Vier stemmen tegen, 35 voor. Dat zijn geen alledaagse meerderheden in de Alkmaarse gemeenteraad. Maar de lokale partij OPA wist de handen wel op elkaar te krijgen met een voorstel voor openbare barbecueplekken. “Inwoners zonder tuin of balkon hebben behoefte hebben aan geschikte openbare barbecueplekken.”
Dat schreef Tamara Vermeulen, die de motie indiende en bij de raadsvergadering van donderdag dus kon rekenen op grote steun. Misschien dat het mooie lenteweer daar nog een beetje bij hielp, maar de argumenten van Vermeulen zullen ook overtuigend geweest zijn: “Recreatiegebieden als het Alkmaarder- en Uitgeestermeer laten al zien dat aangewezen barbecuezones goed werken.”
Het bestaat ook in andere gemeenten al en anders kennen mensen het misschien wel uit het buitenland: stevige, vuurbestendige barbecueplekken in parken, waar bewoners samenkomen voor een hartig maal rond het vuur van de barbecue. (tekst gaat door onder de foto)
OPA-fractievoorzitter Victor Kloos en Tamara Vermeulen, die de motie indiende (foto: Streekstad Centraal)
“Barbecueën is een populaire activiteit onder inwoners van Alkmaar”, stelt OPA in de motie. “In Alkmaar is barbecueën in de openbare ruimte in principe toegestaan, mits er geen overlast of gevaar ontstaat.” De basis ligt er dus al, maar op het moment ontbeert de gemeente duidelijk aangegeven en goed ingerichte plekjes voor een openbare barbecue.
OPA hoopt dat het nieuwe college uiterlijk in maart 2027 uitvoering gaat geven aan ‘de realisatie van de barbecueplekken’, zodat er in de zomer van volgend jaar dus gezellig gebarbecued kan worden in Alkmaar en de dorpen. Uiteraard zal er op de barbecueplekken wel toezicht worden gehouden door de boa’s van de gemeente Alkmaar.
De vier tegenstemmen in de raad kwamen van het CDA en de Partij voor de Dieren.
Het is iets nieuws, in elk geval voor Alkmaar. Maar als het aan de politieke partij Status Quo ligt wordt het in wél een serieuze titel: de buurtambassadeur. Betrokken Alkmaarders die hun dorp of wijk kennen en graag meedenken over wat Status Quo aan zal stippen in de raad. “Onze allereerste motie werd meteen aangenomen, een mooi begin.”
Devon Zwierenberg is onmiskenbaar enthousuiast en hoopt met zijn partij echt iets te veranderen in de gemeente Alkmaar. Met één zetel in de raad zal hij daarvoor wel echt samenwerking moeten zoeken, maar dat is dan ook precies wat hij wil: “Wat iemands politieke kleur ook is, we staan open voor ieders ideeën en komen onze plannen graag toetsen bij de buurt.”
Want zo ziet hij het wel voor zich: buurtambassadeurs die kritisch meekijken naar de politieke praktijk, en zaken op de agenda zetten die spelen in hun directe leefomgeving. Echte betrokkenheid. (tekst gaat door onder de foto)
Status Quo wist een zetel te bemachtigen bij de verkiezingen van maart (foto: Streekstad Centraal)
“Mensen kennen ons intussen wel als dé dorpenpartij van Alkmaar”, reflecteert Zwierenberg in gesprek met Streekstad Centraal. “Maar dit gaat ook om de wijken en buurten in de stad.” Elke partij heeft natuurlijk zo z’n achterban en daardoor als vanzelf binding met bepaalde plekken, maar Status Quo beoogt ambassadeurs uit heel de gemeente.
“We hebben nu een eerste oproep gedaan en daar komen al mooie reacties op. Maar als we merken dat we bepaalde wijken of dorpen nog niet hebben ingevuld, gaan we ook zelf mensen benaderen. We willen echt een goede representatie, een grote club.”
Die ambassadeurs krijgen dan bijvoorbeeld toegang tot lokale appgroepen, maar Zwierenberg denkt ook aan echte bijeenkomsten en persoonlijk contact. “Zo veel mogelijk input, zodat wij als partij breed gedragen besluiten kunnen nemen, daar zijn wij naar op zoek.” (tekst gaat door onder de foto)
Verkenner Briët stelde een coalitie zonder lokale partijen voor (foto: Streekstad Centraal)
Uiteraard volgt Zwierenberg ook de politieke actualiteit. Dat er in Alkmaar nu wordt gewerkt aan een coalitie zónder lokale partijen, daar is hij kritisch over. “Natuurlijk. Wij vinden dat heel spijtig. Lokale partijen zijn er juist voor de mensen die anders niet zo makkelijk aan bod komen.”
