De bouw van de nieuwe wijk aan de oostkant van Noord- en Zuid-Scharwoude staat onder druk. Netbeheerder Liander weet namelijk niet zeker of er op tijd stroom beschikbaar is. De eerste huizen moeten eind 2026 al gebouwd moeten worden om een belangrijke subsidie van het Rijk niet mis te lopen.
De nieuwe wijk gaat Doesenburg heten en krijgt 637 woningen. De naam verwijst naar het oude Doesenpad en de vroegere Doesensloot. Door de wijk komt een route voor fietsers en wandelaars, als knipoog naar hoe het gebied vroeger was.
De gemeente heeft geld gekregen van het Rijk om sneller woningen te bouwen, vooral betaalbare huizen. Maar daar zit wel een harde eis aan: de bouw moet nog dit jaar beginnen. Omdat de stroomvoorziening mogelijk niet op tijd klaar is, wordt gekeken naar een andere aanpak.
De huizen zouden in die plannen dan eerst afgebouwd worden en pas later aangesloten op gas, water en elektriciteit. Dat is nogal anders dan normaal, maar zo loopt het project geen vertraging op, is de gedachte. (tekst gaat door onder de foto)
Zo moet de nieuwe wijk Doesenburg eruit komen te zien. (Illustratie: gemeente Dijk en Waard)
De plannen voor de inrichting van de wijk zijn inmiddels klaar. Het wordt een buurt waar wandelen en fietsen centraal staan. De wegen worden bewust wat smaller gemaakt, zodat auto’s er langzamer rijden. Daardoor blijft er ook meer ruimte over voor groen. Langs de paden komen zogeheten wadi’s: groene stroken die regenwater opvangen. Tegelijk zorgen ze ervoor dat er niet in de berm geparkeerd wordt.
Ook komen er veilige oversteekplekken naar de omliggende buurten. Op de Oostelijke Randweg wordt nog gekeken naar extra maatregelen om het verkeer af te remmen, zoals drempels of verhoogde kruispunten. De rotonde bij de Langebalkweg blijft zoals die is. Wel komt er een nieuwe kruising bij de Karekiet en krijgt de weg een lichte bocht, zodat auto’s ook daar minder hard rijden.
Verder komt er een extra riool langs de Oostelijke Randweg. In de buurt zijn al langer problemen met grondwater, en dit moet helpen om dat te verbeteren. Tot slot wil de gemeente beter kijken naar wat jongeren nodig hebben in de wijk. Ook komt er extra aandacht voor veiligheid, zodat iedereen zich er prettig voelt.
Gebogen knieën, de blik strak op de bal en dan een korte, beheerste zwaai. De sajetbal rolt over de baan, tikt de paal en komt langzaam tot stilstand. Even is het stil in café De Schelvis in Zuid-Scharwoude, totdat iemand vanaf de zijkant al zachtjes het aantal punten mompelt. Nog voordat de bal echt stil ligt, wordt er geknikt: dit is een goede slag.
Tijdens de Sajet Kolfkampioenschappen draait het niet alleen om winnen, maar vooral om het spel zelf. Om techniek, gevoel en een beetje geluk. In het zaaltje langs de baan zitten toeschouwers dicht op het spel, pen in de hand, terwijl spelers zich concentreren op hun volgende poging. Het is serieus en ontspannen tegelijk – precies zoals kolven bedoeld is.
Kolven lijkt eenvoudig, maar schijn bedriegt. “Het lijkt veel makkelijker dan het is,” zegt Franck van Kleef, lid van Kolfvereniging Gezellig Samenzijn. “We hadden laatst jongeren die dachten: dat doen we wel even. Maar om echt goede punten te halen heb je techniek nodig én moet je veel oefenen.” De uitdaging zit in de precisie: spelers proberen de bal zó over de baan te slaan dat hij via de paal loopt en zoveel mogelijk punten oplevert. Geen slag is hetzelfde, en juist dat maakt het spel volgens de liefhebbers zo aantrekkelijk. (tekst gaat door onder de foto)
Bij iedere slag staat de markeur goed op te letten op de plek waar de volgende slag genomen moet worden. (foto: Streekstad Centraal)
Er wordt gespeeld volgens de regels van de Koninklijke Nederlandse Kolfbond. Per ronde staan drie spelers in de baan en slaan om de beurt. Begrippen als ‘vol’ – goed voor twaalf punten – en ‘boedel’, een ongeldige slag, vliegen over tafel alsof het de normaalste zaak van de wereld is. De positie van de bal na elke slag bepaalt het vervolg, waardoor spelers telkens opnieuw moeten inschatten wat de beste aanpak is.
