De Kaasmarkt in de binnenstad van Alkmaar mag zich sinds kort eigenaar noemen van niet één, maar twee toeristische Michelinsterren. En dat is niet alles: De stad zelf en, het naastgelegen dorp, De Rijp krijgen ook beide een ster. “Dit is echt een erkenning voor alles en iedereen, we zijn heel trots.”
“Dat we een ster zouden krijgen voor de kaasmarkt had ik stiekem wel een klein beetje verwacht”, begint Ger Welber, directeur van stichting Hart van Noord-Holland. “Maar dat het er twee zijn, en dat daarnaast ook Alkmaar en De Rijp er eentje krijgen, vind ik echt een hele eer. Ik weet namelijk hoe schaars sterren zijn op dit vlak.” En daar heeft hij gelijk in. In Noord-Holland heeft tegenwoordig, naast Alkmaar, alleen Hoorn ook sterren.
De sterren hebben verschillende betekenissen. Zo staat één ster voor ‘een bezoek waard’ als je in de buurt bent, twee sterren voor ‘een omweg waard’ en drie sterren voor ‘de reis waard’. Dat Alkmaar – met één ster voor De Rijp – nu in totaal vier sterren heeft, houdt in dat onafhankelijke mensen hebben besloten dat een bezoek de moeite waard is, en een bezoek aan de kaasmarkt al helemaal. (tekst gaat door onder de foto)
De Alkmaarse kaasmarkt heeft maar liefst twee toeristische Michelinsterren gekregen. Dat houdt in dat een bezoekje een omweg waard is. (foto: Streekstad Centraal)
“Deze erkenning leidt, naast dat we natuurlijk trots zijn, ook tot meer bezoekers. We zetten in op dat de juiste bezoekers komen. We zorgen ervoor dat het hier geen Giethoorn of een Zaanse Schans wordt”, legt Welber uit. Dit doen ze door met de marketing zich niet op het hoogseizoen te richten, maar de toerisme te verspreiden. “We zetten ons daarnaast in op de groep die geen overlast verzorgt en ook langer in de stad verblijven. Dus geen vrijgezellenfeesten of mensen die alleen maar herrie schoppen.”
Alkmaar staat volgens Welber hierdoor echt in de spotlight, en daar profiteert de hele regio van. “Mensen brengen vaak ook een bezoekje aan Bergen of Castricum, dus de omliggende steden gaan hier ook zeker wat van merken. Dit alles zorgt ervoor dat Alkmaarders naar mijn mening best wat trotser op hun stad mogen zijn.”
Hoewel dit erg goed nieuws is, gaat er geen taart gegeten worden om het te vieren. “We hebben dit jaar steeds goed nieuws gehad, dus we komen anders veel te veel aan”, zegt Welber lachend. “Ik ben gewoon hartstikke trots. Niet alleen op onze organisatie, maar op alle mensen die bezig zijn om Alkmaar aantrekkelijk te maken. Ik zie de sterren als een erkenning voor alles en iedereen. De toekomst kan alleen nog maar mooier worden.”
Wie in de buurt komt van filmtheater Cinebergen hoort het al: hier is een aannemer druk bezig. Er wordt gewerkt aan de realisatie van de langverwachte tweede bioscoopzaal. Al sinds 2013 zijn er plannen voor de uitbreiding, maar pas in mei dit jaar ging de bouw daadwerkelijk van start. Architect Jesse van der Veen noemt het ‘een complexe puzzel’ met de nodige juridische en bouwkundige uitdagingen.
