Een indringende gaslucht heeft zaterdagavond voor flinke onrust gezorgd aan de Geesterweg in Alkmaar. De brandweer rukte met spoed uit naar een appartementencomplex waar in één van de woningen een gaslek was ontstaan. Uit voorzorg werd de drukke weg volledig afgesloten en moesten bewoners hun huis tijdelijk verlaten.
In een van de woningen was door nog onbekende oorzaak gas vrijgekomen. Omdat het om een appartementencomplex ging en niet duidelijk was hoe ernstig de situatie was, besloot de brandweer geen risico te nemen. De Geesterweg werd korte tijd volledig afgesloten in beide richtingen en bewoners moesten hun woning tijdelijk verlaten.
De hulpdiensten hadden de situatie snel onder controle. Nadat het gebied veilig was verklaard, konden de afzettingen worden opgeheven en mochten de bewoners weer terug naar huis. Netbeheerder Liander is ingeschakeld om het gaslek definitief te dichten. (foto’s: DNP)
Met een voorzichtig winterzonnetje door de ramen van Schaatsbaan De Meent en het herkenbare, ritmische geluid van ijzers op ijs, hing er zaterdagmiddag een bijzondere sfeer in Alkmaar. Tijdens het NK Masters Marathon stonden niet de twintigers centraal, maar schaatsers die al een flink aantal levensjaren – én rondjes – achter de rug hebben. “Ik ben geen twintig meer.”
Op het programma staan twee NK-marathons. In de eerste wedstrijd kwamen de vrouwen en de mannen van 60 en 70 jaar en ouder in actie. Zij rijden 60 ronden. Daarna volgt de tweede marathon, waarin de mannen van 40 en 50 jaar aan de start verschijnen voor een koers van 75 ronden.
Langs de baan klinkt regelmatig een zucht. “Ik ben geen twintig meer,” mompelt een schaatser terwijl hij zich vastklampt aan de boarding om zijn hamstrings nog één keer goed op te rekken. Een ander lacht hardop na een iets te enthousiaste afzet. “Dat voelde ik meteen in mijn rug.” Toch is er geen spoor van gelatenheid. Integendeel: wie goed kijkt, ziet fanatisme in zijn puurste vorm. Warming-ups langs de baan, geconcentreerde blikken, zorgvuldig aangetrokken schaatsen en serieuze rek- en strekoefeningen. Ze doen het misschien voor de lol, maar wel met een duidelijk doel. (tekst gaat door onder de foto)
Keurig, zoals ze het vroeger geleerd hebben, schaatsen de deelnemers het aantal rondjes dat op het programma staat. (foto: Streekstad Centraal)
Het NK Masters is bedoeld voor schaatsers die de (top)sportjaren achter zich hebben gelaten, maar de liefde voor het ijs nooit zijn kwijtgeraakt. En dat is te merken. Het tempo ligt misschien iets lager dan bij de andere leeftijden, maar de strijdlust is onveranderd. Elke bocht wordt serieus genomen, elke aanval zorgvuldig opgebouwd. Het ijs kraakt, de schaatsen snijden en bij elke doorkomst klinkt er applaus. “Netjes hoor!”, “Goed tempo!” en “Blijven hangen!” galmt het langs de baan.
Ook voor de toeschouwers heeft het evenement iets bijzonders. Velen vinden het ontzettend leuk om eens aan de andere kant van de boarding te staan in plaats van op het ijs. Geen stress om een eigen start, maar juist genieten van bekenden op het ijs. “Normaal sta ik hier zelf,” vertelt Suzan, een van de fanatieke aanmoedigers langs de kant. “Maar dit is minstens zo leuk. Het is even iets anders zo op de zaterdagmiddag.”