Op de achtergrond houdt markeur Dick IJff alles scherp in de gaten. Met kleine streepjes noteert hij waar de bal tot stilstand komt en vanaf waar de volgende slag moet worden genomen. Zelf speelt hij deze dag niet mee. “Ik speel alleen met gummieballen,” legt hij uit. “En dat is echt heel anders dan sajet.” Die sajetballen zijn lichter en gevuld met garen. Het maakt het spel minder voorspelbaar. “De bal is en blijft rond,” zegt IJff. “Je kunt nog zo goed zijn, maar je hebt ook geluk nodig. Zeker als de druk oploopt.” (tekst gaat door onder de foto)
Aandachtig wordt er gekeken naar de mannen op de baan. Is het een goede slag? Of blijkt het toch een ‘boedel’ te zijn? (foto: Streekstad Centraal)
Die spanning waar IJff over spreekt, zit volgens hem in het onvoorspelbare karakter van het spel. “Meestal is het wel duidelijk wie mee gaan spelen voor de podiumplekken,” zegt hij. “Maar je hebt echt het geluk aan je zijde nodig om goede punten te slaan. En als daar dan ook nog de druk van de finale bij komt kijken, dan kan het zomaar heel spannend worden.”
Langs de baan wordt dat zichtbaar. Terwijl de punten worden opgeteld, wordt duidelijk wie bovenin meedraait, maar niets ligt vast. Elke slag kan het verschil maken en iedereen langs de kant rekent mee. Nog voordat de bal stil ligt, wordt er al zachtjes een score genoemd.
Voorzitter Martin Bakker kijkt aandachtig toe. “Als je de baan door en door kent, weet je ongeveer wat een bal gaat doen,” zegt hij. De 84-jarige Bakker is al jaren betrokken bij de sport, maar zie ook dat het deelnemersveld kleiner wordt. De sport wordt wel gezien als een verdwijnend erfgoed. “We hebben vandaag veel afzeggingen gehad, dus het is een kleiner gezelschap. Maar we maken er hoe dan ook een mooie avond van.” (tekst gaat door onder de foto)
Met het oog op de prijzen doen alle deelnemers hun uiterste best zo veel mogelijk punten te behalen. (foto: Streekstad Centraal)
Volgens hem zit de kracht van kolven in de combinatie van spel en gezelligheid. “We bestaan al honderd jaar en het is een hechte groep. Je bent blij voor elkaar als iemand een goede slag doet, al wil iedereen natuurlijk winnen, maar het gaat ook om het samenzijn.” Die sfeer is overal voelbaar. Er wordt fanatiek gespeeld, maar ook gelachen en gepraat. Een mislukte slag zorgt soms voor een zucht, maar even later gaat het gesprek gewoon weer verder.
Voor Van Kleef is dat precies waarom hij blijft terugkomen. “De sport is zo leuk en zo gezellig.” Dat hij daar eerst anders over dacht, geeft hij eerlijk toe. “In het begin dacht ik: wat doe ik hier? Maar als je het eenmaal kent, dan denk je: dit is leuk.” Volgens hem verdient de sport meer aandacht. “Het heeft een oud imago, maar dat klopt niet. Geen slag is hetzelfde, en dat maakt het juist uitdagend.”
Wie het spel voor het eerst ziet, moet even kijken voordat het duidelijk wordt wat er precies gebeurt. Kolven wordt gespeeld op een smalle baan met aan beide uiteinden een paal. Het doel is om de bal zo te slaan dat hij via die paal heen en weer gaat en daarbij zoveel mogelijk punten oplevert. Spelers slaan om de beurt en spelen steeds verder vanaf de plek waar de bal stil komt te liggen. (tekst gaat door onder de foto)
De top drie van het kampioenschap (vlnr) Max Bruin, Dirk Swart en Detlef Redeker. (foto: Streekstad Centraal)
De kunst zit in de controle: hoe hard sla je, onder welke hoek en hoe zorg je dat de bal precies goed langs de paal loopt? Een perfecte slag levert een ‘vol’ op, goed voor twaalf punten, terwijl een ‘boedel’ juist niets oplevert. Omdat elke bal anders ligt en elke slag een nieuwe situatie creëert, moeten spelers continu opnieuw inschatten wat de beste keuze is. Dat maakt kolven minder rechtlijnig dan het lijkt – en volgens de spelers juist zo verslavend.
