Een melding van een mogelijke autobrand heeft dinsdagmiddag voor een korte inzet van de brandweer gezorgd aan de Marnixstraat. Na de melding ging de brandweer direct ter plaatse.
Toen de brandweer arriveerde, waren er geen zichtbare vlammen meer. Wel is het voertuig uit voorzorg nageblust, om te voorkomen dat het vuur opnieuw zou oplaaien. Over de oorzaak van de brand is nog niets bekend. Ook is onduidelijk hoeveel schade het voertuig heeft opgelopen.
Voor zover bekend raakte niemand gewond bij het incident. Een bergingsbedrijf heeft de auto afgesleept. Daarna werd de straat weer volledig vrijgegeven voor het verkeer.
Op het moment van de melding waren brandweerlieden bezig met een oefening bij de Telefooncentrale aan de Koelmalaan in Alkmaar. Deze oefening werd tijdelijk onderbroken voor de inzet aan de Marnixstraat. Na afloop keerden de brandweerlieden terug om de oefening te hervatten. (foto’s: PersfotoNH)
Een harde klap op de Diamantweg in Alkmaar heeft dinsdagmiddag geleid tot een zwaar beschadigde auto en een gewonde. Door een aanrijding met een vrachtwagen moest één betrokkene naar het ziekenhuis.
Hulpdiensten kwamen snel ter plaatse. Het slachtoffer is door ambulancepersoneel behandeld en voor verdere controle overgebracht naar het ziekenhuis. Een andere inzittende is nagekeken, maar hoefde niet mee.
De impact van de botsing was groot: de auto liep forse schade op en moest worden weggesleept. De vrachtwagen raakte minder zwaar beschadigd en kon zijn weg vervolgen.
De politie onderzoekt hoe het ongeval heeft kunnen gebeuren. Daarbij wordt onder meer gebruikgemaakt van camerabeelden uit de omgeving. Door het incident was de Diamantweg tijdelijk afgesloten, wat voor verkeershinder zorgde. Inmiddels is de weg weer vrij en rijdt het verkeer weer door. (foto’s: PersfotoNH)
Gemeenten en zorgorganisaties in Noord-Holland-Noord slaan de handen ineen om de groeiende problemen rond mentale gezondheid aan te pakken. Met een investering van ruim vijf miljoen euro wordt gewerkt aan een nieuwe manier van samenwerken, waarbij inwoners sneller en gerichter ondersteuning moeten krijgen.
De aanleiding is duidelijk: het aantal mensen met psychische klachten neemt toe en de wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg lopen op door personeelstekorten. Tegelijkertijd hebben veel mensen te maken met meerdere problemen tegelijk, zoals schulden, eenzaamheid of woonproblemen. Dat maakt hulpverlening complexer.
De financiering komt uit het Integraal Zorgakkoord (IZA), een landelijke afspraak tussen het Rijk en zorgpartijen om de zorg toegankelijk te houden. Een belangrijk uitgangspunt is dat hulp eerder en dichter bij huis wordt georganiseerd, zodat zwaardere zorg beschikbaar blijft voor wie dat echt nodig heeft.
Om daar beter op in te spelen, wordt een regionaal netwerk opgezet waarin gemeenten, huisartsen, ggz-instellingen en welzijnsorganisaties intensiever samenwerken. Het doel is om eerder in beeld te krijgen wat iemand nodig heeft en passende hulp te bieden, zonder dat mensen onnodig in zware zorgtrajecten terechtkomen. (tekst gaat door onder de foto)
Het nieuwe systeem moet er voor gaan zorgen dat mensen eerder de juiste hulp krijgen, waardoor ze niet onnodig in zware zorgtrajecten terechtkomen.
Een belangrijk onderdeel van de nieuwe aanpak is dat hulpvragen breder worden bekeken. In plaats van een directe doorverwijzing naar de ggz, wordt eerst gezamenlijk onderzocht welke ondersteuning het beste past. Dat kan ook buiten de specialistische zorg liggen.