De Zwarte Schuur, zoals het gebouw heet, is al sinds 1996 de thuishaven van de Bergense bosbioscoop, gesitueerd midden in een Natura2000-gebied. “Dat betekent dat je met stikstofregelgeving te maken krijgt”, vertelt architect Jesse van der Veen. “Daarom hebben we het gebouw vrijwel gas-loos gemaakt.” De twee grote cv-ketels op zolder zijn vervangen door een warmtepomp, met een kleine cv-ketel. Ook is de isolatie flink verbeterd. “Dit compenseert de minimale uitstoot door extra bezoekers, die trouwens grotendeels meestal met de fiets komen” (tekst loopt door onder de foto)
Architect Jesse van der Veen vertelt enthousiast over de hobbels die moesten worden genomen om de tweede zaal te kunnen en mogen realiseren. (foto: Streekstad Centraal)
Stikstof is dus een bepalende factor. Maar De Zwarte Schuur is ook nog een rijksmonument. “We mochten het bestaande gebouw niet aantasten, dus een tweede zaal inpassen was vrijwel onmogelijk. Tenminste, zo leek het in eerste instantie”, vertelt Van der Veen over de beginfase van het ontwerptraject. De oplossing die gevonden is, is uniek. “We hebben ervoor gekozen om de grond in te gaan. Dan hoefden we het minste aan het gebouw te veranderen.”
Ook het overleg met de gemeente, de welstands- en de monumentencommissie vergde het nodige geduld. “Er zijn veel partijen die meekijken. Dat is logisch bij zo’n monument”, laat de architect Streekstad Centraal weten. “Zo mochten we de ramen van de nieuwe zaal niet blinderen. Daarom is er nu een gang langs de monumentale ramen, waardoor je een glimp van de zaal kunt opvangen.” (tekst loopt door onder de foto)
Stichting Cinebergen coördinator Bea Bode bij de foto oprichter Paul Hegeman die trots bij de bosbioscoop prijkt. (Streekstad Centraal)
Dat de bouw eindelijk onderweg is, zorgt voor lachende gezichten bij Cinebergen. “We zaten eigenlijk aan een max wat betreft het aantal voorstellingen. Door deze tweede zaal kunnen we op meerdere momenten films vertonen”, steekt coördinator Bea Bode van wal. “Daardoor kunnen we ook meer filmtitels laten zien en dus meer keuze bieden”. Wat bezoekersaantallen betreft draait Cinebergen op volle toeren.
Bea benadrukt dat de uitbreiding een goede aanleiding was om ook het theatercafé te vernieuwen: “De vloer uit de jaren zeventig, van die koude tegels, gaat verdwijnen. Daarvoor in de plaats komt een pvc-vloer met een warme houtlook. Heel natuurlijk en passend bij de sfeer van de Zwarte Schuur. Die houten uitstraling sluit bovendien mooi aan bij de geschiedenis van het gebouw, dat ooit begon als houtzagerij.”
De nieuwe extra zaal telt 49 comfortabele bioscoopstoelen en een plek voor een rolstoel. De grote zaal bood – en biedt nog steeds – plaats aan 100 bezoekers. Door ruimtegebrek is er in de tweede zaal geen aparte filmcabine. De projector hangt zichtbaar aan het plafond van het theatercafé. “Dat was even puzzelen, maar uiteindelijk is het idee dat het esthetisch allemaal op z’n plek gaat vallen als alles af is”, verduidelijkt de architect tijdens een rondleiding. (tekst loopt door onder de foto)
Nee, af is-ie nog niet, maar dit wordt de tweede zaal van Cinebergen: cinematografische verwennerij voor bijna 50 mensen per keer. (foto: Streekstad Centraal)
De filmbeleving voor de bezoekers wordt dus iets anders dan voorheen. “Deze veranderingen maken het voor de gasten nog specialer. Als je straks in het theatercafé zit, zie je letterlijk hoe de film wordt geprojecteerd.”
De volledige verbouwing – bouwtechnisch en inrichting – vergt een flinke investering. Om dat te kunnen financieren heeft Cinebergen hulp gekregen van sponsoren en zijn er subsidies aangevraagd. Zelfs nu wordt er nog met partijen over gesproken. “We hebben er lang voor gespaard en zijn er al jaren mee bezig, maar ik ben blij dat de bouw goed gaat en we binnenkort de tweede zaal feestelijk kunnen openen”, glundert Bea.