Tijdens de finale wordt er niet alleen om bekers gespeeld, maar ook om zuurkool met worst. Per ronde bepaalt Dick Beers welke slagen die prijs waard zijn. “Langedijk is groot geworden door drie dingen: zuurkool, de chipsfabriek en het kolven,” klinkt het lachend.
Na drie rondes zijn de eerste twee plekken duidelijk. Voor de derde plaats moet een beslissingsronde uitkomst bieden. Detlef Redeker trekt daarin aan het langste eind. De overwinning gaat naar Dirk Swart, met Max Bruin op de tweede plaats. Na de laatste slag wordt er nog lang nagepraat in De Schelvis. Over punten, over pech en over geluk. Want bij kolven weet je het pas zeker als de bal stil ligt.
Bij een aanrijding op het fietspad naast de Zeeweg (N513) bij Castricum is zaterdagmiddag een kind gewond geraakt. Het slachtoffer moest na het ongeval per ambulance naar het ziekenhuis worden vervoerd.
Het ongeluk gebeurde toen een groep fietsers, waaronder twee kinderen, en een scooterrijder met elkaar in botsing kwamen. Door de klap ontstond een valpartij.
Hulpdiensten waren snel aanwezig. Ambulancepersoneel ontfermde zich over het gewonde kind, dat na de val moeite had om te staan. Na eerste behandeling ter plaatse is besloten het slachtoffer over te brengen naar het ziekenhuis voor verdere controle.
De politie onderzoekt nog hoe het ongeval precies heeft kunnen gebeuren. (foto’s: PersfotoNH)
Een harde klap, stilstaande voertuigen en zwaailichten die de nacht verlichten: op de N245 bij Alkmaar ging vrijdagavond het flink mis bij een ongeval waarbij meerdere voertuigen betrokken waren.
Op de locatie kwamen twee auto’s en een bedrijfsbus met elkaar in botsing. Hulpdiensten rukten massaal uit en waren snel ter plaatse om de betrokkenen te controleren en eerste hulp te verlenen.
Eén betrokkene is met spoed per ambulance naar het ziekenhuis vervoerd voor verdere behandeling. Twee anderen zijn ter plekke nagekeken door ambulancepersoneel, maar hoefden niet mee naar het ziekenhuis.
De bedrijfsbus kon na het incident zijn weg vervolgen. De twee beschadigde personenauto’s hadden minder geluk en zijn door een berger afgesleept.
Als gevolg van het ongeval werden twee rijstroken op de N245 in de richting van Schagen tijdelijk afgesloten. Dit leidde tot de nodige verkeershinder in de omgeving. (foto’s: PersfotoNH)
Rennende voeten over het zand, kinderen die joelend richting het schommelnest sprinten en overal tegelijk geklim, gelach en geroep. Nog voordat de laatste woorden van het officiële praatje zijn uitgesproken, staan ze al te popelen. Zodra het sein wordt gegeven, barst het los. “Jaaaa!”
Het nieuwe, groene schoolplein van Kindcentrum Bello in Alkmaar is donderdagmiddag voor het eerst écht in gebruik. En dat blijft niet onopgemerkt. Waar eerst vooral tegels lagen, ligt nu een plein vol groen, hout en speelelementen. Het verschil is groot.
“Alles lag hier vol met alleen maar stenen,” zegt wethouder Jan Hoekzema. “We hebben zo’n 30.000 kilo puin afgevoerd. Dan weet je wel hoe versteend het hier was.” Met een knipoog voegt hij daaraan toe dat de kleding van de kinderen door al het groen misschien ook wel ‘meer gewassen moet worden’.
Geen kale bende meer. Nu staan er bomen, is er meer schaduw en zijn er plekken om te ontdekken en te spelen. Het plein is niet alleen bedoeld voor de school, maar ook voor kinderen uit de buurt. “Zo wordt de Spoorbuurt steeds interessanter om te verblijven, te wonen en naar school te gaan,” aldus Hoekzema. (tekst gaat door onder de foto)
De kinderen weten niet hoe snel ze de nieuwe speeltoestellen in gebruik moeten nemen. (foto: Streekstad Centraal)
Tussen alle nieuwe speeltoestellen springt er één duidelijk uit: het schommelnest. “Dat was echt een eis van de kinderen,” vertelt Maaike Bleeker, medewerkster van de school. Zij maakte zich hard voor de vernieuwing van het plein. “En die hebben we doorgedrukt.”
