Afgelopen week werd bij Sportcomplex Hoornse Vaart een feestje gevierd en zijn de ontwerptekeningen onthuld, maar ondertussen gebeurt er ook van alles voor het nieuw te bouwen Sportpaleis Alkmaar. Vier bouwbedrijven die interesse hebben in de bouwklus van circa 38 miljoen, zijn de punten aan het slijpen van het potlood.
De strijd om deze opdracht binnen te halen, kan beginnen nu het college het Programma van Eisen klaar heeft en de aanbesteding is gestart tussen vier voorgeselecteerde ontwikkelaars. De vraag is wel of de afstand tot de Robonsbosmolen nog zorgt voor een kink in de kabel.
Dat er een nieuw Sportpaleis komt is allang rond, maar de bouwplannen kunnen niet voldoen aan het bestemmingsplan voor die locatie. Officieel is de maximale bouwhoogte 10 meter en het nieuwe complex moet tot 20 meter hoog worden. Nou is dat vermoedelijk geen struikelblok – voor het huidige stadion met 18 meter is ook een uitzondering gemaakt – maar er is ook nog het beschermde windgebied van de Robonsbosmolen.
Het bestaande wielerstadion staat een stukje binnen de straal van 400 meter, waarbinnen maximale hoogten gelden voor groen en nieuwbouw. En daar wordt tegenwoordig veel strakker op gehandhaafd. Direct rond een molen mag niks meer hoger dan 1 meter worden gebouwd (officieel mag groen ook niet hoger zijn), en aan de rand de cirkel is dat maximaal vier meter.
De vraag is hoe strak de gemeente de regels zelf wil handhaven, en of belanghebbenden bereid zijn mee te geven. Vanaf de molen gezien staan er voor het wielerstadion bomen en gebouwen die (veel) hoger zijn dan vier meter.
Molenaar Ton Rijvordt reageert kribbig op vragen van Streekstad Centraal en wil weinig kwijt over de kwestie. “We wachten af met wat voor plannen de gemeente komt, u moet zich tot de gemeente richten.”
Hij voelt er ook weinig voor om iets te vertellen over de huidige situatie, zoals hoe regelmatig hij de Robonsbosmolen laat draaien. Molens takelen veel sneller af als ze niet of nauwelijks draaien. Peter Naberman, secretaris van de Molenstichting Alkmaar e.o., kan ook geen opheldering bieden. “Die molen is niet van ons, maar van de gemeente.” (tekst gaat verder onder de foto)
Voorbij het evenemententerrein is vanaf de Olympiaweg de monumentale Robonsbosmolen te zien. (foto: Google)
Sportpaleis Alkmaar 2.0 moet twee meter hoger worden om de huidige problemen te voorkomen. De vloer ligt nu onder het maaiveld en bij veel regen ook onder het grondwaterpeil. Het Alkmaarse college stelt dat de baan ook hoger moet liggen omdat de internationale wielerunie (UCI) nu eist dat mensen en spullen niet meer over de baan heen mogen. Dit ondanks dat er nu een tunnel voor is naar het middenveld. Een hoger complex is ook wel zo handig voor het intekenen van onder andere lesruimten voor het Talland College.
Verder is de bedoeling de nieuwe versie verder van de N9 staat en iets richting de Terborchlaan is gedraaid. Zo zijn de voorgevel en de ingang beter te zien vanaf de weg, ontstaat meer afstand naar de McDonald’s en is er meer mogelijk met water en groen.
De gemeenteraad neemt binnenkort weer besluiten over de verdere voortgang, als de offertes van de vier bouwbedrijven op tafel liggen. (hoofdfoto: Alkmaar Sport)
De Herenweg in Alkmaar wordt compleet nieuw ingericht, maar dat gebeurt pas als het riool wordt vervangen ergens tussen 2030 en 2035. Omdat de verkeersveiligheid te wensen overlaat, neemt de gemeente al veel eerder kleinere maatregelen. De aanpassingen staan gepland in de zomervakantie.
De afgelopen tijd is meermalen overleg geweest met bewoners van de omgeving van de Herenweg. Vertegenwoordigers zijn gesproken en op 12 december was er een bewonersavond. Voor die avond waren 500 uitnodigingen verzonden naar bewoners van de Nollen. Zo’n 70 mensen waren aanwezig. Tijdens de bijeenkomst konden ze hun voorkeuren geven per voorgestelde maatregel en aanvullende suggesties doen.
