De N243 bij Schermerhorn is donderdagochtend tijdelijk afgesloten geweest na een flinke aanrijding tussen twee auto’s. Hulpdiensten rukten massaal uit vanwege een melding van letsel, maar uiteindelijk bleek niemand gewond te zijn geraakt.
Het ongeval gebeurde ter hoogte van de Molendijk. Politie en andere hulpdiensten waren snel aanwezig om de situatie veilig af te handelen. Ook medewerkers van de provincie kwamen naar de locatie vanwege de afhandeling op de provinciale weg.
Hoe de botsing precies heeft kunnen gebeuren, is nog niet bekend. Beide voertuigen liepen schade op door de klap.
Vanwege de beschadigingen en scherpe delen aan de voertuigen zijn beide auto’s door een berger afgesleept. Tijdens de hulpverlening en bergingswerkzaamheden werd de N243 tijdelijk afgesloten voor verkeer.
Ondanks de eerste melding van mogelijk letsel, raakte uiteindelijk niemand gewond bij het ongeval. Nadat de weg was opgeruimd en de voertuigen waren verwijderd, kon het verkeer weer gebruikmaken van de N243.
De school is net uit als Streekstad Centraal een kijkje gaat nemen bij een opvallende nieuwe, eh… klapafsluiting aan de Munnikenweg in Alkmaar. Op het eerste gezicht lijkt het op een simpel hekje zoals je die weleens bij een supermarkt ziet, maar schijn bedriegt. Het kunststof gevaarte blijkt verrassend zwaar, klapt hard terug en zorgt inmiddels voor flink wat discussie in de buurt. “Verre van ideaal.”
Het is de eerste keer in Nederland dat dit type afsluiting op deze manier wordt toegepast. Daarmee heeft Alkmaar direct een bijzondere primeur te pakken. De klapafsluiting is geplaatst op de stoep langs de Munnikenweg. Bewoners hadden bij de gemeente aangegeven dat fietsers massaal over de stoep reden. En zo hoort het natuurlijk niet, maar het alternatief is vaak een hobbelritje over de klassieke kinderkopjes. Maar of deze oplossing als iets positiefs wordt gezien is nog maar de vraag.
Een overbuurman, die in zijn tuin aan het werk is, zag de paal met het klaphekje kort geleden verschijnen. “Het was me inderdaad al opgevallen dat er sinds een tijdje ineens een paaltje staat daar”, vertelt hij. “Het is er denk ik geplaatst om ervoor te zorgen dat de fietsers die in de richting van de school fietsen niet meer op de stoep kunnen fietsen.” Ook volgens hem gebeurt dat regelmatig. (tekst gaat door onder de foto)
Bewoners van de Munnikenweg in Alkmaar deden melding van overlast van fietsers bij de gemeente, waarnaar het ‘klaphekje’ geplaatst is. (foto: Streekstad Centraal)
“Ik kan me voorstellen dat de mensen die daar wonen het vervelend vinden dat er telkens fietsen over de stoep langs scheuren. Ik denk dat de buren daarom de gemeente hebben gevraagd er iets aan te doen, maar hoe dat allemaal gegaan is weet ik niet.”
Dat de afsluiting niet alleen fietsers tegenhoudt, blijkt al snel wanneer een vader met zijn dochter en een kinderwagen langsloopt. Hij wil best meewerken aan een kleine test. “Even experimenteren? Ja hoor daar werk ik wel aan mee.” Wat volgt oogt allesbehalve soepel. Met één hand probeert hij de kinderwagen onder controle te houden, terwijl hij met de andere hand het zware hekje probeert open te duwen.
Ondertussen moet ook zijn dochter veilig langs het draaiende deel zien te komen. “Zo, dat is best zwaar”, klinkt het direct. Het kost zichtbaar moeite om het hek open te krijgen. Zodra het losgelaten wordt, klapt het met flinke snelheid terug. “Makkelijk is anders, en zeker omdat hij zo zwaar en hard terugklapt is het in mijn ogen echt gevaarlijk”, zegt de vader. “Ik snap de gedachtegang van het weren van de fietsen, maar dit moet anders kunnen.” (tekst gaat door onder de foto)
Na het hekje geopend te hebben kan het dochtertje van de man ook veilig passeren. (foto: Streekstad Centraal)
Niet veel later loopt een moeder langs met een kinderwagen en een zoontje op de fiets. Ook zij begrijpt de maatregel, maar zet dezelfde vraagtekens bij de uitvoering. “Dit is toch hartstikke gevaarlijk?”, vraagt ze zich af. “Ik had het hekje eerder al gezien, maar ik snapte nooit waarom dat er staat.”