Een meisje langs de baan kijkt glunderend toe terwijl haar opa voorbij schaatst. “Kom op opa!” roept ze enthousiast. “Opa komt altijd kijken bij mijn sportwedstrijden,” vertelt ze trots. “Nu is het leuk om hem bezig te zien. Ik wist niet dat hij nog zó fanatiek was.” (tekst gaat door onder de foto)
Bij iedere ronde klinkt er een hoop gejuich en geklap vanaf de zijkant. De schaatsers schaatsen dan toch net even een stukje harder. (foto: Streekstad Centraal)
Een vrouw staat iets verderop met een thermoskan koffie langs de baan en volgt elke ronde aandachtig. Haar man van boven de 70 rijdt mee in de 60-rondenkoers, laat ze Streekstad Centraal weten. “Thuis klaagt hij soms dat alles wat stijver wordt,” vertelt ze lachend. “Maar hier op het ijs zie je hem helemaal opleven. Dan is hij weer even helemaal in zijn element.” Bij elke doorkomst klapt ze enthousiast mee. “Als hij straks klaar is, zegt hij vast dat het zwaar was. Maar hij zal glimmen van trots.”
Tussen de wedstrijden door blijft het onrustig langs de boarding. Schaatsers praten hun koers na, wisselen tips uit en trekken extra laagjes aan of uit. “Even herstellen en dan weer door,” klinkt het nuchter. Het fanatisme verdwijnt niet zodra iemand van het ijs stapt; ook na afloop worden rondetijden besproken en tactische keuzes geëvalueerd. (tekst gaat door onder de foto)
Na afloop praten de schaatsers samen met de toeschouwers even na over de wedstrijd. (foto: Streekstad Centraal)
Zo staat even verderop een schaatser die als een van de eerste over de finish kwam, nog licht hijgend na te praten met een ploeggenoot. Tevreden oogt hij niet helemaal. “Die ene bocht had ik slimmer moeten rijden,” zegt hij kritisch. “Daar verlies ik het.” Hoewel het podium lonkt, blijft hij realistisch. “Ik had het vandaag net niet. Dat merk je gewoon.” De verklaring zoekt hij niet in pech of materiaal, maar in zichzelf. “Ik word toch weer een jaartje ouder. Dat voel je, vooral aan het einde.”
Toch overheerst ook bij hem het plezier. Met een glimlach kijkt hij nog één keer richting het ijs. “Maar ach,” voegt hij eraan toe, “dat we hier überhaupt nog staan en dit kunnen doen, dat is al winst.” Als de laatste schaatsers het ijs verlaten en de hal langzaam leegstroomt, blijft vooral dat gevoel hangen. “Een zeer geslaagde schaatsmiddag!”
Een rit door Heerhugowaard eindigde zaterdagmiddag onverwacht in het water. Langs de Libellestraat belandde een personenauto in de sloot, nadat de bestuurder door nog onbekende oorzaak de controle over het stuur verloor.
De politie werd opgeroepen na een melding van een ongeval. Bij aankomst troffen agenten de auto aan in het water langs de Libellestraat. Hoe het ongeluk precies kon gebeuren, is nog niet duidelijk. Het incident bleef beperkt tot materiële schade en een nat pak.
Een bergingsbedrijf zal de auto uit de sloot halen. Het voertuig kan als total loss worden beschouwd.
Zaterdagmiddag heeft een overval plaatsgevonden op het stationsplein in Heerhugowaard. Het incident speelde zich af bij de winkel Used Products. De verdachten renden na de overval weg.
Volgens de politie werd de overval gepleegd door twee jongens die zwarte trainingspakken en bivakmutsen droegen. Direct na de overval renden de verdachten weg in onbekende richting.
De politie heeft het gebied rond de winkel afgezet en is ter plaatse een onderzoek gestart. Agenten in kogelwerende vesten zijn aanwezig en vanuit de lucht wordt meegekeken met een politiehelikopter.
Via Burgernet is een oproep gedaan aan omwonenden en voorbijgangers om alert te zijn en uit te kijken naar de twee verdachten. Wie iets heeft gezien dat kan helpen bij het onderzoek, wordt verzocht contact op te nemen met de politie.
Het zand verdwijnt onder Hookipa Beach in Camperduin, en daarmee ook de zekerheid over de toekomst van het watersportpaviljoen. Door een onveilige constructie als gevolg van strandafkalving is het paviljoen voorlopig gesloten. De voorste palen van het paviljoen zakken weg in het zand, waardoor het volgens de gemeente niet langer verantwoord is om open te blijven. “In het slechtste scenario moeten we alles afbreken.”