Ze benadrukt dat het plein samen met de kinderen tot stand kwam. “We hebben samen gekeken naar wat zij wilden. Ons vorige schoolplein had geen schommel, terwijl je juist iets wilt waar meerdere kinderen tegelijk op kunnen, zeker als jenaplanschool.”
Het schommelnest wordt meteen goed in gebruik genomen. Een grote groep kinderen wil er allemaal tegelijk op. Bleeker lacht: “We moeten nog even regels bedenken zodat iedereen er veilig gebruik van kan maken, maar dat komt nog. Laat ze nu maar even lekker genieten.” (tekst gaat door onder de foto)
Het schommelnest is de parel van het schoolplein, en daarnaast ook één van de eisen die de kinderen hadden. De schommel wordt meteen goed gebruikt. (foto: Streekstad Centraal)
Ze kijkt zichtbaar tevreden naar plein. “We dachten eerst dat we dit in delen moesten doen, omdat het zoveel geld kost. Ik had verwacht dat het pas rond 2030 klaar zou zijn. Dat het nu al zo ver is, is echt fantastisch.”
Ook binnen de school is de trots groot. Directrice Dewi Soewarno kijkt rond terwijl de kinderen het plein ontdekken. “Als je om je heen kijkt, hoor en zie je dat ze echt blij zijn,” zegt ze. “Dit project speelt al veel langer en we zijn ontzettend blij dat het nu zover is. De samenwerking met de gemeente is ook heel fijn geweest.”
Volgens haar is het effect van het nieuwe schoolplein direct zichtbaar. “Kinderen moeten lekker buiten spelen, in plaats van achter een telefoon of tablet te zitten. Ik denk echt dat dit schoolplein daaraan bijdraagt.” (tekst gaat door onder de foto)
Maaike Bleeker en directrice Dewi Soewarno zijn ontzettend trots op het nieuwe schoolplein van Bello. (foto: Streekstad Centraal)
Terwijl kinderen van toestel naar toestel rennen en het plein in rap tempo veroveren, kijken ouders en buurtbewoners vanaf de rand toe. “Onze zoon heeft het hier al de hele week over,” zegt een ouder. “Hij wilde zo graag op het schommelnest.”
Even verderop wordt enthousiast gewezen naar een waterspeelplek. “Misschien komen ze nat in de klas, maar zolang ze lekker spelen is dat alleen maar goed.”
Buurtbewoners zien vooral hoe groot de behoefte is in de Spoorbuurt met zijn smalle straatjes. “Het is hier best dicht op elkaar,” vertelt een omwonende. “Dan is het echt mooi dat er zo’n plek bij komt. Je zag net bij het praatje al dat de kinderen niet konden wachten om te gaan spelen. Het is echt een aanwinst voor de buurt.” (tekst gaat door onder de foto)
Het nieuwe watertoestel op het schoolplein gaat zeer waarschijnlijk voor de nodige natte broeken zorgen, maar juist dat maakt het zo leuk. (foto: Streekstad Centraal)
Tegelijkertijd speelt er in de buurt ook een ander onderwerp: overlast van dak- en thuislozen. Wethouder Jan Hoekzema hoopt dat het nieuwe plein daar geen last van krijgt. “We hopen dat die overlast niet naar dit schoolplein trekt en dat kinderen er geen last van hebben,” zegt hij. “Dat is het allerbelangrijkste. Er hangen camera’s en de overlast is op dit moment al minder, dus we hopen dat dat zo blijft, of zelfs minder wordt.”
Volgens hem is het plein juist bedoeld als positieve impuls voor de wijk. “Wij doen niets zonder overleg met de school en de kinderen, we doen dit samen,” zegt Hoekzema. “Wij zorgen voor de uitvoering en luisteren naar de wensen. Als je zo om je heen kijkt, dan wil ik best zeggen dat dat heel goed gelukt is.” Of, zoals een buurtbewoner het samenvat: “Dit hadden we hier echt nodig.”
Huurders van appartementen aan het Dorus Rijkersplein en de Derde Oosterberg in Egmond aan Zee hebben via een Woo-verzoek inzage gekregen in overleg tussen Kennemer Wonen en de gemeente Bergen. Daaruit blijkt dat de gemeente vorig jaar positief stond tegenover plannen voor sloop en nieuwbouw.
In de vrijgegeven stukken staat er vanaf juni 2025 bestuurlijk overleg plaatsvond tussen de corporatie en de gemeente. In die periode werd gesproken over vervanging van de complexen door nieuwbouw. De gemeente gaf daarbij aan mee te willen denken en positief tegenover de plannen te staan.
