Categorie: nieuws algemeen

  • Truus Wijsmuller pop-up museum ontvangt duizendste bezoeker

    Truus Wijsmuller pop-up museum ontvangt duizendste bezoeker

    Zondag heeft het Truus Wijsmuller pop-up museum aan het Waagplein in Alkmaar de duizendste bezoeker mogen ontvangen. John Ibink ontving Thea van der Wielen en Floor Scheffer uit Heiloo namens het bestuur met bloemen, een glaasje Prosecco en een ‘Miniatruusje’, oftewel een kleine versie van het standbeeld op de Gewelfde Stenenbrug.

    Het Truus Wijsmuller museum opende op 13 mei in de voormalige winkelruimte van Oilily. Hier wordt het bijzondere verhaal verteld van Truus Wijsmuller, een in Alkmaar geboren en getogen vrouw die van zo’n 10.000 kinderen het leven redde. Foto’s, teksten en films vertellen het verhaal, dat in 1896 op de Mient even verderop begon. Ook wordt er aandacht besteed aan het standbeeld van Truus. Verder zijn er lezingen, muziek, theater en een thematische boekenwinkel.

    De expositie is gratis te bezoeken op donderdag, zaterdag en zondag tussen 12:00 en 17:00 uur, en op vrijdag al vanaf 11:00 uur. Schoolklassen en gezelschappen kunnen een een eigen tijdstip reserveren via tantetruusishier@gmail.com en desgewenst een inleiding krijgen.

  • Dijkgraaf Luc Kohsiek stopt na veertien jaar: “Het is tijd om te kiezen voor mijn gezin en gezondheid”

    Dijkgraaf Luc Kohsiek stopt na veertien jaar: “Het is tijd om te kiezen voor mijn gezin en gezondheid”

    Luc Kohsiek legt per 1 januari 2023 zijn functie als dijkgraaf neer. Dat heeft het Hoogheemraadschap bekendgemaakt. Kohsiek vindt dat het na veertien jaar tijd is om te kiezen voor zijn gezin en gezondheid.

    Het is geen makkelijke keuze geweest om af te zwaaien, stelt Kohsiek. “Er is nog zoveel te doen. Het waterschap heeft nog vele uitdagingen. Elke werkdag is spannend, intensief, maar ook interessant en leuk.”

    De verminderde gezondheid van de dijkgraaf is de grootste reden om te stoppen. “Dit werk vraagt het nodige van mij. Ik wil genieten van mijn kinderen en kleinkinderen en prioriteit geven aan mijn gezondheid. Dat gaat niet meer samen met de werkzaamheden die ik als dijkgraaf heb.”

    Luc Kohsiek was de afgelopen jaren niet alleen betrokken bij Hollands Noorderkwartier, maar hij zette zich ook op landelijk niveau in. Zo was hij voorzitter van de STOWA en lid van de Raad van Toezicht van het KNMI.

    Het is nog niet bekend wanneer de sollicitatieprocedure voor de nieuwe kroonbenoemde dijkgraaf van start gaat.

  • Zomer in De Mare weer groot succes: “Helemaal fantastisch”
    Featured Video Play Icon

    Zomer in De Mare weer groot succes: “Helemaal fantastisch”

    Theater De Vest is eind mei weer naar buiten gegaan voor een reeks voorstellingen in het Alkmaarse park Rekerhout. Zomer in de Mare duurt nog tot en met zondag en daarna verhuist het ‘circus’ naar het Canadaplein voor Zomer op het Plein.

    Zomer in De Mare is een feestje voor de hele familie, met elk weekend een mooi en gratis toegankelijk programma voor jong en oud. Nieuw zijn de picknickconcerten op de zaterdagavond. Bezoekers kunnen deze avonden bij VERS lekker eten en drinken kopen of zelf een picknickmandje meenemen.

    Straattheater is dikwijls interactief, maar dan moet je het publiek natuurlijk wel zo ver krijgen dat het meedoet. Paulien Truijen van Arch8: “We spelen deze voorstelling al heel lang, we hebben er de hele wereld mee over getoerd, en overal krijgen uiteindelijk het publiek zo ver dat het meedoet. Want niemand hoeft mee te doen, niemand wordt verplicht, maar we willen ze uitnodigen om mee te doen, en uiteindelijk is het eigenlijk altijd zo dat wij kunnen gaan kijken en het publiek gaat voort met de voorstelling.”