Hookipa Beach staat al negen jaar op het strand bij de Hondsbossche Duinen en is een bekende plek voor surfers en kitesurfers. Eigenaar Richard Minkema uit Groet ziet de toekomst van zijn paviljoen met grote onzekerheid tegemoet. “Dit is niet alleen vervelend voor ons, maar vooral voor onze honderd leden. Zij gebruiken het paviljoen het hele jaar door om hun spullen op te slaan en hier samen te komen.”
Het paviljoen staat op een kwetsbaar deel van de kust, waar de voormalige Hondsbossche Zeewering onder het zand verborgen ligt. In 2015 werd dit gebied opnieuw ingericht met opgespoten duinen en strand, bedoeld om zowel de kustveiligheid als recreatie te versterken. Volgens Richard is die belofte in de praktijk steeds moeilijker waar te maken. (tekst gaat door onder de foto)
Eigenaar Richard Minkema noemt de situatie bij Hookipa Beach “schrijnend” en vreest voor de toekomst van het paviljoen. (foto: NH Nieuws)
Doordat het strand hier ver de zee in steekt, heeft het te maken met sterke erosie. Bij storm en hoogwater verdwijnt veel zand, waardoor het strand steeds smaller wordt. Dat heeft inmiddels zichtbare gevolgen: bij hoogtij staan de paviljoens in Camperduin hoog op hun palen en soms zelfs deels in het water.
Ook het naastgelegen strandrestaurant Prince George ondervindt al langer hinder van het teruglopende strand en is bij bepaalde omstandigheden moeilijk bereikbaar. Bij Hookipa is de situatie inmiddels ernstiger.
De gemeente heeft vastgesteld dat het gebouw op dit moment niet voldoet aan de veiligheidseisen. “De constructieve veiligheid van het pand is onvoldoende,” laat een woordvoerder weten. Over twee weken volgt nieuw overleg met de eigenaar om te beoordelen of de situatie is verbeterd. Tot die tijd blijft het paviljoen gesloten.
Volgens Richard was sluiting onvermijdelijk. “De voorste palen staan nog maar zo’n zestig centimeter in het zand en staan scheef. Dat is simpelweg niet veilig. Als er nog een paar zware stormen overheen komen, redden we het niet.” Uit voorzorg zijn onder meer de terrasschotten aan de voorkant verwijderd en hebben leden hun surf- en kitespullen opgehaald. “In het slechtste scenario moeten we alles afbreken,” zegt hij tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. (tekst gaat door onder de foto)
Het voortbestaan van Hookipa Beach in Camperduin is onzeker door het afkalvende strand. De voorste palen staan nog maar zestig centimeter in het zand en zijn scheef komen te staan. (foto: NH Nieuws)
De situatie frustreert de eigenaar, die zich eigenlijk zou moeten richten op de voorbereiding van het zomerseizoen. “Nu gaat al mijn energie zitten in het redden van het paviljoen. Terwijl dit probleem al jaren speelt.” Volgens Richard is bij de start in 2016 door het waterschap en Rijkswaterstaat toegezegd dat er tot 2035 voldoende strand zou blijven door regelmatige strandaanvulling. “Dat gebeurt al een paar jaar niet meer. Daardoor staan we nu met onze rug tegen de muur.”
Hookipa wil het liefst in Camperduin blijven, maar dat kan alleen als er structureel zand wordt aangebracht en er ruimte is om het paviljoen te verplaatsen. “Nieuwe, langere palen kosten al snel meer dan een ton. Dat ga ik niet investeren als ik geen duidelijkheid heb over onze toekomst.” Hij wijst daarbij op het gebrek aan besluitvorming. “Het ontbreekt aan bestuurlijke daadkracht. Het waterschap en Rijkswaterstaat verwijzen naar het ministerie, maar daar ligt alles stil door de demissionaire status van het kabinet.”
Komende dinsdag staat een overleg gepland met de betrokken kustbeheerders. Richard hoopt daar meer duidelijkheid te krijgen. “We willen weten waar we aan toe zijn en hopen zo snel mogelijk weer open te kunnen. Wat er ook gebeurt: deze zomer zullen er hier surflessen zijn.”
