Voor veel katholieken is Koningsdag 2025 een gekke dag. Want terwijl Nederland feest viert, wordt hun geestelijk leider – paus Franciscus – begraven. “Bitterzoet” omschrijft de Alkmaarse pastoor Jan-Jaap van Peperstraten het. “Het is heel dubbel vandaag.”
“Koningsdag is een van mijn favoriete dagen van het jaar”, vertelt ‘twitterpastoor’ Van Peperstraten aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. Hij is daarom blij dat het feest gewoon doorgaat, maar de dag is voor hem heel dubbel. “Maar zo is het leven ook”, zegt hij.
Eenmaal thuis kruipt Van Peperstraten direct achter de televisie om de uitvaartmis voor paus Franciscus te bekijken. “De gezangen zijn redelijk eenvoudig”, ziet hij onder het genot van een oranje tompoes. “Zo’n uitvaart zou je ook als gewone katholiek krijgen. Het past bij deze paus.” (tekst loopt door onder de foto)
Onder het genot van een oranje tompoes bekijkt Van Peperstraten de uitvaartsmis voor paus Franciscus (foto: NH Nieuws)
Aan een voorspelling voor de nieuwe paus durft hij zich niet te wagen. “Na de uitvaart volgen negen dagen rouw en dan begint het conclaaf. Niemand weet wie het wordt, ook de kardinalen niet. Die hebben doorgaans meer dan één dag nodig met stemrondes.”
In de Rijp wordt er al twintig jaar met keien gesmeten. En altijd volgens dezelfde regels. Maar dit jaar kreeg het Rijper Steenwerpen er iets nieuws bij: achterstevoren keiensmijten. Blijkbaar lastig, want met deze uniek-voor-De-Rijp-variant werden veel minder punten binnengehaald. Het plezier was er overigens niet minder om.
Toen Piet Slooten twintig jaar geleden op de kermis in de Beemster zag hoe mensen bloedfanatiek met keien een dobbelsteen van een paaltje af probeerden te gooien dacht hij: ‘beter goed gejat dan slecht verzonnen, dit spel moeten we ook naar de Rijp brengen’. “We zochten al langer naar een laagdrempelig, verbindend spel dat we konden spelen tijdens Koningsdag in De Rijp. Toen ik ze in de Beemster zag keiensmijten wist ik gelijk dat dat ook hier heel leuk zou zijn. Zo ontstond twintig jaar geleden het Rijper Stenenwerpen” (tekst loopt door onder de foto)
Piet Slooten (midden) met zijn medeorganisatoren Harrie en Tom (foto: Streekstad Centraal)
Het idee: men probeert vanaf een meter of zeven met een kei een dobbelsteen van een paaltje te gooien. Wanneer dat lukt, krijg je het aantal punten dat de dobbelsteen weergeeft. Wanneer het lukt om om de dobbelsteen van het paaltje te gooien zonder dat het paaltje omvalt, wordt het aantal punten verdubbeld.
Zo wordt tenminste de originele versie van het spel gespeeld. Maar dit jaar bedacht Piet ook een geavanceerde variant, een versie voor de echt getrainde spelers. “Ik kwam op een avond spontaan op het idee om de deelnemers op een stoel te laten zitten met hun rug naar het paaltje met de dobbelsteen. Ze moeten de kei tussen de stoelpoten door naar het paaltje met de bobbelsteen erop gooien. Dat is een stuk uitdagender, maar als het lukt is de euforie ook groter”, zo legt Piet uit.
Mike Koster lukt het zaterdag nog niet zo erg om het paaltje om te gooien bij achterstevoren keiensmijten. Hij doet al meerdere jaren mee aan het keiensmijten, maar aan deze variant moet hij toch nog even wennen. “Nee, het gaat nog niet geweldig. Het is wel echt lastig.” Bij zijn eerste poging gaat zijn kei nog richting het paaltje, maar bij zijn tweede poging strandt zijn kei al in een vroeg stadium: een stoelpoot staat de vlucht van de kei in de weg. (tekst loopt door onder de foto)
Mike probeert de nieuwe variant van keiensmijten: achterstevoren keiensmijten. (foto: Streekstad Centraal)
Even verderop bij het ‘normale’ keiensmijten worden meer punten gescoord. Het ene na het andere paaltje gaat omver, men is er inmiddels al aardig getraind in. Toch gaat het af en toe nog mis, met, vooral voor bloemenliefhebbers, grote gevolgen. Wanneer de keien te ver worden gegooid, verdwijnen ze over een muurtje en gaan ze als een sloopkogel door het kleurrijke bloemperk van de Grote Kerk.
Paulien heeft het bloemperkje nog niet geraakt met de kei, maar ook de dobbelsteen nog niet echt vaak. Maar áls ze raak gooit, is het ook gelijk bingo. “Ik heb nu zes keer gegooid en één daarvan was raak. Maar dat was wel gelijk zes. Sommige mensen gooien zes keer één, ik gooi één keer zes.”