Aan de hand van de inbreng gaat de gemeente in ieder geval zes maatregelen uitvoeren. Bij de bestaande wegversmallingen worden drempels gelegd, een aantal kruisingen wordt gelijkwaardig gemaakt en op de fietsstroken worden fietsymbolen aangebracht. Die symbolen zijn niet alleen cosmetisch; ze maken parkeren op de fietsstroken verboden. Verder wordt de bocht aan de zuidzijde scherper gemaakt, komt er bij de spoorwegovergang een fietsopstelvlak en wordt de overgang volledig voorzien van rood asfalt. Wanneer de asfaltering wordt gedaan is nog niet bekend, hier moet een treinvrije periode worden geprikt.
De bewoners hebben laten weten dat ze veel meer snelheidsremmers willen dan voorgesteld. Stadswerk072 onderzoekt de mogelijkheden. (foto: Google)
Wie regelmatig onderweg is in Dijk en Waard, herkent het meteen. Het verkeer wordt drukker, kruispunten voller en oversteken lastiger. Dat gevoel wordt nu onderbouwd door cijfers: het aantal verkeersongelukken neemt toe, vooral op plekken waar auto’s, fietsers en voetgangers samenkomen. Voor de gemeente is dat aanleiding om in te grijpen.
Het college van burgemeester en wethouders heeft daarom een uitvoeringsprogramma vastgesteld waarin negentien locaties zijn geselecteerd waar het verkeer veiliger moet worden. De aanpak van alle punten neemt zo’n tien jaar in beslag en loopt uiteen van kleine ingrepen tot grote projecten.
Vooral fietsers en bromfietsers lopen risico. Zij zijn betrokken bij meer dan de helft van de ongevallen in Dijk en Waard. Zeker nu e-bikes, bakfietsen, speedpedelecs en fatbikes steeds vaker het straatbeeld bepalen, neemt de druk op fietspaden en oversteken toe.
Als fietsen aantrekkelijk moet blijven, moet het ook veilig zijn. Vanuit die gedachte richt de gemeente zich vooral op kruispunten, rotondes en oversteekplaatsen waar het vaak misgaat. Met name rotondes met tweerichtingsfietspaden springen eruit. Automobilisten moeten daar meerdere richtingen tegelijk in de gaten houden, terwijl fietsers soms onverwacht en met hoge snelheid opduiken.
Om die risico’s te verkleinen, wil de gemeente het verkeer overzichtelijker maken. Dat betekent onder meer vaker éénrichtingsverkeer voor fietsers op rotondes, duidelijkere belijning en maatregelen om snelheid terug te brengen. Drempels bij fietsoversteken moeten automobilisten letterlijk afremmen. (tekst gaat verder onder de foto)
Op verschillende plekken aan de Oosttangent gaat het een en ander veranderen ten goede van de verkeersveiligheid voor fietsers. (foto: Streekstad Centraal)
De plannen raken vrijwel alle kernen van Dijk en Waard. In Sint Pancras wordt de maximumsnelheid op De Helling verlaagd naar 30 kilometer per uur. Langs de Oosttangent in Heerhugowaard komen extra drempels en wordt het zicht bij fietsoversteken verbeterd. In Broek op Langedijk staat een grotere ingreep op de planning: een fietstunnel bij de Westelijke Randweg en Papenhorn.
Niet alleen ongevallencijfers bepalen waar wordt ingegrepen. Via het platform Wijkprikker konden inwoners aangeven waar zij zich onveilig voelen. Die meldingen speelden een belangrijke rol bij het vaststellen van de prioriteiten. Vooral zorgen over hardrijdend verkeer, onoverzichtelijke kruispunten en gevaarlijke oversteekplaatsen kwamen daarbij vaak terug.
Voor de uitvoering is nu jaarlijks 150.000 euro beschikbaar, maar volgens het college is dat onvoldoende. Om alle maatregelen uit te voeren, is ongeveer 250.000 euro per jaar nodig. Voor grotere projecten moet de gemeenteraad later nog besluiten over extra financiering.
Het is druk in De Rietschoot in Koedijk. Opvallend druk. Met nog ruim een maand te gaan naar de verkiezingen komen bewoners, de dorpsraad en politieke partijen uit zowel Alkmaar als Dijk en Waard samen. Niet voor een gezellig praatje, maar omdat het schuurt.
Het schuurt waar het gaat over identiteit. Over voorzieningen. Over gehoord worden. De boodschap uit de zaal is helder: Koedijk wil geen randgebied zijn, maar een erkend dorp – mét alles wat daarbij hoort. “We doen ertoe en willen serieus genomen worden.”
Koedijk bestaat al sinds 1324, maar voelt zich anno nu nog steeds opgesplitst. “Noord hoort bij Dijk en Waard, zuid bij Alkmaar. Maar wij zijn nog altijd één Koedijk,” opent Bruno Visser, inwoner van Koedijk, de middag. Die verdeeldheid zit niet alleen op de kaart, maar ook in beleid en aandacht.