Het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier laat, mede namens Rijkswaterstaat, weten op de hoogte te zijn van de situatie en contact te hebben met Hookipa. “Via de media gaan wij op dit moment niet in op individuele gevallen.”
Na jaren van plannen maken, overleg en wachten is het zover: de bouw van het nieuwe PEN-dorp in Alkmaar is afgetrapt. Donderdag werd op het voormalige besloten terrein het startsein gegeven voor zowel de sloop van de bestaande panden als voor de nieuwbouw. Toekomstige bewoners, ontwikkelaars, bouwers en de gemeente kwamen samen op een plek die straks moet uitgroeien tot een open, groene woonwijk. “Kan echt niet wachten!”
Voor de aanstaande bewoners is het een gek idee. Demi en Stefan kijken met gemengde gevoelens naar de bouwplaats. Het stel woont nu nog in Amsterdam, al komt Demi oorspronkelijk uit Alkmaar. “Stefan heeft de strijd verloren,” zegt Demi lachend als Streekstad Centraal met ze in gesprek gaat. “Het is hier wel even wennen, vooral hoe rustig het is”, geeft Stefan toe. Toch overheerst het enthousiasme. “We tekenden in juni en als alles goed gaat krijgen we in maart volgend jaar de sleutel. Het is een gek idee dat het nu echt dichtbij komt.” (tekst gaat door onder de foto)
Ergens aan de linkerkant van de open vlakte komt de nieuwe woning van Demi en Stefan. “Een erg gek, maar fijn idee.” (foto: Streekstad Centraal)
Wat hen opvalt, is hoe smal het perceel oogt. “Je denkt: past ons huis hier wel? Maar het is ook leuk om nu alvast de buren te zien. We gaan met z’n allen een compleet nieuwe buurt vormen – dat is bijzonder.” Het stel heeft een tweede op komst en om die reden was het tijd voor een nieuw huis. “Het is leuk om te zien dat er ook veel kinderen aanwezig zijn vandaag, daar kunnen onze kleintjes leuk mee gaan spelen. Wij kunnen in ieder geval haast niet wachten!”
Voor een ander gezin – ‘Onze naam hoeft er niet bij hoor!’ – voelt de start van de bouw extra bijzonder. Ook hier speelt een zwangerschap en wordt samen uitgekeken naar een nieuw hoofdstuk in PEN-dorp. “Dat we zijn ingeloot voelt nog steeds als geluk hebben,” vertellen ze. “Juist nu, met een kind op komst, is het fijn om te weten dat we straks een eigen plek hebben.” De gedachte dat hun kind opgroeit in een nieuwe wijk, waar buren elkaar nog moeten leren kennen en samen iets opbouwen, maakt het voor hen extra speciaal. “Het voelt alsof dit huis precies op het juiste moment komt.”
Anne en Maartje wonen ruim tien jaar in Alkmaar en huren nu. Dat ze zijn toegelaten tot het project voelt voor hen als een overwinning. “We zijn hier zó trots op,” zegt het stel, dat in hofje 2 op nummer 24 komt te wonen. “Dat dit nieuwbouw is heeft zo veel voordelen. Het overbieden is hier gelukkig niet aan de orde, want tegenwoordig is daar haast niet tegenop te komen, maar het idee dat de gaten die je straks in de muren ziet, van onszelf zijn is ook een heerlijk idee.” (tekst gaat door onder de foto)
Voor het eerst even kijken naar waar je nieuwe huis moet verrijzen. Altijd spannend! (foto: Streekstad Centraal)
Ze hebben zich al opgegeven voor tuintjes en zijn volop bezig met de inrichting. “Het voelde alsof we The Sims aan het spelen waren,” lacht Maartje. “We mochten alles zelf indelen. We zijn heel benieuwd hoe anderen dat hebben gedaan, en hopen stiekem niet dat we als we bij buren binnenkomen denken van ‘shit hadden wij dat maar zo gedaan”, lacht Arne. “We kijken er hoe dan ook ontzettend naar uit.”
Het terrein werd in 2018 aangekocht door HBB Groep en Brolan Vastgoed. “We werden verliefd – misschien een groot woord – maar het voelde meteen goed,” zegt Gren Molenkamp van HBB. “Juist door de bestaande structuur en de tuinen zagen we veel potentie. De uitdaging was om die plek opnieuw betekenis te geven.”