    Ook in de Rekerhout kregen de vier theatermakers van Arch8 hun publiek weer in actie en konden ze zelf op een bankje plaatsnemen om toe te kijken. Verder viel vooral ook de komische langlaufshow ‘Skiing Odyssee’ in de smaak. “Ik vond het superorigineel”, reageerde een meisje en een vrouw zei: “Ik vond het helemaal fantastisch.”

  • Taqa mag productie aardgas verdubbelen uit gasvelden rondom Alkmaar en Bergen

    Taqa mag productie aardgas verdubbelen uit gasvelden rondom Alkmaar en Bergen

    Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat heeft toestemming gegeven om de komende anderhalf jaar twee keer zoveel aardgas te winnen uit de gasvelden rondom Bergen aan Zee en Alkmaar. Er was al groen licht om 150 miljoen kubieke meter aardgas uit de gasvelden te halen, met het nieuwe besluit is dat nu ruim verdubbeld tot 302 miljoen kubieke meter. Gasbedrijf Taqa had de extra productie aangevraagd.

    Sinds 1974 wordt gas gewonnen uit het gasveld Groet-Rotliegend, sinds 1979 uit Bergen-Rotliegend en sinds 1992 uit het gasveld Schermer-Platten. De gaswinning stopt in ieder geval in 2023. TAQA had al in augustus 2020 een verhoging aangevraagd van het maximale productievolume. Nieuwe boringen zijn niet gepland.

    De gemeente Bergen is geen voorstander van de gaswinning. Die vreest bodemdaling en bevingen. De bodem is op sommige locaties sinds het begin van de winning met negen tot dertien centimeter gezakt. Omdat de velden bijna leeg zijn, was die daling grotendeels in de eerste decennia van de gaswinning. In 2001 deed zich bij Bergen de grootste aardbeving voor met een kracht van 2,7 op de schaal van Richter. Het Ministerie geeft in het nieuwe winningsbesluit toe dat er een reële kans bestaat op aardbevingen. Maar die risico’s zijn niet groter dan in het oude winningsplan. Daarom ziet het ministerie geen reden om om die reden de toestemming te weigeren. Volgens onderzoeksinstituut TNO worden de risico’s beperkt door de stijve ondergrond in het kustgebied. Seismologische meetapparatuur staat bij de gasvelden opgesteld om trillingen en bevingen waar te nemen. Zodra een veld seismisch actief wordt kan worden besloten om de winning te beperken of te stoppen.

    Volgens het ministerie wordt in Nederland in zo’n 220 kleine velden gas gewonnen. Dat gebeurt volgens het ministerie alleen als dat veilig kan. Het ministerie vindt de binnenlandse gaswinning nodig om minder afhankelijk te zijn van importgas uit landen zoals Rusland. Het zou ook bijdragen aan energieleveringszekerheid in Nederland.

    Tegen het ministeriële besluit kan nog tot 14 juli bezwaar worden gemaakt.

  • Haar hulphond Puk en de muziek gaven Fiona de wil om te leven terug

    Haar hulphond Puk en de muziek gaven Fiona de wil om te leven terug

    Fiona Doornbos (29) uit Alkmaar heeft in haar leven al genoeg ellende meegemaakt voor tien. Haar jeugd werd getekend door haar zieke zus en moeder. En een verkrachting zorgde voor een donkere wolk boven haar tienerjaren. Toch heeft de Alkmaarse zich nooit uit het veld laten slaan. Dat heeft ze te danken aan twee dingen: haar muziek en haar hulphond Puk.

    “Het is altijd mijn droom geweest om van alles wat ik heb meegemaakt een voorstelling te maken. En dat is nu gewoon gelukt”, vertelt Fiona Doornbos aan mediapartner NH Nieuws. “De eerste keer dat ik mijn voorstelling speelde, kwam mijn verleden weer omhoog. Toen dacht ik wel even aan alle mensen die dachten dat ik het niet kon, die kon ik even allemaal een dikke middelvinger geven.”

