hij in zijn winkel een jubileumfeestje.
zaterdag luistert Peperkamp zijn vijftigjarig jubileum op met een feestje, waarna eind december zijn winkel sluit. Zonder spijt. ,,Als ik opnieuw zou moeten beginnen, zou ik het zo weer doen.”
was vijftien jaar toen hij zich inschreef voor de opleiding tot goud- en zilversmid aan de Vakschool Edelsmeden in Amsterdam. Drie jaar later was hij de jongste meestergoudsmid van Nederland. Komende zaterdag luistert Peperkamp zijn vijftigjarig jubileum op met een feestje, waarna eind december zijn winkel sluit. Zonder spijt. ,,Als ik opnieuw zou moeten beginnen, zou ik het zo weer doen.”
Het vak van goudsmid is de inmiddels 68-jarige Peperkamp allerminst met de paplepel ingegoten. ,,Mijn vader was melkboer in Schoorl. Op de lagere school raakte ik gefascineerd door die dikke en logge zwart-wittelevisies. Als ze kapot waren gegaan, liet ik ze imploderen en trok ik de spoeling eruit om van het koperdraad figuurtjes te maken.”
Het bleek de aanzet tot een opleiding voor goud- en zilversmid en Peperkamp bleek bovenmatig getalenteerd. ,,Ik begon in de tweede klas en na vijf weken zei de docent ’jij wordt overgeplaatst naar de derde klas’. De vierde klas was direct mijn eindexamenjaar en ik heb direct mijn meestertitel goudsmid behaald.”
=1983 aan het Fnidsen gehuisvest.
De zaak van Piet Peperkamp is vanaf 1983 aan het Fnidsen gehuisvest. © jjfoto.nl / Jan Jong
Dat was eigenlijk niet normaal, erkent de bescheiden Peperkamp schoorvoetend. ,,Als je die opleiding deed, moest je parttime aan het werk. Vervolgens werd je gezel en pas daarna mocht je als goudsmid aan de slag. Ik ben het gelijk gaan doen. Mijn grote geluk was ook dat ik met mijn docent Jan Mantel een echte praktijkman trof van wie ik het meest heb geleerd. Hij woonde zelf ook in Alkmaar en zag het in mij zitten. Hij was ook edelsmid en vroeg een keer ’Pietje, ben je vanavond thuis? Er komt een juwelier bij je en je moet een paar klusjes voor hem doen. Als je het even niet weet, dan vraag je het aan mij’. Jan Mantel was gedreven, een vakidioot, maar ook een lieve man. Als een leerling zijn best niet deed, vond hij dat ook prima. Hij gaf ze dan een zesje, waardoor ze toch hun diploma konden halen, maar vertelde ze wel dat ze beter niet door konden gaan in het vak van edelsmid.”
Juweliers zien een verschuiving in het koopgedrag van consumenten.
Peperkamp noemt zichzelf een ’ouderwetse goudsmid’. ,,Ik begin met staven goud en maak daar wat moois van. Tegenwoordig gaan veel goudsmeden aan de slag met een computer voor hun ontwerp, het ploppen, de tekeningen, de prints en het gieten. Dat wil ik per se niet. In dat opzicht ben ik van een uitstervend ras.”
Als goudsmid heeft Peperkamp nooit over werk te klagen gehad. ,,Ik maak alles. Halskettingen, armbanden, oorbellen, ringen. Momenteel is de goudprijs hoog, dus ik ben ook veel aan de slag met oude, versleten sieraden die lange tijd niet zijn gedragen en daar maak ik iets nieuws van.”
Peperkamp veroverde na zijn voltooide opleiding snel een plek in Alkmaar. ,,Ik begon op een zolderkamer aan de Westerweg met thuiswerk voor juweliers en op mijn twintigste werd ik echt eigen ondernemer met ook reparaties voor particulieren en ik maakte toen op bestelling ook mijn eigen sieraden. Vervolgens ben ik een pandje gaan zoeken met als eis dat ik er boven zou kunnen wonen. Ook moesten de passanten mij vanuit de etalage aan het werk kunnen zien en met het bedrag dat ik verdiende via de juweliers moest ik in mijn onderhoud kunnen voorzien. Zo ben ik in 1983 aan het Fnidsen beland en ik ben altijd gebleven. Ik heb altijd op zeker gespeeld. Ik ben geen persoon die in het diepe springt en zegt ’zo gaan we het even doen’. Ik werkte zeker in de beginjaren tachtig, negentig uur per week. Achteraf had ik veel eerder moeten stoppen met de reparaties voor de juweliers en mij meer op mijn eigen werk moeten concentreren.”
Wie denkt dat het vak van goudsmid voor Peperkamp millimeterwerk is, heeft het mis. ,,Het is nog veel fijner. Als er in een ring driehonderdste centimeter verschil zit, zie ik dat. Ik ben gek van kleurstenen, vooral saffieren, en als ik een bepaalde maat nodig heb, dan legt een leverancier meestal zo’n tachtig edelstenen op tafel. Als ik er vier wil hebben, zie ik met het blote oog welke dezelfde van omvang hebben. Die pak ik eruit met een pincet. Dat is ook ervaring, maar de leverancier staat altijd nog perplex dat ik dat doe.”
Peperkamp werkt met dure materialen en dat beseft hij terdege. ,,Een gram goud kost 125 euro. Dan ben je er zuinig op. Ik vang ook alles op, zelfs de goudschilfers die op het schuurpapier zijn achtergebleven. Ik heb ook een aparte stofzuiger voor mijn werkruimte met een fijn filter.”
Ik blijf een beetje rommelen. Met een collega-smid heb ik ook nog een werkplek in Haarlem. Daarnaast pak ik oude hobby’s op, zoals tekenen en fotograferen. Ook heb ik nog een oldtimer. Ik heb geen opvolgers. Mijn dochters zijn een andere richting opgegaan. Daarmee verdwijnt na 48 jaar wel de goudsmid van het Fnidsen.”