Hij sluit ook niet uit dat de huidige coalitie alsnog een herstart maken als de gesprekken met Pro, het oude GroenLinks-PvdA, niet vlotten. “Ik proef wel twijfel bij de VVD. Maar laat ze eerst maar goede gesprekken voeren. We blijven graag constructief.”
Die eerste motie, die meer bescherming bepleitte voor immaterieel erfgoed zoals het Midwinterfeest in De Rijp, die haalde in elk geval een meerderheid van twintig tegen negentien stemmen. Nipt, maar genoeg. Het geeft Status Quo vertrouwen om door te gaan – en om te groeien met buurtambassadeurs.
Alkmaar krijgt er een nieuwe 30km-zone bij. De Terborchlaan in de wijk De Hoef ondergaat een herinrichting en dat is meteen ook het moment om hier andere bordjes op te hangen. Hier nog 50km/u rijden, zoals altijd gebruikelijk was, is niet verenigbaar met de tegenwoordige wet- en regelgeving.
Dat verklaart het college van de gemeente Alkmaar. Omdat er op de Terborchlaan fietsstroken liggen, die niet fysiek van het overige verkeer gescheiden zijn, valt het volgens hedendaagse maatstaven als een weg waar auto’s niet harder mogen dan 30km/u.
Een drempel op de Kennemersingel, om een lagere snelheid af te dwingen (foto: Streekstad Centraal)
Voor de Terborchlaan is het in ieder geval een gelopen race. “In de Mobiliteitsvisie en het Actieplan Verkeersveiligheid is vastgesteld dat een 50 km/u-weg aan specifieke eisen dient te voldoen”, legt het college van Alkmaar uit. “Die zijn bij deze weg niet fysiek inpasbaar.” Ofwel: gescheiden fietspaden gaan er hier niet komen.
Het idee is dat verschillende snelheden op dezelfde rijbaan – fietsers rond de 20km/u, auto’s rond de 50km/u – niet langer veilig genoeg zijn. In een 30km-zone liggen de snelheden van verkeersdeelnemers dichter bij elkaar en dat moet dus de nieuwe standaard worden.
“De werkzaamheden vinden plaats vanaf 20 april en duren naar verwachting ongeveer één week”, schrijft het college over de aanstaande omvorming van de Terborchlaan tot een 30km-zone. Overigens blijkt het in de praktijk nog niet altijd eenvoudig om zo’n zone ook te handhaven. (hoofdfoto: AI)
Nee, de gemeente weet niet welke verkeersstromen Castricum te wachten staan als er dit voorjaar werkzaamheden zijn op de A9. Maar het zal toch wel drukker worden – die verwachting durft het college uit te spreken. Toch komen er geen speciale maatregelen en is er ook geen extra monitoring: “Kunnen we via Google Maps volgen.”
Dat komt naar voren uit de antwoorden die het college van de gemeente Castricum deze week gaf op vragen van de VVD-fractie van vorige maand. De VVD maakte zich zorgen over extra verkeer in de periode van de werkzaamheden aan de A9. Dan zullen daar namelijk minder rijstroken beschikbaar zijn.
De A9 is normaal echt de snelste en handigste weg door de regio, maar met de gedeeltelijke afsluitingen zullen automobilisten vaker voor de alternatieve route door de dorpen kiezen, was de vrees van de VVD. (tekst gaat door onder de foto)
De VVD maakte zich onder meer zorgen over de oversteekplaatsen in de dorpen, zoals hier in Limmen (foto: Streekstad Centraal)
Maar op de vraag of er bij het college wat bekend was over de te verwachten verkeersstromen was het antwoord deze week dus kortweg ‘nee’. Maar zélf volgen burgemeester en wethouders de redenering van de VVD-fractie: “Ja, wij verwachten extra verkeer van automobilisten met herkomst of bestemming ten westen van de A9 op gebiedsontsluitingswegen.”
Dat betekent in de praktijk dat er meer verkeer door Castricum en de buurgemeenten Uitgeest en Heiloo zou kunnen komen. Het college noemt in ieder geval de Geesterweg in Akersloot en de Rijksweg door Limmen als wegen die extra verkeer te werk kunnen krijgen. “Mogelijk ook de Heereweg in Bakkum.”