Grote verrassingen leveren de stukken volgens betrokkenen niet op. Bewoners verzetten zich al langer tegen mogelijke sloop van de 33 appartementen. Zij vinden dat de gebouwen nog in prima staat zijn en vrezen dat zij na nieuwbouw niet kunnen terugkeren naar hun woning in Egmond aan Zee.
Kennemer Wonen reageerde eerder al dat sloop en nieuwbouw de voorkeur had boven renovatie. Inmiddels wordt die renovatie-optie toch opnieuw onderzocht, maar onder bewoners is het vertrouwen niet groot. (tekst gaat door onder de foto)
Bewoners van de appartmenten hebben al vaker van zich laten horen. (foto: NH Nieuws)
Een belangrijk punt voor de huurders is een rapport van bouwbedrijf BAM van ruim twee jaar geleden. Volgens hen blijkt daaruit dat de woningen met aanpassingen nog langer gebruikt kunnen worden. De bewoners zeggen dat zij dit rapport niet volledig hebben ingezien, maar slechts een presentatie. Zij proberen het document nu via een juridische procedure in handen te krijgen, zodat zij beter kunnen meepraten over de plannen.
De weerstand tegen sloop is de afgelopen maanden zichtbaar geworden. In januari gingen bewoners tijdens de nieuwjaarsreceptie al de straat op. Ook is een petitie gestart, die inmiddels door honderden mensen is ondertekend. De huurders willen dat sloop en nieuwbouw van tafel gaan en pleiten voor meer inspraak en meer tijd om op plannen te reageren.
De gemeente is betrokken bij het overleg, maar neemt geen besluit over sloop of renovatie. Die keuze ligt bij Kennemer Wonen. De corporatie werkt aan verdere plannen, die naar verwachting later dit jaar worden gepresenteerd.
Zit er eindelijk beweging in de spraakmakende kunstroof uit het Drents Museum? Volgens bronnen van het Dagblad van het Noorden is de gestolen gouden helm van Coțofenești teruggevonden. Donderdagmiddag geven het Openbaar Ministerie en het Drents Museum een persconferentie over de stand van het onderzoek. Mogelijk wordt daar meer duidelijk over de vondst en de stand van zaken.
De roof begin 2025 maakte veel indruk. Met explosieven drongen daders het museum binnen en namen in korte tijd meerdere archeologische topstukken mee, waaronder de gouden helm en armbanden van grote historische waarde. Sindsdien ontbrak ieder spoor van de buit.
Dat er nu mogelijk een doorbraak is, volgt op maanden van stilte. Onderzoekers hielden er al rekening mee dat het goud niet was omgesmolten. De berichten dat de helm zou zijn teruggevonden, wijzen erop dat de kunstschatten mogelijk nog intact zijn.
Kunstdetective Arthur Brand, die vaker betrokken is bij het opsporen van gestolen kunst, zegt dat dit soort zaken vaak eindigen met onderhandelingen tussen betrokken partijen. Volgens hem zouden de Roemeense kunstschatten zijn teruggekomen na een deal met verdachten. (tekst gaat door onder de foto)
Een van de gestolen gouden armbanden. (foto: Politie)
“Als je hem niet teruggeeft krijg je een boete van zes miljoen euro, dus ik verwacht dat de verstopplek na overleg met het Openbaar Ministerie bekend is gemaakt. Ik ga er niet van uit dat ze hem ergens in een bos hebben teruggevonden”, zegt Brand.
“Dit soort topstukken zijn eigenlijk onverkoopbaar. Uiteindelijk kom je dan vaak uit op onderhandelingen om ze terug te krijgen,” vertelt Brand tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. “Het belangrijkste is dat ze weer boven water komen.”
Een officiële bevestiging van justitie ontbreekt vooralsnog. Ook is niet duidelijk of alle gestolen objecten zijn teruggevonden en waar de helm is aangetroffen. In de zaak zitten meerdere verdachten uit Heerhugowaard en Obdam vast. Zij staan op 14, 16 en 17 april terecht in de rechtbank in Assen. Mogelijk komt tijdens die zittingen meer duidelijkheid over de rol van de verdachten en de verblijfplaats van de kunstschatten.
De kunstroof had niet alleen impact in Assen, maar trok ook internationaal aandacht. De gestolen stukken zijn afkomstig uit Roemenië en gelden daar als belangrijk erfgoed. Dat ziet Brand ook: “Dit wordt ontzettend groot nieuws daar. Deze spullen zijn van onschatbare waarde voor het land, dus je kan er op rekenen dat daar een feest uitbreekt.” Het onderzoek naar de kunstroof loopt nog. Donderdagmiddag wordt tijdens de persconferentie in het museum mogelijk meer duidelijk.