De reden begrijpt ze wel zodra ze hoort dat fietsers de klinkers – de ‘kinderkopjes’ – van de Munnikenweg proberen te vermijden. “Ja, dat fietst natuurlijk helemaal niet lekker”, zegt ze. “Maar ik snap dat op de stoep fietsen niet de bedoeling is. Alleen verderop hebben ze het anders opgelost. Waarom doen ze dat hier niet dan?”
Die vraag kan Piet Pieters die ook aan de bewuste weg woont wel beantwoorden. Volgens hem was een slingerhek, zoals verderop in de wijk staat, hier simpelweg geen optie. “De stoep is hier te smal voor zo’n slingerhek, daar zijn vijf tegels voor nodig en die heb je hier niet. Daarom is deze paal neergezet.”
Piet vertelt dat het hek is geplaatst na klachten uit de buurt. “Fietsers nemen hier vaak de stoep in plaats van de weg, en hiermee probeert de gemeente ze tegen te houden.” Of dat lukt? Volgens Piet maar gedeeltelijk. “Ze fietsen vanaf het begin van de straat tot aan het hekje en gaan daar pas de stoep af. Dus alleen mijn buurman heeft er echt wat aan”, zegt hij lachend. (tekst gaat door onder de foto)
De ‘kinderkopjes’ van de Munnikenweg fietsen niet lekker. En de auto’s staan gedeeltelijk op de gele fietsstrook geparkeerd. Dus wordt door fietsers vaak voor de stoep gekozen. (foto: Streekstad Centraal)
Tijdens het gesprek rijdt opnieuw een fietser over de stoep. Pas op het laatste moment wijkt de man uit naar de weg. “Zie je, dit bedoel ik dus.” Volgens Piet schuilt er ondertussen een ander probleem in de constructie. “Als er kinderen lopen die niet doorhebben dat er iemand achter ze loopt, dan kan het zomaar gebeuren dat hij tegen iemand aanklapt. En dat is hartstikke gevaarlijk.”
Ook ouders met kinderwagens of jonge kinderen moeten volgens hem goed opletten. “Het is gewoon niet ideaal. Je moet echt bij de punt duwen om hem nog een beetje normaal open te krijgen, dus daar moet de gemeente echt iets aan doen.”
Een vrouw die haar hond uitlaat, deelt die mening. “Ik kreeg hem eerst niet eens open”, vertelt ze. “Je moet echt hard duwen voordat er ook maar iets van beweging in komt. Dat is niet echt handig. Misschien moeten ze daar maar snel iets aan doen.”
De afsluiting aan de Munnikenweg lijkt daarmee voorlopig vooral voor discussie te zorgen. Volgens omwonenden gaat het om een pilot en is het de eerste keer dat dit type afsluiting in Nederland op deze manier wordt toegepast. Of de proef succesvol is, daar verschillen de meningen in de straat nog flink over.
Vrijwilligers van de Ontmoetingskerk in Heerhugowaard krijgen géén kwijtschelding voor de parkeerboetes die tijdens de jaarlijkse rommelmarkt zijn uitgedeeld. Volgens de gemeente Dijk en Waard zijn de bekeuringen terecht gegeven, ook al ging het om een druk bezocht evenement voor het goede doel.
Tijdens de rommelmarkt op 18 april schreven handhavers in totaal negen bekeuringen uit voor foutparkeren. Vier daarvan waren voor vrijwilligers van de kerk zelf. De markt stond dit jaar in het teken van het vijftigjarig bestaan en trok veel bezoekers. Door de drukte stonden meerdere auto’s buiten de parkeervakken of gedeeltelijk op de stoep en in het groen.
Vrijwilliger Esther zag het gebeuren. “Het gaat al jaren goed”, vertelde ze aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. “Totdat er dit keer ineens handhaving stond. Iedereen rende naar buiten, maar toen waren ze al bezig met bekeuren.”
