De 37 leerlingen die in 1951 naar een nieuw Alkmaars schooltje gingen zullen het zich vast niet hebben kunnen voorstellen, maar intussen is die school een begrip in Alkmaar en wijde omgeving – en jarig. Het Jan Arentsz viert dit najaar het 75-jarig jubileum en daar wordt door zowel oud-leerlingen als het personeel naar uitgekeken. “Hieraan zie je terug dat ze een goede tijd hebben gehad.”
Op zaterdag 3 oktober is het feest, met een heuse reünie, maar nu al is het getal 75 overal in de school aanwezig. Oud-directeur Jan Alex Brandsma loopt weer door de gangen waar hij vorig schooljaar afscheid van nam. “Hee, ben je er weer, je was toch met pensioen?”, begroeten oud-collega’s hem plagend. Ze weten natuurlijk best dat hij bij het jubileumfeest betrokken is – en zelf zijn ze minstens zo betrokken.
“Dat is wel bijzonder aan het Jan Arentsz: dat mensen hier echt lang blijven werken”, weet Brandsma, die zelf in 1985 op deze school begon en al sinds 1998 ook binnen de directie actief was. “Dat zegt wel wat over deze school. De sfeer met de collega’s is goed.” (tekst gaat door onder de foto)

Zijn loopbaan begon in de rol van docent. ‘Meneer Brandsma’ gaf hier economie en bleef dat ook doen nadat hij tot het bestuur van de school was toegetreden. “Als er voor economie een klas overbleef in de verdeling keken ze toch wel naar mij. Pas in de laatste drie, vier jaar was ik alleen maar vestigingsdirecteur. Maar toen ik met pensioen ging was er toch nog even sprake van dat ik nodig zou zijn.”
Die bereidheid om ook na de pensionering nog mee te denken met het reilen en zeilen van de school is niet uniek voor Brandsma, relativeert hij. Er zijn best wat oud-docenten op te noemen die nog wel eens komen invallen. Ook dat laat zien dat het ‘goed zit’ op het Jan Arentsz.
“We zijn een school met een christelijke identiteit. We beginnen niet meer standaard met de bijbel opengeslagen in de klas, maar we hebben nog altijd dagopeningen. Dan staan we stil bij actuele gebeurtenissen, zoals nu in Nepal. Maar ook bijbelverhalen komen aan bod. We komen hier samen om iets te leren, maar ook om een goede tijd met elkaar te hebben. Om vrienden te maken.” (tekst gaat door onder de foto)

Die identiteit was in de eerste dagen van de school nog heel duidelijk afgebakend, in een tijd dat Nederland verzuild was. Het ‘Christelijk Lyceum Alkmaar’ begon aan de Kennemerstraatweg, in het pand dat nu nog van het LUZAC is. Maar wat klein begon zocht al snel elders ruimte. Eerst in de wijk De Hoef, maar inmiddels al een goede veertig jaar aan de Mandenmakersstraat, nét over de ring.
“Hier hebben we twee gebouwen”, vertelt Brandsma. “Voor zo’n 1700 leerlingen. In Langedijk is nog een andere locatie voor ongeveer 500 leerlingen.” De twee gebouwen zijn – voor wie hier vertrouwd is – verdeeld in een ‘oud’ en een ‘nieuw’ gebouw. In dat oude begon Brandsma in 1985 zelf aan zijn carrière binnen het Jan Arentsz. “Dat trappenhuis waar we net doorheen gingen, dat is nog precies hetzelfde als toen.”
Op de plek van de huidige nieuwbouw heeft lang een tijdelijke constructie gestaan, het ‘E-gebouw’. “Daar hebben veel mensen wel herinneringen aan, ik verwacht dat het daar wel over zal gaan op de reünie.” (tekst gaat door onder de foto)

Brandsma kan nog wel meer verhalen bedenken die hij hoogstwaarschijnlijk terughoort. “Die keer dat er schapen in de aula stonden! Een examenstunt was dat, de ‘kolder’. Dat was wel een leuke, met medeweten van de conciërge, die ze had binnengelaten.”
Brandsma noemt ook acties die leerlingen op touw zetten, waarmee de school ook regelmatig de media haalde. “Ik denk dat er ook veel mooie herinneringen zijn aan de werkweken. Aan bepaalde leraren natuurlijk. De musicals, van leraren en leerlingen samen! Nee ik niet hoor, ik was nooit zo’n acteur. Maar het zijn mooie verhalen.”
Dieptepunten zijn er ook. Brandsma hoeft niet lang na te denken. “Gerd Nan van Wijk, een leerling van ons, is hier op het schoolplein opgewacht en geslagen, in 2007. Hij is overleden. Dat was echt vreselijk.” Een foto van Gerd Nan hangt nog altijd in de school.
De geschiedenis in hoogte- en dieptepunten is ook de geschiedenis van een wereld die veranderde, en doorwerkt op de school. “De leerlingen, ach, die zijn helemaal niet zo veranderd”, lacht Brandsma. “Dat zijn gewoon echt dezelfde jongens en meisjes.” (tekst gaat door onder de foto)

Maar de wereld komt op een andere manier bij ze binnen, ziet ook Brandsma. Pestgedrag is van alle tijden, maar met de sociale media van vandaag gaat dat ook buiten de school nog door. “Dat is echt wel een ding geworden”, erkent hij. Niet dat het Jan Arentsz die smartphones nou zelf zo aanmoedigt: de school is juist helemaal telefoonvrij.
“Wat je ook wel merkt is dat school niet meer op de eerste plaats staat in hun leven. Ze hebben baantjes, heel vroeg al. Andere dingen die aandacht vragen. Tegelijk hebben wij hier nu veel meer aandacht voor psychische problemen die spelen. Het idee dat je je moet bewijzen leeft heel sterk. Dat is ook iets dat nú meer een plek krijgt dan vroeger.”
Hoofdzaak is altijd gebleven dat iedereen zich welkom voelde in de school. “De school heeft echt een sociale functie. Daar zijn we ons altijd heel bewust van geweest: dat we onze leerlingen het gevoel gaven dat we écht iets met ze op hadden, dat ze gezien werden. Dat is nooit veranderd. Daarom ben ik ook zó benieuwd naar alle verhalen die we gaan horen…”