En voor wie zich dat afvraagt: een derde bioscoopzaal komt er niet. “Nee, daar is simpelweg geen ruimte meer voor”, vertelt ze lachend in het theatercafé. Het was een lange reis, maar eentje waar we enorm trots op zijn.” In september moet alles klaar zijn en kunnen bezoekers terecht in de tweede zaal en het café.
Het is het tweede weekend van juni en voor Hoevers is dat al jarenlang een feestweekend. Tijdens het Hoever Dorpsfeest staat het centrum van Egmond aan de Hoef bol van marktkraampjes en spelactiviteiten, maar ook het oldtimerfestival is inmiddels onlosmakelijk verbonden aan het dorpsfestijn. Zondag, op de tweede dag van het Hoever Dorpsfeest, staan weer tientallen stukjes rijdende geschiedenis tentoongesteld.
De eigenaren van de 34 oldtimers die de Slotweg zondag voor velen een openluchtmuseum maakt, komen veelal uit Egmond zelf, maar ook uit de wijdere omgeving. Zo zijn Cor en zijn vriendin Rietje vanochtend vroeg vanuit hun woonplaats Purmerend vertrokken met hun Porsche 356c. (tekst loopt door onder de foto)
Cor en Rietje bij hun Porsche 365c (foto: Streekstad Centraal)
“Bouwjaar 1965, gekocht in 1992”, lepelt Cor direct op. Hij heeft twee campingstoelen meegenomen, want de hele dag staan – de oldtimers stonden tentoongesteld van 09.30 uur tot 16.00 uur – leek hem wat veel worden. Hij spreekt uit ervaring, want samen met Rietje stelt hij zijn Porsche regelmatig tentoon in de regio. “Volgende maand in Medemblik en dan in september weer in Purmerend. Het is heel leuk om je auto te laten zien aan anderen en er verhalen over te vertellen. Ook hier in Egmond, er is veel publiek.”
Toen hij 33 jaar geleden tijdens een fietsvakantie met zijn inmiddels overleden vrouw langs een autohandelaar net over de Duitse grens fietste, spotte hij ‘m. “Ik had vroeger ook een Porsche 356c en wilde er later graag weer zo een, maar het was moeilijk om er een in goede staat te vinden. Toen ik deze zag staan, ben ik van mijn fiets afgesprongen en heb ik bij de autohandelaar aangebeld. Enkele minuten stond ik met het aankoopbewijs in mijn handen.” (tekst loopt door onder de foto)
Het was lekker druk bij de 2025-editie van het Oldtimerfestival in Egmond aan de Hoef (foto: Streekstad Centraal)
Een impulsaankoop dus, maar hij heeft er nog geen moment spijt van gehad. Sterker nog, de auto is uitgegroeid tot een maatje van hem nadat hij er duizenden uren mee doorbracht. “Toen ik hem kocht werkte ik zelf nog in een autogarage, dus had ik geen tijd om hem op te knappen. Toen heeft hij tientallen jaren staan verstoffen in de schuur. Maar nadat ik een paar jaar geleden met pensioen ging, is er in de twee jaar daarna eigenlijk geen dag voorbij gegaan waarop ik niet aan de auto heb gesleuteld. In die twee jaar heb ik echt een hele sterke band hem opgebouwd. Maar ik heb ook gewoon nog aandacht voor mijn vriendin hoor”, lacht Cor. Inmiddels ziet de Porsche er dus weer spik en span uit, maar de meeste bekijks trekt hij niet.