Volgens de gemeente waren de boa’s niet speciaal voor de rommelmarkt aanwezig. Handhavers waren in de wijk vanwege een andere melding en troffen daarbij de foutgeparkeerde auto’s aan. “Parkeren op de stoep en in het groen is niet toegestaan en kan onveilige situaties opleveren”, laat een woordvoerder weten. Daarom is besloten op te treden. (tekst gaat door onder de foto)
De jubileumeditie van de rommelmarkt in Heerhugowaard werd ontsierd door parkeerboetes. (foto: aangeleverd)
De gemeente sleepte geen auto’s weg. Dat was niet noodzakelijk, omdat de doorgang voor verkeer en hulpdiensten mogelijk bleef. De gemeente zegt wel dat ze helemaal niet op de hoogte was van het evenement. Voor de rommelmarkt zou geen melding of vergunning zijn aangevraagd.
Begin deze week werden in Alkmaar nog raadsvragen gesteld over parkeerboetes voor vrijwilligers. Vrijwilligers die tijdens een kerstactie van Status Quo soep, kleding en donaties afleverden bij een goed doel, kregen daar eveneens bekeuringen. Volgens fractievoorzitter Devon Zwierenberg zou de gemeente juist meer waardering moeten tonen voor zulke initiatieven. “We zijn ertegen in beroep gegaan, maar we kregen geen gelijk. Terwijl ik denk: we kwamen soep overhandigen.”
Voor de bekeuringen in Heerhugowaard geldt wel dat mensen zelf bezwaar kunnen maken als ze het niet eens zijn met de boete. Vrijwilliger Esther heeft daar weinig vertrouwen in. “De gemeente doet er niets mee.”
Volgens haar ontbreekt begrip voor het werk van vrijwilligers en het doel van de markt, waarmee jaarlijks geld wordt ingezameld voor goede doelen. “Het is een oproep tot redelijkheid. Ja, juridisch klopt het misschien, maar kijk ook even naar de situatie. Dit voelt gewoon flauw.” Vrijwilligers kunnen nog bezwaar maken tegen hun boete, maar het is niet duidelijk of dat iets zal veranderen.
Dijk en Waard is niet blij met de plannen voor een nieuw hoogspanningsnet door de gemeente. Althans, wel met de plannen, maar niet met de voorgestelde route voor een hoogspanningsleiding. Volgens het college roept die route veel vragen op en wordt er onvoldoende rekening gehouden met dorpen en woningen.
Het gaat om een nieuw 380 kV-netwerk dat wordt aangelegd en door Noord-Holland Noord moet gaan lopen. Dat is nodig omdat er steeds meer vraag is naar stroom, bijvoorbeeld door meer vraag, door bouw van nieuwbouwwijken en van bedrijventerreinen. Zonder uitbreiding van het netwerk dreigt het stroomnet nog verder vast te lopen.
Volgens de plannen die nu op tafel liggen, komt het tracé aan de oostkant van Dijk en Waard te liggen. Dat zou betekenen dat er hoge masten zullen verrijzen in de buurt van onder andere buurtschap ’t Kruis en bij Veenhuizen. De gemeente heeft vooral moeite met de manier waarop de route tot stand is gekomen. (tekst loopt door onder de foto)
Met de nieuwe plannen komen er hoge masten in de buurt van ‘t Kruis en Veenhuizen. (foto: Wikipedia / Pieter Delicaat)
In eerdere afspraken was het uitgangspunt om zoveel mogelijk afstand te houden van dorpen en huizen en bestaande infrastructuur te volgen. Volgens het college gebeurt dat nu niet en is er onbegrip waarom juist voor deze route wordt gekozen. Milieu en Natuurorganisaties laten weten de leiding niet door de natuur te willen. (tekst gaat door onder de foto)
Om die zorgen duidelijk te maken, heeft Dijk en Waard het ministerie gevraagd om opnieuw naar de plannen te kijken. Staatssecretaris Jo-Annes de Bat komt daarom deze maand naar Dijk en Waard om te kijken wat de impact van het hoogspanningsnet is op de omgeving en de inwoners. De gemeente hoopt dat het plan daarna nog eens goed wordt beoordeeld. Tegelijk is ook duidelijk dat Den Haag uiteindelijk de beslissing neemt.