Daarmee moet worden voorkomen dat mensen vastlopen in het systeem of meerdere keren opnieuw moeten worden aangemeld. In de praktijk gebeurt het nu nog geregeld dat iemand niet op de juiste plek terechtkomt en opnieuw moet beginnen, met extra wachttijd voor de patiënten en onnodige werkdruk voor zorgpersoneel tot gevolg.
De eerste stappen zijn al gezet in onder meer Alkmaar, Den Helder en Dijk en Waard. Later dit jaar en in 2026 wordt de werkwijze verder uitgerold in de rest van de regio. Met de nieuwe samenwerking hopen betrokken partijen niet alleen de druk op de ggz te verminderen, maar ook het aantal incidenten met mensen die verward gedrag vertonen terug te dringen. (hoofdfoto: Baltana HD)
De bouw van de nieuwe wijk aan de oostkant van Noord- en Zuid-Scharwoude staat onder druk. Netbeheerder Liander weet namelijk niet zeker of er op tijd stroom beschikbaar is. De eerste huizen moeten eind 2026 al gebouwd moeten worden om een belangrijke subsidie van het Rijk niet mis te lopen.
De nieuwe wijk gaat Doesenburg heten en krijgt 637 woningen. De naam verwijst naar het oude Doesenpad en de vroegere Doesensloot. Door de wijk komt een route voor fietsers en wandelaars, als knipoog naar hoe het gebied vroeger was.
De gemeente heeft geld gekregen van het Rijk om sneller woningen te bouwen, vooral betaalbare huizen. Maar daar zit wel een harde eis aan: de bouw moet nog dit jaar beginnen. Omdat de stroomvoorziening mogelijk niet op tijd klaar is, wordt gekeken naar een andere aanpak.
De huizen zouden in die plannen dan eerst afgebouwd worden en pas later aangesloten op gas, water en elektriciteit. Dat is nogal anders dan normaal, maar zo loopt het project geen vertraging op, is de gedachte. (tekst gaat door onder de foto)
Zo moet de nieuwe wijk Doesenburg eruit komen te zien. (Illustratie: gemeente Dijk en Waard)
De plannen voor de inrichting van de wijk zijn inmiddels klaar. Het wordt een buurt waar wandelen en fietsen centraal staan. De wegen worden bewust wat smaller gemaakt, zodat auto’s er langzamer rijden. Daardoor blijft er ook meer ruimte over voor groen. Langs de paden komen zogeheten wadi’s: groene stroken die regenwater opvangen. Tegelijk zorgen ze ervoor dat er niet in de berm geparkeerd wordt.
Ook komen er veilige oversteekplekken naar de omliggende buurten. Op de Oostelijke Randweg wordt nog gekeken naar extra maatregelen om het verkeer af te remmen, zoals drempels of verhoogde kruispunten. De rotonde bij de Langebalkweg blijft zoals die is. Wel komt er een nieuwe kruising bij de Karekiet en krijgt de weg een lichte bocht, zodat auto’s ook daar minder hard rijden.
Verder komt er een extra riool langs de Oostelijke Randweg. In de buurt zijn al langer problemen met grondwater, en dit moet helpen om dat te verbeteren. Tot slot wil de gemeente beter kijken naar wat jongeren nodig hebben in de wijk. Ook komt er extra aandacht voor veiligheid, zodat iedereen zich er prettig voelt.
Gebogen knieën, de blik strak op de bal en dan een korte, beheerste zwaai. De sajetbal rolt over de baan, tikt de paal en komt langzaam tot stilstand. Even is het stil in café De Schelvis in Zuid-Scharwoude, totdat iemand vanaf de zijkant al zachtjes het aantal punten mompelt. Nog voordat de bal echt stil ligt, wordt er geknikt: dit is een goede slag.