Dat bleek geen eenvoudige opgave. “Een ontwerp maken is één ding, maar het ook bouwbaar en betaalbaar krijgen is iets anders.” Het behouden van de erfenis van het terrein was een van de belangrijkste punten waar rekening mee gehouden moest worden. Nu de eerste voorbereidingen zijn gestart, begint het plan zichtbaar te worden. “Als je hier nu staat, is het nog lastig voor te stellen waar straks de hofjes en woningen komen, maar ze komen er echt.” (tekst gaat verder onder de foto)
De panden op het terrein van PEN-dorp in Alkmaar zijn klaar voor de sloop. In de rechterbovenhoek is al hard gewerkt voor de komst van de eerste twee hofjes. (foto: Streekstad Centraal)
De bouw wordt uitgevoerd door De Geus Bouw in samenwerking met HBB. Makkelijk was het traject volgens hem niet. “Maar we staan hier vandaag wel. Dit was een verborgen stukje Alkmaar: een besloten terrein waarvan veel mensen wisten dat het bestond, maar niet wisten hoe het eruitzag. Met hart en ziel en overtuiging hebben we hier samen naartoe gewerkt.”
Volgens de huidige planning staat het casco – het geraamte – van de woningen er over ongeveer een half jaar. Rond de bouwvak moet alles wind- en waterdicht zijn, waarna in het vierde kwartaal de afbouw begint. Als alles volgens plan verloopt, krijgen de bewoners in maart 2027 de sleutel. Aftellen geblazen dus!
Na de verwoestende explosie en brand in een appartementencomplex aan de Titanialaan in Heerhugowaard wil Dijk en Waard niet langer achter de feiten aanlopen. Daarom is er een regiegroep opgezet met de focus op de samenwerking tussen zorg- en veiligheidsinstanties. Burgemeester Maarten Poorter neemt hierin zelf de leiding.
De regiegroep moet zorgen voor meer regie, overzicht en bestuurlijk eigenaarschap op plekken waar zorg en veiligheid elkaar raken. Aan tafel zitten onder meer de gemeente, woningcorporatie Woonwaard, politie, GGD Hollands Noorden, GGZ Noord-Holland Noord en verschillende zorgorganisaties. De aanpak richt zich niet alleen op de Titanialaan, maar op de hele gemeente.
Volgens de burgemeester is het cruciaal dat signalen over onveiligheid in een veel eerder stadium worden herkend en gedeeld. “Wat hier is gebeurd, is zo ongelooflijk impactvol geweest voor de gemeente. Heftiger heb ik het van dichtbij nog niet meegemaakt,” aldus Poorter. Juist daarom vindt hij het belangrijk om hier zelf leiding aan te geven. De gemeente hoopt zo veel eerder te zien waar het mis dreigt te gaan en te kunnen ingrijpen voordat de situatie escaleert. (tekst gaat door onder de foto)
Na de verwoestende explosie en brand aan de Titanialaan in Heerhugowaard moest het pand helemaal hersteld worden. (foto: NH Nieuws)
De gemeenteraad wordt voortaan regelmatig geïnformeerd over ontwikkelingen en trends op het gebied van veiligheid. Ook komen er gebiedsanalyses, zodat risicoplekken eerder in beeld zijn. Poorter komt op deze manier twee moties van Carmen Bosscher van BvDW en Femke Lammerts van de VVD tegemoet.
Bosscher wilde onder meer dat de gemeenteraad veel beter op de hoogte wordt gehouden van de signalen die binnenkomen over onveilige situaties, terwijl Lammerts het college vroeg om de plaatsen waar overlast en onveiligheid in de gemeente is in kaart te brengen en op basis hiervan een integraal actieplan op te stellen.
Poorter maakte duidelijk dat niet alle informatie met de raad kan worden gedeeld. “We hebben te maken met privacy en gevoelige gegevens. Dat vraagt om zorgvuldigheid,” stelde hij. Wel zegde hij toe dat in maart een actieplan wordt gepresenteerd waarin de nieuwe werkwijze verder wordt uitgewerkt.