Toch is er geen speciaal beleid voor de extra drukte in mei en juni, zegt het college. “Nee. We houden tijdens de werkzaamheden wel contact met de twee basisscholen.” Maar zelf de drukte monitoren – wat ook weer een investering zou zijn – gaat Castricum niet doen. “Bij klachten of eigen signalering kunnen we via onder andere Google Maps stagnatie volgen en dan beoordelen of en zo ja, welke maatregelen mogelijk en gewenst zijn.”
De gemeente verwacht ook niet dat het écht tot problemen gaat leiden, blijkt uit de beantwoording. “De verwachting is niet dat het op de hiervoor genoemde gebiedsontsluitingswegen zo druk wordt dat automobilisten door woongebieden gaan rijden.”
Een pilot zit er intussen wel aan te komen. Maar de kwestie mag, nu er zal worden onderhandeld over een nieuwe coalitie in Dijk en Waard, nog wel wat hoger op de agenda. Een burgerinitiatief, handtekeningen: daarmee hoopt Ronald Gerssen uit Zuid-Scharwoude het gesprek over kabelgoten weer op gang te brengen. Want het blijft toch een hoofdpijndossier.
Het probleem, in het kort: stroom zat, een auto waar die stroom in kan, en dan net smalle stukje stoep dat alles tegenhoudt. Stroom gaat nou eenmaal door een kabel en díé mag echt niet over de stoep, in de gemeente Dijk en Waard. “Ik heb al een waarschuwing gekregen, dus ik doe het niet meer. De boete is 280 euro.”
Of deze boete ook al daadwerkelijk is opgelegd in Dijk en Waard is niet duidelijk. Streekstad Centraal heeft hier eerder deze week vragen over gesteld aan de gemeente, maar die kon daar nog geen antwoord op vinden. (tekst gaat door onder de foto)
Voorbeeld van een kabelgoot, met daar in dit geval rubberen tegels overheen (foto: aangeleverd)
Gerssen verbaasde zich erover en verdiepte zich in het onderwerp. Want wat in Dijk en Waard niet mag – zo’n draadje over de stoep – daar zijn elders in het land gewoon een goede oplossingen voor, weet hij intussen. Kabelgootjes, waar het draadje in verdwijnt, zijn veilig genoeg, betoogt Gerssen op zijn website. Die is gekoppeld aan het burgerinitiatief dat hij lanceerde. Mensen kunnen er hun handtekening achterlaten en zich zo aansluiten bij het initiatief.
“Ik merkte zelf dat ik het lastig vond om zomaar op de gemeente af te stappen. Hoe kom je daar doorheen? Dit is denk ik een goede manier”, reflecteert Gerssen. “Het is echt niet alleen mijn probleem, heb ik al gemerkt.”
Hij hoopt er ruim 2.000 handtekeningen mee binnen te halen. Een pilot, die komt er al, ontdekte hij inmiddels, maar het initiatief is wel nuttig als extra argument, een extra gewicht. “Ik wil het echt op gang brengen. Er zijn heel goede oplossing. Maar nu zegt de gemeente: we willen het niet, omdat mensen dan hun parkeerplaats gaan claimen.” (tekst gaat door onder de foto)
Die kabel heeft hij, de auto ook, maar de stoep maakt opladen onmogelijk (foto: Streekstad Centraal)
Iedereen wil natuurlijk het liefst voor de eigen voordeur parkeren. Daar staat Gerssens auto ook als Streekstad Centraal hem spreekt. “Een hybride. Dus ja, ik kan ook nog gewoon tanken. Maar dat is er nou ook niet bepaald goedkoper op geworden”, schetst hij de actualiteit van het vraagstuk.
“Ik heb een kabel aan mijn muur. Zo’n laadpaal is een investering van een paar duizend euro. Je ziet ze bij meerdere huizen in de straat, in de wijk. Ja, dat is je eigen risico, daar ben ik het ook mee eens hoor. Maar het zou wel anders kunnen.”
