Op de Drechterwaard in alkmaar is een fietser aangereden door een auto. Dat gebeurde bij de oversteekplaats ter hoogte van basisschool Durf. De ambulance kwam ter plaatse, maar hoefde de fietser niet mee te nemen naar het ziekenhuis. Wel waren verkeersregelaars nodig.
De Drechterwaard heeft een slechte reputatie als het om fietsveiligheid gaat, op deze weg zijn vaker fietsongevallen, sommige ernstig. In dit geval raakte de fietser alleen lichtgewond. Wat er precies is voorgevallen is niet duidelijk. Het ongeluk gebeurde rond 14:30 uur, dat is ook het moment waarop ouders hun kinderen van school komen halen.
De Drechterwaard is altijd al een drukke verbindingsweg, maar doordat er werkzaamheden zijn aan het spoor is het deze week extra druk. Het ongeluk en de toegesnelde hulpdiensten zorgden dan ook al meteen voor een gebrekkige doorstroming van het verkeer. Handhavers regelden het verkeer totdat de hulpdiensten weer weg waren.
Nu het muzikale huzarenstukje ‘Bloemkôle’ van Oôs Joôs de Top 2000 gehaald heeft, kan het seizoen eigenlijk al niet meer stuk. Toch wordt er in Langedijk en omgeving hard gewerkt aan wat het land heeft opgebracht. Want die zo gewone witte kool kan puur beste zuurkool worden, weten ze daar. Die gaat de halve wereld over.
De laatste kool van het seizoen is van de week van het land gehaald en daarmee zijn het de laatste loodjes in de fabriek voor Kramer en zijn collega’s. “De kool moet voor de vorst van het land”, zegt Kramer op NH Radio. Anders bevriezen de kolen. “Daarmee zorgen we er altijd voor dat de fabriek helemaal vol ligt.” De volgende lading verse kolen komt pas weer in augustus binnen.
Die witte kool wordt vers geoogst, maar hoe komt het nou eigenlijk aan die typische zure smaak? Dat komt door een bepaald ‘rottingsproces’. Kramer spreekt van fermentatie, legt hij uit aan mediapartner NH. “We laten de van nature op de kool zittende melkzuurbacteriën het werk doen”, zegt hij. “Die eten de suikers in het product op en die scheiden melkzuur en in sommige gevallen wat smaakstoffen uit. Daardoor wordt de witte kool zuur en krijgt het ook de kenmerkende smaak.” In de fabriek gebeurt dit in grote fermentatiesilo’s met een snufje zout erbij. “Maar mensen zouden het ook zelf thuis kunnen maken”, vertelt Kramer.
Op bezoek in de zuurkoolfabriek. (foto: NH / Samanta de Groot)
De kool die nu van het land komt ligt niet één-twee-drie in de winkel. “De kolen die vandaag het fermentatieproces ingaan doen er langer over dan de kolen in augustus, omdat het nu veel kouder is en het proces dan langzamer gaat”, legt Kramer uit. “Deze kolen kunnen echt maanden fermenteren voordat ie uiteindelijk in de winkel ligt.”
Zuurkool is echt een Noord-Hollands product, weet Kramer. “Witte kool groeit hier heel goed. Dat heeft te maken met de kleiachtige structuur van de grond en het hoge kalkgehalte”, legt Kramer uit. Het zorgt voor grote kolen van wel 10 kilo. Zijn bedrijf zit al vijf generaties in de familie, dus natuurlijk houdt Kramer ook wel van een lekker hapje met zuurkool. Wat is zijn lievelingsgerecht? “Ik maak het soms op de Franse wijze, dat is lang gekookt met wat spek en worst”, zegt de directeur. Maar hij hoeft niet altijd de keuken in te duiken. “Ik gebruik het ook gewoon als salade, bijvoorbeeld op een broodje pastrami en ik vind het ook erg lekker op een broodje worst.”
Een fiets is handig, dat weet iedere Nederlander. Tot die fiets te veel is en ‘je er een keer van af moet’. Dan is het nog niet zo makkelijk om de afgedankte fiets een geschikte afdankplek te gunnen en dus worden niet zelden locaties als het station of het winkelcentrum uitgekozen. Iets waar wat gemeente Dijk en Waard betreft korte metten mee dienen te worden gemaakt. “Weesfietsen en fietswrakken worden opgeruimd.”
