Honderdtwintig jaar en in gevaar. Mannenkoor Orpheus uit Alkmaar en omstreken kent een rijke geschiedenis maar het bestaat nu nog maar uit achttien leden, en dat is voor sommige muzikale stukken eigenlijk al te weinig. “Wie helpt ons de mannenzang levend te houden?”
Tijdens een nationaal zangconcours in Alkmaar in 1906 besloten Piet Hartog en Hermanus de Groot spontaan een nieuw Alkmaars mannenkoor op te richten. Er waren al koren maar koorzingen was populair, dus eentje erbij kon prima, dachten ze. Na een oproep in de krant meldden zich 23 heren zich en Orpheus was geboren.
Vanwege financiĂ«le problemen werd het mannenkoor in 1910 samengevoegd met het gemengd koor âNieuw Levenâ tot de âGemengde zangvereniging Nieuw Leven met mannenkoor Orpheusâ. Negen jaar later ging het koor weer op eigen houtje verder, inmiddels vele prijzen en zo’n zeventig zangers rijk. Tijdens de Tweede Wereldoorlog lag het koor stil, maar in 1946 schoot het ledenaantal naar rond de tweehonderd. Maar in de jaren ’50 begon de terugloop en nu zijn er dus nog maar achttien heren over. (tekst gaat door onder de foto)
Mannenkoor Orpeus bestaat dit jaar al 120 jaar, maar hoe lang de mannen het nog volhouden is maar de vraag. (foto: Regionaal Archief Alkmaar)
Met zo weinig stemmen is het lastig om complexe, vierstemmige stukken goed uit te voeren. “Als we niet meer vierstemmig kunnen zingen, kunnen we geen kwaliteit meer leveren en moeten we misschien wel op korte termijn stoppen”, vertelt voorzitter Herman Verberne aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. De gemiddelde leeftijd van de zangers is boven de 60 jaar.
Dirigent Arjen Busscher sluit zich aan: “Als je bijvoorbeeld operastukken zingt van Verdi of Mozart, dan is het vierstemmig wel mooier als het koor wat groter is, dan is het wel heel fijn als je minimaal 25 tot 30 koorleden hebt.” (tekst gaat door onder de foto)
Het mannenkoor heeft tegenwoordig nog maar achttien leden. (foto: NH Nieuws)
Maar voor nu dreigt de neergaande trend nog door te zetten. “Als we over twee jaar nog maar zestien leden hebben, houdt het op”, verzucht secretaris Bart Koopman. “En daarmee gaat er ook een hele cultuurvorm verloren, want wij zijn het enige mannenkoor in de omgeving en dat mag niet gebeuren”, vult Verberne aan.
Mannenkoor Orpheus is dus op zoek naar vers bloed vanuit de regio om te komen mee te komen doen in het Alkmaarse Wijkcentrum De Oever. En liefst ook jong bloed, al is koorzingen niet erg populair meer onder de jongere generaties. De heren proberen aansluiting te vinden met modernere nummers in hun repertiore. Voor wie twijfelt, geven de heren mee: “Zingende mensen zijn gelukkige mensen!”
Het verdwijnen van de horeca en een sloopkogel door de Sint Michaëlkerk. De bewoners van Zuidschermer hebben er slapeloze nachten van. Maar zo ver is het zeker nog niet, teminste, volgens wethouder Robert te Beest. De gemeente is met de parochie en de beherende stichting in overleg over behoud van de kerk uit 1931.
Inmiddels heeft het bestuur van de parochie – formeel de eigenaar van het vastgoed – een taxatie laten uitvoeren. Dat zorgde voor extra onrust en vragen van de VVD aan de verantwoordelijk wethouder. Robert te Beest suste de gemoederen afgelopen week.