Of de winst voor Pauliens team, de Keien Queens, in het verschiet ligt aan het einde van de dag, daaraan twijfelt ze. Heeft overigens niets met de kunde van het team te maken. “We zijn wel lekker bezig, maar hoe meer we gaan drinken, hoe minder accuraat onze worpen zijn. Ik begin zelf al steeds meer twee linkerhanden te krijgen, merk ik.” (tekst loopt door onder de foto)
Twintig jaar geleden begon het keienspelen, maar nog steeds is het spel springlevend in De Rijp (foto: Streekstad Centraal)
Het deelnemersveld bestaat uit 25 teams van vier. Alle teams spelen drie rondes: normaal keiensmijten, achterstevoren keiensmijten en… sjoelen. Althans een variant daarvan. Want de sjoelbak heeft een bocht van 90 graden en een onregelmatige ‘kaatsrand’. “Dat is een stuk moeilijker dan normaal sjoelen,” vertelt Dimitri, die het sjoelen begeleidt. “Het komt nu nog meer aan op tactiek, want als al je stenen in een cluster achterin de bak belanden, ben je de sjaak.”
De tienjarige Teun lijkt al wel door te hebben hoe het spelletje werkt. Wanneer er even geen wedstrijd aan de gang is bij de sjoelbak, ziet hij zijn kans schoon om een paar stenen te gooien. “Het is wel moeilijker dan normaal sjoelen, maar je kan alsnog veel punten scoren. Ik weet inmiddels voor elk gat precies waar in de bocht ik de stenen moet gooien.” (tekst loopt door onder de foto)
Terwijl de wedstrijden even stil liggen, speelt Teun (10) een potje geavanceerd sjoelen (foto: Streekstad Centraal)
Wanneer de volgende ronde gaat beginnen, schallen de teamnamen luid en duidelijk over het plein. Terwijl de teams rustig richting hun volgende activiteit lopen, krijgen ze een dringende waarschuwing mee. “Waag het niet om vals te spelen. We hebben dit jaar hele oplettende scheidsrechters, want we kennen jullie inmiddels een beetje.”
Met een stralende zon en rijkelijk vloeiend bier zit de sfeer er goed in op Koningsdag in De Rijp. Het keiensmijten is de ideale activiteit voor zo’n dag, denkt Piet. “Het is laagdrempelig, het creëert samenhorigheid en je hoeft je er niet door te vervelen.”
Maar ook al zijn de spellen vooral bedoeld als laagdrempelige activiteiten om Rijpers samen te brengen, gaat het er soms fanatiek aan toe. En dat is niet voor niks: welk team aan het einde van dag de meeste punten heeft na het keiensmijten, achterstevoren keiensmijten en sjoelen, wint een boottocht rondom de De Rijp voor het hele team. Er wordt dan gewoon rechtdoor gevaren…
Ieder jaar genieten vele duizenden mensen van de Gondelvaart in Koedijk, en alles wat er omheen gebeurt. Maar het evenement staat onder druk. Niet omdat de animo in het dorp inzakt – de jeugd doet enthousiast mee – maar omdat er steeds minder plekken zijn waar botenbouwers aan de slag kunnen. “Vorig jaar is een team afgehaakt, omdat er geen plek was.”
“Dit jaar wordt de 63ste editie gehouden. Als je kijkt naar het verleden dan stonden er in Koedijk heel veel schuren, heel veel plekken om te bouwen, maar dat wordt steeds minder.”, betreurt Corine Hansen, bestuurslid van Stichting Gondelvaart. Volgend jaar gaat er weer een boerenschuur verloren en worden twee bouwteams dakloos. En dat terwijl er nu al drie, vier teams minder zijn dan in het piekjaar met zestien teams.
“Boeren stoppen ermee, tuinders stoppen. Ze verkopen hun schuur of halen de schuur weg om zelf een tuin aan te leggen”, neemt bestuurslid Mark van Wissen over. “Er zijn nog wel veel mensen die wat ruimte willen afstaan, maar er wordt vanaf mei, juni al gebouwd. Het mooiste is als je een ruimte de hele periode kan gebruiken, dat is het grootste probleem.” (tekst gaat verder onder de foto)
Elk jaar varen weer prachtige schuiten langs Koedijk tijdens de Gondelvaart. (foto: Streekstad Centraal)
“Ja en je krijgt natuurlijk behoorlijk wat volk op je erf, dat je misschien niet kent. Voor de mensen die ruimte bieden is het vaak ‘ons kent ons’. Ze kennen de bouwgroep”, vervolgt Mark. “Er zijn mensen die willen geen vreemden op hun erf. Dat begrijp ik wel, maar aan de andere kant, als je in het dorp woont, hoe ‘vreemd’ ben je dan? De mensen veranderen. Het achterdeur-idee is er niet veel meer. Inderdaad, dat je gewoon bij mensen achterom binnen kan komen lopen.”