De vermissing van Trudy uit Heiloo houdt de regio nog altijd bezig. Ondanks uitgebreide zoekacties, tips en meerdere oproepen is er nog altijd geen duidelijkheid over waar zij zich bevindt. De 75-jarige vrouw wordt sinds zaterdag 21 februari vermist.
De zoektocht richt zich met name op het Heilooërbos en de directe omgeving daarvan. Omdat Trudy haar fiets thuis heeft laten staan, gaat de politie ervan uit dat zij te voet is vertrokken. Waar zij daarna naartoe is gegaan, is nog onbekend.
In en rond het bos is de afgelopen tijd intensief gezocht door de politie, het Veteranen Search Team en vrijwilligers met speurhonden. Deze inspanningen hebben tot nu toe geen concrete sporen opgeleverd.
“Onze zoekmogelijkheden op basis van de huidige tips en aanknopingspunten raken uitgeput,” laat Erwin Sintenie van politie Noord-Holland aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal weten. (tekst gaat door onder de foto)
In het Heilooërbos is de afgelopen tijd hard gezocht naar de vermiste Trudy. (foto: NH Nieuws)
Trudy is 75 jaar oud, ongeveer 1,75 meter lang en heeft een normaal postuur. Ze heeft halflang grijs krullend haar en blauwgrijze ogen. Op de dag van haar verdwijning droeg ze een witte lange jas met capuchon en bontkraag, een spijkerrok en lichtgekleurde laarzen.
Vorige week werd nog een recente foto van Trudy gedeeld, in de hoop nieuwe informatie boven tafel te krijgen. De zorgen bij familie, vrienden en de politie zijn groot. “We maken ons ernstige zorgen. We weten niet waar Trudy is”, zegt Sintenie. “Als u ook maar iets weet of vermoedt, meld het ons.”
De politie roept iedereen met informatie op om zich te melden via politie.nl/vermissing of via de bekende telefoonnummers.
Een mailtje uit Kenia bezorgt Pieter Bijl uit Alkmaar nog steeds kippenvel. Na de aanleg van een waterpomp bleek er ineens veel minder vraag naar medicijnen tegen buik- en maagklachten. “Dat je dat dan terughoort… dan weet je: dit maakt echt verschil.”
Met die gedachte organiseert hij nu opnieuw een actie: een combinatie van fietsen, eten en doneren. Met zijn ‘Diner by Bike’ hoopt hij geld op te halen voor een nieuw waterproject op een school in Kenia. De opzet is simpel, maar origineel: deelnemers stappen op de fiets voor een tocht van zo’n 25 kilometer – of trekken de wandelschoenen aan voor een route van ongeveer 7 kilometer – en krijgen onderweg een driegangendiner geserveerd. De route start in Heerhugowaard en loopt ook door Alkmaar.
Voor Pieter is het meer dan een leuke activiteit. Het is een manier om mensen te laten zien wat er met hun bijdrage gebeurt. Zijn band met Afrika gaat jaren terug. “Ik heb daar veel gezeten,” vertelt hij. “Als je er eenmaal bent geweest, zie je wat voor levendig en bruisend continent het is. Mensen zijn blij, willen vooruit en doen daar alles voor.” (tekst gaat door onder de foto)
Pieter merkt bij ieder bezoek aan Kenia dat de mensen daar er alles aan doen om het beste van het land te maken. (foto: aangeleverd)
Juist dat beeld wil hij benadrukken. “Het zijn positieve mensen, gedreven. Je ziet dat ze hun land beter willen maken. Ouders doen ook echt alles voor hun kinderen.” Via stichting Share, waar hij al zo’n twintig jaar vrijwilliger voor actief is, helpt hij bij onderwijsprojecten in Kenia. Daarbij werken ze al jaren samen met dezelfde school en directeur.
