Om het toenemende aantal jonge immigranten ook de komende jaren een leerplek te kunnen geven, groeit de Alkmaarse taalklas De Waaier van SaKs uit tot regionaal expertisecentrum. De scholenketens SaKS, Ronduit, Blosse, Tabijn, Ithaka en El Amal, en gemeenten Alkmaar, Heiloo en Bergen tekenden een samenwerkingsovereenkomst voor een duurzame toekomst van het onderwijs voor anderstalige kinderen tussen de 6 en 12 jaar in de regio.
Al ruim 30 jaar verzorgt de taalklas De Waaier onderwijs voor jonge nieuwkomers op de hoofdlocatie IKC De Wegwijzer en bij basisschool De Kring. Ze krijgen in Alkmaar een jaar Nederlands, rekenen en ze leren Nederland kennen, om daarna door te kunnen stromen naar het reguliere onderwijs. De laatste jaren is het aantal kinderen verdrievoudigd.
Michael Vader, schooldirecteur én aanjager van De Waaier: “Met de start van het expertisecentrum is onderwijs aan nieuwkomers de komende jaren gewaarborgd in de regio Alkmaar. Daarnaast voorzien we vanuit het expertisecentrum een nazorgtraject waarbij we de kinderen nog zeker een jaar na uitstroom van de taalklas blijven volgen op de basisschool. Tot slot voorziet het expertisecentrum in kennisdeling voor betrokkenen in de regio.”
Net als andere kinderen gaan de nieuwkomers vijf dagen per week naar school. Er wordt rekening gehouden met hun individuele niveau en er wordt voor gezorgd dat ze zich veilig en geborgen voelen. Deze kinderen hebben vaak een hoop meegemaakt in hun land van herkomst. Een maand voordat ze doorstromen naar een reguliere basisschool, gewennen ze alvast met één dag per week op hun nieuwe stek.
Als we de reacties van Dijk en Waarders moeten geloven, dan is er de afgelopen maanden behoorlijk wat vuurwerk doorheen gegaan. Honden die niet naar buiten durven, vernielde vuilnisbakken en inwoners die niet kunnen slapen. Je hoeft maar even door de Facebookgroepen te scrollen en je leest tal van verhalen over vuurwerkoverlast. “Het heeft gewoon niks meer met vuurwerk te maken”, schrijft Facebookgebruiker Saskia van Leeuwen. Maar waarom is het zo lastig om de Dijk en Waardse vuurwerkoverlast te stoppen?
Op sociale media hebben veel inwoners geen goed woord over voor de vuurwerkvandalen. De verschillende groepen stroomden vol met klachten. “Ik hoop niet dat mijn honden losbreken en niet meer terugkomen. Heel hartelijk bedankt voor al die superharde knallen”, zegt Nancy Oudenaarde. En die reactie staat dus niet op zichzelf. We kunnen dit artikel – bijna letterlijk – vullen met reacties van bezorgde mensen. Ook de gemeente Dijk en Waard merkte een toenemende overlast. Het resultaat: handhaving en politie gingen vaker de straat op. “We reageren onder andere op meldingen die zijn gedaan in de Fixi-app. Dat zijn meldingen over geluidsoverlast, maar ook over vernielingen door vuurwerk.” (Tekst gaat verder onder de foto)
Dijk en Waard zette hard in op de aanpak van vuurwerk.
Maar volgens veel Dijk en Waarders heeft dat niet geleid tot het gewenste resultaat. Sterker nog: de afgelopen weken werden zelfs verschillende petities gestart om een vuurverkwerkbod te bewerkstelligen. Weliswaar hadden de petities weinig succes – elk niet meer dan honderd reacties – maar de boodschap was vrijwel gelijk: het woongenot wordt ernstig verstoord. Volgens inwoners schiet het beleid te kort. Zo zou het verbod op illegaal vuurwerk niet worden gehandhaafd, ontbrak het aan surveillances en werden meldingen in de Fixi-app niet opgevolgd.