‘Ons kent ons’ kalft ook langzaam af omdat er mensen van buitenaf komen, die zich niet echt onderdompelen in het dorpsleven. Corine en haar familie deden dat wél. “Ik heb vijftien jaar in de Vroonermeer gewoond, en woon nu zes jaar in Koedijk. We wonen aan het kanaal en mijn zoons bouwen mee bij de bouwgroep ‘Superboeruh!’. Dit is volgens mij de derde Gondelvaart waaraan ik meehelp. Ik vind het leuk om iets te betekenen voor het dorp waarin ik woon. Ze moesten wel een beetje aan me wennen”, zegt ze lachend.
Corine, Mark en de andere bestuursleden hebben hun voelsprieten uit staan in het dorp, maar helaas dus zonder resultaat. Ze vingen ook bot bij gemeenten Alkmaar en Dijk en Waard en bij het waterschap. “Het schijnt allemaal heel lastig te zijn”, verzucht Corine. Mark vult aan: “De 8 October Vereeniging hebben we ook benaderd. Die hebben een grote ruimte, maar zij hebben ook geen plek voor ons. We dachten het mooi te combineren, maar dat was niet haalbaar. Er jammer, want daar hadden we best wat hoop op gevestigd.” (tekst gaat verder onder de foto)
Mark van Wissen en Corine Hansen, bestuursleden van Stichting Gondelvaart Koedijk, bij de keet en loods van de stichting. (foto: Streekstad Centraal)
“Zestig vierkante meter is wel wat je nodig hebt”, rekent Mark per team. “Als iemand vier of vijf teams kwijt kan, en dan ieder zestig vierkante meter. En dan voor drie, vier maanden tot in augustus.” Ja en dan het liefst natuurlijk in Koedijk of de omgeving. Dat scheelt een hoop gedoe met vervoer van grote decorstukken.
“Het mooiste zou zijn als we één bouwplek waar álle bouwteams in kunnen, en dan in Koedijk of er niet ver vandaan.”, zegt Corine. Wel zo praktisch en doorgewinterde teams kunnen dan de jeugdteams een beetje helpen. En des te gezelliger. “Er zijn ploegen bij die maken een ‘man cave’ of een hoek waar ze een biertje doen”, lacht Mark. “Dat plezier met je gewoon hebben. Die ruimte die weggaat, daar hebben ze een barbecue en een koelkast.”
Ok, dus het ideaalplaatje is: een loods voor minimaal dertien teams, met een bar en een buitenplaats met grote barbecue? “Haha, ja dat is goed verwoord.” Mark en Corine zien het al helemaal voor zich. Maar goed, meerdere kleinere ruimten, voor niks of een prikkie, zouden ze ook al heel erg blij zijn.
Dus… bij dezen een oproep aan mensen in Koedijk en omgeving – Warmenhuizen, Bergen, Alkmaar, Langedijk – die van zeg juni tot halverwege augustus (de Gondelvaart is op 16 augustus) plek hebben voor één of meerdere bouwteams. Gegevens over Stichting Gondelvaart zijn te vinden op gondelvaartkoedijk.nl.
Streekstad Centraal kreeg stiekem nog een primeurtje tijdens het bezoek aan de uitvalsbasis van de stichting: de Koedijker Gondelvaart heeft na vele jaren een nieuw logo!
Het nieuwe logo van Gondelvaart Koedijk. (foto: Streekstad Centraal)
“Noem het maar gewoon een nederlaag.” Wouter Hubers uit Bergen klinkt teleurgesteld na het lezen van de uitspraak van de Raad van State. De voorzitter van stichting Behoud Bouwkunsten Bergen hoopte nog dat de hoogste bestuursrechter een stokje zou steken voor de nieuwbouw op de plek van het Parkhotel in het centrum van Bergen. Maar na die uitspraak heeft eigenaar Dirk Kat nu definitief een vergunning om te bouwen.
Eerdere procedures tegen de sloopvergunning voor het oude Parkhotel zorgden al voor bittere verhoudingen tussen de eigenaar het Parkhotel Dirk Kat en bezwaarmakers uit de hoek van de erfgoedbeschermers. De polemiek ging zelfs zo ver dat sympathisanten en personeel pamfletten ophingen aan het Parkhotel met de portretten van de bezwaarmakers, een actie die werd gesteund door eigenaar Dirk Kat.
De bezwaarmakers moesten uit brede kring kritiek en verwijten incasseren. Zij werden verantwoordelijk gehouden voor de stilstand in ontwikkelingen op deze plek. In eerdere bezwaarprocedures tegen de verleende sloopvergunning werd in 2019 nog geen succes geboekt, maar voor vertraging zorgt het altijd.
“De Raad van State heeft een strikt juridische redenering gevolgd, en onze bezwaren tegen onder meer de parkeernorm zou niet passen binnen onze statutaire doelstelling. Het is jammer, maar het is niet anders”, stelt Wouter Hubers van BBB na het lezen van de laatste uitspraak van de Raad van State.
Hubers denkt niet dat er al snel bouw- of sloopactiviteit te zien zal zijn aan de Stationsstraat. “Dat is een zaak van eigenaar Dirk Kat. Als hij het plan nog steeds wil uitvoeren, moet hij eerst een aannemer vinden die de klus wil en kan doen. Dat kost vaak nog vele maanden.”