“Het parochiebestuur heeft ons laten weten dat zij dit hebben gedaan om een zorgvuldig proces op te starten waarin er tijd en ruimte wordt genomen voor gesprekken, onder andere met de gemeente en de Stichting Beschermd Dorpsgezicht Zuidschermer”, hield de wethouder de raad voor tijdens de raadsvergadering. (tekst gaat verder onder de foto)
Wethouder Robert te Beest, met onder andere de portefeuille Dorpen en landelijk gebied, hier tijdens de Landelijke Truiendag. (foto: Streekstad Centraal)
De gemeente is in gesprek met de beherende stichting over behoud van het kerkgebouw en er staat een gesprek met de parochie gepland. “Dit biedt ruimte om in overleg te bezien welke toekomstige functies passend zijn bij het kerkgebouw en het beschermde dorpsgezicht, en hoe deze bijdragen aan het behoud van het dorpshart.”
Te Beest heeft de gemeenteraad toegezegd om om de drie maanden een update te geven.
De maand maart staat voor de Alkmaarse stichting BersaMaju in het teken van Festival Budaya. Van 1 tot en met 29 maart is er van alles te doen en te beleven op verschillende plekken in de stad. De aftrap van deze tweede editie wordt verzorgd samen met Indo-rocker Hot Eddy en de Blue Mondays in Podium De Brouwerij.
Festival Budaya Alkmaar betekent muziek, dans, theater, films, documentaires en verhalen die generaties met elkaar verbinden. Identiteit, geschiedenis, vernieuwing en gezelligheid komen samen. Het Indisch-Molukse festival en een initiatief van BersaMaju en Podium De Brouwerij, in samenwerking met Cultuurpodium de Alkenaer, Filmhuis Alkmaar, Podium Victorie, WomanLink en Wijkcentrum De Eenhoorn.
In de muzikale voorstelling âHot Eddy en de Postkoloniale Bluesâ wekt zanger en liedjesschrijver Jef Hofmeister, alias âHot Eddyâ, zijn ouders weer tot leven en stelt hij zijn vader vragen die hij nooit durfde of kon stellen. Hot Eddy wordt begeleid door de Blue Mondays, oftewel het drietal Louis ter Burg, Chris Koenen en Paul Hofmeister.
Voorafgaand aan het optreden brengen de broers Clinton en Lionel Mansyur met hun dansvoorstelling âErfenisâ familie, cultuur en tradities tot leven en ontstaat er een krachtig verhaal over identiteit en afkomst. Over trouw blijven aan waar je vandaan komt en durven kiezen voor je eigen pad.
Het optreden begint om 15:00 en kaartjes kosten 10 euro. Reserveren kan via reserverendebrouwerij@gmail.com. Meer informatie over het festival is te vinden op bersamaju.nl
Het festival wordt mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van gemeente Alkmaar, het Victoriefonds en het VSB Fonds.
Stichting Keramisten van Noord-Holland organiseert in maart weer een expositie in de Oude Ursula Kerk in Warmenhuizen. Gedurende twee weekenden zijn allerlei werken te zien van leden van de stichting, waaronder velen uit regio Alkmaar.
De laatgothische kerk in Warmenhuizen vormt een prachtige omgeving voor allerlei verschillende soorten keramiek. De makers zijn zelf aanwezig om uitleg te geven over hun werk.
De expositie is te bekijken in de weekenden van 7 en 8 maart en van 14 en 15 maart, telkens van 11:00 tot 17:00 uur. Toegang is vrij. Meer over de stichting is te vinden op keramisten-noordholland.nl.
Van vrijdag 27 februari tot en met zondag 1 maart worden de 50ste Sterrenkijkdagen gehouden en natuurlijk doet de Heerhugowaardse Sterrenwacht Saturnus daaraan mee.
Saturnus opent in het weekend de deuren voor iedereen die meer wil weten over het heelal en sterrenkijken. Vanzelfsprekend kan er bij goed weer naar de hemel getuurd worden door telescopen. De kleinere staan dan buiten en de koepel is open zodat er ook door een van de grootste telescopen van Nederland kan worden gekeken. Met speciale filters is ook de zon veilig ‘van dichtbij’ te bekijken.
