Nieuwe generatie aan het roer bij Camping De Boekel: “We willen vooral verbeteren in kwaliteit”

Paar poseert naast een paars standbeeld van een vrouw met zonnebril bij Camping 'De Boekel'.

Als Gerard Swart over Camping De Boekel in Akersloot praat, begint hij niet bij de recente overname van zijn dochter en schoonzoon, maar ruim een eeuw eerder. “In dit gebouw hebben mijn opa en oma nog gewoond,” vertelt hij, terwijl hij een foto van het huis aanwijst waar we in staan. “Het staat er al sinds 1913. Hier zijn heel wat herinneringen gemaakt.”

Sinds februari is de camping officieel in handen van zijn dochter Mary en haar partner Berend Valke. Maar wie denkt dat Gerard het bedrijf volledig heeft losgelaten, heeft het mis. “Ik zeg altijd maar zo: ik heb drie kinderen, mijn twee dochters en de camping. Je laat je kind ook niet zomaar los.” Toch is er wel degelijk iets veranderd. “Formeel zijn wij nu de eigenaren,” zegt Mary. “Maar mijn vader is hier nog zeven dagen in de week te vinden”, zegt ze lachend.

De geschiedenis van De Boekel gaat verder terug dan de camping zelf. Voordat Gerard en zijn vrouw Joke begonnen, was hij boer. “Ik had koeien en was echt een boer,” vertelt hij. “Maar toen kregen we twee dochters en dacht ik: die worden geen boeren. Zo kwam het idee voor een camping.”

Ironisch genoeg liep het anders. Zijn oudste dochter koos uiteindelijk toch voor het boerenleven, samen met haar partner. “Zij gebruiken nu het land achter de camping,” zegt Gerard. “Zo hebben mijn vrouw en ik met het bedrijf onze beide dochters een heel eind op weg geholpen. Daar ben ik echt trots op.” (tekst gaat door onder de foto)

Oude zwart-witfoto van een gezin naast een huis met een paard, ingelijst aan een muur.
Sinds 1913 is de familie Swart al gevestigd aan de Boekel in Akersloot. Vierde van rechts staat Gerard Swart tussen zijn grootouders. (foto: Camping de Boekel)

Gerard is zich er goed van bewust dat het niet overal zo vanzelf gaat. “Als ik om me heen kijk, zie ik vaak dat een overname helemaal niet lukt,” zegt hij. “Soms is er simpelweg geen opvolger en stopt een bedrijf.” Iets verderop, bij Loonbedrijf R. van Vliet was dat het geval. Dat het bij De Boekel anders loopt, maakt hem des te trotser. “Je kan wel zeggen dat ik het goed getroffen heb.”

Voor Mary was de stap naar het overnemen van de camping een stuk vanzelfsprekender. Ze groeide er letterlijk mee op. Toen ze haar huidige partner leerde kennen, maakte ze meteen duidelijk wat daarbij hoorde. “Ik zei gelijk: de camping krijg je erbij,” vertelt ze. “Gelukkig vond hij dat geen probleem.” Berend knikt. “We kennen elkaar nu zo’n zeven jaar en vanaf het begin help ik hier al mee. Het is echt mijn ding om deze camping te runnen.” (tekst gaat door onder de foto)

Ingang van Camping 'De Boekel' met vlaggen, een grote gele klomp en een oprijlaan, omringd door groen en gebouwen.
Camping De Boekel heeft sinds kort andere eigenaren, maar bezoekers merken daar maar weinig van. (foto: Streekstad Centraal)

De overname verliep geleidelijk. In plaats van een harde knip, is er sprake van een proces waarin oud en nieuw naast elkaar bestaan. “Je leert elke dag zonder dat je het doorhebt,” zegt Gerard. “We hebben dagelijks overleg over keuzes die gemaakt worden. Niet om elkaar te controleren, maar om op één lijn te blijven.”

Dat bevalt alle partijen goed. “Zo pushen we elkaar en halen we het mooiste uit de camping,” vult Berend aan. Voor hem zit de charme van het werk juist in de afwisseling. “Je weet nooit wat de dag brengt. Het ene moment ben je bezig met gasten hun plek laten zien, het andere moment met onderhoud. En als er iets kapot gaat, dan sta ik daar ook.”