Een troostprijs voor de erfgoedstichting van Hubers is dat de Raad van State toch wat fouten had gevonden in de besluiten van de gemeente Bergen en in een eerdere uitspraak van de Alkmaarse bestuursrechter. Die heeft de Raad van State rechtgezet. Daardoor draait de gemeente Bergen op voor de proceskosten van de Bergense erfgoedstichting. BBB kan een vergoeding van enkele duizenden euro’s tegemoet zien.
De gemeente Bergen is blij met de uitspraak van de Raad van State. “Als gevolg van de uitspraak is de omgevingsvergunning onherroepelijk. Hier staan dus geen rechtsmiddelen meer tegen open. Wij zijn blij met dit resultaat, want dat betekent dat de eigenaar met de renovatie van het Parkhotel aan de slag kan gaan. Dit leidt tot een ruimtelijke verbetering van deze prominente plek in het centrum voor Bergen.”
Onder een aangenaam voorjaarszonnetje kwam een groep belangstellenden uit Alkmaar en ver daarbuiten dinsdag naar het standbeeld van Truus Wijsmuller op de Gewelfde Stenenbrug in Alkmaar om daar ter ere van haar geboortedag tulpen te leggen. Niet zomaar ‘tulpen’, maar natuurlijk de ‘Tante Truus’, de naar haar vernoemde tulp die wordt opgekweekt om de nagedachtenis van de ‘Moeder van 1001 kinderen’ levend te houden.
Truus Wijsmuller-Meijer werd op 21 april 1896 geboren aan de Mient in de Alkmaarse binnenstad. Op haar 17e verhuisde ze naar Amsterdam waar ze later – na de Kristallnacht – de Kindertransporten opzette. Op deze manier kon ze tienduizend kinderen uit Europa naar veiliger oorden brengen, voordat nazi-Duitsland een groot deel van Europa bezette.
Haar inzet voor joodse kinderen was in Alkmaar niet zo bekend, totdat een aantal Alkmaarders bij de gemeente gingen pleiten voor een standbeeld. Dat leidde tot een nieuwe stichting en blijvende aandacht voor haar levensverhaal. De laatste jaren krijgt de geboren Alkmaarse een prominentere plek in de lokale geschiedenis.
Maar ook buiten Alkmaar en zelfs buiten Nederland wordt haar verhaal steeds vaker verteld. Volgens burgemeester Anja Schouten is Truus Wijsmuller een van de eerste onderwerpen die bezoekers van het Holocaustmuseum in Amsterdam onder ogen krijgen.
Dit jaar werd in het Alkmaarse stadhuis stilgestaan bij de geboortedag van Truus Wijsmuller-Meijer. De kater van de verloren bekerfinale was bij veel bezoekers nog niet verwerkt, maar volgens voorzitter Jos van Dam was dat maar klein leed: “We staan vandaag stil bij het grote leed.” (tekst gaat verder onder de foto)
Christa van Hees schreef het boek “De zwarte bruid – De twee bruiloften van Elsje en Leo” ter gelegenheid van 80 jaar bevrijding. (foto: Streekstad Centraal)
De belangrijkste spreker van deze middag was Christa van Hees uit Hoorn, auteur van het boek “De zwarte bruid – De twee bruiloften van Elsje en Leo”. Van Hees belichtte enkele verzetshelden uit deze regio, waaronder een andere Truus: Truus Menger, die samen met Hannie Schaft verzetsdaden pleegde.
In haar boek draait het om Elly Trap-Beek en haar niet-Joodse man en verzetsheld Leo Trap. Alle eindexamenleerlingen in het voortgezet onderwijs in Hoorn en Den Helder hebben dit boek cadeau gekregen; ook scholen in Alkmaar ontvingen exemplaren voor hun mediatheken.
Zowel burgemeester Anja Schouten, auteur Christa van Hees en Laura Hassler, in 2022 de eerste winnares van de Truus Wijsmullerprijs, legden nadrukkelijk de link met actuele gebeurtenissen, zoals de toenemende oorlogsdreiging, en de onrust op verschillende plekken in de wereld. Het sterkst kwam dat bij Laura Hassler naar voren als laatste spreker. “Vandaag vraag ik mezelf af: wat zou Truus nu doen, als ze nu zou leven? Het enige mogelijke antwoord: ze zou zich voor de kinderen inzetten.”
De Tweede Kamer heeft zich voorgenomen om geen huurverhogingen toe te laten passen. Dat is te lezen in het Voorjaarsakkoord voor 2025-2026. Een slecht idee, vinden de dertien woningcorporaties van het verband Thuis Noord-Holland Noord (Thuis NH Noord). Ze waarschuwen dat de sociale woningbouw en verduurzaming voor een groot deel stil zullen vallen.
In een voorlopige berekening lopen de dertien wooncorporaties circa 655 miljoen euro mis over een periode van 10 jaar. Volgens Thuis NH Noord kan daardoor de komende jaren de nieuwbouw van zeker 2.400 sociale huurwoningen sowieso niet doorgaan. Ook kan het betekenen dat 7.200 woningen niet kunnen worden gerenoveerd en verduurzaamd.