De sanering van asbestdeeltjes die na de grote brand in Noord-Scharwoude zijn neergekomen, is deze week van start gegaan. Met behulp van een hoogwerker zijn inmiddels twee percelen gereinigd. In totaal moeten zo’n tachtig locaties worden aangepakt. “Ik had de mazzel dat mijn verzekeraar het snel oppakte.”
In een gebied ter grootte van ongeveer vijf voetbalvelden is de impact goed zichtbaar. Langs een deel van de Dorpstraat bepalen waarschuwingsborden, linten en afzettingen momenteel het straatbeeld. Op verschillende plekken zijn gespecialiseerde teams bezig met het zorgvuldig verwijderen van asbestresten van daken, gevels en uit tuinen.
Een asbestsaneringsbedrijf uit Oostwoud werkt in fases door de straat. Woensdag werd gewerkt bij de woning van Gert-Jan Blom, nadat een dag eerder een huis verderop in de straat aan de beurt was. Ook de komende dagen staan meerdere adressen op de planning. Het gaat om bewoners die zelf hun verzekeraar hebben ingeschakeld om de sanering te regelen. (tekst gaat door onder de foto)
Waarschuwingsborden, linten en afzettingen kleuren de Dorpsstraat in Noord-Scharwoude. (foto: Streekstad Centraal)
De asbestvervuiling ontstond na de grote brand op 1 januari bij een autobedrijf aan de Mossel. Door de sneeuwval die volgde, kon het neergekomen materiaal niet direct worden opgeruimd. De gemeente Dijk en Waard liet bewoners weten dat zij zelf verantwoordelijk waren voor het laten saneren van hun perceel.
Dat zorgde voor onrust in de buurt. Via hun verzekering moesten bewoners een gecertificeerd bedrijf inschakelen en uiterlijk 19 januari met de werkzaamheden beginnen. Wie dat niet op tijd regelde, kon volgens de gemeente een rekening tegemoetzien. Niet iedereen begreep die aanpak. “De gemeente zet ons wel erg voor het blok zo”, reageerde bewoner Wouter Schouten eerder.
Dinsdag kwam er toch verandering in de aanpak. De verzekeraar van het getroffen garagebedrijf heeft aangegeven de sanering centraal te willen organiseren. Daarbij zou één saneringsbedrijf worden ingezet voor het hele gebied. Volgens de gemeente vallen daar ook particuliere percelen, zoals tuinen, onder. (tekst gaat door onder de foto)
Tot die tijd gaan individuele saneringen door. Bij de woning van Blom werd het dak gereinigd en werd de tuin grondig gestofzuigd. “Mijn tuin is winterklaar en de dakgoten zijn weer schoon”, zegt hij tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal.
Blom handelde direct na ontvangst van de brief van de gemeente. “Toen ik die brief van de gemeente kreeg, heb ik gelijk de verzekering gebeld. Ik heb gelijk actie ondernomen, ik wil het ook opgeruimd hebben. Je loopt toch niet helemaal fijn door je tuin, dus het is fijn dat het is gedaan. Ik had de mazzel dat mijn verzekeraar het snel oppakte.” Het is nog niet bekend wanneer de collectieve sanering precies van start gaat.
Het is koud, guur en de zenuwen gieren door haar lijf wanneer Streekstad Centraal verslaggever Isabel van Avezaath zich zondag opmaakt voor de 51ste editie van de Egmond Halve Marathon. De weersomstandigheden passen precies bij de beruchte reputatie van dit loopevenement.
“De wind snijdt langs mijn wangen en laat er geen twijfel over bestaan: dit wordt geen makkelijke dag. Maar juist dát is wat deze wedstrijd zo legendarisch maakt”, zo begint ze haar relaas:
Om in Egmond te komen moet ik gebruikmaken van een van de pendelbussen. Parkeren in de buurt van het Sportpaleis in Alkmaar blijkt nog een hele opgave. Auto’s kruipen langzaam vooruit en elk vrij plekje lijkt al vergeven voordat ik het kan zien. Terwijl ik mij – een tikkeltje gestrest – alvast richting de bussen begeef, vinden mijn ouders en mijn zusje – mijn trouwe support – uiteindelijk een plek voor mijn auto. Een geruststellende gedachte, want vanaf daar verloopt alles gelukkig soepel. De bussen vertrekken snel achter elkaar en voor ik het weet ben ik, lekker warm, onderweg naar Egmond.