De stroom die hij en zijn buren van de zonnepanelen binnenkrijgen, kan nu namelijk níét voor de elektrische auto worden benut en dat is zonde, niet alleen van die dure paaltjes, maar ook van die stroom zelf. “Er zijn ook openbare palen, maar die zitten op het gewone stroomnet, dat overbelast is. Dan kun je beter overdag de stroom van die zonnepanelen gebruiken”, vindt Gerssen. (tekst gaat door onder de foto)
De laadpaal, buiten gebruik, zou groene stroom handig kunnen benutten (foto: Streekstad Centraal)
De discussie leeft ook in Castricum. Dáár is de pilot intussen van start. “In Castricum loopt de pilot nog tot 30 juni 2026”, zegt Joyce Schoonebeek van de BUCH over de pilot. “Het uitgangspunt is dat mensen die een kabelgoot in bruikleen hebben, geen vaste parkeerplaats mogen innemen. Er mag dus door iedereen vrij worden geparkeerd bij of in de buurt van de elektrische huisaansluiting van de deelnemer.”
En nee, dat leidt niet tot conflicten, is de ervaring in Castricum. Er doen veertien inwoners mee aan de pilot en dat gaat overal gemoedelijk. Zo zou het ook in het toch best dorpse Langedijk moeten gaan, ziet Gerssen voor zich. Uit zijn eigen vergelijkingen kwam al naar voren dat kabelgoten nergens tot parkeerconflicten leiden.
De gemeente Dijk en Waard laat in een eerste reactie weten dat de pilot daar in elk geval in de steigers staat. “Op verzoek van de vorige gemeenteraad wordt op dit moment een voorstel voor een pilot uitgewerkt”, verklaart de woordvoerder van Dijk en Waard. “Dit voorstel komt voor de zomer ter besluitvorming op de agenda van het college.”
Dat nieuwe college dus, naar alle waarschijnlijkheid. Met als het even meezit dus ook het burgerinitiatief van Gerssen op het netvlies, opdat de stroom weer mag vloeien in Dijk en Waard. “Ik wil constructief zijn”, benadrukt Gerssen. “Denk in oplossingen.”
Het verkeer werd er even voor stilgelegd. Voorbijgangers keken op afstand toe en namen zo tóch deel aan een plechtigheid die voor Sint Pancras een jaarlijkse traditie is: de herdenking van ‘Zwarte Zondag’. Hier, langs het spoor, aan de rand van het dorp, fusilleerde de bezetter op zondag 15 april 1945 twintig verzetstrijders. “Dit verdriet is doorgegeven van generatie op generatie.”
Daarop wees burgemeester Maarten Poorter van Dijk en Waard in zijn toespraak voorafgaand aan de twee minuten stilte. Voor hem zaten én stonden die generaties. Nabestaanden, maar ook schoolkinderen uit het dorp zelf. Hun aanwezigheid was heel belangrijk, hield hun burgemeester ze voor. “Zwarte zondag is geen verhaal van toen”, zei hij, verwijzend naar de actualiteit van oorlog en onderdrukking. Van macht die wegglipt en juist dán gevaarlijk wordt.
“Vrijheid is een opdracht”, zei burgemeester Poorter. “De opdracht om elkaar vast te houden, juist als verschillen zichtbaar worden.” (tekst gaat door onder de foto)
Maarten Poorter, burgemeester van Dijk en Waard, samen met de Alkmaarse wethouder Christian Schouten, met achter hen de zwijgende stoet op weg naar het monument (foto: Streekstad Centraal)
En dat vasthouden van elkaar, dat zou dus over generaties heen moeten gebeuren, in gezamenlijkheid, precies zoals het hier in Sint Pancras op deze zonnige woensdagmorgen was. De burgemeester was niet de enige die stil stond bij de aanwezigheid van de schooljeugd. “Dit is júllie herdenking”, benadrukte spreker Hannie van Meeteren.
Zij was één van de nabestaanden die de herdenking bijwoonden. Ze blikte in haar toespraak terug op dat ene moment, in 1945, dat alles zou veranderen. Haar vader werd voor haar ogen gearresteerd, meegenomen – en daarna zou ze hem nooit meer zien. “Als ik nu op de televisie kinderen zie in die oorlogen, die grote oorlogen, dan weet ik: dat zijn ook Hannies.”
Aan de aanwezige kinderen legde Hannie uit hoe de herinnering is blijven doorwerken. Hoe bang ze was, nog lang na die ene dag, als stemmen luider werden. Als hout kraakte. Het zijn herinneringen van intussen 81 jaar oud. Ze zijn niet voorbijgegaan in de tijd, ze leven voort: zo dichtbij is die oorlog. (tekst gaat door onder de foto)
Het verkeer werd stilgelegd tijdens het Wilhelmus en de twee minuten stilte. (foto: Streekstad Centraal)
De herdenking verliep volgens het bekende patroon. ‘The last post’, daarna die twee minuten. Verkeersregelaars hielden zwijgend het verkeer tegen, zodat het ook écht stil was. Dan het Wilhelmus, dat zacht werd meegezongen. Twee coupletten – zodat ook ‘de tirannie verdrijven’ even over ieders lippen ging.