In juni wordt bekend welke route het hoogspanningsnet zal volgen. Daarna kunnen inwoners pas hun mening geven. Dat kan naar verwachting vanaf september. Tot die tijd blijft de gemeente in gesprek met het ministerie en andere betrokken partijen.
Een aanrijding op de N242 richting Heerhugowaard heeft maandagochtend voor schade en flinke verkeershinder gezorgd. Bij een harde botsing kwam een voertuig bijna onder een vrachtwagen terecht en raakte ernstig beschadigd.
Hulpdiensten rukten met spoed uit na de melding van het ongeval en troffen ter plaatse een ravage aan. Het betrokken voertuig was zwaar beschadigd, met meerdere gesneuvelde ruiten en brokstukken verspreid over het asfalt. (tekst gaat door onder de foto)
De weg lag na het ongeluk bezaaid met glasplinters en onderdelen van de auto. (foto: PersfotoNH)
Ambulancepersoneel heeft één betrokkene nagekeken en vervolgens naar het ziekenhuis in Alkmaar gebracht. Over de aard en ernst van het letsel is nog niets bekend.
Een berger is ingezet om het wrak af te voeren. Door het incident zijn twee rijstroken afgesloten, wat leidt tot flinke vertraging voor verkeer richting Heerhugowaard. De weg ligt bezaaid met glas en onderdelen. Het opruimen van glas en brokstukken zal nog enige tijd duren. (foto’s: PersfotoNH)
Op het strand van Egmond aan Zee is zondagavond een levende witsnuitdolfijn aangetroffen. De vondst zorgde voor grote onrust onder strandgangers, die massaal probeerden het dier te helpen totdat hulpdiensten arriveerden.
Wandelaars sloegen alarm nadat zij bij de vloedlijn een spartelend dier zagen liggen. Strandvonder Marco Snijders werd om 20.05 uur gebeld, enkele minuten nadat het dier gevonden was en kwam direct in actie. “Ik vroeg of het dier nog leefde, want dan is het urgent. Dus ik heb actie ondernomen”, vertelt hij.
Al snel bleek het te gaan om een zeldzame witsnuitdolfijn. Omstanders hielpen ondertussen mee door het dier nat en koel te houden met water en doeken, in afwachting van de komst van SOS Dolfijn.
Volgens Snijders verkeerde het dier opvallend genoeg in goede conditie. “Het was een behoorlijk grote. Normaal spoelen bruinvissen aan en vorig jaar spitssnuitdolfijnen. Ik heb er al meerdere weggehaald, maar deze leeft en dat is uniek. Meestal zijn ze dood als ze aanspoelen. Ze zijn vaak aangetast door parasieten, deze was niet beschadigd, ademde goed en was puntgaaf.” (tekst gaat door onder de foto)
Strandvonder Marco Snijders was na de melding snel ter plaatse om de aangespoelde witsnuitdolfijn te helpen. (foto: NH Nieuws)
Met hulp van enkele aanwezigen werd de dolfijn voorzichtig uit de branding gehaald. Daarbij stond het welzijn van het dier voorop. “Het is een zoogdier, hij moet ademhalen”, legt Snijders aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal uit. Het nat houden van de huid was essentieel om oververhitting te voorkomen. “Het beest verzette zich en door de stress kan zijn lichaamstemperatuur te ver omhoog gaan. We moesten ervoor zorgen dat hij niet in de hittestress schoot.”
Niet iedereen op het strand begreep de aanpak. Sommige aanwezigen wilden het dier direct terug de zee in duwen, iets waar Snijders fel op reageerde. “De meeste mensen willen het beest terug in zee duwen. Maar het strandt niet voor niets. Als ze stranden is er iets loos. Die mensen moet je tegenhouden, maar ze worden soms echt agressief. Ze beschuldigen je dat je zo’n beest laat sterven, terwijl we ons uiterste best doen om het te redden. Duw je het terug, dan is er een kans dat het na een paar uur weer strandt. Dan heeft het pas écht stress.”