“We bouwen niet zomaar iets en gaan weer weg,” legt Pieter uit. “We blijven betrokken. Bij die school hebben we al meerdere projecten gedaan en helpen we stap voor stap verder.” Op die school is schoon drinkwater nog altijd een uitdaging. “We vangen wel regenwater op via de daken, maar dat is in bepaalde periodes gewoon niet genoeg,” zegt Pieter. (tekst gaat door onder de foto)
Uit deze rivier wordt nu water gehaald. Daar moet snel wat aan gedaan worden volgens Pieter. (foto: aangeleverd)
Als dat water opraakt, moet er water worden aangevoerd. “Dat gebeurt met een tankwagen en dat is ontzettend duur, omdat het van ver moet komen.” Daarnaast is er in de omgeving ook water uit een rivier beschikbaar, maar dat is niet geschikt om te drinken. “Dat is ongefilterd en echt groezelig. Je weet niet wat er allemaal in zit – er lopen dieren doorheen, noem maar op.” Ondertussen is water onmisbaar. “Per kind reken je ongeveer zes liter. Dat lijkt weinig, maar met leraren erbij loopt dat snel op. En je hebt het gewoon nodig.”
De impact van schoon water is volgens Pieter groot – en zichtbaar. “In de buurt van diezelfde school hebben we eerder een waterproject gedaan. Toen kregen we dus die mail dat er veel minder medicijnen nodig waren. Dat zegt alles,” vertelt hij. “En onderzoek laat ook zien dat mensen met schoon drinkwater gemiddeld 30 procent meer verdienen. Ze zijn gezonder, kunnen beter leren en werken.” (tekst gaat door onder de foto)
Pieter Bijl samen met de leidinggevenden van het ziekenhuis die merkten dat er veel minder vraag was naar darm- en maagklachten na de aanleg van de waterput. (foto: aangeleverd)
Volgens hem laat dat zien waar het echt om draait. “Als je ziek bent, kun je niet werken. Dan loop je inkomen mis. Dus ja, schoon water maakt echt verschil.” Wat hem extra motiveert, is dat het geld ook echt terechtkomt waar het nodig is. “Ruim 99 procent van de opbrengst gaat naar het goede doel,” zegt hij. “De kosten die we maken, zoals reizen en verblijf, betalen we zelf. Alleen bankkosten en internationale overboekingen gaan eraf. We halen jaarlijks zo’n 50.000 tot 60.000 euro op, met maximaal 300 euro aan kosten.”
De school is volgens Pieter een belangrijke plek in de gemeenschap. “Het is veel meer dan alleen een school. Kinderen slapen er ook en er worden allerlei activiteiten georganiseerd,” vertelt hij. “De school is de afgelopen jaren flink gegroeid. Eerst zaten er soms 60 kinderen in één klas, dat was gewoon te veel. Inmiddels zijn die klassen opgesplitst.” (tekst gaat door onder de foto)
Door de nieuwe tijdelijke schoolgebouwen zijn de klassen veel minder groot. (foto: aangeleverd)
Hij heeft nog altijd nauw contact met de school. “Ik heb korte lijntjes met de directeur, dus ik weet dat het geld goed terechtkomt. Ik word ook op de hoogte gehouden.” Zelf reist hij tegenwoordig minder vaak naar Kenia. “Ik probeer het vliegtuig niet al te vaak te nemen vanwege het milieu. Maar het contact blijft.”
Met ‘Diner by Bike’ hoopt Pieter niet alleen geld op te halen, maar ook mensen te betrekken bij het verhaal. “De vorige keer hadden we zo’n 30 aanmeldingen, dat was mooi,” zegt hij. “Het hoeft niet massaal, maar hoe meer hoe beter natuurlijk. En als mensen niet mee kunnen doen, is een donatie ook al heel waardevol.”
En groeit het initiatief toch onverwacht uit tot een enorm groot succes? Dan past hij zich daar graag op aan. “En als het nou ineens enorm druk wordt met aanmeldingen, vind ik het helemaal niet erg als ik meer moet koken,” zegt hij lachend. “Graag zelfs, ik doe het met plezier.”
Een grote teleurstelling voor een groep ritmische gymnastes uit Alkmaar. Door een fout van gymnastiekbond KNGU mag Nederland eind mei niet deelnemen aan het EK ritmische gymnastiek in het Bulgaarse Varna. Daarmee vervliegt ook de kans op deelname aan het WK later dit jaar. “Dromen in duigen.”
Het gaat onder meer om sporters van de Alkmaarse vereniging Ritmica/RG, die zich maandenlang hebben voorbereid op het internationale toernooi. Hun leven stond grotendeels in het teken van trainen: zo’n 25 uur per week, naast hun studie of school. Ritmische gymnastiek is een olympische sport waarin elementen van dans, ballet en turnen samenkomen. De sporters voeren oefeningen uit op muziek met materialen als linten, hoepels en ballen.