De huurbevriezing kan zelfs tot wel 7.000 nieuwe sociale huurwoningen schelen, waarschuwt Krista Walter, voorzitter Thuis NH Noord en directeur-bestuurder van Kennemer Wonen: “Door het wegvallen van investeringsruimte dreigt stilstand waar juist versnelling nodig is. Deze maatregel haalt de bodem onder onze plannen vandaan. Plannen waar we nu al samen met onze gemeenten, huurdersorganisaties en partners in de bouw aan werken!” (tekst loopt verder onder de foto)
Krista Walter van Thuis NH Noord (rechts), hier samen met Bergense wethouder Yvonne Roos-Bakker, terwijl ze in 2023 tekenden voor het project Elkshove. (archieffoto: aangeleverd)
“Wij willen bouwen, verduurzamen en buurten leefbaar houden, maar met deze huurbevriezing worden onze mogelijkheden uitgehold. Niet goed voor bestaande huurders. Niet goed voor woningzoekenden. Niet goed voor duurzaamheid. Niet goed voor de werkgelegenheid in de bouw- en installatiebranche. Hoe kunnen we nu een nationale bouw- en woonagenda, nationale prestatieafspraken, regionale woondeals en lokale prestatieafspraken realiseren? Afspraken met de politiek zijn zo niks waard!”, reageert Walter boos op de voorgenomen huurbevriezing.
Ze wijst erop dat de corporaties samen met het Rijk, gemeenten en de Woonbond landelijk bindende prestatieafspraken hebben gemaakt over de realisatie van 250.000 sociale huurwoningen, de verduurzaming van 675.000 woningen en het verbeteren van leefbaarheid en betaalbaarheid. Deze Nationale Prestatieafspraken zijn eind 2024 herbevestigd voor de periode 2025–2035.
“Corporaties houden zich aan hun deel van de afspraak. Maar bouwen op een overheid die tussentijds de spelregels verandert, wordt ingewikkeld,” aldus de directeur-bestuurder.
De corporaties, waaronder Kennemer Wonen, Woonwaard, Van Alckmaer en Woonstichting Langedijk, roepen de Tweede Kamer op om de maatregel te heroverwegen en in plaats daarvan gerichte ondersteuning te bieden aan huurders met een laag inkomen. Walter: “Alleen met voldoende investeringsruimte kunnen woningcorporaties blijven bijdragen aan het oplossen van de wooncrisis.”
In Limmen is de 71e editie van de Bloemendagen van start gegaan en op de eerste dag werd er direct al een prijs uitgedeeld: die voor het mooiste mozaïek. Voor de tweede keer op rij wist prikploeg Wup-Inn die hoofdprijs in de wacht te slepen.
‘Wie is de baas?’, zo heet het winnende mozaïek van Wup-Inn dat is gemaakt van hyacintenknoppen en zo’n 8,5 vierkante meter groot is. Het mozaïek bestaat uit vier panelen die, als ze bij elkaar komen, de vraag ‘Who ru(i)ns the world?’ stellen. Als de panelen weer opengaan, komen Donald Trump en Vladimir Poetin tevoorschijn, de presidenten van respectievelijk de VS en Rusland, die de laatste maanden toenadering tot elkaar zochten.
“Als de deuren opengaan, komt de grap tot uiting”, zegt Lex van Duin (20) van prikploeg Wup-Inn tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. Het team, dat uit zo’n vijftig man bestaat, verzon anderhalve maand geleden het onderwerp. “We wisten dat we een diafragma wilden gebruiken en dan moet je er nog een beetje een verhaal bij verzinnen”, vertelt Lex. “We wisten al dat we iets met Trump wilden doen, maar hoe langer je wacht hoe actueler het kan worden.” De ploeg hakte daarom snel een knoop door en besloot dat dit het onderwerp ging worden. (tekst loopt door onder de foto)
De prikploeg van Wup-Inn was vorige week druk bezig met het maken van hun mozaïek (foto: Prikploeg Wup-Inn)
Vorige week haalde Wup-Inn de bloemen van het land en vorige week zondag begonnen ze met prikken. Net voor de start van de Bloemendagen waren ze klaar, vertelt Lex. “Gisteravond waren we om 23.30 uur klaar met prikken, de rest van de opbouw hebben we vanmorgen gedaan.”
Het was zaterdag niet de eerste keer dat Wup-Inn de hoofdprijs wint: vorig jaar won hun mozaïek Euro-PaPa de hoofdprijs. “Super leuk dat het weer gebeurd is”, zegt een blije Lex. “Dat is heel vet en positief voor iedereen om er nog lang mee door te gaan. Ik hoop dat we volgend jaar weer iets moois neer kunnen zetten en mensen blij kunnen maken.”
De Bloemendagen in Limmen duren nog tot en met woensdag 23 april. Via een route langs de openbare weg zijn de ongeveer 35 mozaïeken te bezichtigen.