Volgens de dorpsraad van Koedijk zit de kern van het probleem in de status. Koedijk wordt ambtelijk vaak gezien als wijk, terwijl het zichzelf als dorp beschouwt. “Als Koedijk als dorp wordt erkend, ga je structureel in gesprek met wethouders en ambtenaren. Dan wordt er mét ons gesproken in plaats van over ons”, vertelt Marga Riekwel van de dorpsraad aan Streekstad Centraal. “We hebben de dorpsraad in november vorig jaar opgezet, maar we kunnen veel meer werkelijkheid maken als er ook daadwerkelijk naar ons geluisterd wordt.” (tekst gaat door onder de foto)
Bij ieder onderwerp begint iemand van de dorpsraad te vertellen waar het volgens hen beter kan. Daarna kunnen de aanwezige politieke partijen naar voren komen om hun verhaal te doen en vragen te beantwoorden. (foto: Streekstad Centraal)
Politieke partijen herkennen dat punt. GroenLinks-PvdA Alkmaar benadrukt dat een officiële dorpsstatus deuren opent: voor visieontwikkeling, voor maatwerk en voor structureel overleg. Later op de middag wordt benoemd dat er diezelfde ochtend nog een motie is opgesteld die pleit voor officiële erkenning van Koedijk als dorp. “Dorpsstatus maakt wezenlijk verschil,” zegt Coene Wouters. “Dan ga je in gesprek met elkaar, met een visie, en niet meer vanaf de zijlijn.”
Een van de meest besproken onderwerpen is het verdwijnen van de supermarkt. Iedereen in de zaal heeft er wel iets over te zeggen. Carin Meek, lid van de dorpsraad, vertelt hoe zij ruim dertig jaar geleden bewust voor Koedijk koos vanwege de voorzieningen. “Ik had geen auto en kleine kinderen. De supermarkt was essentieel,” zegt ze. Dat die in juli 2025 definitief verdwenen is, raakt het dorp nog altijd erg diep. “Het gaat niet alleen om een pakje boter, het is een ontmoetingsplek. Jong en oud komen elkaar daar tegen. Zonder winkel verdwijnt een stuk zelfstandigheid.” (tekst loopt door onder de foto)
Johan de Klerk deed zijn uiterste best om de supermarkt te behouden voor Koedijk, maar kreeg destijds te weinig steun vanuit bewoners. (foto: Streekstad Centraal)
De politiek reageert met realisme. Gemeenten bepalen immers niet waar supermarkten zich vestigen, dat doen commerciële ketens. Maar wanneer wethouder Fred Ruiten van Dijk en Waard het moeilijk noemt om supermarkten in dorpen te behouden door online winkelen, komen er boze reacties uit de zaal. “We hebben nu helemaal geen supermarkt, dus dit slaat nergens op!” Timo Schotten van CDA Alkmaar benadrukt opnieuw dat gemeenten niet bepalen waar supermarkten zich vestigen, maar dat politiek wel een lobbyrol kan spelen richting ketens. “Leegstand voorkomen en kansen creëren, dát kan de gemeente wél.” Die opmerking valt wél goed in de smaak bij de inwoners in de zaal.
Maya Bolten van Leefbaar Alkmaar stelt dat inwoners ook zelf verantwoordelijkheid dragen. “Je moet er wel blijven winkelen”, zegt ze. Dat schiet bij bewoners ook in het verkeerde keelgat. “Het was altijd druk. Schaam je dat je denkt dat we alleen voor een pak melk kwamen”, klinkt het. Bolten nuanceert haar verhaal iets. Volgens haar lag de sluiting aan het beleid van Lidl, hoge huur en lange contracten, niet aan het aantal klanten. Feit is wel dat een burgerinitiatief destijds maar weinig steun kreeg vanuit het dorp. (tekst gaat door onder de foto)
De inwoners van Koedijk willen dat de gemeentes waar het dorp onder valt er voor gaan zorgen dat de geliefde supermarkt weer een plek krijgt in het dorp. (foto: Streekstad Centraal)
Coene Wouters van GroenLinks-PvdA Alkmaar krijgt de handen op elkaar als hij stelt dat er veel meer gedaan had kunnen worden om de Lidl te behouden. Hij pleit voor bemiddeling, het vasthouden van de winkelbestemming van het pand en het actief zoeken naar alternatieven. Ook Victor Kloos en wethouder Jan Hoekzema van OPA, zeggen te willen lobbyen: “We kunnen niets beloven, maar we moeten het wel proberen.” De boodschap is duidelijk: geen winkel is geen optie. Of het nu een Lidl, buurtsuper of andere vorm wordt – Koedijk wil boodschappen kunnen doen in het eigen dorp.