We legden de vele klachten en opmerking voor aan de gemeente. Wat vindt Dijk en Waard zelf eigenlijk van de vuurwerkaanpak? Het korte antwoord: er worden wel degelijk handhavingsrondes en surveillanceacties gehouden, maar dat wordt niet altijd gezien. “Dat gebeurde vanaf oktober regelmatig, maar in december stond elke middag- en avondronde in het teken van vuurwerk. Meldingen vanuit Fixi worden dan ook meegenomen in de briefing”, legt een gemeentewoordvoerder uit. “Het lastige van handhaven op het afsteken van vuurwerk is dat er sprake moet zijn van op heterdaad betrappen, voordat we mensen kunnen beboeten.” Maar toch klopt ook een deel van de kritiek op de Fixi-app: “Het is niet zo dat we afrijden op elke afzonderlijke melding, dat is simpelweg niet te doen. Deze meldingen helpen ons om locaties in beeld te krijgen waar we vervolgens ook weer surveilleren.” (Tekst gaat verder onder de foto)
Niet alle overlastmeldingen in de Fixi-app werden nagelopen. (Beeld: Gemeente Heerhugowaard)
In tal van gemeenten werd de afgelopen jaren een algeheel vuurwerkverbod ingesteld. Neem bijvoorbeeld Apeldoorn waar vuurwerk afsteken uit de boze is en dichter bij huis Amsterdam en Haarlem. Ook het Dijk en Waardse gemeentebestuur overwoog een vuurwerkverbod, maar dat kwam er uiteindelijk toch niet. Wel werd een onderzoek voorgesteld. Peilen wat voor- én tegenstanders vinden van het vuurwerk. Want zo benadrukte burgemeester Maarten Poorter tijdens een politieke avond: “Niet alleen de voorstanders van een verbod, maar ook tegenstanders moeten gehoord worden. We nemen de resultaten heel serieus, maar het is geen referendum. Het is een onderzoeksmethode.” (Tekst gaat verder onder de foto)
Burgemeester Maarten Poorter wil vooral weten wat inwoners vinden van het vuurwerk. (Beeld: NH Media)
We vroegen het gemeentebestuur niet alleen naar een reactie op de afgelopen periode, maar ook om een evaluatie. Eerder werd namelijk gesteld dat een vuurwerkverbod niet op zijn plaats was, omdat weinig ervaring was opgedaan met de situatie na corona. Hoe kijkt het bestuur op dit moment naar een mogelijk vuurwerkverbod? “In het tweejaarlijks onderzoek naar de veiligheidsbeleving in Dijk en Waard zijn ook vragen opgenomen met betrekking tot vuurwerk. Mede met resultaten van dat onderzoek zullen we kijken welke maatregelen er nodig zijn om het vuurwerkoverlast terug te dringen”, zegt het college van burgemeester en wethouders.
Een vuurwerkverbod in Dijk en Waard lijkt daarmee niet uit de lucht, maar tegelijk ook geen maatregel die binnenkort wordt ingevoerd.
Ze zien het al helemaal voor zich. Een familiehuis voor veteranen, het thuisfront en andere mensen met een risicoberoep. Dat is de grote droom van Heerhugowaarders Melvin en Danyella van Geffen en Pancrasser Sijmen Schouten. Vorig jaar hebben ze onder de vlag van Stichting Thuis een familiedag georganiseerd in Cool. Ook in 2024 gaat de stichting zo’n dag organiseren, maar het liefst openen ze daarnaast een thuisbasis voor veteranen en hun families. “Als je niet kunt vertellen wat er werkelijk is gebeurd, dan blijft het broeien en kom je geen stap verder”, vertelt Danyella.
Ze kan het weten. Als voorzitter van Stichting Thuis hoort ze regelmatig verhalen van veteranen met een posttraumatische stressstoornis (PTSS). “En mijn man Melvin heeft zelf ook lang gevochten tegen PTSS”, vertelt ze aan onze verslaggever. Na uitzendingen in Kosovo en Irak stortte Melvin volledig in. Het ging niet meer. “Hij heeft het echt heel zwaar gehad. Zo zwaar dat hij een einde aan zijn leven wilde maken. De afscheidsbrief lag letterlijk al klaar.” Als ze die tijd moet samenvatten in een woord, dan is dat onbegrip. Onbegrip van Melvins werkgever, maar ook de omgeving. “En ik snap het ook wel. Nooit heb ik het hele verhaal durven te vertellen uit angst voor wat er dan zou gebeuren. Gelukkig kreeg ik wel begrip van mijn schoonvader. Als marineman leerde hij mij wat ik moest doen als Melvin een herbeleving had: zorgen dat de kinderen veilig zijn en de deuren op slot doen.”