    “Ik wil de voorstelling ook heel graag spelen op middelbare scholen. Ik denk echt dat het goed kan werken als een soort voorlichting. Als ervaringsdeskundige weet ik heel goed hoe ik situaties zoals de mijne bespreekbaar kan maken voor iedereen. Het is natuurlijk een ontzettend persoonlijk verhaal, maar het kan voor iemand anders ook juist een handvat bieden. Ik hoop daarbij het stigma te doorbreken en openheid te creëren over dit soort situaties. Dat je nooit je dromen hoeft op te geven, want het is mij ook gelukt. Met alles wat ik heb meegemaakt.”

    “Op mijn vijftiende kreeg ik mijn eerste aanval. Ik viel tijdens een schooldag zomaar op de grond. Iedereen dacht toen nog dat het een epileptische aanval was. Toen veranderde ik van een blij meisje naar een brok onzekerheid. Later kreeg ik de diagnose PPEA’s (Psychogene Pseudo Epileptische Aanvallen). Ik was uitbehandeld. Artsen en behandelaren wisten niet wat ze met mij aan moesten, ik moest er maar mee leren leven. Ik kon niks meer en ik dacht: ‘Als het zo moet, ben ik klaar met het leven. Uiteindelijk ging het zo bergafwaarts dat ik vier en een halve maand intern ben opgenomen.”

    “Op mijn achttiende kwam ik daaruit en mocht ik nog eindexamen doen. Dat ging even goed, maar toen ben ik in de zomer daarna verkracht. Dat was echt de druppel. Dat zorgde ervoor dat ik soms wel dertig aanvallen per dag kreeg. De artsen wisten opnieuw niet wat er met mij aan de hand was. Een kinderarts zei nog tegen me: ‘doe maar weer normaal Fiona, er zijn andere manieren om aandacht te vragen.’”

    “In de periode dat ik mijn hulphond Puk net kreeg, ging het heel slecht met me. Mijn relatie ging uit en ik voelde me heel alleen. Het opleiden van een hulphond is een heel intensief proces en ik had het gevoel dat ik dat niet alleen kon.”

    “Maar het lukte wel en dat zorgde ervoor dat mijn vertrouwen ook begon te groeien. Ik durfde eerst bijvoorbeeld de supermarkt niet in en ik was bang voor mannen, maar ja, Puk moest er wel uit om te plassen. En dus moest ik er ook op uit. Het opleiden van Puk gaf echt een boost aan mijn vertrouwen. Uiteindelijk leerde Puk mijn aanvallen signaleren, en dat gaf mij een heel veilig gevoel. Want de angst voor een aanval triggert vaak een aanval. Maar nu ging het weer de goede kant op. Ik kon zelfs weer vrijwilligerswerk gaan doen en een cursus gaan volgen tot jongerencoach. Zo ben ik uiteindelijk ervaringsdeskundige geworden bij de GGZ.”

    “Het volledige trainingstraject van een hulphond bestaat uit zo’n twee jaar, maar Puk en ik deden er twee en een half jaar over. We legden uiteindelijk ook samen het examen af, en we zijn toen samen geslaagd.”

    “Het gaat nu weer goed met mij. Mijn laatste aanval was op 26 februari 2020, dus afgelopen februari was ik twee jaar aanval vrij. Toen heb ik ook mijn allereerste single uitgebracht, dat leek mij een mooi moment. Ik treed nu samen op met mijn vriend, die is gitarist. En Puk is er natuurlijk ook bijna altijd bij, zij blijft toch mijn grootste fan.”

  • Vrijwilligers Caritas zamelen nog steeds fulltime spullen in voor Oekraïne

    Vrijwilligers Caritas zamelen nog steeds fulltime spullen in voor Oekraïne

    Al ruim drie maanden zetten vrijwilligers van stichting Caritas in De Rijp zich extra hard in om medicijnen, levensmiddelen en bedden naar Oekraïne te sturen. “Waar ze vóór de Russische inval gemiddeld een dag per week bezigwaren, is dat nu regelmatig de hele week”, vertelt Jan Pilkes (74) van Caritas aan mediapartner NH Nieuws.