Dan schetst Marga van de dorpsraad hoe buslijnen verdwenen en inwoners steeds verder moeten lopen. Het raakt ook kinderen, jongeren en mensen die gewoon zelfstandig op pad willen. “Daar moet echt iets aan gedaan worden.” Daar worden alternatieven zoals de Hugohopper voor besproken, maar dat blijkt geen volwaardige oplossing voor dagelijks vervoer. Henk Corbee is naast lid van de DOP ook chauffeur bij de Hugohopper. Hij legt uit dat het een vrijwilligersdienst is, met deur-tot-deur vervoer, maar geen vervanging voor regulier OV. “We mogen geen vaste lijnen rijden door andere gemeenten”, zegt hij.
Om de inwoners van Koedijk ook op het gebied van openbaar vervoer tegemoet te komen moeten, zoeken de gemeentes naar oplossingen. Daarbij wordt ook gekeken naar de HugoHopper. (foto: Streekstad Centraal)
Het gaat bewoners niet alleen om zorg, maar om bereikbaarheid in het algemeen: school, sport, supermarkt, sociale contacten. “Ik wil gewoon makkelijk met de bus ergens heen kunnen”, zegt een vrouw uit de zaal boos. Partijen uit beide gemeenten erkennen dat Koedijk tussen wal en schip valt. Er wordt gesproken over samenwerking over de gemeentegrenzen heen, vrijwilligersinitiatieven en opnieuw lobbyen bij de provincie. “Als je bereikbaarheid belangrijk vindt, kost dat geld. Anders blijven het loze beloftes”, klinkt het van Daan Pheijffer vanuit D66 Dijk en Waard.
Tot slot gaat het over verkeersveiligheid. Inwoner Jan Oostwouder beschrijft de Kanaaldijk als een weg waar te hard wordt gereden en waar lopen met kinderen of een rollator simpelweg gevaarlijk is. Drempels werken averechts, stoepen zijn te smal. “Dit is geen leefstraat, dit is een racebaan.”
Bewoners pleiten voor het principe ‘auto te gast’, fietsstraten en snelle maatregelen. Wethouder Ester Leibbrand van gemeente Dijk en Waard erkent dat losse maatregelen niet genoeg zijn en spreekt over een integraal veiligheidsplan voor heel Koedijk, samen met Alkmaar. Politieke partijen tonen zich bereid om hier snel werk van te maken, mits bewoners vanaf het begin worden betrokken bij de plannen. “Alleen door samen te werken komen we zo ver als we willen komen”, stelt de dorpsraad.
Aan het eind van de middag is de conclusie eensgezind: Koedijk laat van zich horen. De opkomst is hoog, de betrokkenheid groot en de verkiezingen onderweg. De dorpsraad kijkt voorzichtig vooruit. Met dorpsstatus, structureel overleg en duidelijke afspraken kan Koedijk stappen zetten. “Het was echt een topmiddag. Vandaag zijn een aantal hele goede stappen gezet”, zegt dorpsraadslid Marga. “We doen ertoe en willen serieus genomen worden. Nu moeten de woorden nog daden worden.”
De start van een traditie. Sinds mensenheugenis heeft gemeente Alkmaar geen jaarlijkse nieuwjaarsreceptie voor haar inwoners. Daar moest verandering in komen en donderdag werd daartoe eerste stap gezet in het AZ-stadion, samen met zo’n 250 inwoners.
Gasten worden in de Georg Kessler Lounge verwelkomd met een drankje en een optreden van de band Alkmaars Eigenste. Stevige rockmuziek voor een nieuwjaarsreceptie, maar het volume was bescheiden. Daarna is het woord aan burgemeester Anja Schouten. Ze stipt de internationale onrust aan en dat het goed is om met elkaar even te ‘landen’ op eigen bodem.
“Juist nu is het belangrijk om te weten wie we zijn. Waar we voor staan. Wat ons verbindt”, zegt Schouten. “Want Alkmaar maken we samen. Dat brachten we onlangs samen in Het Verhaal van Alkmaar. Met drie woorden die zeggen wie we zijn: Authentiek. Aantrekkelijk. Ambitieus.”
Schouten was halverwege al erg tevreden over hoe de nieuwjaarsreceptie uit de verf was gekomen. “Ik vind het een ontzettend leuke avond.”
