Normaal duikt hij op om mensen van een ijsje te voorzien, maar dinsdagmiddag trok de bekende ijscowagen om een heel andere reden de aandacht. Midden op de Nieuwe Schermerweg in Alkmaar hield het voertuig ermee op, op een plek waar stilstaan niet bepaald handig is. De wagen strandde midden op de kruising richting de stad en zorgde daarmee voor een kleine verkeersopstopping.
De politie kwam naar de Nieuwe Schermerweg om de gestrande ijsverkoper een handje te helpen. Niet omdat er gewonden waren gevallen of auto’s flink op elkaar waren gebotst, maar om ervoor te zorgen dat de ijscowagen op een bijzonder ongelukkige plek tot stilstand was gekomen. Een deel van de kruising werd afgezet en het verkeer moest tijdelijk om de wagen heen worden geleid.
Ondertussen werd geprobeerd de ijsverkoper weer op weg te helpen. Een familielid van de ijscoman kwam met een andere auto naar de kruising om de ijscowagen weg te slepen. Dat bleek uiteindelijk niet de oplossing. Ook een berger werd opgetrommeld.
Een snelle reparatie langs de weg zat er niet in. De ijscowagen moest daarom zijn ronde noodgedwongen eerder stoppen en werd door de berger weggesleept. De bestemming was dit keer geen straat vol wachtende ijsliefhebbers, maar een garage in Beverwijk.
Niemand raakte gewond en ook het ijsdrama bleef voor het verkeer uiteindelijk beperkt. Zodra de wagen van de kruising was gehaald, kon iedereen op de Nieuwe Schermerweg weer gewoon verder. Of de ijsjes de onverwachte tussenstop net zo goed hebben doorstaan, is niet bekend.
De kleine dinosaurus in De Mare blijft voorlopig waar hij is. Na weken van commotie besloot een meerderheid van de Alkmaarse gemeenteraad maandagavond wethouder Robert te Beest toch nog een maand de tijd te geven. Niet iedereen kon dat geduld opbrengen. Oud-wethouder Jan Hoekzema ging hard in de aanval, BAS vergeleek de nieuwe glijbaan met Madurodam en burgemeester Anja Schouten moest zelfs even ingrijpen: “Mag het iets vriendelijker?”
Het draait allemaal om de dinosaurusglijbaan die jarenlang bij winkelcentrum De Mare stond. Het oude speeltoestel werd eerder dit jaar weggehaald omdat het niet meer veilig was. Daarna verscheen op dezelfde plek een nieuwe dinosaurus, maar die is een flink stuk kleiner. Volgens critici vooral geschikt voor heel jonge kinderen.
De commotie daarover was voor de VVD reden om vorige week een motie voor een grotere opvolger aan te kondigen. Maar juist op de avond dat daarover gestemd zou worden, trok de partij zich terug. “Het sentiment van de glijbaan is bekend”, zei VVD’er Jeroen van Velzen. Voor zijn partij telt vooral wat er uiteindelijk komt. Wethouder Te Beest heeft toegezegd verder te onderzoeken wat er mogelijk is en krijgt daarvoor van de VVD eerst de ruimte. Valt het resultaat tegen, dan sluit de VVD een nieuwe motie niet uit. (tekst gaat door onder de foto)
Op de plek waar de ‘beroemde’ dino-glijbaan jarenlang stond staat nu een kleinere vervanger. (foto: Streekstad Centraal)
Daarmee was het voorstel echter nog niet van tafel. OPA, SeniorenPartij Alkmaar (SPA) en BAS namen de motie over. Zij wilden dat het college alsnog werk maakt van een volwaardige opvolger die qua omvang, uitstraling en speelwaarde recht doet aan zijn voorganger. Ook zou bekeken moeten worden of de kleine dino die er nu staat ergens anders een plek kan krijgen.
Het besluit van de VVD viel bij de drie partijen slecht. Pien Bijl van BAS noemde de motie “steengoed”. Over de nieuwe glijbaan was ze minstens zo duidelijk. “Wat hebben ze gedaan? Naar Madurodam gegaan. Dit past niet in Alkmaar.”
Ook SPA’er Arie Epskamp vindt dat niet is geleverd wat eerder werd toegezegd. Volgens hem zou de oude dino worden hersteld of moest er een gelijkwaardig alternatief komen. Nu staat er volgens hem een “mini-glijbaan”, die naar zijn informatie bovendien al bij Stadswerk op voorraad stond. “Dan begrijp ik de beperkte keuze ineens een stuk beter.” Met een knipoog voegde hij eraan toe: “We hebben nu een ‘minisaurus’, maar SPA is in afwachting van de ‘senior-dino’.” (tekst gaat door onder de foto)
De felste botsing van de avond ontstond tussen Te Beest en zijn voorganger Jan Hoekzema. Die laatste zat als wethouder zelf nog aan de knoppen toen duidelijk werd dat de oude dinosaurus niet kon blijven staan. Volgens Hoekzema was de bedoeling destijds helder: opknappen of een replica van ongeveer hetzelfde formaat. De veel kleinere dino zou hij juist hebben afgewezen.
Hoekzema wilde daarom weten wanneer die koers was veranderd. Te Beest weersprak dat hij een andere weg is ingeslagen. De kleine dinosaurus stond volgens hem al klaar en rond de lege plek hadden lange tijd hekken gestaan. Op een gegeven moment moest er volgens hem een stap worden gezet.