De witsnuitdolfijn komt weliswaar voor in de Noordzee, maar wordt zelden zo dicht bij de Nederlandse kust gezien. Het dier leeft doorgaans in ondiepere wateren, maar blijft meestal op afstand van het strand. Kenmerkend zijn het stevige lichaam, de gebogen rugvin en de stompe snuit. (tekst gaat door onder de foto)
De aangespoelde witsnuitdolfijn werd met water en natte handdoeken koel gehouden. (foto: SOS Dolfijn)
Langs de Noord-Hollandse kust spoelen wel vaker bruinvissen aan. Dat zijn de meest voorkomende kleine walvisachtigen in de Nederlandse wateren. De vondst van een witsnuitdolfijn is daarom een stuk uitzonderlijker. Opvallend was eerder dit jaar ook de aanwezigheid van een beloega, een witte walvis die normaal in koudere noordelijke wateren leeft. Dat dier werd toen ook voor de Nederlandse kust gespot en trok veel bekijks.
SOS Dolfijn heeft het dier overgebracht naar de opvang, waar het verder wordt onderzocht. Woordvoerder Jeroen Hoekendijk noemt de eerste beoordeling voorzichtig. “Dat is op dit moment nog heel prematuur. Wel zagen we geen verwondingen of verstrikkingen en hij leek ook niet erg mager. In de opvang staat een dierenarts klaar om het dier verder te onderzoeken. Vannacht weten we of het een mannetje of een vrouwtje is, maar onderzoek naar eventuele ziektes kost meer tijd.”
Voor SOS Dolfijn is de komst van de witsnuitdolfijn bijzonder. Het is pas de derde keer dat deze soort in de opvang terechtkomt. Eerdere gevallen liepen minder goed af. “Toen SOS Dolfijn nog in Harderwijk zat hadden we witsnuitdolfijnen Emma en Robbie, die hebben het uiteindelijk niet gehaald”, aldus Hoekendijk.
Ook breder gezien is het een opvallend jaar voor de opvang. “Normaal zien we vooral grijze zeehonden, gewone zeehonden en bruinvissen. Maar dit jaar hebben we al elf verschillende zeezoogdieren gehad, en we zijn pas in mei.”
Met het kenmerkende geluid waar hij zijn bijnaam aan te danken heeft, reed hij dit weekend weer voor het eerst van Bergen naar Camperduin: de ‘stofzuigerbus’. Na jaren van restaureren, zoeken naar onderdelen en duizenden uren vrijwilligerswerk maakte de historische jaren veertig bus zijn eerste échte rit.
Voor de mensen die eraan werkten, is het moment extra bijzonder, zij waren de eerste passagiers. “Het is echt een prachtmoment,” zegt secretaris Gerard van den Bosch van Stichting Historisch Vervoer langs de Bellolijn. “Hier hebben we met z’n allen naartoe gewerkt.”
Het is moeilijk voor te stellen als je hem nu ziet rijden, maar de bus werd jaren geleden in slechte staat teruggevonden. In een opslag stond hij te verstoffen, met losse banken, een motor in onderdelen en slechts een paar bruikbare elementen. (tekst loopt door onder de foto)
Daar-is-tie dan, na 10 jaar restaureren: de Amerikaanse GMC bus die eind jaren veertig tussen Bergen en Camperduin reed. (foto: Streekstad Centraal)
“Het stond allemaal los,” vertelt een zichtbaar trotse vrijwilliger aan Streekstad Centraal. “Als je ergens aan trok, kwam het zo mee. Alles moest onder handen genomen worden.” Toch zagen Bergenaren er meteen iets in.
Tijdens de organisatie van een oldtimerfestival kwam het idee op om de bus naar Bergen te halen. Dat lukte, en al snel groeide het plan om hem daar ook te houden. “Op een gegeven moment zeiden we: hij gaat niet meer terug. De kans dat hij ergens anders ooit weer zou rijden, was gewoon heel klein.” (tekst gaat door onder de foto)
De vrijwilligers die afgelopen jaren hebben meegewerkt genoten zaterdag zichtbaar tijdens het ritje met ‘hun’ gerestaureerde bus, en dat begon al bij het instappen. (foto: Streekstad Centraal)
Na overleg met de Stichting Veteranen Autobussen mocht de bus uiteindelijk worden overgenomen. Opvallend detail: de prijs werd symbolisch vastgesteld. “Eerst was het 1862 euro, naar de postcode van Bergen,” vertelt een van de initiatiefnemers. “Maar uiteindelijk is de komma verplaatst en werd het 18,62 euro.” Daarmee kwam de bus definitief in handen van de Bergense stichting.