De gemeente blijft investeren in de drie A’s, aldus de burgemeester, en ook in weerbaarheid voor als er misschien langdurige stroomuitval is of een ramp. Daarbij benadrukte ze het belang van saamhorigheid en hulpvaardigheid en sluit de speech af met: “Ik wens u een jaar vol gezondheid, vertrouwen en verbondenheid. En vooral: een jaar waarin we blijven omkijken naar elkaar.” (tekst gaat verder onder de foto)
De ontwikkelingsplannen voor langs het kanaal in Alkmaar zijn voer voor discussie. (foto: Streekstad Centraal)
Bezoekers kunnen aan thematafels met ambtenaren praten over zaken als wijkgericht werken, bouwplannen, duurzaamheid en ondernemen. Bij het enorme touchscreen met daarop de Digitale Tweeling van Alkmaar treffen we Wim van Veen, die zich uitgebreid laat informeren over wat er te zien is op de kaart door verschillende lagen aan te vinken. Vooral de energietransitie boeit hem. “Ik ben tien jaar geleden zelf betrokken geweest bij het uitrollen van het warmtenet en ik vind het interessant om te zien hoe het nu staat met de energietransitie.”
“Ik ben vanuit diverse organisaties betrokken hier in Alkmaar bij activiteiten”, legt Wim zijn motivatie uit om naar de receptie te komen. “Podium De Brouwerij, het wijkcentrum en Cultuurpark De Hout. En als burger vind ik het ook belangrijk hoe het met de stad gaat.” Hij komt vooral om te netwerken. “Voor de gezelligheid, ach ja dan had ook mijn tijd bij vrienden of mijn vrouw door kunnen brengen.” (tekst gaat verder onder de foto)
De interactieve Digitale Tweeling van gemeente Alkmaar is een publiekstrekker. (foto: Streekstad Centraal)
Naast Wim staat nieuwkomer Erik Mecking. “Ik woon nu een jaar in Alkmaar. Ik kom uit Diemen, daar heb ik twintig jaar gewoond”, vertelt hij. “Ik had een nieuwe liefde ontdekt, een nuchtere Alkmaarse. In Amsterdam zijn ze heel anders, daar zijn ze vind ik te ‘woke’ geworden. Ja dit is een soort verkenning van de stad. Ik vind het leuk om hier de sfeer te proeven. Ik ben van oorsprong een Tukker, en ik proef hier dezelfde mentaliteit: niet lullen maar poetsen!”
In de hoek van ‘Wijk aan zet’ en de dorpsagenda’s treffen we Nelleke Kool. Ze vertelt over de manieren waarop wordt gewerkt aan de wensen en behoeften van inwoners op wijk- en dorpsniveau. “Mensen die komen buurten zijn geïnteresseerd in hoe het er nu voor staat”, vertelt ze aan Streekstad Centraal.
Er ligt een groen noteblock voor mensen om suggesties op te schrijven. “We hebben nog geen ideeën gekregen”, zegt Nelleke. Misschien is het een teken dat mensen vinden dat de gemeente goed bezig is? “Haha, ja misschien wel.” (tekst gaat verder onder de foto)
Nelleke Kroon (rechts) staat paraat voor mensen die over wijkgericht werken willen praten. (foto: Streekstad Centraal)
Zo’n twee uur na aanvang spreken we burgemeester Anja Schouten. “Ik vindt het een ontzettend leuke avond. Het was natuurlijk best een spannend, want het is geen traditie. Iedere inwoner is welkom, maar we hebben heel gericht uitgenodigd op al die verenigingen, vrijwilligersorganisaties en dorpsraden waar we mee samenwerken., en die afspiegeling heb ik gezien, en er waren lekker veel mensen”. Schouten kreeg veel positieve reacties. “Ik heb alleen maar mensen gesproken die zeiden: wat is dit leuk. Je ziet ook dat mensen blijven plakken.”
De thematafels waren volgens Schouten niet alleen bedoeld om ambtenaren te spreken, maar ook om gesprekken aan te jagen en om gelijkgezinden te treffen. “Kijk, als je het leuk vindt om gewoon met elkaar te praten en een borrel te drinken, helemaal goed, maar sommige mensen vinden een groot gezelschap soms wel een beetje lastig.”
Wat Schouten betreft mag de nieuwjaarsreceptie ook echt jaarlijks op de agenda staan. “Het is natuurlijk altijd goed om te evalueren, maar ik heb niets gezien wat het in de weg zou staan. Ik vond hem heel waardevol.” En dan telkens eind januari of toch eerder? “Er zijn dan al heel veel van dit soort vaste momenten, dus die wil je niet in de weg zitten”. Met een lach voegt ze toe: “En met die sneeuw was het eigenlijk wel handig want de onze is zo ongeveer de enige die gewoon door kon gaan.”
“Het ziet er waanzinnig mooi uit.” Al lang is bekend dat er een compleet nieuw Sportcomplex Hoornse Vaart komt te staan tegenover station Alkmaar Noord, maar we kregen nooit een ‘sneak peak’ van hoe de nieuwe accommodatie er uit gaat zien. Woensdag is – tijdens de feestelijke onthulling van het bouwbord – het ontwerp prijsgegeven.