Dat kabels en leidingen nu een grotere dino mogelijk in de weg zitten, overtuigde Hoekzema niet. “Het beest dat er stond, stond er al veertig jaar en dan zouden nu ineens de kabels in de weg zitten. Volledige onzin.” (tekst gaat door onder de foto)
De meningen over de nieuwe glijbaan zijn verdeeld. (foto: Streekstad Centraal)
Hoekzema trok de discussie vervolgens breder. “Waarom is Alkmaar-Noord weer het kind van de rekening? Waarom krijgen ze niet waar ze recht op hebben?” Toen zijn kritiek richting Te Beest persoonlijker werd, greep burgemeester Anja Schouten in. “Mag het iets vriendelijker?”
Te Beest hield ondertussen vast aan zijn onderzoek. Volgens hem spelen niet alleen kabels en leidingen, maar ook veiligheidseisen een rol. “We gaan echt geen concessies doen op het gebied van veiligheid.” Binnen een maand wil hij de raad met een memo duidelijk maken welke belemmeringen er zijn en wat wél mogelijk is.
OPA, SPA en BAS wilden daar niet op wachten. Zij benadrukken dat de oude dinosaurus meer was dan alleen een speeltoestel: het was volgens hen ook een herkenningspunt en een stukje identiteit van De Mare.
De meerderheid koos echter voor geduld. De motie kreeg 10 stemmen voor en 20 tegen en werd verworpen. Te Beest heeft nu een maand om te laten zien wat er mogelijk is. Mocht dat resultaat tegenvallen, dan heeft de VVD alvast duidelijk gemaakt dat het dinodebat zomaar een vervolg kan krijgen.
De vliegtuigen die over Heiloo komen zorgen al jaren voor klachten, maar een inwoner uit het dorp zet nu ook vraagtekens bij de manier waarop het geluid wordt gemeten. Veel vliegtuigen zoude helemaal niet over het geluidmeetpunt komen. De inwoner vraagt de gemeente en het Bewoners Aanspreekpunt Schiphol (BAS) in een brief om opheldering.
De briefschrijver woont zelf in het zuidwesten van Heiloo en volgt het vliegverkeer via de website Casper Aero, waarop vliegbewegingen rond Schiphol te zien zijn. Daarbij viel het ‘keer op keer’ op dat veel vliegtuigen niet over het geluidmeetpunt vliegen. Op het kaartbeeld dat de briefschrijver meestuurde is inderdaad te zien dat veel van de weergegeven vliegbewegingen niet rechtstreeks over het aangewezen meetpunt lopen.
Volgens de inwoner ligt juist in Zuidwest-Heiloo het zwaartepunt van de overlast. De vraag is of het meetpunt dan wel een goed beeld geeft van de hinder die daar wordt ervaren. De brief gaat nog een stap verder: “Zo lijkt het wel of de verkeersleiding Schiphol de gemeente Heiloo zand in de ogen strooit”, schrijft de inwoner van Zuidswest-Heiloo. “Ik neem aan dat niet de bedoeling kan en mag zijn.” (tekst gaat door onder de foto)
Via Sensornet.nl zijn de drie meetpunten in Heiloo te zien. Bij elk vliegtuig dat over Heiloo vliegt is te zien hoeveel decibel er te horen is. (beeld: sensornet.nl)
Heiloo telt niet één, maar drie geluidmeetpunten. Die staan op de daken van de Jan van Rijckenborghschool, Ons Podium Cultuurcentrum Heiloo en GGZ NHN De Kroft. Op beelden van de vliegbewegingen en metingen is te zien dat vliegtuigen ook in de buurt van die andere meetpunten komen.
Op het kaartbeeld van de inwoner lopen veel vliegbewegingen inderdaad ver van het aangewezen meetpunt. De vraag is of de drie meetpunten samen een goed beeld geven van de geluidsoverlast die inwoners in verschillende delen van Heiloo ervaren.
Streekstad Centraal legde die vraag voor aan de gemeente. Ook vroegen we of het college herkent dat veel overlast in Zuidwest-Heiloo wordt ervaren, of er vaker klachten zijn over de meetlocaties en of de huidige manier van meten volgens de gemeente representatief is.
Een inhoudelijk antwoord komt er voorlopig niet. Het college wil eerst de inwoner zelf antwoord geven op de brief, die nog in behandeling is. Door het zomerreces duurt dat volgens de gemeente langer dan gebruikelijk. Daarna verwacht het college alsnog terug te komen op de vragen. (tekst gaat door onder de foto)
In Heiloo, maar eigenlijk in heel de BUCH-regio, hebben inwoners last van het lawaai van overvliegende vliegtuigen. (foto: NH Nieuws)
Dat vliegoverlast breder speelt dan deze ene brief, is al langer duidelijk. Uit een enquête van Bewonersgroep Vlieghinder Limmen e.o. bleek eerder dat 95 procent van de ruim 500 respondenten overlast ervoer. Bij negen op de tien ging dat ten koste van het woongenot en 72 procent gaf aan slechter te slapen.
Ook de gemeenten trekken al langer aan de bel. Heiloo zocht onder meer samen met andere kustgemeenten de samenwerking om meer druk te zetten op Den Haag. Later liep de gemeente samen met veertien andere gemeenten op om Schiphol tussen 23:00 en 07:00 uur te sluiten. De recente wijziging van de nachtelijke vliegroute vanaf de Polderbaan leidde eerder dit jaar opnieuw tot zorgen, omdat daardoor meer vliegverkeer richting de kust en de BUCH-gemeenten gaat.
Wat inwoners op de grond ervaren zou moeten worden gemeten door de genoemde meetpunten. De vraag is nu of dat wel grondig genoeg gebeurt, en of er misschien in de toekomst nog andere metingen noodzakelijk zijn.