Tijdens de Sajet Kolfkampioenschappen draait het niet alleen om winnen, maar vooral om het spel zelf. Om techniek, gevoel en een beetje geluk. In het zaaltje langs de baan zitten toeschouwers dicht op het spel, pen in de hand, terwijl spelers zich concentreren op hun volgende poging. Het is serieus en ontspannen tegelijk – precies zoals kolven bedoeld is.
Kolven lijkt eenvoudig, maar schijn bedriegt. “Het lijkt veel makkelijker dan het is,” zegt Franck van Kleef, lid van Kolfvereniging Gezellig Samenzijn. “We hadden laatst jongeren die dachten: dat doen we wel even. Maar om echt goede punten te halen heb je techniek nodig én moet je veel oefenen.” De uitdaging zit in de precisie: spelers proberen de bal zó over de baan te slaan dat hij via de paal loopt en zoveel mogelijk punten oplevert. Geen slag is hetzelfde, en juist dat maakt het spel volgens de liefhebbers zo aantrekkelijk. (tekst gaat door onder de foto)
Bij iedere slag staat de markeur goed op te letten op de plek waar de volgende slag genomen moet worden. (foto: Streekstad Centraal)
Er wordt gespeeld volgens de regels van de Koninklijke Nederlandse Kolfbond. Per ronde staan drie spelers in de baan en slaan om de beurt. Begrippen als ‘vol’ – goed voor twaalf punten – en ‘boedel’, een ongeldige slag, vliegen over tafel alsof het de normaalste zaak van de wereld is. De positie van de bal na elke slag bepaalt het vervolg, waardoor spelers telkens opnieuw moeten inschatten wat de beste aanpak is.
Op de achtergrond houdt markeur Dick IJff alles scherp in de gaten. Met kleine streepjes noteert hij waar de bal tot stilstand komt en vanaf waar de volgende slag moet worden genomen. Zelf speelt hij deze dag niet mee. “Ik speel alleen met gummieballen,” legt hij uit. “En dat is echt heel anders dan sajet.” Die sajetballen zijn lichter en gevuld met garen. Het maakt het spel minder voorspelbaar. “De bal is en blijft rond,” zegt IJff. “Je kunt nog zo goed zijn, maar je hebt ook geluk nodig. Zeker als de druk oploopt.” (tekst gaat door onder de foto)
Aandachtig wordt er gekeken naar de mannen op de baan. Is het een goede slag? Of blijkt het toch een ‘boedel’ te zijn? (foto: Streekstad Centraal)
Die spanning waar IJff over spreekt, zit volgens hem in het onvoorspelbare karakter van het spel. “Meestal is het wel duidelijk wie mee gaan spelen voor de podiumplekken,” zegt hij. “Maar je hebt echt het geluk aan je zijde nodig om goede punten te slaan. En als daar dan ook nog de druk van de finale bij komt kijken, dan kan het zomaar heel spannend worden.”
Langs de baan wordt dat zichtbaar. Terwijl de punten worden opgeteld, wordt duidelijk wie bovenin meedraait, maar niets ligt vast. Elke slag kan het verschil maken en iedereen langs de kant rekent mee. Nog voordat de bal stil ligt, wordt er al zachtjes een score genoemd.
Voorzitter Martin Bakker kijkt aandachtig toe. “Als je de baan door en door kent, weet je ongeveer wat een bal gaat doen,” zegt hij. De 84-jarige Bakker is al jaren betrokken bij de sport, maar zie ook dat het deelnemersveld kleiner wordt. De sport wordt wel gezien als een verdwijnend erfgoed. “We hebben vandaag veel afzeggingen gehad, dus het is een kleiner gezelschap. Maar we maken er hoe dan ook een mooie avond van.” (tekst gaat door onder de foto)
Met het oog op de prijzen doen alle deelnemers hun uiterste best zo veel mogelijk punten te behalen. (foto: Streekstad Centraal)
Volgens hem zit de kracht van kolven in de combinatie van spel en gezelligheid. “We bestaan al honderd jaar en het is een hechte groep. Je bent blij voor elkaar als iemand een goede slag doet, al wil iedereen natuurlijk winnen, maar het gaat ook om het samenzijn.” Die sfeer is overal voelbaar. Er wordt fanatiek gespeeld, maar ook gelachen en gepraat. Een mislukte slag zorgt soms voor een zucht, maar even later gaat het gesprek gewoon weer verder.