De bus brengt mij naar een sporthal, waar ik me nog even in de warmte kan omkleden en klaarmaken. Daarna loop ik het laatste stuk richting de start. Net als bij de Alkmaar City Run by Night doe ik dit niet alleen: ik ben samen met een goede vriendin van mij, Floor. Dat maakt de spanning meteen een stuk draaglijker.
Eenmaal wedstrijdklaar begeef ik mij richting het startvak. Om het beetje warmte dat ik heb vast te houden, draag ik een poncho. Het ziet er misschien wat gek uit, zo zonder regen, maar om mij heen zie ik tientallen lopers die precies hetzelfde doen. Baat het niet, dan schaadt het niet. (tekst gaat door onder de foto)
Met een poncho voor de warmte, gezonde spanning maar vooral heel veel zin stond ik samen met Floor te wachten tot we konden beginnen aan de zwaarste Halve marathon van Nederland. (foto: Streekstad Centraal)
Bij het startvak aangekomen sta ik in een grote groep te wachten tot we langzaam mogen opschuiven. Het voelt een beetje alsof ik een boerderijdier ben dat staat te trappelen om de stal uit te mogen. Stukje bij beetje komt de start dichterbij. Het lichte sneeuwvalletje dat inmiddels inzet, maakt het ongeduld alleen maar groter. Niet alleen bij mij, maar ook bij de vele lopers om mij heen. “Het is zó immens koud, laat me nu maar eens beginnen hoor,” hoor ik iemand zeggen.
En dan is het zover. Ik stap over de startlijn en denk: waar ben ik aan begonnen? Langs de kant staan mijn ouders en mijn zusje luidkeels te schreeuwen. Hun enthousiasme geeft me direct een extra energieboost. Ik doe het gewoon, denk ik. Het eerste stuk over de normale weg verloopt soepel. Maar al snel komt het deel waar ik het meest tegenop zie: het strand.
Mijn voorbereiding is niet ideaal geweest. Een beetje blessureleed en de feestdagen helpen niet bepaald mee. Die ene keer trainen op het strand moet het dus doen. De ondergrond verschilt voortdurend. Stukjes hout, losse stukken zand en hier en daar ijs dwingen me om constant alert te zijn op waar ik mijn voeten neerzet. Alsof dat nog niet genoeg is, staat er vrijwel constante tegenwind. Om mij heen hoor ik mensen hijgen. Zeven kilometer strand is geen grap. (tekst gaat door onder de foto)
In de barre winterse omstandigheden trotseerden zondagmiddag zo’n 18.500 hardlopers de zwaarste 21,1 kilometer van Nederland. (foto: Streekstad Centraal)
Tegelijkertijd is het ook indrukwekkend. Het gevoel dat je met zóveel mensen tegelijk langs de kust rent, terwijl een enorme slang van lopers zich voor en achter je uitstrekt, is onbeschrijfelijk. Een beeld dat ik niet snel zal vergeten. Na het strand is het zwaarste deel achter de rug. Tenminste, dat denk ik. Vervolgens moet ik de duinen in.
De afgelopen jaren was de route aangepast vanwege hoge grondwaterstanden, maar dit jaar is de route weer bijna helemaal zoals voorheen. En pittig is het. Oneffen paden, constant omhoog en omlaag, een ware aanslag op mijn lichaam. Zeker in deze winterse omstandigheden. Ik heb me goed ingepakt en zie om mij heen veel lopers die hetzelfde hebben gedaan. Al zijn er ook mensen in korte broek. Krankzinnig, als je het mij vraagt.