Een scheur in een dijk hoeft niet meteen gevaarlijk te zijn. Maar wanneer de bodem steeds verder uitdroogt, wil het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) wél precies weten waar zulke scheuren zijn ontstaan en hoe ze zich ontwikkelen. Daarom zijn de komende weken tientallen medewerkers op pad voor een grootschalige controle van dijken.
In totaal wordt zo’n 450 van de totaal 1500 kilometer aan dijken in het gebied geïnspecteerd. Daarbij wordt vooral gezocht naar zichtbare veranderingen die kunnen wijzen op uitdroging of beweging van de dijk. De controles zijn inmiddels begonnen en leveren ook daadwerkelijk aandachtspunten op.
Dat blijkt bijvoorbeeld tijdens een inspectie bij West-Graftdijk. Gebiedsbeheerder Vincent Elings en objectbeheerder waterveiligheid Nino Gubbels bekijken daar de dijk langs de Groeneweg. Ze lopen over verschillende delen van het talud en letten onder meer op scheuren, verzakkingen en veranderingen langs de waterkant.
Op een van de plekken ziet Elings iets wat zijn aandacht trekt. “Ik zie daar een stuk grond het water in komen”, zegt hij. De grond lijkt daar te zijn vervormd. “Daar moeten we dus even gaan kijken.” De twee zijn uren bezig met een relatief beperkt deel van het totale traject. Na ongeveer acht kilometer hebben ze drie locaties gevonden waar scheuren zichtbaar zijn. Bij één daarvan blijkt het niet om een oppervlakkig barstje te gaan. “Daar zit behoorlijk wat diepte in.”. (tekst gaat door onder de foto)
Vincent Elings controleert de dijken in de regio. Daarbij let hij op scheuren, verzakkingen en veranderingen langs de waterkant. (foto: NH Nieuws)
Wat de inspecteurs onderweg tegenkomen, wordt digitaal geregistreerd. Niet alleen de locatie van een scheur wordt opgeslagen, ook bijvoorbeeld de afmetingen en eventuele vervorming van de dijk of de aangrenzende sloot worden genoteerd. Op die manier kan HHNK bepalen welke plekken extra aandacht of herstel nodig hebben.
Sommige beschadigingen kunnen relatief eenvoudig worden aangepakt. Elings verwacht dat één van de gevonden scheuren met kleikorrels kan worden gevuld. “Dit is niet zo’n grote scheur, dus als er kleikorrels in komen dan zwelt dat op en dan is de scheur ook weer dicht.” Een andere waarneming vraagt meer onderzoek. Op die plek lijkt de vervorming van de dijk door te lopen tot aan de sloot. Eerst moet duidelijk worden wat daar precies aan de hand is voordat wordt bepaald of ingrijpen nodig is.
De langdurige droogte stelt HHNK voor meer problemen. Het hoogheemraadschap probeert voldoende zoet water in het gebied beschikbaar te houden en tegelijkertijd te voorkomen dat zout water verder het watersysteem binnendringt. Daarom zijn ook maatregelen genomen die merkbaar zijn voor recreanten. Twaalf sluizen worden tijdelijk minder vaak geopend voor de pleziervaart. Daarnaast gaan vispassages dicht. (tekst gaat door onder de foto)
Dijkgraaf Remco Bosma. (foto: NH Nieuws)
Dijkgraaf Remco Bosma legt uit waarom juist die doorgangen tijdens droge omstandigheden een rol spelen. “Sluizen en vispassages zijn doorgangen waar zout water binnen kan komen”, zegt hij tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. De beperking van de zoutindringing volgt op een afweging van belangen. Het tijdelijk afsluiten van vispassages heeft gevolgen voor vissen die zich tussen wateren willen verplaatsen, terwijl verzilting juist problemen veroorzaakt voor natuur en landbouw. “Dat zoute water is gewoon schadelijk voor landbouw en natuur als je een zoetwatertekort hebt.”
Dat een periode zonder veel regen ook voor de waterveiligheid gevolgen kan hebben, staat bij waterschappen sinds de zomer van 2003 nadrukkelijk op het netvlies. Toen verschoof in Wilnis een uitgedroogde veendijk. De gebeurtenis maakte duidelijk dat niet alleen grote hoeveelheden water, maar ook langdurige droogte een risico voor dijken kan vormen. (tekst gaat door onder de foto)
Met een speciale pen meet Vincent hoe diep de scheuren in de dijk zijn. (foto: NH Nieuws)
Vooral bij veen is uitdroging iets om scherp in de gaten te houden. Veranderingen in het vochtgehalte kunnen invloed hebben op de bodem en daarmee op een dijk die uit dat materiaal is opgebouwd. “Sinds die tijd zijn wij alert”, zegt Bosma over de lessen uit 2003. “Bij neerslagtekort schalen wij op en inspecteren de dijken.” De aanpak van de waterschappen is sindsdien verder ontwikkeld. “Dat jaar is een grote les geweest en sinds die tijd hebben we meer beheersmaatregelen genomen.”
Voor HHNK betekent de huidige droge periode daarom vooral veel werk in het veld. Ongeveer veertig inspecteurs zijn ingezet om de geselecteerde 450 kilometer aan dijken te bekijken. Voor die controleronde is vooralsnog ongeveer twee weken uitgetrokken. Het hoogheemraadschap kijkt tegelijkertijd verder dan de situatie van deze zomer. Langdurige droge perioden kunnen ook de komende jaren gevolgen hebben voor de manier waarop het watersysteem en de dijken worden beheerd.