“Waanzinnig, prachtig. Een zwembad met tien banen, een buitenbad dat er supermooi uit gaat zien, het is helemaal hip en nieuw.” Wethouder Christiaan Peetoom is in zijn nopjes met het ontwerp van de Hoornse Vaart 2.0. Vooral de voorkant vindt hij mooi. “Hier komt een brede laan en de ingang wordt vergeleken met nu nu een slag naar voren gedraaid, waardoor je één mooi aangezicht hebt. En het past gewoon heel mooi in het landschap.”
Niet alleen het ontwerp is waar bureau Wind Design + Build de opdracht mee binnensleepte. “Het ontwerp scoorde op alle punten het beste, ook wat betreft duurzaamheid en financiën enzo. Het is een nieuw gebouw, maar wel rekening houdende met deze tijd”, licht Peetoom toe. Hoe het sportcomplex er in het echt uit gaat zien is natuurlijk afwachten. Voorlopig zal er nog niet worden gebouwd. “Het komende jaar gaan de architect, de bouwer en andere betrokken partijen alle details uitwerken en dan volgend jaar rond deze tijd gaan we beginnen met bouwen.” (tekst gaat verder onder de foto)
Wethouder Christiaan Peetoom en Roelof Wind van Wind Design + Build tekenen symbolisch voor het ontwerpen en bouwen van Sportcomplex Hoornse Vaart. (foto: Ed van de Pol)
Voor Wind Design + Build is het bouwen van sportcomplexen en zwembaden gesneden koek, alleen nog niet op deze schaal. “Het gaat om 19.000 vierkante meter sport, met een ongekend uitgebreid zwembadprogramma”. Eigenaar Roelof Wind somt de zes baden op, waarvan er twee in hoogte verstelbare vloeren krijgen. “En dan verder nog twee sporthallen, een spiegelzaal, fitness en alle dienende ruimten.” Ook krijgen sportverenigingen onderdak.
“Het was een uitdaging om het mooiste ontwerp te maken, met de meest logische configuratie. Het was zeker puzzelen, maar dat vinden we heel leuk”, zegt Roelof Wind. Voor het ‘perfectioneren’ van het ontwerp gaat hij samenwerken met Ranomi Kromowidjojo. Met haar véle Olympische, mondiale en Europese titels is ze een absolute zwemexpert, die waardevolle inbreng kan bieden. “We willen haar ook betrekken bij uitingen rond het project en bij de ingebruikname.” (tekst gaat verder onder de tekening)
De rechter zijkant van de Hoornse Vaart met op de voorgrond het buitenbad. (ontwerp: Wind Design + Build)
In het oog springende elementen zijn wat betreft de directeur de gevels en de ‘passarelle’ in de hal van het 50 meterbad. “De passarelle is zeg maar een loopbrug die door de zwemzaal gaat. Via een hele korte route kunnen de bezoekers de tribunes van de sporthallen aantreffen. En het geheel. Het is een groot programma, maar we hebben het liefelijk kunnen houden, door heel veel aandacht te besteden aan de randen van het gebouw. De voorste gevellijn maakt het heel spannend.”
Het belangrijkste is natuurlijk wat de gebruikers van het nieuwe sportcomplex Vaart vinden. Zwemambassadeur Max Delissen denkt dat iedereen onder de indruk zal zijn. Vooral bij DAW kunnen ze niet wachten. De Hoornse Vaart is verouderd, heeft gebreken en het is alweer ruim anderhalf jaar geleden dat de gemeenteraad akkoord ging met nieuwbouw. “Eigenlijk al vanaf de opening van het huidige zwembad hebben we het druk tussen vier en negen. Dat gaat veranderen. De club kan straks gaan groeien, zwemmers kunnen trainen wanneer ze willen trainen. En we gaan kijken of we hier grote wedstrijden naartoe kunnen halen.” (tekst gaat verder onder de foto)
Max Delissen bij de presentatie van de nieuwe Hoornse Vaart. In beeld het 50 meterbad met de loopbrug. (foto: Streekstad Centraal)
“Alkmaar Sport geeft het ook heel veel mogelijkheden. Voor de recreant, voor de aquasporten en de zwemlessen”, gaat Delissen verder. “We verwachten een groei van 420.000 naar 500.000 bezoekers.”
“Cruciaal daarvoor is dat je met de vloeren de diepte van het water kan variëren”, gaat Delissen verder. Dit biedt volgens hem volledige flexibliteit in het plannen van de diverse soorten lessen en andere activiteiten. “Je kunt qua lessen veel meer en qua aquafit en je zou zelfs tijdens een les de vloer van hoogte kunnen veranderen.” De ogen van de zwemambassadeur glunderen bij het vooruitzicht. “Ja en omdat het 50 meterbad 25 meter breed is kan je daar ook waterpolowedstrijden houden.”