Voor Van Kleef is dat precies waarom hij blijft terugkomen. “De sport is zo leuk en zo gezellig.” Dat hij daar eerst anders over dacht, geeft hij eerlijk toe. “In het begin dacht ik: wat doe ik hier? Maar als je het eenmaal kent, dan denk je: dit is leuk.” Volgens hem verdient de sport meer aandacht. “Het heeft een oud imago, maar dat klopt niet. Geen slag is hetzelfde, en dat maakt het juist uitdagend.”
Wie het spel voor het eerst ziet, moet even kijken voordat het duidelijk wordt wat er precies gebeurt. Kolven wordt gespeeld op een smalle baan met aan beide uiteinden een paal. Het doel is om de bal zo te slaan dat hij via die paal heen en weer gaat en daarbij zoveel mogelijk punten oplevert. Spelers slaan om de beurt en spelen steeds verder vanaf de plek waar de bal stil komt te liggen. (tekst gaat door onder de foto)
De top drie van het kampioenschap (vlnr) Max Bruin, Dirk Swart en Detlef Redeker. (foto: Streekstad Centraal)
De kunst zit in de controle: hoe hard sla je, onder welke hoek en hoe zorg je dat de bal precies goed langs de paal loopt? Een perfecte slag levert een ‘vol’ op, goed voor twaalf punten, terwijl een ‘boedel’ juist niets oplevert. Omdat elke bal anders ligt en elke slag een nieuwe situatie creëert, moeten spelers continu opnieuw inschatten wat de beste keuze is. Dat maakt kolven minder rechtlijnig dan het lijkt – en volgens de spelers juist zo verslavend.
Tijdens de finale wordt er niet alleen om bekers gespeeld, maar ook om zuurkool met worst. Per ronde bepaalt Dick Beers welke slagen die prijs waard zijn. “Langedijk is groot geworden door drie dingen: zuurkool, de chipsfabriek en het kolven,” klinkt het lachend.
Na drie rondes zijn de eerste twee plekken duidelijk. Voor de derde plaats moet een beslissingsronde uitkomst bieden. Detlef Redeker trekt daarin aan het langste eind. De overwinning gaat naar Dirk Swart, met Max Bruin op de tweede plaats. Na de laatste slag wordt er nog lang nagepraat in De Schelvis. Over punten, over pech en over geluk. Want bij kolven weet je het pas zeker als de bal stil ligt.
Bij een aanrijding op het fietspad naast de Zeeweg (N513) bij Castricum is zaterdagmiddag een kind gewond geraakt. Het slachtoffer moest na het ongeval per ambulance naar het ziekenhuis worden vervoerd.
Het ongeluk gebeurde toen een groep fietsers, waaronder twee kinderen, en een scooterrijder met elkaar in botsing kwamen. Door de klap ontstond een valpartij.
Hulpdiensten waren snel aanwezig. Ambulancepersoneel ontfermde zich over het gewonde kind, dat na de val moeite had om te staan. Na eerste behandeling ter plaatse is besloten het slachtoffer over te brengen naar het ziekenhuis voor verdere controle.
De politie onderzoekt nog hoe het ongeval precies heeft kunnen gebeuren. (foto’s: PersfotoNH)
Een harde klap, stilstaande voertuigen en zwaailichten die de nacht verlichten: op de N245 bij Alkmaar ging vrijdagavond het flink mis bij een ongeval waarbij meerdere voertuigen betrokken waren.
Op de locatie kwamen twee auto’s en een bedrijfsbus met elkaar in botsing. Hulpdiensten rukten massaal uit en waren snel ter plaatse om de betrokkenen te controleren en eerste hulp te verlenen.