De inspecties van nu moeten vooral voorkomen dat veranderingen onopgemerkt blijven. Elings en Gubbels hebben zelf ongeveer 25 kilometer dijk toegewezen gekregen om in twee weken te controleren, terwijl ze net begonnen zijn. “We hebben dus nog wat te gaan.”
De 17-jarige terreurverdachte uit De Rijp blijft dertig dagen langer vastzitten. Dat heeft de rechter besloten. De jongen wordt verdacht van het plannen van een terroristische aanslag. Ook drie andere verdachten uit Rotterdam, Eindhoven en het Gelderse Kesteren blijven langer in voorarrest.
De jongen uit De Rijp werd in de nacht van dinsdag 28 op woensdag 29 juli door een zwaarbewapende eenheid van de Dienst Speciale Interventies (DSI) aangehouden. Rond hetzelfde moment werden ook een 19-jarige man in Eindhoven en een 16-jarige jongen in Rotterdam opgepakt. Een paar dagen later volgde de arrestatie van een 18-jarige verdachte in Kesteren.
Het is niet de eerste keer dat de 17-jarige jongen uit De Rijp wordt verdacht van terrorisme. In april 2024 stond de DSI ook al voor zijn deur. Bij die inval werd de voordeur van de woning geramd en werd de toen 15-jarige jongen aangehouden. Hij werd later vervolgd voor lidmaatschap van terreurorganisatie IS en het online verspreiden van extreem jihadistisch materiaal. In februari van dit jaar kreeg hij daarvoor ruim een jaar gevangenisstraf opgelegd.
De rechtbank maakte zich bij die uitspraak grote zorgen over de jongen. Hij zou online zijn geradicaliseerd en de kans dat hij opnieuw de fout in zou gaan, werd als groot ingeschat. De arrestatie heeft in De Rijp opnieuw voor onrust gezorgd. Ook de lokale politiek in Alkmaar trok na de arrestatie aan de bel.
Het Alkmaarse college kreeg vragen over onder meer de veiligheid in De Rijp en mogelijke extra maatregelen. Daar is op dit moment geen aanleiding voor. De gemeente ziet ook geen reden om de alertheid in Alkmaar te verhogen. Ondertussen gaat het strafrechtelijk onderzoek naar de vier verdachten verder. De 17-jarige jongen uit De Rijp blijft in ieder geval de komende dertig dagen vastzitten.
Ooit hing Hans Borst als vrijwilliger jute doeken langs het parcours van de Tour de Waard. Inmiddels is hij secretaris van de organisatie, staan bestanden in de cloud en worden via Facebook en LinkedIn nieuwe bedrijven bereikt. In 55 edities is er veel veranderd. En als het aan het bestuur ligt, blijft dat ook gebeuren. De ervaren garde hoopt daarom dat een nieuwe generatie opstaat om de toekomst van het Heerhugowaardse evenement vorm te geven.
Borst loopt al heel wat jaren mee bij de organisatie van de Tour de Waard. Hij begon als vrijwilliger, in een tijd waarin het evenement er nog heel anders uitzag. “Helemaal in het begin hielp ik met het ophangen van de jute doeken. Toen was de race alleen te zien als je een kaartje had, dus hingen we allemaal van die doeken op langs het parcours.”
Toen een deel van het toenmalige bestuur ermee stopte, werd Borst gevraagd om toe te treden. Dat zag hij in het begin helemaal niet zitten. “Ik dacht dat het een veel te hoge rol was voor mij, met veel te veel verantwoordelijkheden. Maar al snel kwam ik erachter dat het gewoon heel leuk is om te doen.”
Voorzitter Hans Rendering zit iets minder lang in het bestuur, maar draait ondertussen ook alweer twintig jaar mee. Hij begon in 2006. Stoppen staat voorlopig niet op de planning. “Ik zeg altijd: ik blijf doorgaan tot ik iets niet meer leuk vind. En tot nu toe vind ik alles nog steeds heel erg leuk.”
Hoeveel tijd de organisatie van de Tour de Waard precies kost, vinden de mannen moeilijk te zeggen. Vanaf oktober wordt er weer vergaderd voor de volgende editie, maar veel werkzaamheden gebeuren tussendoor. “Het is vaak dat je ‘s avonds nog even achter je laptop gaat zitten en dat het dan toch langer duurt. Het is niet zoals bij een koor dat je twee keer per maand een uurtje bij elkaar komt. Hoeveel tijd er exact in gaat zitten weet ik niet, maar het is toch wel wat.” (tekst gaat door onder de foto)
Door heel Heerhugowaard en bij toegangswegen kom je het tegen: promotiemateriaal voor de Tour de Waard. (foto: Streekstad Centraal)
Voor Rendering begint het weekend van de wielerronde op vrijdag met het ophalen van de laatste spullen. Die avond krijgen de vrijwilligers tijdens een bijeenkomst uitleg over hun werkzaamheden en wat zij bijvoorbeeld moeten doen in geval van nood. Daarna wordt de avond afgesloten met een borrel.
Op zondagochtend begint de dag gezamenlijk met koffie en wat lekkers. Zodra de klok zeven uur slaat, verspreidt iedereen zich over het parcours en gaat aan de slag. Het bestuur wil daarbij niet de indruk wekken dat de zes bestuursleden belangrijker zijn dan de rest. “We staan niet hoger dan de vrijwilligers, dus dat willen we ook niet uitstralen.”