Namens IKC Het Baken leidde schooldirecteur Yvonne Overgoor de herdenking in goede banen. Zij verzorgde de presentatie en haalde de sprekers naar voren. Daaronder ook kinderen van haar eigen school en van IKC Het Vogelnest, ook uit Sint Pancras.
In gedichten brachten leerlingen Isa, Kas, Iris en Marit hun eigen gedachtes bij het thema onder woorden. Wat betekent vrijheid, met deze doorgegeven herinnering in het achterhoofd? “Vrijheid is naar school kunnen”, overwoog Isa. En nog veel meer. Er is zo véél om vast te houden.
Onderwijsassistenten Bianca en Louisa, ook van Het Baken, legden in gesprek met Streekstad Centraal uit hoe het thema, ondanks die 81 jaar die verstreken zijn, nog leeft in de klassen waar zij het bespraken. “Kinderen zijn er echt nog wel mee bezig, ook door het nieuws.” (tekst loopt door onder de foto)
Kinderen hebben net een krans gelegd bij het monument. (foto: Streekstad Centraal)
Op beide scholen was de geschiedenis van de plek dan ook uitgebreid behandeld. Daarom voelde het ook des te meer beladen: híér gebeurde het, langs de spoordijk. Nu stonden er stoeltjes voor de genodigden, liep er een kabeltje voor de microfoon. Een pakketbezorger wurmde zich tussen de luisteraars door terwijl Hannie sprak, dat ook. “Dat gaat gewoon door”, verzuchtten de aanwezigen.
In de tweede toespraak stond Tonny Gadellaa-Habraken, zelf nabestaande, stil bij wat er in haar familie van bekend was, van die fusillade, en van hoe haar grootvader, Harry Habraken, door de bezetter was gearresteerd en opgepakt, om uiteindelijk een van die twintig gefusilleerden te worden.
Die ene brief, met daarin het vreselijke nieuws, en tussen de regels de ontreddering en de schrik – die was altijd bewaard. Toch werd er thuis zo weinig over gesproken. Dat had meer gemoeten, dat maakt ze nu ook goed.
Het verhaal maakte indruk op de aanwezigen. “Er zal zo op school worden nagepraat”, kondige schooldirecteur Yvonne aan in haar afsluitende woorden. Daarna ging de stoet zwijgend van het monument vandaan, het dorp in, terwijl het verkeer weer even stilhield. (tekst gaat door onder de foto)
Het moment van de kranslegging, gadegeslagen door Yvonne Overgoor, die de ceremonie begeleidde (foto: Streekstad Centraal)
“Het is toch mooi zo”, vonden ook Joep Slangen en Xander Alferink. Zij kwamen uit Haarlem naar Sint Pancras, namens het Sint Jacobs Godshuis. Daar werkte Harry Habraken in de oorlog, voor zijn arrestatie. Ze vergezellen zijn nabestaande Tonny Gadellaa-Habraken.
“In het Sint Jacobs Godshuis was in de oorlog nog een drukkerij. Heel braaf, ze drukten er bijbels en zo. Maar ook een keer wat voor het verzet, kort voor de bevrijding”, vertelt Joep. Dat moet de aanleiding zijn geweest die de bezetter aangreep, al was het vooral willekeur – wraak voor een andere verzetsdaad, hier in het dorp, met dus slachtoffers uit Haarlem, Amsterdam en verder.
“Als het even kan, zijn wij bij deze herdenking, elk jaar,” benadrukt Joep van het Godshuis. Zoals ook anderen hier blijven komen. Om die vreselijke herinnering door te blijven geven, zeker. Maar er was ook een ándere herinnering, vertelde Hannie van Meeteren nog in haar toespraak. Deze woensdag was het precies tachtig jaar geleden dat er voor het eerst een herdenking op deze plek was. “Dat weet ik nog, dat ik hier was, met mijn moeder.”
Uit die herinnering spreekt toch ook de hoop op vrede, zo vaak uitgesproken: dát nooit meer. Zolang we elkaar maar vasthouden.
De gemeente Heemskerk heeft een leeuw als logo. Dat weten de echte ‘ezels’ natuurlijk wel, maar voor de rest is een brief over het geplande asielzoekercentrum, met daarop een aap als gemeentelogo, nog niet zo eenvoudig van echt te onderscheiden. Zo probeert de brief de indruk te wekken dat de gemeente Heemskerk mensen uitnodigt voor de besloten bijeenkomst over dat AZC volgende week.