Wat volgde was een restauratie van lange adem. Vrijwilligers werkten jarenlang wekelijks aan de bus, vaak op zaterdagen. “We begonnen om negen uur met koffie en werkten door tot een uur of drie,” vertelt vrijwilliger Kees Smit. “Dat hebben we jarenlang volgehouden.”
In totaal ging er naar schatting ruim 17.000 uur werk in zitten en 80.000 tot 90.000 euro aan materialen en externe kosten in zitten. Vrijwel alles werd aangepakt: van elektriciteit tot ramen en van het interieur tot de aandrijving. “Duizenden popnagels zijn één voor één vervangen,” zegt Van den Bosch. “We hebben ze niet geteld, maar het zijn er echt heel veel.” (tekst gaat door onder de foto)
Na jaren van restauratiewerk maakte de ‘stofzuigerbus’ zaterdag zijn eerste officiële rit op het oude traject Bergen-Camperduin. (foto: Streekstad Centraal)
Niet alles was zomaar te repareren. Sommige onderdelen waren zeldzaam, zoals de versnellingsbak. “In het voortraject heb ik die opgespoord in Amerika,” vertelt Bob Kos. “Die zat maar drie jaar in dit type bus.” Via eBay en internationale contacten kwam hij uiteindelijk terecht bij een verkoper in Californië. De versnellingsbak werd naar Nederland gehaald en ingebouwd. “Zonder dat onderdeel had hij nu niet gereden,” vertelt hij opgetogen.
Bij veel Bergenaren roept de bus herinneringen op. Het is een stuk van hun jeugd. Zo ook voor Kos. “Ik moet een jaar of vier geweest zijn toen ik erin zat,” vertelt hij. “Met mijn moeder onderweg naar Alkmaar.” De bus reed tussen 1948 en 1971 in de regio en was jarenlang een vertrouwd gezicht in het straatbeeld. Door het typische geluid van de motor kreeg hij zijn bijnaam. “Mijn moeder zei altijd: daar komt de stofzuiger. Dat geluid herken je meteen.” (tekst gaat door onder de foto)
De weer als nieuw uitziende ‘stofzuiger’ kon rekenen op veel bekijks. (foto: Streekstad Centraal)
Tijdens de eerste rit is de terechte trots van de vrijwilligers duidelijk voelbaar. Trouwens, niet alleen bij de vrijwilligers, maar ook bij de mensen die langs de kant staan. “Dit is echt Bergense saamhorigheid,” zegt Kos. “Mensen die hier vroeger in zaten, zitten er nu weer in.” Voor de vrijwilligers is het een emotioneel moment en voelt het als een beloning voor jaren werk. “Ook voor de partners thuis,” zegt Van den Bosch lachend. “Die hebben ons soms wekenlang nauwelijks gezien.”
De bus blijft niet stil staan, maar krijgt een nieuwe rol in Bergen. De bedoeling is dat hij een plek krijgt in Bergen en ook gebruikt gaat worden. Er wordt gedacht aan ritten voor bijzondere gelegenheden. Bruiloften, jubilea, dat soort dingen,” sluit Van den Bosch af. “Hij hoort hier gewoon thuis.”
Als Gerard Swart over Camping De Boekel in Akersloot praat, begint hij niet bij de recente overname van zijn dochter en schoonzoon, maar ruim een eeuw eerder. “In dit gebouw hebben mijn opa en oma nog gewoond,” vertelt hij, terwijl hij een foto van het huis aanwijst waar we in staan. “Het staat er al sinds 1913. Hier zijn heel wat herinneringen gemaakt.”
Sinds februari is de camping officieel in handen van zijn dochter Mary en haar partner Berend Valke. Maar wie denkt dat Gerard het bedrijf volledig heeft losgelaten, heeft het mis. “Ik zeg altijd maar zo: ik heb drie kinderen, mijn twee dochters en de camping. Je laat je kind ook niet zomaar los.” Toch is er wel degelijk iets veranderd. “Formeel zijn wij nu de eigenaren,” zegt Mary. “Maar mijn vader is hier nog zeven dagen in de week te vinden”, zegt ze lachend.