De gemeente heeft haar pijlen op de kerstvakantie gericht. Dan zal er echt werk worden gemaakt van fietsen die toch wel érg lang zonder eigenaar in de buitenlucht staan. “Er worden weesfietsen en fietswrakken bij het NS-station, Middenwaard, Centrumwaard, Broekerveiling en de bushaltes opgeruimd”, laat Dijk en Waard weten. “Op het station mogen fietsen niet langer dan 14 dagen achtereen blijven staan. Daarom worden regelmatig opruimacties georganiseerd.”
Weesfietsen zijn één ding, ook fout geparkeerde fietsen en brommers zijn in Dijk en Waard het haasje. Die worden weggehaald. “Fietsen die langer dan 14 dagen onafgebroken op dezelfde plek geparkeerd staan worden eerst gelabeld”, legt de gemeente uit. “De eigenaar heeft dan nog twee dagen de tijd om de fiets zelf mee te nemen. Als dat niet is gebeurd, dan wordt de fiets door de gemeente verwijderd en naar een fietsendepot gebracht.”
Het fietsendepot is voor weesfietsen het begin van het einde. Dertien weken worden de tweewielers er opgeslagen. Eigenaars hebben dus nog wel even kans om in de stapel schroot hun vermiste stalen ros terug te vinden; maar gebeurt zelfs dat niet, dan is het echt klaar. Dan wordt een nieuwe bestemming gezocht voor de fiets – of voor het materiaal dat zo’n fiets opbrengt.
Meer informatie is te vinden op de pagina Fietsopruimactie van de gemeente Dijk en Waard. (foto: gemeente Dijk en Waard)
De victorie van Alkmaar, de vlotbruggen, de drooglegging van de Heerhugowaard, het oeroude landschap van hoge en lage duinen van Schoorl tot Heiloo: zet het allemaal maar eens op rijm. Zet het maar eens op muziek! Dat laatste is de uitdaging van het muzikale en tekstuele brein dat een nieuw Noord-Hollands volkslied bedenkt. Want ja, dat is nodig: “Een lied dat iedereen in onze provincie aanspreekt.”
Noord-Holland heeft een volkslied. Echt zo. Maar wie wil checken of dat statement van Streekstad Centraal wel klopt – die zal even moeten googelen. Het kan niet worden ontkend: er zijn nauwelijks Noord-Hollanders te vinden die het volkslied van hun provincie weten te zingen. Goede kans zelfs – maar we hebben geen actuele cijfers – dat er in Noord-Holland meer mensen raad weten met ‘Frysk bloed tsjoch op…” dan met “Ik houd van het groen in je wei…”.
Toch moet dat vanaf deze week helemaal anders worden. Een motie van het CDA om het oude, nauwelijks bekende volkslied te vervangen door een nieuw lied, dat veel aansprekender moet worden, wist in Haarlem de handen op elkaar te krijgen. “Een bekend en aansprekend lied kan bijdragen aan een nieuwe impuls voor de muzikale cultuur, en meer zichtbaarheid van de provincie”, zei CDA-fractievoorzitter Dennis Heijnen. Zijn motie werd vervolgens aangenomen door de Provinciale Staten.
Een nieuw volkslied kan het best uit eigen gelederen komen, vindt Heijnen: “Noord-Holland barst van bekende en onbekende muzikale talenten.” Die talenten moeten de ziel van de veelzijdige provincie vervolgens dan wél weten te vatten in een volkslied dat de inwoners van de provincie meer vervoert dan “Ik houd van het groen in je wei”.
Alkmaarse kijkers van het veelbekeken televisieprogramma ‘Even tot hier’ zullen zaterdagavond wel even hun wenkbrauwen hebben gefronst. Want Alkmaar werd tóch maar even genoemd. De online boekwinkel ‘De Boekentuin’ kreeg namelijk een opvallende donatie, van duizenden boeken. Iets dat deze bijzondere Alkmaarse organisatie past – maar ze daarom niet minder verrast.
