Alkmaar als groeistad, de Boekelermeer als waterstofhub en strijd om drinkwater: Noord-Kennemerland moet de komende decennia uitgroeien tot een van de belangrijkste regio’s van Noord-Holland. Dat blijkt uit de ontwerp-omgevingsvisie van de provincie, waarin Alkmaar wordt aangewezen als stedelijke motor, de Boekelermeer een sleutelrol krijgt in de energietransitie en de toekomst van drinkwater nu al bepalend wordt voor waar straks nog gebouwd kan worden.
De provincie is helder over het uitgangspunt: “niet alles [is] overal mogelijk.” Volgens de opstellers van de ontwerp omgevingsvisie vraagt de schaarse ruimte om scherpe keuzes tussen woningbouw, economie, natuur, mobiliteit en water.
In het kader van keuzes geeft de nieuwe ontwerpvisie onder meer vernieuwd gewicht aan de al jaren besproken aansluiting op de A9 bij Heiloo. Waar de afslag lange tijd vooral werd gezien als een lokaal infrastructuurproject, plaatst de provincie die nu nadrukkelijk in een regionale context. Volgens de visie is de aansluiting van belang voor de bereikbaarheid van zowel bedrijventerrein Boekelermeer als de toekomstige woningbouw in De Zandzoom. Daarmee wordt de afslag een schakel in de bredere ruimtelijke strategie voor Noord-Kennemerland.
In acht jaar tijd heeft de provincie de koers duidelijk heeft aangescherpt. In de Omgevingsvisie uit 2018 lag de nadruk nog op het vinden van een ‘balans tussen economische groei en leefbaarheid’, waarbij gemeenten en regio’s veel ruimte kregen om zelf invulling te geven aan ontwikkelingen. De nieuwe ontwerpvisie kiest nadrukkelijk voor meer provinciale regie. (tekst loopt door onder de afbeelding)

Niet langer is het uitgangspunt dat alle ambities naast elkaar kunnen bestaan, maar dat de schaarse ruimte vraagt om keuzes. Woningbouw, natuur, economie, landbouw, drinkwater en energie concurreren steeds vaker om dezelfde vierkante meters. Waar de provincie in 2018 nog vooral sprak over het mogelijk maken van ontwikkelingen, draait de nieuwe visie veel meer om het bepalen wélke ontwikkelingen voorrang krijgen.
Voor inwoners van Alkmaar, Dijk en Waard, Bergen, Castricum, Heiloo en Uitgeest betekent het dat de regio de komende 25 jaar ingrijpend zal veranderen. Alkmaar krijgt in de visie de rol van centrumstad voor de regio. De provincie wil nieuwe woningen zoveel mogelijk bouwen in bestaande stedelijke gebieden en bij stations. Zoals letterlijk in de visie staat: “We doen dit zoveel mogelijk binnenstedelijk en bij OV-knooppunten en bestaande infrastructuur.”
De economische ontwikkeling concentreert zich onder meer rond bedrijventerrein Boekelermeer. Dat moet uitgroeien tot een belangrijk centrum voor duurzame industrie, met ruimte voor waterstof, groen gas en circulaire bedrijven. Ook bedrijventerrein Zandhorst in Dijk en Waard wordt genoemd als voorkeurslocatie voor circulaire bedrijvigheid. Iets waar beide gemeenten zich al kritisch over hebben uitgelaten. (tekst loopt door onder de foto)

Misschien nog ingrijpender zijn de plannen die vrijwel niemand zal merken, omdat ze zich onder de grond afspelen. Door klimaatverandering en de stijgende zeespiegel komt de drinkwatervoorziening onder druk te staan. Daarom reserveert de provincie nu al gebieden rond Alkmaar waar in de toekomst drinkwater kan worden geïnfiltreerd.
De provincie noemt voldoende drinkwater daarbij expliciet een prioriteit. “Voldoende drinkwater heeft hierbij bijzondere aandacht,” staat in de visie. Om die reden wil Noord-Holland voorkomen dat in de aangewezen zoekgebieden ontwikkelingen plaatsvinden die toekomstige drinkwaterwinning onmogelijk maken.
Het landschap tussen Bergen, Alkmaar en Egmond aan den Hoef blijft grotendeels open. De Weidse Polders moeten volgens de provincie hun agrarische karakter behouden, maar tegelijkertijd meer ruimte bieden aan natuur, waterberging en recreatie. Daarmee probeert de provincie meerdere doelen tegelijk te bereiken. (tekst loopt door onder deze video uit 2022)
De plannen brengen tegelijkertijd nieuwe dilemma’s met zich mee. Meer woningen en bedrijven betekenen ook meer verkeer en een grotere druk op de leefomgeving. Bovendien worden de Europese normen voor luchtkwaliteit vanaf 2030 aangescherpt. De provincie waarschuwt dat dit gevolgen kan hebben voor nieuwe bouwprojecten als aanvullende maatregelen uitblijven.
Opvallend is dat de provincie zelf erkent dat de uitvoering onzeker is. Netcongestie, stikstof, een tekort aan personeel en beperkte financiële middelen kunnen de plannen vertragen. “We willen onze ambities en de richting waar we aan werken niet te veel laten bepalen door wat nu speelt,” schrijft de provincie. Tegelijkertijd benadrukt zij dat uitvoerbaarheid en haalbaarheid steeds opnieuw worden afgewogen.
Juist daarin schuilt de grootste vraag achter de visie. Noord-Holland wil tegelijkertijd duizenden woningen bouwen, de economie versterken, natuur uitbreiden, de drinkwatervoorziening veiligstellen en de luchtkwaliteit verbeteren. De provincie presenteert dat als één samenhangende koers. De komende jaren zal moeten blijken of al die ambities daadwerkelijk naast elkaar kunnen bestaan, of dat uiteindelijk toch keuzes moeten worden gemaakt.