Ook na de laatste finish zit het werk er nog niet op. Maandag worden de laatste hekken en sponsordoeken opgeruimd. Daarna is het even rustig. “En dan gaan we vanaf oktober weer aan de slag voor de nieuwe editie.”
Aan vrijwilligers heeft de Tour de Waard momenteel geen gebrek. Sterker nog: er is soms zelfs een wachtlijst. Dat is niet altijd zo geweest. “Natuurlijk hebben we weleens jaren gehad waarbij we eigenlijk tot de week voor de Tour nog vrijwilligers zochten”, vertelt Rendering. “Maar met vrienden of familie lukte dat eigenlijk altijd wel.” (tekst gaat door onder de foto)
Bekende Nederlandse wielrenners zoals Erik Breukink, Steven Rooks en Henk Lubberding verschenen in het verleden regelmatig aan de start van de Tour de Waard. (foto: Stichting Tour de Waard)
Tegenwoordig krijgen de mensen die eerder vrijwilliger zijn geweest ieder jaar de vraag of zij opnieuw willen helpen. Vaak is het antwoord ja. Nieuwe geïnteresseerden sluiten daarachter aan. “Als een broer van iemand dan ook ineens wil, komt die onderaan de lijst. Zo hebben we bij uitvallers, want die heb je er altijd tussen zitten, eigenlijk altijd wel een vervanger.”
Borst is blij dat de organisatie zich daar momenteel geen zorgen over hoeft te maken. “Het is daarnaast ook leuk om te zien dat het veel vrienden en familie zijn. Van renners, van het bestuur en van andere vrijwilligers. Het zijn echt een paar gezellige dagen.”
Ook binnen het bestuur hopen de mannen de komende jaren meer jongeren te verwelkomen. Niet omdat er op dit moment een tekort is, maar omdat Sebastiaan Hoogvorst, begin dertig en de jongste van de zes bestuursleden, volgens hen laat zien wat een nieuwe generatie kan toevoegen.
Hoogvorst werkt in de IT en houdt zich onder meer bezig met de website en online zichtbaarheid van het evenement. “Sebastiaan is de jongste van ons clubje. Hij heeft ons echt heel erg goed geholpen op het gebied van zichtbaarheid”, vertelt Borst. “Hij regelt onze website en weet via Facebook en LinkedIn ook bedrijven te bereiken die weer kunnen bijdragen aan de Tour de Waard. Als hij dat niet had gedaan, hadden we echt stilgestaan op dat gebied. Dus daar zijn we heel blij mee.” (tekst gaat door onder de foto)
Het bestuur van stichting Tour de Waard. Bestaande uit John Burger, Hans Borst, John Ottenbros, Sebastiaan Hoogvorst, Hans Rendering en Marc van Vliet. (foto: Stichting Tour de Waard)
Ook achter de schermen verandert er het nodige. Zo werkt het bestuur inmiddels met bestanden in de cloud, waardoor informatie gemakkelijker met elkaar gedeeld kan worden. Voor Rendering is het een goed voorbeeld van hoe verschillende generaties elkaar kunnen aanvullen. “Je moet als organisatie ook niet blijven hangen in hoe het was. Als je dat doet, dan werkt het niet. De komst van Sebastiaan laat goed zien dat de jonge en de oude garde elkaar mooi kunnen aanvullen.”
Dat betekent volgens hem ook dat de werkwijze van de huidige bestuursleden niet heilig is. “Het is niet dat wat wij nu al jaren doen de enige manier is waarop het kan. Zeker niet. We moeten openstaan voor nieuwe ideeën en dat doen we nu erg goed.”
Dat aanpassen is door de jaren heen vaker nodig geweest. Een recent voorbeeld is de vernieuwde Middenweg. Vooraf vroeg de organisatie zich af of wielrenners last zouden hebben van het patroon in het wegdek en de strook met kiezels in het midden. Dat bleek mee te vallen. Voor de skeelerrace had de nieuwe inrichting wel gevolgen. Met name rond de finish kunnen de kiezels volgens Borst voor gevaarlijke situaties zorgen. “Ze konden hun slagen niet meer goed afmaken. Daarom moest dat onderdeel worden geschrapt.” (tekst gaat door onder de foto)
Inwoners van gemeente Dijk en Waard kunnen er haast niet omheen. Overal langs de weg staan borden van de Tour de Waard. (foto: Streekstad Centraal)
Ook het regelen van vergunningen is in de loop der jaren uitgebreider geworden. “Het is niet meer zo als vroeger dat je met een plan komt en om een handtekening vraagt”, vertelt Rendering. “Nu heb je meerdere vergaderingen en ligt er een heel plakboek voordat alles rond is.” Dat ziet hij niet als iets negatiefs. “Dat hoort er nou eenmaal bij. Je kan niet stil blijven staan bij hoe het vroeger was.”
Niet iedere verandering is even groot. Zo ging normaal gesproken een vrijwilliger met soep langs het parcours om de andere vrijwilligers iets te eten aan te bieden. Dit jaar wordt dat op verzoek van de vrijwilligers anders aangepakt: iedereen krijgt een bon om zelf iets bij de frietkraam te halen. Of dat een succes wordt, moet nog blijken. “Misschien vinden ze dat niet zo fijn, maar goed, dat horen we dan wel tijdens de evaluatie”, zegt Rendering lachend. “Je komt er maar op één manier achter of een verandering werkt.”