“Ja, ze hebben ons goed gevonden”, reageert de eigenaar van De Boekentuin, Aldo Backer, nuchter. Want online vindbaar zijn, dat is natuurlijk belangrijk. “Daar heeft onze websitebouwer ook echt zijn best voor gedaan.” Backer heeft met De Boekentuin een veelzijdig bedrijf opgebouwd, dat niet alleen boekenliefhebbers geruststelt – ‘geen boek wordt verspild’ – maar dat ook een veilige werkplek biedt voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt.
“We werden benaderd door een filmbedrijf”. legt Backer uit. “We hadden geen idee dat dit daarachter zou zitten.” Want film is één ding, ‘Even tot hier’ is toch wat anders. Daarmee hebben we het wel over één van de best bekeken televisieprogramma’s van de NPO. “Ik dacht, kom maar op”, was Backers eerste reactie. “Maar nu ik dit weet, ja: dat is wel interessant!”
Want De Boekentuin is nu ineens een landelijke beroemdheid. Iets wat overigens totaal geen aanslag blijkt op Backers nuchterheid: “We moeten eerst maar eens zien wat we binnenkrijgen. Het waren 30 verhuisdozen vol.” Toch enkele duizenden boeken, heeft ook Backer al berekend. “Ja, we zetten het eerst maar even op de gang denk ik! Maar echt wel heel mooi dat dit gebeurt.”
De geschiedenis van 450 jaar geleden was in Alkmaar dit jaar voelbaar. Op vele manieren is stilgestaan bij de gebeurtenissen in 1573, die uiteindelijk resulteerden in die beroemde Alkmaarse overwinning. De victorie is gevierd, dat zeker – maar ook voor de andere kant van het verhaal is aandacht geweest. En die was er ook op maandag, want 11 december is voor katholiek Alkmaar een herdenkingsdag.
“We zijn vandaag bezig met gips”, laat Henk Adriaanse van de kerk weten als we bij hem informeren. Het nieuwe, grote beeld van de Heilige Matthias krijgt een console en die wordt geheel volgens de architectuur van de kerk vervaardigd. “Toch wel een ander soort werk dan normaal. Maar mooi om te doen. We volgen echt de vormgeving van Cuypers, de architect van onze kerk.” Maar iets verderop in het gebouw stond dus nóg een altaartje. Bescheiden, klein, maar op deze maandag wel heel belangrijk.
“We hebben er eerder in het jaar al uitgebreider bij stilgestaan”, zegt Adriaanse over de Martelaren van Alkmaar. “Maar ook gisteren natuurlijk, tijdens de zondagse mis.” Twee van de Martelaren, David Leendertsz. en Eylard Dirsksz. van Waterland, werden namelijk op 11 december 1573 opgehangen in Alkmaar. Vijf anderen stierven al in juni 1572, in Enkhuizen, een achtste, Engelbert van Terborg, was in november 1572 in Ransdorp vermoord. Allemaal om hun geloof. Het laat zien dat de Tachtigjarige Oorlog ook een burgeroorlog was, waarbij Alkmaarders niet alleen de Spaanse bezetter, maar ook elkáár naar het leven stonden. “Het is goed dat we dat herinneren”, vind ook Adriaanse.
Links van de toegangsdeuren van de kerk is ook deze plaquette te zien. (foto: Streekstad Centraal)
Maandag 11 december is dit jaar ook de dag waarop Streekstad Centraal terugblikt op de viering van 450 Jaar Ontzet, met een uitgebreide televisie-uitzending die begint om 21:00. Deze uitzending kan ook worden bekeken op het YouTube-kanaal van Streekstad Centraal.
Maar bij de Sint Laurentiuskerk staat een dubbele moord in 1573 deze maandag dus extra in de schijnwerpers. De slachtoffers waren pastoor en kapelaan van de Sint-Laurenskerk (dus de oude Grote Kerk). Ze legden zich niet neer bij de protestantse overwinning, bleven bij hun katholieke geloof. Om die reden werden zij opgehangen op de ‘Stenen Brug’ te Alkmaar, dat is de huidige Mient. Na hun gewelddadige dood zijn ze door de katholieke kerk erkend als martelaren. Iets waar dus ook in het feestelijke jaar 2023 door de kerk bij is stilgestaan. (foto: Sint-Laurentiuskerk Alkmaar)