Jonge bezoekers kunnen schaalmodellen van ruimtebouwwerken knutselen en proefjes doen met licht en vacuĂŒm. Op zondagmiddag kunnen kinderen een zelf meegenomen 1,5 liter petfles ombouwen tot een mooi versierde waterraket en afvuren. Versiermaterialen zijn aanwezig.
Bij slecht weer is er een binnenprogramma met rondleidingen, diapresentaties en proefjes.
De sterrenwacht is op de vrijdag open van 19:30 tot 22:00 uur, op de zaterdag van 13:30 tot 17:00 uur en van 19:30 tot 22:00 uur en op de zondag van 13:30 tot 17:00 uur. Kijk voor meer info op sterrenwachtsaturnus.nl.
De landelijke Sterrenkijkdagen zijn een initiatief van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde (KNVWS). Het populaire evenement trekt jaarlijks velen duizenden mensen naar sterrenwachten in heel het land. Meer informatie op sterrenkijkdagen.nl.
“De locaties worden uitgekozen op hun queer-vriendelijkheid”, legt Jass Eradus van Queer Alkmaar uit. “Onze eerste bijeenkomst ooit vond plaats bij Soepp. Verder
komen we regelmatig in Rockville, De Wijkboerderij, De Tuin of Het IJckgebouw.” Maar nu dus voor het eerst in De Pilaren. (tekst gaat verder onder de foto)
“Als queer persoon is het uitgaansleven niet altijd een fijne en veilige plek”, ziet ook Jass. “Het is dus ons doel om daar wel voor te zorgen. Ook kan het soms moeilijk zijn elkaar te vinden, en dat lukt op deze avonden juist wel. Door elke maand op een andere locatie af te spreken blijven we nieuwe mensen aantrekken. En nog veel belangrijker, we blijven zichtbaar als community.”
De bijeenkomsten zijn bewust laagdrempelig. “We willen laten zien dat we buiten de glitter en glamour rond de Pride ook eigenlijk gewoon mensen zijn die houden van gezelligheid en een drankje doen met vrienden.”
Feestende nazi’s in een Alkmaars hotel. Melkslijter Jan Johannes Swart die zijn ronde doet. Een kind dat op straat schaatst. Het zijn slechts enkele fragmenten uit ‘Alkmaar op Film’, een docufilm die door inwoners mogelijk is gemaakt. Inmiddels heeft de film al 5.000 bezoekers getrokken.
Alkmaar op Film is een uniek project. Vanwege haar 100-jarig bestaan wilde de Historische Vereniging Alkmaar een docufilm laten maken met Alkmaarse beelden van de afgelopen 100 jaar. Als cadeau aan de inwoners.
Niet alleen zijn daarvoor de archieven van Beeld en Geluid en het Regionaal Archief afgestruind, iedereen die materiaal had mocht filmpjes aanleveren. “We hebben rond de 400 blikjes en dozen van mensen gekregen”, vertelde bestuurslid Rob Marijn voor de premiĂšre. Het oudste fragment is maar liefst 110 jaar oud.
“We hadden niet durven hopen dat Alkmaar op Film, dat gemaakt is als cadeau voor de stad, zoveel bezoekers zou trekken”, zegt Rob nu, iets meer dan twee maanden na de premiĂšre in Theater de Vest. Na de eerste vertoning verhuisde Alkmaar op Film naar Filmhuis Alkmaar en daar zijn inmiddels 5.000 bezoekers op afgekomen. (tekst gaat verder onder de foto)
Maker Erik Willems toont Alkmaar op Film voor het eerst aan leden van de Historische Vereniging Alkmaar. (foto: NH Nieuws)
“En dat worden er vast nog meer, want er is ook veel belangstelling vanuit bijvoorbeeld verzorgingstehuizen en scholen”, zegt de HVA-bestuurder optimistisch. “We kijken de komende tijd hoe we vanuit onze vereniging aan die verzoeken tegemoet kunnen komen.” Misschien gaat Alkmaar op Film dus wel ‘on tour’.
