”