Dat is niet het geval. Wie naar deze bijeenkomst wil komen had zich vóór donderdag 2 april al aan moeten melden. De bijeenkomst is niet openbaar en het is al helemaal niet de bedoeling dat mensen zelf nog weer anderen uitnodigen om erheen te gaan.
De brief die in de regio is verzonden is dus niet echt. Een grap, mogelijk – maar vermoedelijk zit er wel wat meer achter. Eerder al roerden landelijke groeperingen zich en liep een protest uit de hand. (tekst gaat door onder de foto)
Angstige taferelen bij een uit de hand gelopen protest in Uitgeest (foto: Streekstad Centraal)
Demonstranten lieten daarna zien hoe het óók kan, maar dat er enige zorgen zijn over deze nieuwe oproep is wel te begrijpen. Heemskerk en Uitgeest willen nou juist voorkomen dat de bijeenkomst op maandag 20 april door protestgroepen wordt verstoord.
“We hopen op een constructieve bijeenkomst waar we met elkaar in gesprek kunnen gaan over de komst van de opvanglocatie”, benadrukken de gemeenten in een gezamenlijk statement. Ook in Uitgeest werden de brieven verspreid, laat die gemeente weten.
Voor de bijeenkomst, die dus mét aanmelding toegankelijk is en zonder niet, hebben zich 300 inwoners van Heemskerk en Uitgeest aangemeld. “Zij hebben allemaal een bericht met een tijdslot ontvangen”, laat de gemeente Heemskerk weten in reactie op de valse brief die verstuurd is.
“Om iedereen een plek te kunnen geven hebben we een derde bijeenkomst ingelast. Bij binnenkomst controleren we de aanmeldingen. In verband met brandveiligheid kunnen we een beperkt aantal mensen toelaten in de raadzaal.” Het is dus zinloos om zonder tijdslot en zonder eerdere aanmelding naar het gemeentehuis te komen.
LTO Noord Kennemerland-Zaanstreek, de organisatie van boeren en tuinders in de regio, zou graag in gesprek gaan met de partijen die in Bergen onderhandelen over een nieuwe coalitie. Zo hoopt LTO te voorkomen dat Bergen ‘eigenstandig beleid’ ontwikkelt als het gaat om bestrijdingsmiddelen, maar ook hoopt de organisatie dat de gemeente blijft kiezen voor landbouw in het buitengebied.
“Voorkom stapeling van lokale regels bovenop landelijke wetgeving”, schrijft LTO in haar brief aan de Bergense partijen, gericht aan verkenner Michel Rog. Concreet lijkt het daarbij te gaan om eigen beleid rond gewasbeschermingsmiddelen. Recent kreeg LTO zélf post van de gemeente Castricum, die boeren en tuinders nou juist opriep om helemaal te stoppen met de omstreden onkruidverdelger glyfosaat.
“De gemeente Bergen doet er verstandig aan om geen eigenstandig beleid te ontwikkelen op het dossier gewasbescherming”, schrijft de landbouworganisatie. (tekst gaat door onder de foto)
Bollenteelt rond Egmond: mooi, maar ook aan regels gebonden (foto: Streekstad Centraal)
Want ‘lokaal afwijkend beleid’ is echt onwenselijk voor de boeren en tuinders in de gemeente. De vrees is dat er op deze manier oneerlijke concurrentie kan ontstaan. Als dat een boer in Egmond géén glyfosaat mag gebruiken, maar een boer in pakweg Petten wél, creëert dat een andere uitgangspositie voor deze ondernemers.
Het beleid in Castricum komt overigens neer op een vriendelijk verzoek, geen hard verbod, omdat ook deze gemeente uiteindelijk gehouden is aan wat landelijk al geldt.
“Ontstaat er toch lokaal beleid, baseer dit dan op objectieve feiten en stem het af op de door ons opgestelde leidraad gewasbeschermingsmiddelen”, raadt LTO de Bergense partijen aan. “Zo voorkomen we versnippering en zorgen we voor duidelijkheid en vertrouwen bij agrarische ondernemers.” (tekst gaat door onder de foto)
Zorgen over hun toekomst bracht boeren eerder tot protesten, zoals hier op de A9 (foto: Streekstad Centraal)
Die ondernemers hebben dat vertrouwen nodig, in een tijd dat er steeds meer aan boeren wordt getrokken en wet- en regelgeving de bedrijfsvoering er niet eenvoudiger op maakt. LTO benadrukt dat boeren juist goede landschapsbeheerders kunnen zijn en dus een belangrijke rol zouden kunnen vervullen in de landschappelijk rijke gemeente die Bergen is.