Eén betrokkene is met spoed per ambulance naar het ziekenhuis vervoerd voor verdere behandeling. Twee anderen zijn ter plekke nagekeken door ambulancepersoneel, maar hoefden niet mee naar het ziekenhuis.
De bedrijfsbus kon na het incident zijn weg vervolgen. De twee beschadigde personenauto’s hadden minder geluk en zijn door een berger afgesleept.
Als gevolg van het ongeval werden twee rijstroken op de N245 in de richting van Schagen tijdelijk afgesloten. Dit leidde tot de nodige verkeershinder in de omgeving. (foto’s: PersfotoNH)
Rennende voeten over het zand, kinderen die joelend richting het schommelnest sprinten en overal tegelijk geklim, gelach en geroep. Nog voordat de laatste woorden van het officiële praatje zijn uitgesproken, staan ze al te popelen. Zodra het sein wordt gegeven, barst het los. “Jaaaa!”
Het nieuwe, groene schoolplein van Kindcentrum Bello in Alkmaar is donderdagmiddag voor het eerst écht in gebruik. En dat blijft niet onopgemerkt. Waar eerst vooral tegels lagen, ligt nu een plein vol groen, hout en speelelementen. Het verschil is groot.
“Alles lag hier vol met alleen maar stenen,” zegt wethouder Jan Hoekzema. “We hebben zo’n 30.000 kilo puin afgevoerd. Dan weet je wel hoe versteend het hier was.” Met een knipoog voegt hij daaraan toe dat de kleding van de kinderen door al het groen misschien ook wel ‘meer gewassen moet worden’.
Geen kale bende meer. Nu staan er bomen, is er meer schaduw en zijn er plekken om te ontdekken en te spelen. Het plein is niet alleen bedoeld voor de school, maar ook voor kinderen uit de buurt. “Zo wordt de Spoorbuurt steeds interessanter om te verblijven, te wonen en naar school te gaan,” aldus Hoekzema. (tekst gaat door onder de foto)
De kinderen weten niet hoe snel ze de nieuwe speeltoestellen in gebruik moeten nemen. (foto: Streekstad Centraal)
Tussen alle nieuwe speeltoestellen springt er één duidelijk uit: het schommelnest. “Dat was echt een eis van de kinderen,” vertelt Maaike Bleeker, medewerkster van de school. Zij maakte zich hard voor de vernieuwing van het plein. “En die hebben we doorgedrukt.”
Ze benadrukt dat het plein samen met de kinderen tot stand kwam. “We hebben samen gekeken naar wat zij wilden. Ons vorige schoolplein had geen schommel, terwijl je juist iets wilt waar meerdere kinderen tegelijk op kunnen, zeker als jenaplanschool.”
Het schommelnest wordt meteen goed in gebruik genomen. Een grote groep kinderen wil er allemaal tegelijk op. Bleeker lacht: “We moeten nog even regels bedenken zodat iedereen er veilig gebruik van kan maken, maar dat komt nog. Laat ze nu maar even lekker genieten.” (tekst gaat door onder de foto)
Het schommelnest is de parel van het schoolplein, en daarnaast ook één van de eisen die de kinderen hadden. De schommel wordt meteen goed gebruikt. (foto: Streekstad Centraal)
Ze kijkt zichtbaar tevreden naar plein. “We dachten eerst dat we dit in delen moesten doen, omdat het zoveel geld kost. Ik had verwacht dat het pas rond 2030 klaar zou zijn. Dat het nu al zo ver is, is echt fantastisch.”
Ook binnen de school is de trots groot. Directrice Dewi Soewarno kijkt rond terwijl de kinderen het plein ontdekken. “Als je om je heen kijkt, hoor en zie je dat ze echt blij zijn,” zegt ze. “Dit project speelt al veel langer en we zijn ontzettend blij dat het nu zover is. De samenwerking met de gemeente is ook heel fijn geweest.”