Krakende vloeren, krappe gangen, oliegeur en natuurlijk vrolijke vlaggetjes die feestelijk boven het dek wapperen. Wie eens wilde snuffelen aan het leven op de woeste baren kon zaterdagmiddag terecht bij het Zeekadetkorps Alkmaar. Hun stoere Bulgia meerde voor een dagje aan bij het Ringersplein en ontving daar iedereen die meer wilde weten, met of zonder zeebenen. “Sommige dingen zijn wat verouderd, maar dat heeft zo z’n charmes, toch?”
Johannes Souwerbren is kapitein van de Bulgia en commandant van het Zeekadetkorps Alkmaar. Voor hem is de open dag één van de mooiste dagen van het jaar. Want dan kan iedereen van het zeekadetkorps hun passie voor de zeevaart niet alleen met elkaar delen, maar ook met anderen. (tekst loopt door onder de foto)
Johannes daalt door het mangat af naar de technische ruimte (foto: Streekstad Centraal)
De kadetten leiden zelf bezoekers rond en vertellen gepassioneerd over het schip. Een van hen is de 13-jarige Bryant. Hij is inmiddels drie jaar lid van het zeekadetkorps en kent alle ins en outs van de Bulgia, die ooit werd gebruikt door de Koninklijke Marine. Maar heel veel tijd om met Streekstad Centraal te praten heeft hij niet. “Daar komt het volgende groepje alweer aan”, merkt hij op als er twee nieuwe bezoekers komen aanlopen. “Dat wordt de zesde die ik vandaag ga rondleiden.” (tekst loopt door onder de foto)
De brug van de Bulgia was voor velen één van de hoogtepunten van de rondleiding. (foto: Streekstad Centraal)
Wat hem betreft hoeft dat nog niet de laatste te zijn. “Ik vind het heel leuk om groepjes rond te leiden”, vertelt hij. “In de drie jaar die ik nu lid ben heb ik al heel veel geleerd over zeevaart en ik vind het leuk om die kennis te delen met anderen.” Een van de gelukkigen die een rondleiding krijgt van de enthousiaste Bryant is Tygo. Bryant laat hem alle hoeken en gaten zien van de boot – en dat zijn er een hoop – in de hoop Tygo te enthousiasmeren voor het zeekadetkorps. Maar Tygo twijfelt nog. “Ik vind het echt heel leuk, maar ik woon in Langedijk en dat is best ver weg.” (tekst loopt door onder de foto)
Braynt (l) vertelt Tygo (r) over alle ins en outs van het schip (foto: Streekstad Centraal)
Ook Streekstad Centraal wordt rondgeleid op het schip. Die rondleiding begint bij de stuurhut, waar de vloer piept en kraakt en waar vooral het grote houten roer en het bijna antieke kompas bekijks trekken. Wanneer Johannes uitleg heeft gegeven over de stuurhut, die volgens hem nog flink moet worden opgepimpt want het schip maakt straks deel uit van SAIL Amsterdam, dalen we af in de buik van de Bulgia.
Via een mangat bereiken één van de slaapruimtes met krappe, houten bedjes. “In de zomer gaan we altijd een weekend op het Alkmaardermeer varen en dan slapen we ook op deze boot”, vertelt Johannes. “De eerste nacht is het hier dan altijd een kippenhok. Dan is het er nog rumoerig tot in de late uurtjes en moet ik soms weleens mijn stem verheffen. De tweede nacht is het dan ook een stuk stiller.” (tekst loopt door onder de foto)
De slaapruimte waar rumoerige nachten kunnen plaatsvinden (foto: Streekstad Centraal)
Lopend door de smalle en lage gangetjes van de Bulgia, is het voor een verslaggever van 1 meter 90 zaak om goed naar boven te blijven kijken; laaghangende buizen maken een partijtje au! niet ondenkbaar. Na de slaapruimte volgt de technische ruimte, waar het een stuk warmer is dan op de rest van het schip. “We moeten de motoren alvast opwarmen voor als we weer terugvaren naar onze vaste plek aan de Voormeer. Veel van onze apparatuur is inmiddels al behoorlijk oud, dus het is hier wat lawaaierig en warm”, legt Johannes uit. “Maar dat oude heeft ook wel z’n charmes, toch?” (tekst loopt door onder de foto)
Johannes laat de technische ruimte zien (foto: Streekstad Centraal)
Oude apparatuur of niet, voor Jenthe (11), die met haar ouders en zusje de open dag bezoekt, is de technische ruimte het hoogtepunt. “Ik vind techniek sowieso leuk en ik vind het ook heel leuk om te zien hoe dat op zo’n schip gaat.” Een lidmaatschap bij Zeekadetkorps Alkmaar denkt Jenthe wel te zien zitten, en haar vader ziet er ook wel heil in. “Dan kan je me mooi helpen als er weer iets mis is met onze boot.” (tekst loopt door onder de foto)
Jenthe gaat een kijkje nemen in de technische ruimte en moet daarvoor eerst door het mangat (foto: Streekstad Centraal)
Naast Jenthe hoopt Johannes vandaag nog veel meer kinderen te enthousiasmeren voor een lidmaatschap. “Ons ledenaantal is al jaren vrij constant, maar we willen natuurlijk graag meer leden. Ons hoofddoel voor vandaag is niet eens leden binnenhalen, we willen bezoekers vooral een leuke middag bieden.”