De Cadillac van Hoever Hans Nouta, waar er maar acht van zijn in Nederland, vermoedelijk wel. Met een lengte van bijna zes meter is het een verschijning die snel in het oog springt. Hans is dan ook druk met alle bewonderaars tekst en uitleg te geven. De in 1958 gebouwde Cadillac Sedan DeVilla ‘was getuige van de hoogtepunten van de carrière van Elvis Presley, de Cuba-crisis, de dood van J.F. Kennedy en de eerste maanlanding’, valt te lezen op een geplastificeerd A4-tje op het dashboard. (tekst loopt door onder de foto)
Hans (midden) geeft tekst en uitleg bij zijn Cadillac Sedan DeVille (foto: Streekstad Centraal)
Behalve de technische zaken – “een motor van 6 liter V8 met 4-traps Hydro-Matic automaat” – weet Hans weinig over zijn Amerikaanse auto, die hij pas vier maanden geleden kocht. Dat zat hem dwars, dus is hij met de stukjes informatie die hij wel heeft gaan beredeneren waar de Cadillac heeft gereden. “Hij had geen airco, dus hij zal niet uit de zuidelijke staten zijn gekomen. Hij had wel een specifieke kachel waarvan ik weet dat ze in auto’s uit noordelijke staten zitten. Ook zat er een Canada-sticker op de zijkant. Dus hij zal veelal in de Noordelijke Amerikaanse staten en in Canada hebben gereden”, vertelt Hans aan Streekstad Centraal.
Naast Hoevers zelf zijn toeristen zondag ook in grote getalen aanwezig bij het oldtimerfestival. De Duitse Mia en haar man zijn na een rondje langs de marktkraampjes blijven hangen bij het oldtimerfestival. “Dit is zo gaaf, misschien wel het hoogtepunt van onze vakantie”, zegt ze.
Ook Mart uit Noord-Brabant geniet met volle teugen. “Ik verblijf een weekendje met m’n vrienden in Bergen aan Zee. Per toeval komen we nu hier langs, ik val echt met m’n neus in de boter.” (tekst loopt door onder de foto)
Rob bij zijn Mercedes 190c bij het oldtimerfestival tijdens het Hoever Dorpsfeest (foto: Streekstad Centraal)
Ondertussen bekijkt hij de Mercedes 190c van Rob. De restauratie is nog “in progressie”, zo verontschuldigt Rob zich direct. Maar na jaren van onderhoud en verzorging is hij al wel dusdanig trots dat hij zijn auto uit 1964 vandaag tentoon wil stellen. “Het is fantastisch om hier vandaag te zijn”, zegt Rob. “Want er zijn niet allen maar oldtimerfanaten, maar ook mensen die gewoon even een kijkje willen nemen. Voor mij persoonlijk is dit zo mooi vanwege alle nostalgie die ik vandaag voel. Ik vind het echt fascinerend.”
Het ziet er onwerkelijk uit, alsof er een overstroming is geweest. In de Alkmaarse singelgracht is alleen nog het dak van een klein huisje boven water zichtbaar. De rest lijkt verdwenen. In werkelijkheid is het een bootje, gemaakt door een kunstenaar om aandacht te vragen voor klimaatverandering, en de gevolgen daarvan. “We moeten ons voorbereiden op de toekomst.”
Het is overigens niet de eerste keer dat Alkmaar geconfronteerd wordt met een dak in het water. In 2017 belden iemand er nota bene 112 voor. De beller dacht toen bij de Ambachtsmolen bij de Kippenbrug over het kanaal bij Oudorp een gezonken woonboot te zien. Diverse hulpdiensten troffen een verbaasde molenaar. Het bleek te gaan om een decorstuk van Karavaan. De drijvende dakconstructie werd gebruikt in een voorstelling met als thema klimaatverandering. Ook nu wordt er verwonderd naar gekeken. En dat is precies de bedoeling
Ook het bootje van Willem de Haan verwijst naar het surreële tafereel van daken die boven het water uitsteken in een overstroomd gebied. Iedereen heeft vast wel beelden gezien van de Watersnoodramp in 1953 of van meer recente overstromingen, bijvoorbeeld uit het zuidoosten van de Verenigde Staten. (tekst gaat verder onder de foto)
In het kader van de Triënnale Alkmaar ligt het ‘Motor Home’ van Willem de Haan in de singelgracht. Aan de Bergerbrug hangt een bordje met uitleg. (foto: aangeleverd)
Voor de Triënnale Alkmaar ligt De Haans ‘Motor Home’ in de singelgracht, niet ver van de Bergerhoutrotonde. “Het is oorspronkelijk gemaakt voor het Watersnoodmuseum in Ouwerkerk”, vertelt De Haan. “Maar ook Alkmaar is een stad die net als veel andere Nederlandse steden is omgeven door water en onder de zeespiegel ligt.”