Volgens haar is het effect van het nieuwe schoolplein direct zichtbaar. “Kinderen moeten lekker buiten spelen, in plaats van achter een telefoon of tablet te zitten. Ik denk echt dat dit schoolplein daaraan bijdraagt.” (tekst gaat door onder de foto)
Maaike Bleeker en directrice Dewi Soewarno zijn ontzettend trots op het nieuwe schoolplein van Bello. (foto: Streekstad Centraal)
Terwijl kinderen van toestel naar toestel rennen en het plein in rap tempo veroveren, kijken ouders en buurtbewoners vanaf de rand toe. “Onze zoon heeft het hier al de hele week over,” zegt een ouder. “Hij wilde zo graag op het schommelnest.”
Even verderop wordt enthousiast gewezen naar een waterspeelplek. “Misschien komen ze nat in de klas, maar zolang ze lekker spelen is dat alleen maar goed.”
Buurtbewoners zien vooral hoe groot de behoefte is in de Spoorbuurt met zijn smalle straatjes. “Het is hier best dicht op elkaar,” vertelt een omwonende. “Dan is het echt mooi dat er zo’n plek bij komt. Je zag net bij het praatje al dat de kinderen niet konden wachten om te gaan spelen. Het is echt een aanwinst voor de buurt.” (tekst gaat door onder de foto)
Het nieuwe watertoestel op het schoolplein gaat zeer waarschijnlijk voor de nodige natte broeken zorgen, maar juist dat maakt het zo leuk. (foto: Streekstad Centraal)
Tegelijkertijd speelt er in de buurt ook een ander onderwerp: overlast van dak- en thuislozen. Wethouder Jan Hoekzema hoopt dat het nieuwe plein daar geen last van krijgt. “We hopen dat die overlast niet naar dit schoolplein trekt en dat kinderen er geen last van hebben,” zegt hij. “Dat is het allerbelangrijkste. Er hangen camera’s en de overlast is op dit moment al minder, dus we hopen dat dat zo blijft, of zelfs minder wordt.”
Volgens hem is het plein juist bedoeld als positieve impuls voor de wijk. “Wij doen niets zonder overleg met de school en de kinderen, we doen dit samen,” zegt Hoekzema. “Wij zorgen voor de uitvoering en luisteren naar de wensen. Als je zo om je heen kijkt, dan wil ik best zeggen dat dat heel goed gelukt is.” Of, zoals een buurtbewoner het samenvat: “Dit hadden we hier echt nodig.”
Huurders van appartementen aan het Dorus Rijkersplein en de Derde Oosterberg in Egmond aan Zee hebben via een Woo-verzoek inzage gekregen in overleg tussen Kennemer Wonen en de gemeente Bergen. Daaruit blijkt dat de gemeente vorig jaar positief stond tegenover plannen voor sloop en nieuwbouw.
In de vrijgegeven stukken staat er vanaf juni 2025 bestuurlijk overleg plaatsvond tussen de corporatie en de gemeente. In die periode werd gesproken over vervanging van de complexen door nieuwbouw. De gemeente gaf daarbij aan mee te willen denken en positief tegenover de plannen te staan.
Grote verrassingen leveren de stukken volgens betrokkenen niet op. Bewoners verzetten zich al langer tegen mogelijke sloop van de 33 appartementen. Zij vinden dat de gebouwen nog in prima staat zijn en vrezen dat zij na nieuwbouw niet kunnen terugkeren naar hun woning in Egmond aan Zee.
Kennemer Wonen reageerde eerder al dat sloop en nieuwbouw de voorkeur had boven renovatie. Inmiddels wordt die renovatie-optie toch opnieuw onderzocht, maar onder bewoners is het vertrouwen niet groot. (tekst gaat door onder de foto)
Bewoners van de appartmenten hebben al vaker van zich laten horen. (foto: NH Nieuws)
Een belangrijk punt voor de huurders is een rapport van bouwbedrijf BAM van ruim twee jaar geleden. Volgens hen blijkt daaruit dat de woningen met aanpassingen nog langer gebruikt kunnen worden. De bewoners zeggen dat zij dit rapport niet volledig hebben ingezien, maar slechts een presentatie. Zij proberen het document nu via een juridische procedure in handen te krijgen, zodat zij beter kunnen meepraten over de plannen.