Delissen is ook blij met de vormgeving. “Ik vind het heel mooi dat het ontwerp ook past in deze omgeving. Binnen is een heel sfeervolle omgeving, bij het 50 meterbad is een goede mogelijkheid voor bezoekers om te kijken en het clubhuis van DAW biedt uitzicht op het bad.” (tekst gaat verder onder de tekening)
Boven het 25 meterbad komt van alles te hangen om mee te spelen of te trainen. (ontwerp: Wind Design + Build)
De zwemclub heeft al gesimuleerd hoe de sfeer zal zijn in het tien banen brede 50 meterbad. “We hebben mensen bij de club die met sponsordoeken er een zwemstadion van hebben gemaakt. We zijn al aan het experimenteren hoe we in die hele grote hal het toch net zo intiem kunnen maken zoals nu.”
De Alkmaarse zwemambassadeur heeft het gevoel dat voor hem de cirkel rond gaat komen. “Ik ben al betrokken sinds dit complex werd gebouwd. Dat was in 1980. Ik heb bijna een deja vu. Je zag toen langzaam de Hoornse Vaart verreizen. De machinekamer werd over het kanaal hierheen gevaren, dat was echt een enorme onderneming. En dat gaan we nu wéér beleven.”
Vanaf begin 2029 wordt het nieuwe sportcomplex gefaseerd opgeleverd. Max Delissen heeft nu een schouderblessure waardoor hij niet kan zwemmen, maar zodra het zwembadgedeelte opent wil hij als een van de eersten een duik nemen. “Als ik de kans krijg wel!”
Heiloo zal waarschijnlijk moeten fuseren maar met welke partners, daar wordt in ieder geval voorlopig geen referendum voor uitgeschreven. Maandag stemde een ruime meerderheid van de gemeenteraad hiertegen. De raad vindt dat de diverse fusiemogelijkheden eerst goed moeten worden verkend.
Een volledige gemeentefusie lijkt voor Heiloo de enige manier om in de toekomst financieel gezond te zijn. De administratieve versmelting tot de BUCH blijkt niet te volstaan en Bergen, Uitgeest en Castricum zitten in hetzelfde schuitje. De raad richt zich op de BUCH voor een volwaardige fusie met één of meerdere buurgemeenten. Maar wat de beste optie is, dat moet nog grondig worden onderzocht.
Op 15 december was positief gestemd over het oprichten van een referendumcommissie en er werd geopperd om tegelijk met de gemeenteraadsverkiezingen op 18 maart een referendum te houden over de bestuurlijke fusie van Heiloo. Maar een ruime meerderheid ziet een referendum nu niet zitten. Er is nog te weinig duidelijk over de fusie-opties en in de aanloop naar de verkenningsfase zouden inwoners voldoende inspraak hebben gehad. Overigens was er net als op 15 december een splitsing in Heiloo 2000.
Wanneer de tijd rijp is, worden inwoners weer actief geïnformeerd over het fusieproces. Er lag al een communicatie- en participatieplan, maar Heiloo 2000 diende een motie in voor een nieuw plan, dat unaniem werd aangenomen door de raad. Halverwege maart moet een nieuw document klaarliggen met daarin de handselswijze wat betreft informatievoorziening en participatie.
Fuseren of toch op een of andere manier bestuurlijk zelfstandig blijven. Dat zijn de opties die de gemeenteraad van Bergen verder wil laten onderzoeken. De hoofddoelen zijn behoud van de identiteit van de dorpen en het voorkomen van een aanzienlijke stijging van de gemeentelasten.
Gemeente Bergen heeft laten onderzoeken wat de mogelijkheden zijn voor een bestuurlijk en financieel gezonde toekomst, met inbreng van onder andere een groep bewoners. “Uit het onderzoek blijkt ook dat de gemeente Bergen mogelijk niet toekomstbestendig genoeg is om zelfstandig te blijven”, is de conclusie van het college van B&W. “Dan zou het verstandig kunnen zijn om te gaan fuseren
met een of meer andere gemeenten.”
De groep vindt behoud van de identiteit van de dorpen belangrijk. En zelfstandheid mag wel iets meer gaan kosten, maar niet véél meer. Wat de beste oplossing is, vraagt volgens de gemeenteraad verder onderzoek. Daarbij worden drie scenario’s onder de loep genomen: fuseren met Alkmaar of de andere BUCH-gemeenten, of zelfstandigheid met afname van een aantal diensten van buurgemeenten om kosten te besparen. Denk aan groenbeheer of afvalinzameling. Een groepje raadsleden wil graag betrokken zijn bij gesprekken binnen de BUCH.
De resultaten van het eerste onderzoek worden donderdag besproken in de gemeenteraad.