“Combineer natuurbeheer met agrarisch gebruik en waardeer het boerenbeheer van houtwallen, hagen en weidevogelgebieden”, adviseert de landbouworganisatie. En: “Ontwikkel beleid samen met de sector en bied ruimte voor maatwerk.”
Daarbij is het altijd belangrijk om in het achterhoofd te houden dat boeren er wel van moeten kunnen leven – het ‘verdienvermogen’ in de woorden van LTO Noord Kennemerland-Zaanstreek. (tekst gaat door onder de foto)
Huidig wethouder Briët bij de pilot met biologische bollenteelt (foto: Streekstad Centraal)
De gemeente zou kunnen helpen met het faciliteren van duurzame alternatieven. Dat deed het vorige college bijvoorbeeld bij de biologische bloembollen in Egmond. Zulke ‘investeringen in verduurzaming, energie en kringlooplandbouw’ blijven welkom.
“Wij gaan graag op korte termijn met u en de formerende partijen in gesprek om deze punten nader toe te lichten en te concretiseren voor onze gemeente”, schrijft LTO. “Daarnaast gaan wij graag in gesprek met het nieuwe B&W zodra deze
geïnstalleerd is.”
Brandstofprijzen stijgen, dalen een beetje, stijgen weer. De wereld houdt de adem in nu er weer mondjesmaat schepen door de Straat van Hormuz varen, toch blijft de olie duur – en, weer onder invloed daarvan, ook het gas. Ver van het Midden-Oosten vandaan merken wij dat onder andere aan de pomp. Maar het kan ook zijn weerslag hebben op de toch al hoge kosten van een uitvaart.
“Een afscheidsdienst in een kerk, en dan voor honderden euro’s extra, puur voor de verwarming… Daar keek ik ook wel even van op”, zegt Leon Schouten van Uitvaartland als Streekstad Centraal bij hem te rade gaat over het onderwerp. Het blijkt nog niet eenvoudig om reacties te krijgen uit de wat gesloten uitvaartsector, hebben we dan al gemerkt.
Uitvaartland is een landelijk opererende uitvaartondernemer met het hoofdkantoor in Alkmaar. Eigenaar Leon Schouten kwam met zijn bedrijf onlangs nog op de landelijke televisie aan bod. In Radar liet hij zijn licht schijnen over prijzen die opmerkelijk van elkaar verschillen. (tekst gaat door onder de foto)
Schouten in zijn kantoor aan de Frieseweg, midden in Alkmaar (foto: Streekstad Centraal)
De actualiteit dringt de vraag op of er de komende maanden effect kan zijn van gestegen brandstofprijzen voor crematies in de regio. Streekstad Centraal zocht contact met de twee crematoria in Alkmaar en Heerhugowaard, maar die reageerden beiden niet op de gestelde vragen. Wel wijzen professionals erop dat de meeste crematoria hun tarieven voor langere tijd hebben vastgelegd. Dat geeft enige rust.
“Dat klopt wel, maar het verklaart de verschillen nog niet”, zegt Schouten kritisch. “In Alkmaar kost het 725,- euro. Gewoon cremeren, nog zonder een dienst, zonder zaalhuur. In Heerhugowaard is dat 859,- euro. Vind ik een groot verschil. Maar in Almere is het 399,- euro en in Uithoorn is het 1.305 euro!”
Schouten begon met zijn bedrijf nadat hij en zijn familie zélf merkten dat de rekening van een uitvaart heel veel vragen open liet. “Toen ben ik dat gaan uitzoeken. Voor mijn werk maakte ik al vergelijkingen van verzekeringen, dat is dus mijn achtergrond. Maar ik heb me hier wel echt in vastgebeten, zoals je ziet.”
Schouten wijst om zich heen: een kantoor, en in een andere ruimte stapels rieten uitvaartmanden. Het is duidelijk: wat voor de Alkmaarse ondernemer als een ergernis begon, is uitgegroeid tot een onderneming.