    De stichting zamelt al jaren hulpgoederen in voor de schrijnende situaties waarin veel mensen in Oekraïne leven, maar nu wordt er een extra beroep op Caritas gedaan. “De vrijwilligers doen het graag, maar het is hard werken”, zegt Pilkes. “Als we een transport laden, gaat er al gauw tussen de 13.000 en 15.000 kilo aan spullen door hun handen.”

    Waar de stichting in het begin van de oorlog met veertig tot vijftig vrijwilligers werkte, zijn dat er nu ongeveer vijfentwintig. Volgens Pilkes komt dat deels doordat ‘het alweer wordt vergeten’.

    “Mensen lezen er nog steeds over, maar het lijkt wel minder impact te hebben.” Ook in Oekraïne gaat op veel plekken het gewone leven door, vertelt Pilkes. “Maar nog iedere dag vallen er honderden doden. Hulp is hard nodig.”

    Spullen verzamelt de stichting met behulp van goede contacten: zo kreeg Caritas van een broodfabriek in Wormer ‘pallets vol’ brood, kwamen uit Limburg pallets met schoenen en doneerde Bergman Clinics al een hoop medisch materiaal.

    “Maar ook scholen zetten zich voor ons in”, vertelt Pilkes. “Afgelopen week is bij een school in De Rijp nog een donatie opgehaald van 10.000 euro. Je merkt ook aan die kinderen dat er heel goed over gesproken wordt en dat ze graag hulp bieden aan andere kinderen die het moeilijk hebben door de oorlog.”

    Die hulp biedt de stichting momenteel ook aan gebieden die korte tijd in Russische handen zijn geweest en inmiddels weer zijn terugveroverd. “Dat zijn moeilijkere ritten. Niet alleen is het heel duur omdat benzine daar op rantsoen is en we dus meer dan genoeg hiervandaan mee moeten nemen, ook wil niet iedereen daar naartoe.”

    Vorige week was Pilkes zelf nog in de buurt van Odessa, waar flink door de Russen is huisgehouden. “Met Gods gratie kon ik daar 15 liter benzine tanken nadat ik een Oekraïens telefoonnummer opgaf.

    De komende tijd zamelt de stichting goederen in voor mensen met een geestelijke beperking. “Het ziet er daar zo slecht uit”, zegt Pilkes ontzet. “De mensen daar zitten de hele dag in een rolstoel en onder hun stoel hangt vaak zelfs een emmer; daar gaat de ontlasting in. Sommigen hebben ook een soort zijuitgang voor urine. Het is niet te filmen!”

    Dat komt niet door de oorlog, vertelt Pilkes: “Dat is normaal ook zo.” In het begin mocht de stichting niet bij dat soort internaten binnenkijken. “Liever willen ze niet dat wij weten hoe het er daar aan toe gaat”, aldus Pilkes. De stichting kan nog spullen gebruiken, vooral matrassen zijn gewenst. “Daar is een schreeuwend tekort aan.”

  • 750 deelnemers aan Langedijker Run brengen 5000 euro op voor goede doelen

    750 deelnemers aan Langedijker Run brengen 5000 euro op voor goede doelen

    De Langedijker Run heeft zondag bijna 5000 euro opgebracht voor twee goede doelen. Aan de loop voor volwassenen over vijf en tien kilometer deden zo’n 450 lopers mee. Bovendien liepen nog eens 300 kinderen mee met de kidsrun van Stichting Lief Langedijk over een kortere afstand. De opbrengst gaat naar Hospice Schagen en de Vereniging Kinderkanker Nederland, die kinderen met kanker helpt om de moeilijke periode door te komen.

    De recreatieloop door Langedijk kon voor het eerst sinds 2019 weer worden gehouden. Het verrassende element van dit jaar was het parcours tussen de wijnranken over het landgoed van Wijndomein De Koen, dat via een ponton over een sloot kon worden bereikt.

    Hoewel het een recreatieloop is, kwam de snelste deelnemer aan de tien kilometerloop al na 31 minuten over de finish. Een huldiging is er echter niet, want het motto is: iedereen wint. “Het gaat niet om de prestatie, maar om de saamhorigheid, het beleven van een mooie dag en niet in de laatste plaats de goede doelen”, vertelt Ton Horseling, medeorganisator, speaker bij de start/finish in de Dorpsstraat en uitbater van restaurant De Burg tegen het NHD.