De geschiedenis van De Boekel gaat verder terug dan de camping zelf. Voordat Gerard en zijn vrouw Joke begonnen, was hij boer. “Ik had koeien en was echt een boer,” vertelt hij. “Maar toen kregen we twee dochters en dacht ik: die worden geen boeren. Zo kwam het idee voor een camping.”
Ironisch genoeg liep het anders. Zijn oudste dochter koos uiteindelijk toch voor het boerenleven, samen met haar partner. “Zij gebruiken nu het land achter de camping,” zegt Gerard. “Zo hebben mijn vrouw en ik met het bedrijf onze beide dochters een heel eind op weg geholpen. Daar ben ik echt trots op.” (tekst gaat door onder de foto)
Sinds 1913 is de familie Swart al gevestigd aan de Boekel in Akersloot. Vierde van rechts staat Gerard Swart tussen zijn grootouders. (foto: Camping de Boekel)
Gerard is zich er goed van bewust dat het niet overal zo vanzelf gaat. “Als ik om me heen kijk, zie ik vaak dat een overname helemaal niet lukt,” zegt hij. “Soms is er simpelweg geen opvolger en stopt een bedrijf.” Iets verderop, bij Loonbedrijf R. van Vliet was dat het geval. Dat het bij De Boekel anders loopt, maakt hem des te trotser. “Je kan wel zeggen dat ik het goed getroffen heb.”
Voor Mary was de stap naar het overnemen van de camping een stuk vanzelfsprekender. Ze groeide er letterlijk mee op. Toen ze haar huidige partner leerde kennen, maakte ze meteen duidelijk wat daarbij hoorde. “Ik zei gelijk: de camping krijg je erbij,” vertelt ze. “Gelukkig vond hij dat geen probleem.” Berend knikt. “We kennen elkaar nu zo’n zeven jaar en vanaf het begin help ik hier al mee. Het is echt mijn ding om deze camping te runnen.” (tekst gaat door onder de foto)
Camping De Boekel heeft sinds kort andere eigenaren, maar bezoekers merken daar maar weinig van. (foto: Streekstad Centraal)
De overname verliep geleidelijk. In plaats van een harde knip, is er sprake van een proces waarin oud en nieuw naast elkaar bestaan. “Je leert elke dag zonder dat je het doorhebt,” zegt Gerard. “We hebben dagelijks overleg over keuzes die gemaakt worden. Niet om elkaar te controleren, maar om op één lijn te blijven.”
Dat bevalt alle partijen goed. “Zo pushen we elkaar en halen we het mooiste uit de camping,” vult Berend aan. Voor hem zit de charme van het werk juist in de afwisseling. “Je weet nooit wat de dag brengt. Het ene moment ben je bezig met gasten hun plek laten zien, het andere moment met onderhoud. En als er iets kapot gaat, dan sta ik daar ook.”
Voor wie denkt dat het runnen van een camping vooral vrijheid betekent, hebben Gerard, Mary en Berend een duidelijke boodschap. “Als je niet van hard werken houdt, moet je niet een eigen camping starten,” zegt Gerard lachend. Dat weten de nieuwe eigenaren inmiddels maar al te goed. “Het is geen baan waarbij je om vier of vijf uur de deur achter je dichttrekt en morgen weer verdergaat,” zegt Mary. “Je staat eigenlijk altijd wel een beetje aan.” (tekst loopt door onder de foto)
Berend, Mary, Joke en Gerard zijn erg trots op hoe de camping nu is. (foto: Streekstad Centraal)
Om toch af en toe rustmomenten te creëren, zijn er openingstijden voor de receptie ingevoerd. “Zodat we even kunnen eten of een korte pauze kunnen nemen,” legt Berend uit. “We proberen wel vaste tijden aan te houden,” zegt Mary. “Maar het gebeurt heel vaak dat ik net de aardappelen sta te schillen en dan toch weer ergens nodig ben. Dat hebben we inmiddels maar een beetje losgelaten,” lacht ze.
Ook ’s nachts kan het werk doorgaan. “Als het toiletgebouw om half één ’s nachts verstopt zit, kun je niet denken: dat doe ik morgen wel,” zegt Berend. “Dan moet je er gewoon staan. Maar dat maakt het ook mooi. Je weet nooit honderd procent waar je aan toe bent.”