Albert Schoemaker, directeur Filmhuis Alkmaar, is ook blij met alle interesse voor Alkmaar op Film: “Fantastisch om te zien hoeveel Alkmaarders en bezoekers vanuit de omgeving al van de film hebben kunnen genieten en hoeveel mooie herinneringen de film oproept. Zolang er belangstelling is vanuit het publiek, blijft de film de komende maanden zeker nog in ons filmhuis te zien.”
Op de hoofdfoto van links naar rechts: HVA-bestuursleden Henk de Kruik, Lucas Zimmerman en Rob Marijn met Filmhuis-directeur Albert Schoemaker.
Zo’n twintig nieuwsgierige mensen druppelen Museum Broekerveiling binnen. Niet voor een toeristisch uitje, maar om er vrijwilliger te worden. De organisatie is blij met opkomst voor de wervingsmiddag die vrijdag plaatsvond. Bij de ochtendsessie waren er ook al twintig belangstellenden en aan het einde van de dag ligt er een stapeltje met zeker vijftien ingevulde aanmeldformulieren.
Het is de derde keer dat het museum aan het begin van het jaar een wervingsdag organiseert. De opkomst is hoger dan ooit, met zowel ‘s ochtends als ‘s middags rond de twintig gegadigden. Streekstad Centraal schuift aan bij de middagsessie. Eenmaal voorzien van koffie of thee en wat lekkers, verwelkomt Wouter iedereen nogmaals. Daarna geeft hij uitleg over wat er te gebeuren staat, over het museum en het Rijk der Duizend Eilanden, de recente verbouwing en natuurlijk over de diverse vrijwilligersvacatures. (tekst gaat verder onder de foto)
Jan-Willem Lakemond vertelt de potentiële vrijwilligers over wat hij zelf allemaal doet bij Museum Broekerveiling. (foto: Streekstad Centraal)
Daarna komen de huidige vrijwilligers aan het woord, waaronder Jan-Willem Lakemond. “Ik ben hier nu negen jaar vrijwilliger, en nog steeds met heel veel plezier. Mijn ‘tak van sport’ is beheer, en ik werk samen met drie collega’s. We doen heel veel op het gebied van geluid en elektra en we plegen heel veel onderhoud. Al lukt het ons niet altijd om alle problemen te verhelpen”, voegt hij toe met een lach. Tja, het veilinggebouw is al eeuwen oud. “En ikzelf help ook nog met evenementen, zoals het Pakhuis van Sinterklaas, en de bekende streekmarkt in september.”
Na de verhalen worden bezoekers uitgenodigd om zich aan te sluiten bij de vrijwilliger die taken doet waar zij zelf interesse hebben, voor verdere uitleg en een rondleiding langs de plekken waar hij of zij zoal actief is. Vooral voor kluswerk en de rondleidingen is er animo. (tekst gaat verder onder de foto)
Tanja (rechts) sloot zich aan bij Martijn, die actief is in het op kinderen gerichte Proeflab. (foto: Streekstad Centraal)
Tanja stopte met haar baan vanwege de reisafstand en is voorlopig nog niet op zoek naar nieuw werk, maar ze wil wel bezig zijn. “Ik las over deze dag op Instagram en dacht: ik ga kijken wat ik hier kan doen.” Ze was nog nooit in de BroekerVeiling geweest en er is heel veel te doen, ontdekte Tanja. “Ik dacht: oh jee, ik wil dit wel doen, dat wel doen”, zegt ze met een lach.