Opvallend genoeg hebben de twee mannen die zoveel tijd in de wielerronde steken zelf nog nooit meegedaan. “En dat gaat ook niet gebeuren hoor”, lachen ze. Rendering heeft zelf wel gefietst, Borst komt helemaal niet uit de wielerwereld. “Ik zat zelf altijd op voetbal, maar het is zo’n groot evenement hier in Heerhugowaard dat ik er gewoon ingerold ben.” (tekst gaat door onder de foto)
De Tour de Waard is al jarenlang een begrip in Heerhugowaard en trekt ieder jaar veel publiek naar de Middenweg. (foto: Stichting Tour de Waard)
Of iemand eerst als vrijwilliger begint en vervolgens doorgroeit, zoals Borst zelf deed, of zich direct meldt omdat diegene geïnteresseerd is in de organisatie, maakt volgens hen weinig uit. “Wij willen juist graag dat de nieuwe generatie opstaat.” Daarbij hoeft de Tour de Waard wat hen betreft niet precies te blijven zoals hij altijd is geweest. “We staan open voor veranderingen. Maar als je iets weghaalt, moet er natuurlijk wel wat voor in de plaats staan.”
Veranderen doet de Tour de Waard dit jaar opnieuw. Tijdens het gesprek verklappen de mannen alvast een nieuwtje dat nog niet eerder bekend was: de huldiging van de renners krijgt tijdens de 55ste editie een nieuwe plek. Waar de winnaars voorheen op het parcours werden gehuldigd, stappen zij dit jaar voor het eerst het podium van Tour de Waard Live op. Daarmee komen de wielerronde en het feestprogramma een stukje dichter bij elkaar.
Hoe de nieuwe opzet uitpakt, zal zondag voor het eerst blijken. Rendering heeft in ieder geval al een duidelijk beeld voor ogen. “We hebben een mooi publiek dat de renners hopelijk van een groot applaus gaat voorzien en we hopen dat het lekker feestelijk is.”
Een paar grote dameshoeden steken boven de kraam uit, verderop schitteren karaffen en zilverwerk in de zon en een bezoekster buigt zich aandachtig over een verzameling blauw-wit servies. Wie zaterdag door het hek van het Witte Kerkje in Groet stapt, waant zich – voor de 46ste keer – even op een marktje ergens op het Franse platteland. Alleen de Hollandse kerktoren verraadt dat de grens nog honderden kilometers verderop ligt.
Onder de bomen rondom het kerkje is het zaterdag een komen en gaan van bezoekers. Ze schuifelen langs tafels vol servies, sieraden en vazen. Aan kledingrekken hangen jurken en jassen, op het gras staan antieke meubels uitgestald. Wie hier doelgericht probeert te winkelen, heeft het lastig: bijna iedere kraam vraagt wel even om stil te staan.
“Ik kom alleen even kijken, zei ik”, lacht een bezoekster terwijl ze een porseleinen schaaltje in haar handen ronddraait. “Maar dat is hier natuurlijk gevaarlijk. Voor je het weet zie je weer iets waarvan je vindt dat je het absoluut nodig hebt.”
Het is precies dat zoeken dat bezoekers naar de Franse Brocante Fair trekt. Sommigen komen toevallig voorbij, anderen weten de markt ieder jaar opnieuw te vinden. Een echtpaar dat speciaal vanuit het midden van het land naar Groet is gereden, maakt er een dagje uit van. “We houden allebei van Frankrijk en van oude spullen. Dan is dit natuurlijk een mooie combinatie. Je vindt hier dingen die je op een gewone markt niet zo snel tegenkomt.” (tekst gaat door onder de foto)
Er werd zaterdagmiddag hard gezocht naar parels tussen alle spullen op de Brocante Fair. (foto: Streekstad Centraal)
Dat bezoekers van ver komen, zal organisator Marjan Huisman goed doen. Vorig jaar vertelde ze aan Streekstad Centraal nog dat de toekomst van haar markt allerminst vanzelfsprekend is. Echte Franse brocante wordt volgens haar steeds moeilijker verkrijgbaar. Waar liefhebbers vroeger op Franse marktjes nog volop oude serviezen, meubels en andere vondsten konden inslaan, kost het tegenwoordig steeds meer moeite om voldoende geschikt aanbod naar Groet te krijgen.
Huisman wilde destijds koste wat kost voorkomen dat haar Brocante Fair uiteindelijk een gewone rommelmarkt zou worden. Als er niet genoeg Franse spullen meer zouden zijn om het karakter te behouden, moest ze zich afvragen hoe lang ze nog door kon gaan.
Een jaar later blijkt die zorg in ieder geval niet het einde van de markt te hebben betekend. Op het gras rond het Witte Kerkje valt zaterdag genoeg te ontdekken. Twee opvallende geelbruine vazen staan tussen karaffen en porseleinen beeldjes, tientallen kopjes en kannetjes vullen een andere tafel. Even verderop liggen sieraden uitgestald naast oud bestek en glaswerk. Een paar meter verder kan het subtielere werk worden ingeruild voor een sierlijke witte tuinbank of een flink stuk antiek. (tekst gaat door onder de foto)
Er is voor ieder wat wils op de fair. Van sieraden tot bestek, en van glaswerk tot kleding. (foto: Streekstad Centraal)
En dan zijn er nog de hoeden. Groot, klein, wit, roze en paars: ze zorgen alleen al voor genoeg bekijks. “Die zou je eigenlijk gewoon moeten dragen”, grapt een vrouw terwijl haar gezelschap naar een grote paarse hoed kijkt. Zelf aanschaffen? Daar moet ze nog even over nadenken. “Ik weet alleen niet waar ik ermee naartoe moet. Naar de supermarkt misschien.”