“Je mag best weten, ik heb in die jaren geprobeerd om iets positiefs te maken van de situatie. Elkaar blijven zien, zien wie achter het masker van die zware PTSS zat. Dat vond ik belangrijk.” Melvin neemt na een aantal jaar een drastisch besluit en laat zich opnemen in een kliniek. “Dat heeft hem weer geheeld. In 2018 was hij uitbehandeld en kregen we een groot cadeau. We hadden ineens weer een man en papa die rustig was.” Danyella is in die periode naar eigen zeggen ‘helemaal klaar’ met alles wat ook maar te maken heeft met defensie en veteranen. Of toch niet: “Ik bleef namelijk wel mensen helpen en toen van het ene op het andere moment kwam ik in contact met de burgemeester.” Een koffieafspraak met Maarten Poorter volgde. En langzaamaan groeide het team en ontstond het idee voor de stichting én een familiedag. Op zaterdag 2 september was de grote dag: 154 mensen ontmoetten elkaar tijdens de eerste familiedag in Cool. “Veteranen, hun partners, kinderen, maar ook mensen met andere risicoberoepen liepen daar. Het was zo mooi.” En dat smaakt naar meer. Voor dit jaar heeft Stichting Thuis grote plannen met een tweede familiedag – op zaterdag 7 september in Cool – en wellicht een eigen plek voor de veteranen, het thuisfront en andere mensen met een risicoberoep.
Zo’n zeven jaar geleden was de Heerhugowaardse overigens al betrokken bij een veteranenhuis. Onder grote belangstelling werd het Veteranen Ontmoetings Centrum (VOC) geopend door toenmalig burgemeester Han ter Heegde. Al na een aantal maanden ontstonden scheurtjes in de relatie van voorzitter Maurice Bettink met de toenmalige gemeente Heerhugowaard. Het is niet duidelijk wat er precies is gebeurd. Bettink – die inmiddels in het buitenland woont – wil in gesprek met Streekstad Centraal niet praten over de incidenten in die periode. Ook Danyella van Geffen kijkt liever naar de toekomst. “Ik wil niet ingaan op die situatie. Het heeft te maken met normen en waarden. Toen wij bepaalde dingen hoorden zijn we gestopt. We staan voor de veteranen, het thuisfront en andere risicoberoepen.”
Stichting Thuis organiseert volgende week een bijeenkomst voor raadsleden. Om wat meer informatie te geven over de stichting, maar ook om te vertellen over het begrip veteraan. “Het klinkt misschien gek, maar veel mensen weten dat niet. Het is vaak toch een onbekend verhaal. Dat willen we wegnemen bij de mensen en vervolgens begrip krijgen voor deze doelgroep. Ze staan er als het moeilijk is en dat is zeker niet vanzelfsprekend. Het zou fantastisch zijn als de raad meepraat en meedenkt. Want we willen en kunnen dit als stichting niet alleen doen.”
Een bultrug is gespot voor de kust van Castricum. Dat gebeurde vrijdagochtend. Volgens SOS Dolfijn is het hele tafereel best uniek. Sinds begin deze eeuw worden af en toe bultruggen voor de kust van Noord-Holland gezien. SOS Dolfijn wil graag weten hoe het met de bultrug gaat, en is op zoek naar beeldmateriaal.
De bultrug zwom op ongeveer anderhalve kilometer van de kust in noordelijke richting en is daarna niet meer gezien, laat Anne Marie van den Berg weten aan mediapartner NH. Volgens de directeur van SOS Dolfijn kunnen bultruggen alleen zijn of in groepen zwemmen. “Maar de dieren kunnen op tientallen kilometers nog met elkaar communiceren. Dus als ze alleen gezien worden, betekent het niet dat ze ook echt alleen zijn.” Of de walvis in gevaar is, is nog niet te zeggen. SOS Dolfijn is op zoek naar foto’s en video’s van de bultrug. “Op basis van de lengte en omvang kunnen we zien of het een jong of volwassen exemplaar is en hoe hij eraan toe is.”
“Het blijft altijd bijzonder. Vorige eeuw kwam het eigenlijk niet voor, maar tegenwoordig zwemmen ze bijna jaarlijks voorbij. Meestal blijven ze enkele weken, soms maanden, meestal tussen oktober en maart.” Maar wat ze in de Nederlandse wateren te zoeken hebben is volgens Van den Berg niet duidelijk. “De Noordzee is een ondiepe plas met veel activiteit zoals vaarroutes en windmolenparken, eigenlijk is het raar dat ze toch deze zee opzoeken. Maar bultruggen kunnen zich goed in ondiep water redden. Als het om een potvis zou gaan is het een ander verhaal, die lopen groot gevaar te stranden.”
Als een walvis of dolfijn wel in gevaar is of dreigt aan te spoelen, komt SOS Dolfijn in actie. Ze waarschuwen bijvoorbeeld de scheepvaart, of proberen te voorkomen dat de dieren stranden. Bijvoeden is geen optie. “Bultruggen zijn baleinwalvissen, ze eten levende vis. We kunnen moeilijk een pak haring voor zijn neus gooien.” Spoelt een zeezoogdier wel aan dan wordt er gekeken of het dier nog geholpen kan worden. Zo niet, wordt er voor euthanasie gekozen. “Zo verlossen we het dier uit zijn lijden.”