Ze koos voor het vooral op kinderen gerichte Proeflab. Dat blijkt niet heel verrassend. “Ik ben pedagogisch medewerker en heb de afgelopen vijftien jaar op een IKC gewerkt. Ik denk dat het ook het Proeflab wordt. Het lijkt me ook leuk om daarmee langs scholen te gaan. Maar ik heb vroeger in restaurants gewerkt, dus dat zou nog een zijstap kunnen zijn.” We laten Tanja met rust zodat ze haar aanmeldformulier kan invullen. (tekst gaat verder onder de foto)
Kees is een markant figuur, zeker als hij zich voordoet als ‘Ome Dirk’, en vertelt graag over het museum. Perfect voor rondleidingen door de Broekerveiling. (foto: Streekstad Centraal)
Dan komt ook Gerda terug van een rondleiding, ze was mee met gids ‘Ome Dirk’. Zij blijkt nĂłg nieuwer te zijn in Langedijk – dertien dagen vers – maar daar mag een korreltje zout overheen. “Ik kom uit Sint Pancras en ben weggegaan om te studeren, en ik heb de laatste 35 jaar in Zeist gewoond. Ik woon hier nu vlakbij aan de Klaversloot. Ik ben de oudste van tien en nu woon ik in het midden van zeven broers en zussen.” Ze vindt het maar wat leuk dat iemand haar achternaam – Van Zelm – als Pancrasser naam herkende.
Gerda is gepensioneerd klassiek zangeres en zangpedagoog en verzorgt nu nog cursussen voor docenten uit binnen- en buitenland op het conservatorium, maar dat vult de dagen niet. Net als Tanja wil zoekt ze iets nuttigs en leuks om te doen, en ze wil mensen leren kennen. Vooral het gidswerk lijkt haar wel wat. “Ik spreek Frans, Duits en Engels. Als ik het verhaal van de BroekerVeiling oefen in die talen dan kom ik daar vast wel uit, dus ik dacht: het lijkt me wel leuk om rondleidingen te gaan verzorgen. Ik had ook nog aan de balie gedacht, en er zijn natuurlijk ook evenementen.” (tekst gaat verder onder de foto)
Gerda is na heel veel jaren weer terug in Langedijk. Haar lijkt het leuk om rondleidingen te verzorgen, en dat zou ze in meerdere talen kunnen doen. (foto: Streekstad Centraal)
Wie over een paar maanden naar de BroekerVeiling komt, zou dus zomaar een rondleiding van Gerda kunnen krijgen, of een kind kunnen achterlaten in het Proeflab bij Gerda terwijl iets lekkers wordt opgepeuzeld in het nieuwe restaurant.
Ben Bijl maakte zich er hard voor, en met succes: in het coalitieakkoord werd opgenomen dat de Popmansbrug in Alkmaar weer een poort zou krijgen. Inmiddels zijn de voorbereidingen achter de schermen bijna afgerond. Maandag starten de werkzaamheden voor realisatie van de nieuwe Popelmanspoort.
In 1575 besloot het Alkmaarse stadsbestuur om een brug over de stadssingel te bouwen tussen de Nieuwlandersingel en Klein Nieuwland âter behoeve van de koehouders, om in tijd van perikele hun beesten in de stad te brengen.â
In de 1780 was de naam nog dâNieuwlanderpoortbrugge met daarop de Nieuwlander Poort, maar iets meer dan een eeuw geleden kreeg het de naam ‘Popmansbrug’, verwijzende naar de Popelmanslaan die er toen bij uitkwam. (tekst gaat verder onder de tekening)
Tekening van de Popmansbrug uit 1729 (?), toen nog de Nieuwlanderpoortbrug. Zowel de poort als het hekwerk waren van hout. (bron: Regionaal Archief)
Toen wijlen BAS-fractievoorzitter Ben Bijl zich inzette voor de bouw van een poort op de Popmansbrug, noemde hij deze de Popelmanspoort. En dat zal dan ook de naam worden, in plaats van zoals vroeger de Nieuwlander Poort of anders misschien Popmanspoort.