Volgens de kunstenaar is aandacht voor klimaatverandering en de gevolgen daarvan nog altijd nodig. Toch is hij verbaasd over dat mensen in Nederland zich de laatste jaren juist minder zorgen maken. Een onderzoek wijst dit uit. Moet wel gezegd worden dat de helft van de bevraagde mensen als reden gaf dat het vanuit een gevoel van onmacht is. (tekst loopt verder onder de foto)
Willem de Haan onderweg op zijn ‘Motor Home’. (foto: Kunstuitleen Alkmaar)
“In mijn eigen omgeving is het echt een groot thema”, vertelt De Haan. “Bijvoorbeeld bij het zoeken van een huis: zijn dit handige plekken voor de toekomst? Natuurlijk is het als individu moeilijk er iets aan te doen, maar niets doen is geen optie. We moeten ons voorbereiden op de toekomst. Ik hoop dat ik het met mijn kunstwerk op een speelse manier weer onder de aandacht bij Alkmaarders kan brengen.”
De Triënniale Alkmaar van Kunstuitleen Alkmaar heeft de titel ‘The future is now’. De organisatie brengt hedendaagse beeldende kunst naar het Noordhollandsch Kanaal dat 200 jaar geleden werd voltooid, en dus ook de singel die erop aansluit. Van 20 juni tot en met 7 september reflecteren twaalf kunstenaars met hun werk op de historische betekenis, de huidige rol en de toekomst van het 80 kilometer lange kanaal, dat dwars door Alkmaar gaat. (hoofdfoto: aangeleverd)
De vierde en laatste dag van de Wandel4daagse Alkmaar was er een om te herinneren. Onder een brandende zon en met tropische temperaturen liepen duizenden deelnemers hun laatste kilometers richting het centrum van de stad. De sfeer was warm – letterlijk en figuurlijk – en de opluchting en blijheid bij aankomst op het Waagplein was niet te missen.
Deze slotdag van de Wandel4daagse Alkmaar stond deels in het teken van het Noordhollandsch Kanaal, dat dit jaar precies 200 jaar bestaat. De route volgde dan ook lange stukken langs het water en door de groene omgeving van Alkmaar en omliggende dorpen.
Een mooie route, vonden niet alleen de wandelaars. “We genieten, en dat zeg ik ook namens de hond”, zegt een wandelaar enthousiast. Maar het lekkerste van de dag liet nog even op zich wachten. “Straks lekker een biertje op het Waagplein!”
Daar werden de deelnemers feestelijk onthaald. Met muziek, bloemen, medailles en luid applaus liep iedereen via de rode loper over de finish. Sommigen met een brede glimlach, anderen zichtbaar vermoeid, maar allemaal erg trots.
Rembrandt, Frans Hals, Pieter de Hooch en Caesar van Everdingen. De Kremer Collectie bevat een aantal imposante kunstwerken van Nederlandse en Vlaamse schilders. Deze schilderijen droegen er in belangrijke mate toe bij dat het Stedelijk Museum Alkmaar de afgelopen periode tienduizenden bezoekers mocht verwelkomen.