En dat lijkt gelukt. Terwijl de geur van versgebakken broodjes uit de kombuis kringelt, rennen kinderen met rode wangen van opwinding over het dek.
Even leek de mogelijke AZ-huldiging op de Drafbaan op losse schroeven te staan toen de Vogelwerkgroep Alkmaar een kort geding aan wilde spannen tegen de gemeente. De werkgroep vreesde dat de broedende lepelaars en blauwe reigers in De Hout door het lawaai van de huldiging hun nesten zouden verlaten en mogelijk nooit meer zouden terugkomen.
Maar de partijen zijn tot een schikking gekomen en dus kan de huldiging – mocht AZ winnen – ‘gewoon’ doorgaan op de Drafbaan. Dat laat een woordvoerder van de rechtbank Haarlem weten aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. De gemeente Alkmaar, AZ en Vogelwerkgroep Alkmaar en Omstreken hebben afgesproken om een groter gebied af te zetten voor de vogels dan aanvankelijk gepland was. “De rechter hoefde er niet aan te pas te komen, de partijen zijn er samen uitgekomen”, laat de woordvoerder weten.
Aanvankelijk wilde Alkmaar enkel hekken plaatsen om het gebied waar de lepelaars broeden. Dat gebied is nu dus uitgebreid: tijdens een eventuele huldiging van AZ komende dinsdag wordt het gehele zuidelijke gedeelte van De Hout afgezet met hekken. “Op die manier voorkomen we dat fans overlast veroorzaken voor de vogels”, aldus een woordvoerder van gemeente Alkmaar. Als AZ maandagavond de bekerfinale weet te winnen van Go Ahead Eagles worden de hekken mogelijk dezelfde avond al geplaatst. (tekst loopt door onder de foto)
Voorzorgsmaatregelen worden al genomen bij de Drafbaan (foto: NH Nieuws)
AZ en de gemeente Alkmaar zullen opgelucht ademhalen nu duidelijk is dat de eventuele huldiging op de Drafbaan kan plaatsvinden. De locatie is namelijk niet voor niets gekozen: de geschiedenis van AZ begon in het gebied bij de Drafbaan.
Het compromis met de gemeente Alkmaar en AZ is voor Jeroen van Wetten van Vogelwerkgroep Alkmaar niet optimaal, maar hij neemt er voor nu even genoegen mee. “Het blijft een beetje gek in zo’n gebied. Toch is het beter dan wat ze eerst van plan waren”, aldus Van Wetten. “Het gebied dat nu afgeschermd wordt, is tien keer zo groot als eerst. Het stuk waar de lepelaars en blauwe reigers zitten, wordt nu afgeschermd.” Maar als het aan Van Wetten ligt, zoekt Alkmaar volgende keer een andere plek voor een AZ-huldiging, bijvoorbeeld bij het AZ-stadion. “Ik hoop dat de gemeente in het vervolg beter nadenkt voordat ze dit soort malligheid verzinnen”, zegt Van Wetten.
Het Hollandse landschap veranderde vier eeuwen geleden drastisch. Niet zoals soms nu door overstromingen, maar juist de andere kant op. En door de mens. Een grote rol hierin speelde Jan Adriaanszoon. Oké, oké, wij kennen hem met Leeghwater erachter, maar zo werd hij 450 jaar geleden niet geboren. Dát hij werd geboren vieren we dit jaar uitbundig. Donderdagmiddag is het jubileumjaar afgetrapt in een goed gevulde Grote Kerk van Schermerhorn.
Bob Kiel is voorzitter van het Projectteam Leeghwater 450 en ontvangt iedereen hartelijk, terwijl achterin de kerk het Eilandspolderkoor zingt. Tussendoor neemt hij even de tijd om uit te leggen waarom alle moeite wordt gedaan. “Het is 450 jaar geleden dat Leeghwater is geboren in De Rijp, en hij heeft een hele belangrijke rol gespeeld in deze regio.
In zijn tijd zijn de Beemster en de Schermer drooggemalen, en het Starnmeer. Leeghwater heeft bovendien het raadhuis van De Rijp ontworpen en stond aan de basis van de uitbreiding van de Grote Kerk van De Rijp. Hij bouwde er ook een sluisje samen met zijn vader. Als je hier rondrijdt in het Land van Leeghwater kom je heel veel dingen tegen waar hij aan meegewerkt heeft.” Hij heeft zo zijn stempel op het gebied gedrukt dus.(tekst gaat verder onder de foto)
Bob Kiel ontvangt iedereen hartelijk voorafgaand aan de aftrap van 450 jaar Leeghwater. (foto: Streekstad Centraal)
Zijn vader was timmerman, dus het lag voor de hand dat Jan Adriaanszoon dat ook werd. Maar gefascineerd door molens, ontwikkelde Jan zich tot molenbouwer en hij bedacht verbeteringen waaronder de roterende kap. Zijn ingang naar het grote werk kreeg hij dankzij de duikerklok die hij maakte. Hij viel op bij koopman Dirck van Oss – één van de VOC-oprichters – en die vroeg Jan om de molenwerken te overzien voor de droogmaling van ‘De Bemster’ in 1612. Dat is wanneer Jan aan de achternaam komt die wij allemaal kennen: Leeghwater. Niet van ‘leeg’ maar ‘laag’, al zijn die woorden wellicht verwant.