De sporters werkten via nationale selectiewedstrijden toe naar uitzending naar het EK. Met succes: op basis van hun prestaties verdienden zij een plek in de Nederlandse selectie. Opvallend is dat alle vijf beschikbare plekken voor Nederland dit jaar naar gymnastes uit Alkmaar gingen. “Dat is echt uniek en daar waren we ontzettend trots op,” zegt voorzitter Cees Heegstra van Ritmica/RG. Maar begin maart ging het mis. (tekst gaat door onder de foto)
Amina Abdumalik, Anne Werner, Adriana Bondarenko, Indy Veltman en Noa van der Laan hebben zich wel gekwalificeerd voor het EK maar mogen door een fout niet uitkomen voor Nederland. (foto: Ritmica RG Club Alkmaar)
Op 5 maart vond de loting plaats voor het EK, een dag later werd de deelnemerslijst gepubliceerd. Daar ging het voor de Alkmaarse club mis. “We zagen geen enkele Nederlandse deelneemster staan. Toen zijn we gaan bellen wat er aan de hand was,” vertelt Heegstra. Al snel bleek dat het mis was gegaan bij de bond. “We kregen te horen dat we niet waren opgegeven. Eerst werd door de KNGU nog gezegd dat dat wel zo was, maar uiteindelijk bleek dat gewoon niet te kloppen.”
Volgens Heegstra is er geen sprake van een technisch probleem. “Er werd gewezen naar een nieuw systeem, maar dat systeem bestaat al vijf jaar. Ze zijn het gewoon vergeten. En de regels zijn keihard: te laat is te laat. In ons geval waren we niet eens te laat, we waren helemaal niet ingeschreven.”
Voor de gymnastes uit Alkmaar komt dit nieuws hard aan. In een gezamenlijke reactie laten zij weten dat ze zich al meer dan een half jaar volledig naar dit moment hebben toegeleefd. “Alles waar we zo lang voor hebben gewerkt, valt ineens weg,” reageren ze. “We doen hier zoveel voor, omdat we Nederland willen vertegenwoordigen. Dat dit nu niet kan door een fout waar wij niets aan kunnen doen, is heel pijnlijk.”
De gevolgen zijn groot. “Het betekent ook dat het WK klaar is,” legt Heegstra uit. “Je moet je via het EK kwalificeren. Dus we zitten nu met helemaal niks.” Voor de sporters is het niet alleen een sportieve klap, maar ook een persoonlijke en financiële. “Die meiden betalen alles uit eigen zak. Dat is vaak al een enorme opgave,” zegt Heegstra. “Zelfs de pakjes voor internationale wedstrijden moeten ze zelf kopen via de bond.” Dat maakt de situatie extra wrang. “Er wordt al weinig voor deze discipline gedaan, en dan gebeurt dit ook nog. Dat is echt ernstig.” (tekst gaat door onder de foto)
Anne Werner en Noa van der Laan deden in mei 2025 al mee aan the World Cup in Tashkent. (foto: Instagram/ritmica_rg_club)
Volgens hem is het seizoen feitelijk voorbij. “Andere toernooien zijn voor deze meiden niet interessant. Ze willen op het hoogste niveau presteren, niet ergens achter in de polder in een hal.” Daarnaast vreest hij voor de motivatie van de sporters. “Dit soort dingen zorgen ervoor dat meiden gaan afwegen: waar doe ik het eigenlijk voor? Dat is echt zonde.”
De sportsters proberen inmiddels ook online om aandacht te vragen. Vanuit de vereniging is op Facebook en op Instagram een noodkreet gedeeld,in de hoop dat er toch nog een oplossing komt. Daarin wordt aandacht gevraagd voor de situatie van de Alkmaarse sporters, die buiten hun schuld om buitenspel staan. Vooralsnog lijkt die kans klein, omdat de regels van de internationale bond laten weinig ruimte voor uitzonderingen.
De KNGU heeft aangegeven in gesprek te willen gaan met de betrokken sporters en hun omgeving over het vervolg. Heegstra bevestigt dat er gesprekken aankomen. “De vervolgstap is dat we met de bond om tafel gaan om ervoor te zorgen dat dit nooit meer gebeurt. En ik hoop dat ze voor de meiden en de club met iets moois komen. We gaan het zien.” Voor de Alkmaarse gymnastes blijft voorlopig vooral de teleurstelling overheersen. Het seizoen waar ze maanden naartoe werkten, lijkt plotseling voorbij – zonder dat ze ooit de kans kregen om zich op het EK te laten zien.