Niet iedereen die zaterdag tussen de kramen loopt, wist bij het ontbijt al dat de Brocante Fair op het programma stond. Ook vakantiegangers die in de omgeving verblijven, komen een kijkje nemen. Een Duits stel hoorde tijdens hun verblijf dat er bij het kerkje iets te doen was. “Wir schauen nur”, zegt Herman lachend. Alleen kijken dus. Zijn vrouw Inge is ondertussen al bij de volgende tafel beland. “Zehn Minuten”, voorspelt hij. Tien minuten. Zelf lijkt hij er weinig vertrouwen in te hebben.
Juist dat vrijblijvende maakt de markt aantrekkelijk. Niemand hoeft hier met een boodschappenlijst rond te lopen. Er wordt gekeken, opgepakt, omgedraaid en weer teruggezet. Soms volgt een kort gesprek met de verkoper, soms wordt na een rondje over het terrein alsnog teruggekeerd naar dat ene bordje dat toch in het hoofd is blijven hangen. (tekst gaat door onder de foto)
Op het grasveld rond het Witte kerkje staan allemaal kraampjes vol met spullen. Hier en daar wordt er onderhandeld over de prijs. “Kan er niet een eurootje vanaf?” (foto: Streekstad Centraal)
De omstandigheden helpen mee. De zon schijnt uitbundig boven Groet en onder de hoge bomen rond het kerkje zoeken bezoekers af en toe de schaduw op. Het gras heeft door de droge zomer inmiddels meer weg van een Zuid-Frans veld dan van een doorsnee Noord-Hollandse kerktuin. Voor de Franse sfeer had de organisatie het nauwelijks beter kunnen bestellen.
“Het is vooral de plek”, vindt Marga die naar eigen zeggen al vaker op de fair is geweest. “Zo’n markt midden in een dorp, rondom dat oude kerkje, dat heeft gewoon iets. Als dit op een parkeerterrein stond, was de helft van de charme weg.”
En die charme lijkt voorlopig sterker dan de zorgen over het steeds schaarser wordende aanbod. Niet ieder voorwerp rond het Witte Kerkje zal rechtstreeks uit een Frans landhuis afkomstig zijn. Dat was vorig jaar al zo. Maar voor de bezoekers lijkt de herkomst soms minder belangrijk dan het plezier van het zoeken.
Want uiteindelijk gaat brocante misschien net zo goed over het verhaal dat je zelf aan een voorwerp geeft. “Je moet eigenlijk nergens naar zoeken”, zegt Marga terwijl ze nog één keer langs een tafel met servies loopt. “Als je iets moois tegenkomt, merk je het vanzelf.” Ze loopt verder. Zonder schaaltje. Voorlopig.
Een rit over de N194 is zaterdagmiddag geëindigd in de sloot nadat een aanhanger achter een personenauto begon te scharen. De bestuurder kwam met de schrik vrij.
Het ging mis op de weg tussen De Goorn en Heerhugowaard. De auto reed in de richting van Heerhugowaard toen de aanhanger achter het voertuig plotseling niet meer in het spoor bleef. De combinatie raakte daardoor van de rijbaan en kwam langs de provinciale weg in het water terecht.
Na het ongeval werden de hulpdiensten ingeschakeld. Hoewel de betrokkenen flink geschrokken waren, bleek medische behandeling niet noodzakelijk. Er hoefde niemand met een ambulance naar het ziekenhuis te worden gebracht.
Het ongeval zorgde tijdelijk voor hinder voor het verkeer op de N194. Voor het bergen van de auto en de aanhanger moest ruimte worden gemaakt, waardoor weggebruikers rekening moesten houden met enige vertraging.
Waardoor de aanhanger tijdens het rijden is gaan scharen, is niet duidelijk.
Eén vonk kan op dit moment genoeg zijn. Door de aanhoudende droogte is het risico op natuurbranden flink toegenomen en dat merken ze ook in de Schoorlse Duinen. Brandweer en natuurbeheerders doen er alles aan om een grote brand te voorkomen. Tegelijk is er extra zorg: als het misgaat, kan Noord-Holland veel minder vanzelfsprekend rekenen op hulp uit de rest van het land.
Bij de grote natuurbranden die Schoorl in 2009 en 2011 troffen, kwamen brandweerkorpsen vanuit heel Nederland helpen. Nu is dat een stuk minder zeker, vertelt Anne Judith Storm van Leeuwen. Zij is teamcommandant bij de brandweer in de regio en portefeuillehouder natuurbranden. “Bij de grote branden in Schoorl in 2009 en 2011 kwam er uit het hele land bijstand. Die krijgen we nu niet”, zegt ze. “De klimaatontwikkelingen zijn dusdanig dat het overal droger, warmer en spannender is.”
Dat betekent dat brandweerkorpsen in steeds meer delen van Nederland de eigen mensen en voertuigen hard nodig kúnnen hebben. Wanneer dan in meerdere gebieden tegelijk grote natuurbranden uitbreken, wordt het dus moeilijker om elkaar te helpen. Voor de brandweer in onze regio wordt het daarom steeds belangrijker om zelf voldoende geschikt materieel achter de hand te hebben. Vooral voertuigen die door bos, duin en ander lastig terrein kunnen rijden zijn belangrijk. (tekst gaat door onder de foto)
Het ging in het verleden al eens goed mis bij de Schoorlse Duinen. (foto: archief Schoorlse Duinen)
“En dat betekent dat we langer bezig zijn met blussen. En daarom kijken we ook naar Den Haag om te zorgen dat er meer geld komt, zodat er meer terreinwaardig materieel aangeschaft kan worden”, aldus Storm van Leeuwen. De roep om extra geld staat niet op zichzelf. Ook het Veiligheidsberaad waarschuwde eerder dat de brandweer in de problemen kan komen wanneer meerdere grote natuurbranden tegelijkertijd woeden.