Zoals de tekeningen laten zien, ziet de toekomstige poort er heel anders uit dan de historische uitvoering. Het was voor publicatie nog niet duidelijk of het nieuwe ontwerp gebaseerd is op een latere uitvoering van de Nieuwlander Poort of gewoon een nieuw ontwerp is dat aansluit bij het ontwerp van de Boompoort aan het Voormeer. (tekst gaat verder onder de tekening)
Ontwerptekeningen van de Popelmanspoort. (bron: Gemeente Alkmaar)
Aannemer Oosterhof Holman uit Harlingen is gecontracteerd om de historische poort na te maken inclusief het sierlijke hekwerk. Het is niet de bedoeling dat het hek wordt gebruikt, het zal altijd open staan.
Twaalf musea in Noord-Holland Noord gaan de komende jaren vaker en meer samenwerken. Ze krijgen daar ⏠1,2 miljoen subsidie voor uit de Regio Deal Noord-Holland Noord. Met dat geld willen de musea samen zorgen voor betere lessen voor scholen, meer activiteiten voor inwoners en een sterker en duurzamer aanbod.
Het Huis van Hilde in Castricum is een van de musea die subsidie heeft gekregen vanuit de Regiodeal Noord-Holland Noord. (foto: Streekstad Centraal)
Volgens de musea is dat hard nodig. âMiddelgrote musea hebben vaak weinig tijd en geld om alles alleen te vernieuwen,â zeggen de initiatiefnemers. âDoor de krachten te bundelen kunnen we veel meer betekenen voor het publiek.â
Voor inwoners van Alkmaar en omliggende plaatsen levert dat straks verschillende voordelen op. Denk aan nieuwe programmaâs voor basisscholen en middelbare scholen, meer leuke en leerzame activiteiten voor gezinnen, en tentoonstellingen die beter aansluiten bij verschillende doelgroepen.
Ook wordt gewerkt aan musea die toegankelijker zijn, bijvoorbeeld voor mensen die minder makkelijk binnenkomen of zich niet altijd aangesproken voelen. âWe willen dat iedereen zich welkom voelt en iets van zichzelf kan herkennen in de verhalen die we vertellen,â klinkt het vanuit het project. (tekst gaat verder onder de foto)
Museum Broekerveiling in Broek op Langedijk is een van de musea die meedoen aan de samenwerking. (foto: aangeleverdl)
Daarnaast gaat een deel van het geld naar verduurzaming, zoals slimmer omgaan met energie en materialen. Ook wordt ingezet op digitalisering, waardoor informatie beter gedeeld kan worden en bezoekers meer online kunnen ontdekken. âMusea zijn niet alleen plekken om te kijken, maar ook om te leren, elkaar te ontmoeten en trots te zijn op de regio,â zeggen de musea. âDat willen we de komende jaren samen versterken.â
Het project wordt getrokken door Museum BroekerVeiling en Huis van Hilde, samen met de andere musea. De groep bestaat uit: Museum BroekerVeiling, Stedelijk Museum Alkmaar, Huis van Hilde, Museum Kranenburg, Zaans Museum, Museum Fort Kijkduin, Stichting Texels Museum, Museum van de Twintigste Eeuw, Bakkerijmuseum Medemblik, Oorlogsmuseum Medemblik, Museumstoomtram en Westfries Museum.
Het Stedelijk Museum Alkmaar is ook aangesloten bij de nieuwe samenwerking. (foto: Streekstad Centraal)
De musea hopen dat de samenwerking niet stopt na 2029. Het plan is om nu al afspraken en manieren van samenwerken te bouwen die blijven bestaan. âWe willen iets neerzetten dat langer meegaat dan deze subsidieperiode,â is het idee. âZodat inwoners van Noord-Holland Noord er ook daarna profijt van hebben.â