Voor wie denkt dat het runnen van een camping vooral vrijheid betekent, hebben Gerard, Mary en Berend een duidelijke boodschap. “Als je niet van hard werken houdt, moet je niet een eigen camping starten,” zegt Gerard lachend. Dat weten de nieuwe eigenaren inmiddels maar al te goed. “Het is geen baan waarbij je om vier of vijf uur de deur achter je dichttrekt en morgen weer verdergaat,” zegt Mary. “Je staat eigenlijk altijd wel een beetje aan.” (tekst loopt door onder de foto)

Vier mensen staan voor een caravan op een grasveld met fietsen op de achtergrond en een helderblauwe lucht.
Berend, Mary, Joke en Gerard zijn erg trots op hoe de camping nu is. (foto: Streekstad Centraal)

Om toch af en toe rustmomenten te creëren, zijn er openingstijden voor de receptie ingevoerd. “Zodat we even kunnen eten of een korte pauze kunnen nemen,” legt Berend uit. “We proberen wel vaste tijden aan te houden,” zegt Mary. “Maar het gebeurt heel vaak dat ik net de aardappelen sta te schillen en dan toch weer ergens nodig ben. Dat hebben we inmiddels maar een beetje losgelaten,” lacht ze.

Ook ’s nachts kan het werk doorgaan. “Als het toiletgebouw om half één ’s nachts verstopt zit, kun je niet denken: dat doe ik morgen wel,” zegt Berend. “Dan moet je er gewoon staan. Maar dat maakt het ook mooi. Je weet nooit honderd procent waar je aan toe bent.”

Juist die onvoorspelbaarheid en verantwoordelijkheid maken het voor Mary en Berend bijzonder om nu zelf aan het roer te staan. “Het is echt prachtig,” zeggen ze. “Om dit samen te mogen doen, als eigenaren, dat is heel speciaal.” (tekst gaat door onder de foto)

Een camper geparkeerd op een grasveld met een haag en enkele bomen op de achtergrond, onder een heldere lucht.
De enige vernieuwingen die de nieuwe eigenaren gaan doen, zijn op het gebied van kwaliteit. Zo zijn er nu betere plekken gerealiseerd om het de gasten nog gemakkelijker te maken. (foto: Streekstad Centraal)

Grote veranderingen hoeven bezoekers voorlopig niet te verwachten. En dat is bewust. “Deze camping is uniek omdat het kleinschalig is,” zegt Berend. “Je hebt veel mogelijkheden en gasten zijn altijd tevreden. Dat willen we zo houden.” Mary vult aan: “We willen vooral verbeteren in kwaliteit. Het toiletgebouw hebben we bijvoorbeeld aangepakt. We proberen het stap voor stap steeds een beetje beter te maken.”

Uitbreiden staat nadrukkelijk niet op de planning. “Een camping met 300 plekken of het terrein volbouwen met chalets? Dat gaat hier niet gebeuren,” zegt Berend. “We willen het overzicht houden. We hebben geen personeel en zijn echt een familiebedrijf. We zijn makkelijk te bereiken en dat moet zo blijven.”

Voor Gerard en zijn vrouw betekent de overname ook een nieuwe fase. “In het hoogseizoen gingen we eigenlijk nooit op vakantie,” vertelt hij. “Misschien een weekendje, maar dan zat de camping altijd in je achterhoofd.” Dat begint nu te veranderen. “Over een maand gaan we negen dagen weg,” zegt hij. Mary glimlacht: “Mijn vader twijfelde nog of hij wel moest gaan, maar wij hebben echt gezegd: het wordt tijd.”

Het verschil zit vooral in het gevoel. “Vroeger had ik altijd een soort schuldgevoel als ik weg was,” zegt Gerard. “Nu weet ik dat het goed zit. Dan denk je: we maken dat rondje fietsen gewoon wat groter.” Toch blijft hij betrokken. En dat is precies zoals hij het wil. “Bezig blijven is beter dan rusten,” zegt hij. “Van rusten ga je roesten.”