Alleen meer bluswagens zijn niet genoeg. In de Schoorlse Duinen wordt daarom ook hard gewerkt om de kans op een grote brand zo klein mogelijk te maken. De brandweer trekt daarbij samen op met terreinbeheerders zoals Staatsbosbeheer en PWN. Een deel van dat werk is goed zichtbaar voor bezoekers. Open duingebieden worden gemaaid of begraasd om te voorkomen dat er te veel gras groeit. Ook verandert het bos langzaam van samenstelling.
“We maaien of laten het open duingebied begrazen om vergrassing tegen te gaan. Daardoor is het gebied minder brandbaar”, legt boswachter Denise van Dillen aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal uit. “Daarnaast vormen we het bos geleidelijk om van dennen naar loof. Loofbomen zijn minder gevoelig voor droogte en brand.” (tekst gaat door onder de foto)
Om de bezoekers te wijzen op de gevaren zijn borden en stoplijnen geplaatst door het gebied. (foto: NH Nieuws)
Daarnaast worden routes vrijgehouden waar brandweerwagens gebruik van kunnen maken. In het gebied zijn meetstations en bluswaterputten aangelegd. Zelfs de bankjes spelen een rol: die hebben nummers gekregen, zodat bezoekers bij een melding snel duidelijk kunnen maken waar ze zich bevinden.
Op verschillende plekken worden bovendien zogeheten stoplijnen gemaakt. Daar wordt extra begroeiing weggehaald, zodat een eventuele brand zich minder makkelijk verder kan verspreiden. Ook geldt in de Schoorlse Duinen een rookverbod.
Ondanks de droogte hoeven wandelaars en andere bezoekers de duinen niet links te laten liggen. Hun aanwezigheid kan juist helpen: hoe meer mensen goed opletten, hoe groter de kans dat rook of vuur snel wordt ontdekt. “Kom vooral genieten”, zegt Van Dillen. “In het bos is het nu lekker koel. Maar gebruik je gezonde verstand en bel direct 112 bij verdachte zaken.” Voorlopig blijft de brandweer ondertussen extra alert. Zolang een flinke hoeveelheid regen uitblijft, blijft ook het gevaar op natuurbranden groot.
De arrestatie van de 17-jarige terreurverdachte in De Rijp kwam ook voor het Alkmaarse gemeentebestuur als een verrassing. Burgemeester Anja Schouten en haar plaatsvervanger werden pas door de politie geïnformeerd nadat de eerste berichten over de arrestaties al in de media waren verschenen. Vooraf wist het college van niets.
De 17-jarige jongen werd vorige week aangehouden in De Rijp, tegelijk met verdachten in Rotterdam en Eindhoven. Het drietal wordt verdacht van het beramen van een terroristische aanslag. Een concreet doelwit of moment was volgens het Openbaar Ministerie niet in beeld. Afgelopen week werd in Kesteren een vierde verdachte aangehouden.
De arrestaties – ook die in De Rijp – werden uitgevoerd door de Dienst Speciale Interventies, onder regie van het Landelijk Parket en naar aanleiding van informatie van de AIVD. Burgemeester Anja Schouten en het college werden daar vooraf niet over ingelicht. Of dat gebeurt, hangt volgens het college af van de aard van de actie en de politie-inzet. De samenwerking met politie, justitie en andere veiligheidspartners noemt het college desondanks “goed”.
De aanhouding was voor Alkmaar geen reden om extra veiligheidsmaatregelen te nemen of de alertheid te verhogen. Wel is het gebiedsteam inmiddels meerdere keren De Rijp ingegaan om met omwonenden en betrokkenen te praten. Voorlopig lijkt dat volgens het college voldoende. (tekst gaat door onder de foto)
Het Alkmaarse college heeft extra informatie gegeven over de aanhouding van de minderjarige jongen in De Rijp. (foto: Streekstad Centraal)
OPA en FVD verbaasden zich eerder ook over het verschil met Eindhoven en Rotterdam. Rond de arrestaties daar verschenen al snel beelden en meer details, terwijl over de Alkmaarse verdachte nauwelijks meer bekend werd dan dat hij uit de ‘gemeente Alkmaar’ kwam. Volgens het college is de verklaring vrij eenvoudig: “Vermoedelijk omdat daar media ter plaatse was. In Alkmaar was dat niet het geval.”
De zaak roept ondertussen ook de vraag op hoe Alkmaar probeert radicalisering te voorkomen. Volgens het college bestaat daarvoor een vaste aanpak. Signalen worden gezamenlijk gewogen door politie, Openbaar Ministerie en burgemeester. Vervolgens wordt besloten of er voldoende aanleiding is voor een lokale persoonsgerichte aanpak.
Of de arrestatie in De Rijp reden is om dat beleid tegen het licht te houden, weet het college nog niet. Daarvoor is op dit moment te weinig over de nieuwe aanhouding bekend. “Maar dit wordt uiteraard geëvalueerd.”
Veel nieuwe informatie over het strafrechtelijke onderzoek hoeft de gemeente zelf overigens niet te verwachten. Het college en de burgemeester worden alleen nader geïnformeerd wanneer dat voor de openbare orde en veiligheid nodig is. Op basis van wat het OM tot nu toe bekend heeft gemaakt, verwacht het college niet dat dat nodig zal zijn.