    Een wisseltrofee werd wel uitgereikt, aan het winnende team van de businessrun over vijf kilometer. Bouwbedrijf Blankendaal uit Heerhugowaard legde hier beslag op. Na drie jaar kon de vorige winnaar, De Geus Bouw, eindelijk deze ’Gouden Klinker’ overdragen, een vergulde klinker uit de Dorpsstraat van Langedijk.

  • Vrieskoujager meet vorst in juni in diepe duinpan bij Wimmenum
    Featured Video Play Icon

    Vrieskoujager meet vorst in juni in diepe duinpan bij Wimmenum

    Begin deze maand blijkt het te hebben gevroren in een diepe duinpan in de Wimmenummer Duinen bij Egmond. Vrieskoujagers Pieter Bliek en Karel Holvoet hebben de meting gedaan tijdens de koude nacht van 2 juni. Die nacht blijkt het daar op 1,5 meter hoogte 1,7 graden te hebben gevroren. Op 10 centimeter hoogte was het zelfs nog een halve graad kouder. In andere duinpannen was het toen vier tot vijf graden warmer, volgens hun eigen meetstations.

    Het is een temperatuur die beneden de officieel laagst gemeten temperatuur in de eerste 10 dagen van juni ligt, zo meldt de weersite weer.nl. Die werd op 2 juni 1975 met -1,2 graden gemeten in Almen. Op 6 juni 1924 daalde de temperatuur in Winterswijk tot -1,0 graden, Deelen noteerde op 2 juni 1962 een minimumtemperatuur van -0,9 graden. Aan de grond heeft het juni natuurlijk veel vaker gevroren, onder meer in die nacht van 2 juni dit jaar.

    Pieter Bliek is, zover bekend, de enige vrieskoujager van Nederland. Hij is al sinds zijn jeugd weerfanaat en vooral als het gaat vriezen is Bliek in zijn nopjes. De Alkmaarder kwam in aanraking met de hobby via de Belgische Karel Holvoet die al jaren op zoek is naar de koudste plekjes. Samen met Bliek doet hij nu ook in de duinen langs de Nederlandse kust onderzoek. Op elf laaggelegen plekken in de duinen hebben zij meetstations neergezet, met loggers op 10 centimeter hoogte en op 1,5 meter. In november 2021 vertelden zij daarover in een videoreportage van mediapartner NH Nieuws.

    Overigens heeft Pieter Bliek volgens weer.nl nog wel een opmerking bij de eigen meting. De loggers bij Wimmenum hangen niet in een weerhutje, maar in omgekeerde plastic bekertjes die bruin geverfd zijn, aan een dunne, bruine en ijzeren staaf. Volgens Bliek meten de loggers zo temperaturen die 0,5 tot 0,8 graden lager zijn dan de thermometers die wel in een weerhut liggen. Maar zelfs als je die correctie meeneemt, heeft het die bewuste nacht in de duinpan bij Wimmenum dus in ieder geval gevroren.

    De bruin geverfde bekertjes zijn bedacht om de meetstations zo onopvallend mogelijk te maken. Begin maart werd het oorspronkelijke weerstation hier nog door vandalen vernield. De nieuwe opstelling moet ervoor zorgen dat dit niet nog een keer gebeurt.

  • Stikstofplannen kabinet raken ook Eilandspolder en boerenbedrijven in duinrand

    Stikstofplannen kabinet raken ook Eilandspolder en boerenbedrijven in duinrand

    De plannen van het kabinet voor een zware ingreep in de landbouwsector om de uitstoot van stikstof flink terug te dringen, hebben ook gevolgen voor de regio Alkmaar. Vooral de agrarische bedrijven in de duinrand moeten zich zorgen maken. Het Noordhollands Duinreservaat en de Schoorlse Duinen zijn allebei Natura 2000-gebieden. Het kabinet heeft een strook van één kilometer rondom deze natuurgebieden aangewezen waar de stikstofuitstoot tot wel 70 procent moet worden teruggedrongen.