De expositie ‘De Kremer Collectie: een gedeelde liefde’ liep van 14 februari tot 1 juni en in die periode bezochten 35.000 kunstliefhebbers Stedelijk Museum Alkmaar. Voor we de kans niet kreeg is er goed nieuws. Met de familie Kremer is de intentie uitgesproken om de befaamde collectie van rond honderd werken – daarvan was slechts de helft te bewonderen – langdurig in bruikleen te krijgen. (tekst loopt door onder de foto)
Het museum is in gesprek om de Kremercollectie langdurig te mogen tonen. (foto: Streekstad Centraal)
Dat wordt mede mogelijk gemaakt door de gemeente, die er met de Ontwikkelagenda Cultuur 2040 naar streeft om het museum uit te laten breiden, en zo een permanente plek te geven voor de collectie van George en Ilone Kremer, wereldwijd een van de belangrijkste particuliere collecties van Nederlandse en Vlaamse zeventiende-eeuwse schilderkunst wereldwijd.
De titel ‘Een gedeelde liefde’ verwees naar de passie van George en Ilone Kremer voor kunst en hun wens om deze liefde te delen met een zo breed mogelijk publiek. Die wens werd werkelijkheid in het Stedelijk Museum. De collectie onderscheidt zich niet alleen door de kwaliteit, maar ook door de persoonlijke manier van verzamelen: elk werk vertelt een eigen verhaal.
Voor nu maakt De Kremer Collectie plaats voor de tentoonstelling ‘Verlangen naar Egmond’, die vanaf 28 juni te zien is in Stedelijk Museum Alkmaar. (foto: Stedelijk Museum Alkmaar)
“Ik vond het prachtig. Het ontroerde mij ook.” Maandag was de laatste theatrale fietstocht langs de molenbiotoop van het Noordhollandsch Kanaal . Deelnemers waren erg enthousiast over de theatervoorstellingen die zij onderweg bezochten..
De fietstocht is een initiatief van De Karavaan, die al jarenlang uitblinkt in locatietheater op bijzondere plekken. Vanwege het 200-jarig bestaan van het kanaal vestigt Expeditie Alkmaars Kanaal dit jaar de aandacht op de verhalen die voortkomen uit deze geschiedenis. Dit jaar krijgen de molens in Alkmaar bijzondere aandacht, omdat die al eeuwenlang zorgen dat we droge voeten houden in deze regio.
De performance van ArtEZ Muziektheater was een van de smaakmakers voor de deelnemers aan de fietstocht. Daarvoor moesten zij afstappen bij een loods op Overstad. In de grote bedrijfshal wierpen de theatermakers, derdejaars studenten van de interdisciplinaire Muziektheateropleiding van ArtEZ in Arnhem, op dramatische wijze allerlei vragen op over de toekomst van dit cultureel erfgoed.
De andere voorstelling die tijdens de fietstocht werd gespeeld, was ‘Omarm me’ van MIME opleiding Amsterdam. Dit gezelschap deed ook een duit in het zakje met beeldende mime over erfgoed en toekomst.
De voorstellingen waren slechts enkele van de 234 voorstellingen die de afgelopen twaalf dagen werden gespeeld tijdens het festival ‘Yes In My Backyard’. Het Alkmaarse Victoriepark vormde het hart van dit festival, maar er waren ook voorstellingen op andere toepasselijke locaties.
De fietstocht is een co-creatie van de gemeente Alkmaar en De Karavaan, vanwege de vele ontwikkelingen langs de oevers van het Noordhollandsch Kanaal.
In Alkmaar heerst dit weekend een bijzondere sfeer. Smalle straatjes worden omgetoverd tot een levend decor. Wasvrouwen zijn druk in de weer, visverkopers roepen hun waar en dronkenlappen strompelen over de klinkers. Bewakers houden een oogje in het zeil bij de gevangenen, terwijl bedelaars wat geld proberen los te peuteren van voorbijgangers. Wie zin heeft om zich even in een heel andere tijd te wanen, moet dit weekend een bezoek brengen aan Kaeskoppenstad. Hier draait de klok honderd jaar terug, naar de zestiende eeuw: de tijd van Willem van Oranje en Filips II.