De weerstand tegen sloop is de afgelopen maanden zichtbaar geworden. In januari gingen bewoners tijdens de nieuwjaarsreceptie al de straat op. Ook is een petitie gestart, die inmiddels door honderden mensen is ondertekend. De huurders willen dat sloop en nieuwbouw van tafel gaan en pleiten voor meer inspraak en meer tijd om op plannen te reageren.
De gemeente is betrokken bij het overleg, maar neemt geen besluit over sloop of renovatie. Die keuze ligt bij Kennemer Wonen. De corporatie werkt aan verdere plannen, die naar verwachting later dit jaar worden gepresenteerd.
Zit er eindelijk beweging in de spraakmakende kunstroof uit het Drents Museum? Volgens bronnen van het Dagblad van het Noorden is de gestolen gouden helm van Coțofenești teruggevonden. Donderdagmiddag geven het Openbaar Ministerie en het Drents Museum een persconferentie over de stand van het onderzoek. Mogelijk wordt daar meer duidelijk over de vondst en de stand van zaken.
De roof begin 2025 maakte veel indruk. Met explosieven drongen daders het museum binnen en namen in korte tijd meerdere archeologische topstukken mee, waaronder de gouden helm en armbanden van grote historische waarde. Sindsdien ontbrak ieder spoor van de buit.
Dat er nu mogelijk een doorbraak is, volgt op maanden van stilte. Onderzoekers hielden er al rekening mee dat het goud niet was omgesmolten. De berichten dat de helm zou zijn teruggevonden, wijzen erop dat de kunstschatten mogelijk nog intact zijn.
Kunstdetective Arthur Brand, die vaker betrokken is bij het opsporen van gestolen kunst, zegt dat dit soort zaken vaak eindigen met onderhandelingen tussen betrokken partijen. Volgens hem zouden de Roemeense kunstschatten zijn teruggekomen na een deal met verdachten. (tekst gaat door onder de foto)
Een van de gestolen gouden armbanden. (foto: Politie)
“Als je hem niet teruggeeft krijg je een boete van zes miljoen euro, dus ik verwacht dat de verstopplek na overleg met het Openbaar Ministerie bekend is gemaakt. Ik ga er niet van uit dat ze hem ergens in een bos hebben teruggevonden”, zegt Brand.
“Dit soort topstukken zijn eigenlijk onverkoopbaar. Uiteindelijk kom je dan vaak uit op onderhandelingen om ze terug te krijgen,” vertelt Brand tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. “Het belangrijkste is dat ze weer boven water komen.”
Een officiële bevestiging van justitie ontbreekt vooralsnog. Ook is niet duidelijk of alle gestolen objecten zijn teruggevonden en waar de helm is aangetroffen. In de zaak zitten meerdere verdachten uit Heerhugowaard en Obdam vast. Zij staan op 14, 16 en 17 april terecht in de rechtbank in Assen. Mogelijk komt tijdens die zittingen meer duidelijkheid over de rol van de verdachten en de verblijfplaats van de kunstschatten.
De kunstroof had niet alleen impact in Assen, maar trok ook internationaal aandacht. De gestolen stukken zijn afkomstig uit Roemenië en gelden daar als belangrijk erfgoed. Dat ziet Brand ook: “Dit wordt ontzettend groot nieuws daar. Deze spullen zijn van onschatbare waarde voor het land, dus je kan er op rekenen dat daar een feest uitbreekt.” Het onderzoek naar de kunstroof loopt nog. Donderdagmiddag wordt tijdens de persconferentie in het museum mogelijk meer duidelijk.