De organisatie blijft alert op de situatie bij de Castricumse kust. Maar Van den Berg laat weten dat er tot nu toe geen reden tot paniek is. (Beeld: Wiki Commons)
Burgemeester Anja Schouten heeft Bob van der Horst afgelopen week verrast met een Koninklijke onderscheiding. Dat liet de gemeente donderdag weten. Van der Horst is benoemd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau uit dank voor al het vrijwilligerswerk dat hij heeft verricht voor hulpbehoevende mensen uit de omgeving en ook in Suriname en Oekraïne.
Bob van der Horst is inmiddels 15 jaar vrijwilliger bij Stichting KOOK. Na zijn pensionering bij de Hoogovens ging hij daar aan de slag om als chauffeur spullen op te halen en te bezorgen. In 2010 werd hem gevraagd mee te denken over een nieuwe locatie en uiteindelijk werd een leegstaande loods aan de Zijperstraat gevonden. “Zijn rol was van onschatbare waarde”, aldus gemeente Alkmaar. “Hij was een begenadigd klusser en had daarnaast ook heel veel contacten waar materialen, stellingen en containers geregeld werden. Met een prachtige winkel als resultaat.”
Maar er is nog veel meer. In Suriname bouwde Van der Horst een opvanghuis voor tienermoeders en renoveerde hij een kindertehuis. Toen de oorlog in Oekraïne uitbrak, regelde hij samen met de Stichting Charitas Ukraine-Holland een vrachtwagen met hulpgoederen uit de voorraad van KOOK. Deze hulpactie loopt tot op de dag van vandaag. Voor de tijdelijke opvang van asielzoekers in Alkmaar regelden Van der Horst en een aantal collega’s meubels.
“Bob is een bekend gezicht in Alkmaar”, aldus de gemeente. “Hij wordt omschreven als een onverwoestbare, charismatische en onbaatzuchtige man: ‘Hij geeft bedelaars een jas, vluchtelingen een warme deken en elk mens het gevoel dat hij ertoe doet’.” (foto: Gemeente Alkmaar)
Mohamed Ben Ali haalde met een sportbenefiet in zijn gym in Noord-Scharwoude meer dan 21.000 euro op voor noodhulp in Marokko. Om zeker te weten dat het geld goed besteed werd, brachten de sportschoolhouder en de rest van de organisatie het zelf naar het gebied waar alweer meer dan vier maanden geleden een zware aardbeving plaatsvond. “We kunnen natuurlijk doneren aan het goede doel, maar zo weet je zeker dat het goed terechtkomt.”
Samen met onder meer oud-burgemeester Han ter Heegde bracht Mo – zoals de meesten hem noemen – een bezoek aan aardbevingsslachtoffers in de omgeving van Marrakech. “We hebben de realiteit met eigen ogen gezien en dat was heel heftig. Mensen wonen in krotten of tenten. Alles is verwoest”, liet hij mediapartner NH Nieuws weten.
Een deel van het geld van de sportieve inzamelingsactie is aan een lokale stichting gegeven, de rest werd door Mo en co. in enveloppen uitgedeeld. “Verschillende alleenstaande moeders hebben een envelop gekregen. Ook de mensen die in een tent woonden. We hebben geprobeerd zo veel mogelijk mensen een kans te geven weer iets op te bouwen.” Ook werd warme kleding uitgedeeld tegen de winterse kou. Voor de kinderen was er ook snoep. (tekst gaat verder onder foto)
Mo deelt snoep uit aan kinderen in het dorp (foto: Mohamed Ben Ali)
Er was drama alom in het dorp waar Mo heen was gegaan, maar de verhalen van sommige inwoners maakten extra veel indruk op hem. Zoals van een man die twee van zijn kinderen onder het puin vandaan haalde, maar drie andere kinderen, zijn vrouw en zijn moeder verloor. “Hij was kapot, maar ook zo dankbaar. Ondanks zijn grote verdriet kreeg ik elke keer dat ik hem zag een grote glimlach van hem.”
Een ander slachtoffer, een alleenstaande vrouw met meerdere kinderen, krijgt hij ook maar maar moeilijk uit z’n hoofd. “Ze woonde op een berg in een krot met allemaal scheuren door de aardbeving. Als dat nog een keer gebeurt, ligt dat huis plat. Dat overleeft ze niet.”
Aan nieuwe huisvesting, voeding en medische zorg is vier maanden na de aardbeving nog altijd een grote behoefte. “Ik wil sowieso terug om die vrouw te helpen aan een nieuw huis. Daar zijn we druk mee bezig. En er zijn nog veel meer mensen die hulp kunnen gebruiken. Het is geen leven wat ze daar nu hebben.”