Met honderden acteurs die de straten bevolken, verandert de binnenstad van Alkmaar in ‘één groot toneelstuk. Kaeskoppenstad herinnert aan 1573, toen Alkmaar standhield tegen de Spaanse troepen en daarmee geschiedenis schreef. De naam verwijst naar de bijnaam ‘kaaskoppen’, die Alkmaarders sinds die tijd dragen. (tekst gaat door onder de foto).
Ondanks de regen kwamen er heel veel bezoekers op Kaeskoppenstad af, daar konden ze – vaak met paraplu of poncho – een kijkje nemen in de tijd van toen. (foto: NH Nieuws)
De geur van haring, het lawaai van houten karren en het toneelspel maken de ervaring compleet. Zelfs regen weerhield het publiek er niet van massaal te komen kijken. Duizenden bezoekers laten zich jaarlijks onderdompelen in deze unieke belevenis. Met poncho’s en paraplu’s trotseren zij het weer en genieten ze van het kleurrijke schouwspel. “Het voelt alsof je echt terug bent in de tijd,” vertelt een bezoeker enthousiast tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal.
Ook Daniëlle Koelemij, de ‘burgemeester’ van Kaeskoppenstad, is ondanks de regen erg enthousiast. “Het leukste van deze twee dagen vind ik dat we met zo veel mensen de stad bestieren. En dat we met veel lol en plezier theater maken”, zegt ze. De regen maakt haar helemaal niks uit: “Voor mij geen poncho!”
Wie het nog wil meemaken, kan zondagmiddag terecht in de binnenstad van Alkmaar.
De echte zomer liet zich zaterdagmiddag in Alkmaar nog niet echt zien. Onder een grijze lucht en met af en toe een flinke regenbui begon zaterdagmiddag Zomer in De Mare in het Alkmaarse park De Rekerhout. Toch weet het publiek de weg naar het park goed te vinden. Met regenjassen en paraplu’s streek jong en oud neer op het natte gras. “We hopen heel erg dat het droog blijft“, zegt een bezoeker lachend, “maar anders zijn we voorbereid.”
De middag begint met twee familievoorstellingen, speciaal voor kinderen vanaf vier jaar. Eerst wordt het publiek meegenomen in een voorleesvoorstelling vol poppen en muziek. Daarna zorgt de Italiaanse artiest Fabrizio Rosselli met zijn act Bakéké voor veel bekijks. Hij jongleert en bouwt met zestig felgroene emmers, wat zorgt voor verbaasde gezichten en regelmatig gelach vanaf het veld. (tekst gaat door onder de foto)
Kinderen uit het publiek mogen meedoen met de voorstelling van Fabrizio Rosselli (foto: Streekstad Centraal).
Voor programmeur Dorus Smit van Theater De Vest is de opening geslaagd. Hij vertelt: “Het mooie aan dit festival is dat het gratis en toegankelijk is. Er komen artiesten uit heel Europa speciaal voor deze reeks naar Alkmaar. Dat maakt het echt bijzonder.” Hij benadrukt dat het festival bedoeld is om cultuur dichtbij mensen te brengen – gewoon midden in de wijk, zonder drempels. “Echt straattheater.”
Veel bezoekers waarderen dat ook. “Dat het allemaal gratis is, is natuurlijk helemaal mooi,” zegt een buurtbewoner. “En het is fijn dat er elk weekend iets op het programma staat. Je hoeft Alkmaar niet uit om iets leuks te doen met je kinderen.”
Zomer in De Mare loopt nog tot en met 22 juni. Iedere zaterdag en zondag staan er nieuwe voorstellingen gepland, steeds in park De Rekerhout. De toegang blijft gratis, en bezoekers worden aangemoedigd om hun eigen kleedje of stoeltje mee te nemen – en voor de zekerheid een poncho.
De lucht was grijs, de regen viel met bakken uit de hemel en de grasvelden veranderden langzaam in modderpoelen. Toch weerhield dat veel bezoekers er niet van om zaterdag af te zakken naar Kool Sail Langedijk. Want nat of niet: “Dit is echt zo’n uitje waar we met z’n allen elke keer weer erg naar uitkijken.”