Daarna volgden De Purmer (1622), De Huygen Waerdt (1625), De Stermeer en De Wormer (1626), De Bylemer Meer (1626) en De Scermer (1635). Leeghwater overzag ook waterbouwkundige werken in het buitenland, tot in Letland. (tekst gaat verder onder de foto)
De Scermer en De Bemster voor de drooglegging.
Bob Kiel betreurt dat de start van de jubileumvieringen niet in de Grote Kerk van De Rijp konden plaatsvinden, maar de Schermerhornse evenknie is ook een prachtige locatie. Het Eilandspolderkoor en Leonie Jansen, een bekende muzikante uit de Beemster, treden op en er is ook een band die meedoet aan de liedjeswedstrijd ‘Pompen of verzuipen’, één van de vele activiteiten rond 450 jaar Leeghwater.
Naast Kiel nemen ook wethouders Robert te Beest en Mario Hegger van Alkmaar en Purmerend het woord, naast hoogheemraad Klazien Hartog. Zij benadrukken nogmaals de impact die Leeghwater heeft gehad en Klazien Hartog gaat in op actuele uitdagingen zoals landschapsdaling. De wethouders mikken op meer toeristen in het Land van Leeghwater, maar niet zomaar iedereen. “De kwaliteitstoerist, die geïnteresseerd is, die willen we graag hebben hier”, zegt Hegger. “En die zijn portemonnee meeneemt!”, voegt Te Beest lachend toe.
Het trio heeft de eer om als eersten het glossy jubileumboek ‘Leeghwater’ in ontvangst te nemen. Nota bene uit handen van Jan Adriaanszoon Leeghwater zelf. Dan verschijnen er onverwacht nog twee Leeghwaters. Oei, er kan er natuurlijk maar één de echte zijn. Ze moeten vragen beantwoorden, maar uiteindelijk blijft onduidelijk wie de echte is en wijzen ze alle drie zichzelf aan als winnaar. (tekst gaat verder onder de foto)
Leonie Jansen uit de Beemster gaf een optreden en betrok daar het publiek bij voor een stukje samenzang. (foto: Streekstad Centraal)
Ter afsluiting wordt getoost met ‘Leeghwater’ Pompe-Bitter, dat al sinds 1608 in De Rijp wordt gemaakt. Na “Leeg!… Water!” te roepen gaat het drankje achterover en kan iedereen gezellig napraten. Streekstad Centraal klampt een blije Leonie Jansen aan. “Een optreden als dit is bijzonder en ook moeilijk”. Het is volgens de gelauwerde muzikante altijd weer afwachten hoe het publiek reageert, als het niet speciaal voor jou komt. “Het is een heel apart gevoel en als het dan weer lukt, en mensen reageren van ‘oh leuk’, dan is het ook écht zo. Ik ben hier heel gelukkig mee.”
Jansen kwam in 2012 naar de Beemster en voelde zich er al snel thuis. Ze beseft door haar geadopteerde dochter uit Afrika goed hoe bijzonder het eigenlijk is om ver onder zeeniveau te leven. “Toen ze de eerste keer hier kwam, vond ze het doodeng en wilde ze eigenlijk niet beneden slapen. Ik zei ‘schat, het is veilig, er kan niks gebeuren, we doen het al 400 jaar zo’. Inmiddels is ze eraan gewend.” Jansens genietmomentje is het ‘s ochtends buiten de krant uit de brievenbus halen, vertelt ze. “Dat is mijn favoriete loopje. Dat mag mijn vriend níet doen. Ja, echt waar! Dan kijk ik om me heen, hoor de scholeksters en ruik het land.” (tekst gaat verder onder de foto)
De aftrap van 450 jaar Leeghwater werd afgesloten met een toost, met Leeghwater Pompe-Bitter uit De Rijp. (foto: Streekstad Centraal)
Ook Bob Kiel kijkt erg tevreden terug op de aftrap van 450 jaar Leeghwater. “Een prima aftrap. Ik heb ook alleen maar mensen gesproken die het heel erg leuk vonden. Nou, daar doen we het voor!”
Tot en met eind augustus is er van alles en nog wat te doen in het kader van 450 jaar Leeghwater. Het hele programma en meer zijn te vinden op lw450.nl. Het boek ‘Leeghwater’ is te koop bij diverse VVV’en, de Museummolen in Schermerhorn en het Rijper museum In ’t Houten Huis. Online kopen kan via visitbeemster.nl.