De fietsenstalling onder het Canadaplein in Alkmaar krijgt een grote opknapbeurt. De werkzaamheden in De Overdekte starten op maandag 2 februari en daarvoor is volledige sluiting nodig. De heropening is naar verwachting halverwege mei.
De gemeente zal in de omgeving van het Canadaplein fietsenrekken plaatsen om het verlies aan stallingsplaatsen enigszins te compenseren. De periode van de werkzaamheden is zo goed mogelijk afgestemd op het programma van het Theater De Vest.
Wie zijn of haar fiets graag bewaakt en/of overdekt wil stallen, kan dit doen in de fietsenstalling in het voormalige V&D-gebouw aan de Laat. De stalling De Afstap is van dinsdag tot en met zaterdag geopend van 08:00 tot 00:00 uur. Op zondag en maandag zijn de deuren van 11:00 tot 00:00 uur open.
De gemeente belooft een mooie en frisse fietsenstalling die als visitekaartje voor de stad kan fungeren. “We kijken er naar uit om gebruikers straks met plezier gebruik te zien maken van de vernieuwde fietsenstalling die klaar is voor de toekomst.”
Het museumcafé van het Poldermuseum in Heerhugowaard gaat waarschijnlijk dit voorjaar weer open. Na maanden dicht te zijn geweest, wil het museum het café – onder een nieuwe naam – opnieuw starten met hulp van vrijwilligers. Dat staat in een collegebericht dat het gemeentebestuur van Dijk en Waard deze week naar de gemeenteraad heeft gestuurd.
Voormalig café De Pomp sloot afgelopen zomer de deuren na een slepend conflict tussen de oude uitbater en Stichting Den Huygen Dijck, de organisatie die het Poldermuseum beheert. De rechter maakte in augustus een einde aan het geschil en bepaalde dat de uitbater moest vertrekken vanwege een opzettelijke huurachterstand. Daarna ging het café op slot en kwamen er vragen uit de gemeenteraad.
Volgens het college is de juridische kwestie inmiddels afgerond en is het museum bewust gaan kijken naar een nieuwe manier van werken. Het bestuur heeft meerdere opties onderzocht, zoals een nieuwe uitbater, een zzp’er, samenwerken met een sociale organisatie of het café helemaal in eigen beheer draaien. Uiteindelijk is gekozen voor de laatste optie: vrijwilligers gaan het museumcafé runnen. Het college verwacht dat het café dit voorjaar weer open kan. (tekst gaat verder onder de foto)
Het terras wordt dit voorjaar ook aangepakt door de klusvrijwilligers. (foto: Streekstad Centraal)
Voorzitter Jan van der Starre van het Poldermuseum bevestigt dat er de afgelopen maanden hard is gewerkt. “We hebben een nieuwe bar moeten laten maken en nieuwe tafels en stoelen gekocht. Ook hebben we keukenapparatuur aangeschaft op een online veiling. We hadden een budget van 15.000 euro en daar zitten we nog steeds onder,” zegt hij. “We hebben een grote groep timmerlieden, schilders en andere mensen die heel veel werk hebben gedaan.”
Van der Starre verwacht dat het café over twee maanden weer open kan. “We hebben nu achttien vrijwilligers die de horeca willen doen,” vertelt hij. “Het is spannend om te zien hoe dat gaat lopen. Vooral als het mooi weer wordt en het terras opengaat. Het zal vast met vallen en opstaan gaan. Gelukkig hebben we een paar vrijwilligers met flinke horeca-ervaring.”
Het museumcafé wordt omgebouwd tot een plek die beter past bij het museum zelf. Het café moet niet alleen een plek zijn om koffie te drinken, maar ook ondersteunen bij rondleidingen, concerten, evenementen en vergaderingen. Bezoekers moeten er straks prettig kunnen napraten na een bezoek aan het museum. (tekst gaat verder onder de foto)
Het oude café De Pomp met de inventaris die inmiddels is vervangen. (foto: Streekstad Centraal)
Het winkeltje in het museum krijgt daarbij ook een duidelijkere rol, met onder meer toegangskaarten, routes en lokale producten. Van der Starre zegt dat de nieuwe opzet goed kan uitpakken voor het museum. “Het café zal echt ondersteunend zijn aan het museum en het museum zal veel vaker open zijn,” aldus de voorzitter.
De bezetting van de horeca is nu rond, maar volgens Van der Starre zijn er nog wel wat vrijwilligers welkom die iets weten van de lokale historie en rondleidingen kunnen geven aan scholen en groepen. “Daar hebben we nu een clubje van zes man voor, maar mensen met lokale kennis worden steeds schaarser,” zegt Van der Starre.
Het Poldermuseum heeft het college inmiddels uitgenodigd om in maart te komen kijken hoe het vernieuwde café eruitziet.