Vanwege de voorspelde flinke ochtendbuien werden de geplande activiteiten pas vanaf 13.00 uur opgestart, maar dat gaf bezoekers mooi de tijd om rustig binnen te eh… druppelen. Vanaf het begin van de middag word het dan toch steeds drukker: gezinnen, stelletjes en vriendengroepen verspreidden zich over het Oosterdelgebied, het Koolsail-eiland en de Broekerveiling. (tekst gaat door onder de foto)
Vanaf verschillende punten door Langedijk konden bezoekers opstappen in de vlets van Kool Sail (foto: Streekstad Centraal).
Wie niet bang is voor het (regen-)water kan meevaren op een van de traditionele vlets. De tocht voert vervolgens langs kunstwerken, groen en water, met opstapplaatsen bij onder andere de Museale Schuitenhelling en de Broekerveiling. “De regen gooit wel wat roet in het eten als je kijkt naar hoeveel mensen mee willen varen,” zegt een van de schippers. “En ik baal wel dat ik geen paraplu bij me heb.”
De tocht valt ondanks de meteorologische omstandigheden erg in de smaak bij de bezoekers. “Het was prachtig hoor, echt mooi opgezet,” zegt een oudere bezoeker terwijl ze uit de boot stapt. “Alleen jammer van de regen zo af en toe, maar daar kan niemand wat aan doen helaas.” Tijdens de stortbuien zoeken bezoekers massaal beschutting onder parasols of in tenten. Kinderen zien het juist als buitenkans en spelen – zoals dat hoort – in de plassen. (tekst gaat door onder de foto)
Regenjassen, poncho’s en paraplu’s bepaalden het straatbeeld tijdens deze natte editie van Kool Sail Langedijk (foto: Streekstad Centraal).
“Fiets ‘m erin”, de ouderwetse waterattractie à la Ter Land, Ter Zee en in de Lucht, kan rekenen op de nodige aanloop. Rijen dik staat het met regenjas en paraplu uitgedoste publiek langs de waterkant te wachten op het volgende ‘slachtoffer’. “Hebben ze die balk breder gemaakt ofzo? Dit ziet er ineens veel makkelijker uit,” merkt iemand op. Een groep kinderen heeft de juiste aanmoediging te pakken: “Vallen! Vallen! Vallen!”
Om aan het verwachtingspatroon te voldoen stuurt één van de deelnemers zijn fiets het water in. Een flinke plons volgt. “Moet je hem nou zien gaan!” roept een toeschouwer lachend. Maar het is natuurlijk het leukst als het écht mis gaat. Iemand verliest zijn evenwicht en dondert vol in de sloot. “Oooo daar gaat-ie dan! De eerste echte!”, wordt geroepen. De reddingsbrigade vist de beteuterde deelnemer uit het water. (tekst gaat door onder de foto)
Het was een drukte van belang bij Fiets ‘m erin. Hoewel toeschouwers de balk waar de deelnemers overheen moesten wel erg breed vonden ging het toch een enkele keer mis (foto: Streekstad Centraal).
Hoewel het weer soms echt wel een spelbreker is, laten de meeste bezoekers zich niet uit het veld slaan. “We kijken hier elke editie weer naar uit,” vertelt een man met zijn kinderen onder een grote poncho. “Een beetje regen is even niet anders en het hoort er dan gewoon bij. We wonen in Nederland hé, dit zijn we gewend”, zegt hij lachend en met typische Noord-Hollandse nuchterheid.
Kool Sail begon vrijdag 6 juni en gaat nog even door: ook zondag en maandag staan er volop activiteiten op het programma. Van vaartochten tot kinderactiviteiten en historische demonstraties – zolang je een jas meeneemt, valt er nog genoeg te beleven in en rond het water van Langedijk. En anders is er over vijf jaar weer een nieuwe editie.