Juist die onvoorspelbaarheid en verantwoordelijkheid maken het voor Mary en Berend bijzonder om nu zelf aan het roer te staan. “Het is echt prachtig,” zeggen ze. “Om dit samen te mogen doen, als eigenaren, dat is heel speciaal.” (tekst gaat door onder de foto)
De enige vernieuwingen die de nieuwe eigenaren gaan doen, zijn op het gebied van kwaliteit. Zo zijn er nu betere plekken gerealiseerd om het de gasten nog gemakkelijker te maken. (foto: Streekstad Centraal)
Grote veranderingen hoeven bezoekers voorlopig niet te verwachten. En dat is bewust. “Deze camping is uniek omdat het kleinschalig is,” zegt Berend. “Je hebt veel mogelijkheden en gasten zijn altijd tevreden. Dat willen we zo houden.” Mary vult aan: “We willen vooral verbeteren in kwaliteit. Het toiletgebouw hebben we bijvoorbeeld aangepakt. We proberen het stap voor stap steeds een beetje beter te maken.”
Uitbreiden staat nadrukkelijk niet op de planning. “Een camping met 300 plekken of het terrein volbouwen met chalets? Dat gaat hier niet gebeuren,” zegt Berend. “We willen het overzicht houden. We hebben geen personeel en zijn echt een familiebedrijf. We zijn makkelijk te bereiken en dat moet zo blijven.”
Voor Gerard en zijn vrouw betekent de overname ook een nieuwe fase. “In het hoogseizoen gingen we eigenlijk nooit op vakantie,” vertelt hij. “Misschien een weekendje, maar dan zat de camping altijd in je achterhoofd.” Dat begint nu te veranderen. “Over een maand gaan we negen dagen weg,” zegt hij. Mary glimlacht: “Mijn vader twijfelde nog of hij wel moest gaan, maar wij hebben echt gezegd: het wordt tijd.”
Het verschil zit vooral in het gevoel. “Vroeger had ik altijd een soort schuldgevoel als ik weg was,” zegt Gerard. “Nu weet ik dat het goed zit. Dan denk je: we maken dat rondje fietsen gewoon wat groter.” Toch blijft hij betrokken. En dat is precies zoals hij het wil. “Bezig blijven is beter dan rusten,” zegt hij. “Van rusten ga je roesten.”
Een ernstige aanrijding op de N203 bij Castricum heeft vrijdagavond geleid tot meerdere gewonden en veel schade. Twee auto’s kwamen daar bijna frontaal met elkaar in botsing.
Een van de auto’s reed in de richting van Heiloo. De andere auto kwam uit de richting van Uitgeest. Door nog onbekende oorzaak ging het mis, waarna de voertuigen hard met elkaar botsten.
Bij het ongeluk raakte twee betrokkenen zwaargewond. Ook meerdere anderen raakten gewond. Onder de betrokkenen bevonden zich volgens omstanders ook twee kinderen.
Hulpdiensten kwamen met drie ambulances ter plaatse om de slachtoffers te helpen en twee van hen naar het ziekenhuis te brengen. De N203 werd volledig afgesloten, zodat hulpverleners veilig konden werken en de politie onderzoek kon doen.
De weg is tijdelijk volledig afgesloten geweest. Twee bergingsbedrijven hebben de zwaar beschadigde auto’s later afgevoerd. De politie doet onderzoek naar het ongeval. (foto’s PersfotoNH)
Een uitwijkmanoeuvre om een naderende motor te ontwijken is vrijdagavond geëindigd in een sloot langs de Klaassen- en Evendijk in Bergen. De automobilist bleef daarbij ongedeerd.
Het ongeval ontstond toen een motorrijder in een bocht de binnenzijde van de weg nam. Volgens betrokkenen zag de bestuurder van de personenauto zich daardoor genoodzaakt uit te wijken om een aanrijding te voorkomen. De auto raakte van de weg en kwam in de naastgelegen sloot tot stilstand.
De motorrijder stopte na het incident kort, maar vervolgde daarna zijn weg. De automobilist wist zelfstandig uit het voertuig te komen en wist er zonder kleerscheuren vanaf te komen.
Een bergingsbedrijf is ingeschakeld om de auto uit de sloot te halen. De politie kwam ter plaatse voor onderzoek naar het ongeval. Daarbij moest de bestuurder een alcohol- en drugstest ondergaan; deze bleek negatief. (foto’s PersfotoNH)