“Nabestaanden weten bij ons vooraf waar ze financieel aan toe zijn”, legt hij uit. “Onze uitvaartbegeleiders wijzen ze actief op de kostenverschillen, bijvoorbeeld tussen die crematoria.” (tekst gaat door onder de foto)
De ondernemer naast de uitvaartmanden die hij verkoopt (foto: Streekstad Centraal)
Dat het in Heerhugowaard ruim twee keer meer kost dan in Almere, dat blijft hem verwonderen. Onderzoek van Streekstad Centraal wijst uit dat er in Almere een elektrische oven wordt gebruikt, wat de kosten zeker verlaagt. Daarom is aan crematoria in de regio gevraagd of er wordt overwogen om hierop over te stappen, maar – zoals al eerder gemeld – zonder reactie.
“Dan nog houd je dat verschil tussen Alkmaar en Heerhugowaard”, overweegt Schouten. “Het speelt ook bij andere dingen. Die manden, die wij hier hebben liggen, kosten bij ons aanmerkelijk minder dan bij andere aanbieders.”
Ook Schouten maakt winst op zo’n mand, dat ontkent hij niet. Maar het prijsverschil doet toch vermoeden dat de marges elders in de markt wat ruimer genomen worden. “De gevestigde partijen zijn niet zo blij met me”, lacht hij. “Maar van de mensen voor wie we de uitvaart regelen krijgen we goede reacties, daar gaat het toch om. Kijk: ik wil de branche niet uitknijpen, helemaal niet, maar er klopt heel veel niet.” (tekst gaat door onder de foto)
Voorbeeld van een uitvaart in Oudorp – maar dan met niemand in de mand, voor de foto (beeld: Uitvaartland)
Een gemiddelde uitvaart kost al gauw 10.000 euro. Iets wat wel scherper kan, door slimme keuzes te maken, maar verzekerd zijn blijft aanbevolen. Opmerkelijk: verzekeraars betalen die dure crematoria, maar zijn daar niet zelden ook zelf weer de eigenaar van. Het crematorium van Heerhugowaard hoort zo bij DELA. “Maar dat betekent niet dat je ook daarheen moet. Bij wíé je ook verzekerd bent, je mag dat altijd zelf bepalen. Dat is echt een misverstand dat we vaak horen.”
Niet iedereen kijkt naar die kosten, merkt Schouten. “Natuurlijk krijgen we hier mensen die zeggen: al stop je me in een doos, ik ben toch dood. Ja, de mensen hier zijn nuchter. Maar er komen ook mensen die er écht wat bijzonders van willen maken. Dat mag ook zeker wat kosten, wij regelen dat. Kijk: het gaat van informeel tot plechtig, van een eenvoudig afscheid tot een exclusieve en luxe uitvaart. Alles is mogelijk, zolang mensen maar weten waar ze voor betalen. Je wil gewoon niet met vragen achterblijven.”
Lang verwacht, toch gekomen: vrij kunnen doorrijden over de Herenweg in De Nollen, de verbindingsweg tussen Sint Pancras en de Alkmaarse ringweg. Het is voor heel even een feit omdat er werkzaamheden zijn in Sint Pancras. Daarom beweegt de gemeente Alkmaar nu mee en zal er deze week niet gehandhaafd worden op de spitspaal.
Dat is praktisch voor automobilisten uit Sint Pancras, want die kunnen deze week niet over de Kruissloot het dorp uit. Dat is anders de aangewezen route voor het verkeer dat vanuit Sint-Pancras naar de N245 en de ring van Alkmaar wil rijden.
De spitspaal blokkeert op de drukke momenten immers juist de alternatieve route door De Nollen heen, over de Herenweg. Over de paal is in het verleden nogal wat discussie geweest, maar nu trekken de twee buurgemeenten dus samen op. (tekst gaat door onder de foto)
“De kruisingen van de Kruissloot met de Gedempte Veert en Benedenweg zijn van 14 tot en met 17 april afgesloten vanwege onderhoud aan het asfalt”, verklaart de gemeente Dijk en Waard. “Het betreffende verkeer wordt omgeleid. Voetgangers kunnen er langs. De spitspaal aan de Herenweg in Alkmaar staat uit.”
En dat klopt, bevestigt het college van de gemeente Alkmaar in een raadsinformatiebrief. “Om het verkeer in goede banen om te leiden is de gemeente Alkmaar gevraagd om de Herenweg tijdens de spits open te stellen voor verkeer van en naar Sint Pancras.”
Die openstelling moet verkeershinder in Alkmaars buurdorp voorkomen. Het verkeer zou anders eerst in noordelijke richting, via Broek op Langedijk, het dorp moeten verlaten.