    Dat kan ook gevolgen hebben voor woningbouwlocaties die gemeente Bergen op het oog heeft, zoals Delversduin in Egmond aan den Hoef en aan de rand van Egmond-Binnen. Die projectontwikkelaars gaan er nog vanuit dat er gebouwd kan worden zolang de bestaande stikstofuitstoot op deze plekken niet verder stijgt.

    Een ander Natura-2000-natuurgebied in de regio is de Eilandspolder tussen Schermerhorn en De Rijp. Melkveehouder Ad Baltus uit Zuidschermer deelt zijn zorgen met mediapartner NH Nieuws dat ook de Eilandspolder straks verboden gebied is voor de veehouderij, en agrarische bedrijven in de buurt moeten verdwijnen. “Als dit werkelijkheid wordt dan gaan die gebieden die worden leeg geveegd verwilderen. Wat blijft er dan over? De Eilandspolder is veenweidegebied. Straks is dat dus veengebied. Zonder ons, zonder beheer zijn er straks geen dieren meer over.”

    In Noord-Holland komt de Noordkop er volgens Baltus nog het minst slecht vanaf. “Maar Texel, de Duinrand en het zuiden, daar vallen harde klappen. Het is gewoon treurig wat je daar ziet. Het platteland wordt daar dood verklaard, en dat kan gewoon niet waar zijn.” Baltus’ bedrijf blijft vooralsnog buiten schot in de plannen. “Maar ik ken genoeg collega’s die slecht nieuws hebben ontvangen. Weet je, als het zo door gaat, blijf ik straks als enige boer over”, zegt hij zuur. “Deze plannen kunnen gewoon echt niet.”

    De provincie Noord-Holland gaat de stikstofplannen uit Den Haag nog bestuderen, maar denkt in ieder geval aan maatwerk. “Wij willen er samen met de boeren uit komen. Juist omdat de veehouderij bij ons al niet erg intensief is, en we de boeren ook nodig hebben voor het beheren van de natuurgebieden waar nu juist zo veel om te doen is”, stelt Martine van den Heuvel, woordvoerder van gedeputeerde Esther Rommel van natuur en landschap. “We spreken de boeren regelmatig, om te kijken wat hun toekomstplannen zijn en hoe zij het zelf zien. Misschien hadden ze al bedacht dat ze willen stoppen, bijvoorbeeld”.

    Aan mediapartner NH Nieuws laat ze weten dat de provincie de doelen van het kabinet ziet als richtinggevend: “We zijn zelf al twee jaar bezig met een gebiedsgerichte aanpak, en we hebben vorig jaar rond deze tijd al onze eigen stikstofdoelen vastgesteld. We gaan nu kijken hoe de doelen van het ministerie overeenkomen met onze doelen, en wat eventuele verschillen zijn. Daarna gaan we kijken wat haalbaar is, en hoe veel geld het gaat kosten. We willen uitzoeken hoe het concreet past in Noord-Holland.”

    De gedeputeerde heeft daarnaast nog wat kanttekeningen bij de plannen van het kabinet. “Er zijn een paar rechterlijke uitspraken geweest waardoor onder andere woningbouwplannen geschrapt zijn, en dat rijmt niet met de plannen om 100.000 woningen bij te bouwen. De locaties zijn er wel, maar de stikstofruimte is er niet”. Ook maken nieuwe uitspraken van de de Raad van State over stikstof het niet makkelijker: “Daardoor is het voor ons heel moeilijk om te zien waar nog stikstofruimte ligt.”

    Dat de vrijdag gepresenteerde kabinetsplannen op grote weerstand kunnen rekenen, is inmiddels duidelijk. “Er gaat wel wat gebeuren”, stelt Baltus. “Want dit kan niet onbeantwoord blijven. Ik lees in onze app-groep over 22 juni, het Malieveld. Dat kan weleens heel groot worden. En we gaan dan niet met de trein naar Den Haag.”

    Wat de precieze gevolgen voor de agrarische sector en woningbouw in Noord-Holland gaan zijn, blijft voorlopig nog onduidelijk. De provincies hebben naar aanleiding van deze aanwijzing nog ruim een jaar de tijd om met een plan te komen om de gestelde doelen te behalen.