Na de duinen breekt eindelijk het ‘makkelijkere’ gedeelte aan. De route stuurt me over het terrein van Camping Bakkum, waar volop publiek staat om mij en de vele andere lopers aan te moedigen. Ook het mini-stukje door Heiloo blijft niet onopgemerkt. Twintig hele meters loopt de route door Heiloo en de Heilooërs zijn daar zichtbaar trots op. Met plaatsnaambordjes is voor iedereen duidelijk: ook Heiloo hoort erbij. (tekst gaat door onder de foto)
Langs het kleine stukje van de route dat door Heiloo gaat staat een groep trotse Heilooërs de hardlopers enthousiast aan te moedigen. De straatnaambordjes laten zien waar je Heiloo in komt en waar alweer uitgaat. (foto: Streekstad Centraal)
Op de route staan meerdere kraampjes waar je water, banaan of warme energiedrank kunt pakken. Iedere keer als ik er eentje zie opdoemen, voelt dat als een kleine overwinning. Bij kilometer tien krijgen alle hardlopers een energiegelletje. Normaal ben ik daar geen fan van, maar deze glijdt verrassend goed naar binnen. Of het echt helpt weet ik niet, maar het idee dat er weer wat energie mijn lichaam in gaat, doet me goed.
Na kilometer vijftien voelt het extra bijzonder. Verder dan dit heb ik nog nooit gerend. Hoe je het ook wendt of keert: het wordt sowieso een persoonlijk record. Een fijn gevoel. De kilometers tikken gelukkig snel weg en voor ik het weet passeer ik het bordje van negentien kilometer en het laatste waterpunt. (tekst gaat door onder de foto)
Tijden de laatste meters naar de finish konden de hardlopers rekenen op een hele boel aanmoediging vanaf de zijkant. (foto: Streekstad Centraal)
Dan volgt volgens Floor, mijn hardloopmaatje, de laatste echte uitdaging: de Bloedweg. Zij loopt de Egmond Halve Marathon voor de tweede keer en weet daarom precies wat er komt. Het is een kort stuk, maar behoorlijk steil. Dat voel ik. Bovenaan worden we beloond met tromgeroffel, muziek, luid applaus en – nog beter – chocolademelk, mede mogelijk gemaakt door de trouwe support van Floor. Het is de perfecte boost voor de laatste kilometers.
Dan een kilometer verder zie ik in de verte de vuurtoren al staan. Dat betekent dat het er bijna op zit. Eindelijk. Een bord met de tekst ‘Nog 900 meter afzien’ bevestigt dat gevoel. Zodra ik voorbij de vuurtoren ben, begint het aftellen echt. Nog 200 meter. De weg wordt weer vlak en met mijn familie langs de kant en het publiek dat alles geeft, pers ik er nog een laatste sprint uit richting de finish. Het zit erop. De zwaarste halve marathon van Nederland. Een persoonlijk record. Iets om trots op te zijn. Maar één ding weet ik ook zeker: dit was één keer… en nooit weer.
Tillen, slepen, achter de fiets of aan de trekhaak van de auto. Je kan het zo gek niet bedenken of het wordt zaterdagmiddag ingezet als manier om de kerstboom bij een inleverpunten in Dijk en Waard te brengen. Tussen 10.00 uur en 15.00 uur konden kerstbomen ingeleverd worden voor een kleine vergoeding. In De Draai in Heerhugowaard was dat – wederom – een groot succes. “Kijk daar komt weer een lading aan!”
En inderdaad, in de verte komt een groene berg langzaamaan steeds dichterbij. En een knulletje met een gele muts komt vol trots zijn eerste boom afleveren. De mannen van de gemeente – Henk en Daan – staan hem vol enthousiasme op te wachten. “Nog een klein stukje, je kan het!” Het laatste stukje krijgt de jongeman wat hulp en als de kerstboom op de hoop ligt kan hij zijn hand ophouden: de vijftig cent is voor hem. (tekst gaat door onder de foto)
Henk en Daan staan de hele dag klaar voor alle mensen die hun kerstboom komen inleveren. De berg op de achtergrond was nog maar het begin. (foto: Streekstad Centraal)
“Voor de kinderen hier in de buurt is dit natuurlijk erg leuk om te doen”, vertelt Henk. Hij staat zaterdagmiddag de hele dag bij het inleverpunt in de Draai. “Ze verdienen wat geld, en zijn ook nog eens lekker actief bezig. Maar voor de gemeente is dit natuurlijk ook erg handig. De bomen worden niet overal en nergens neergelegd, wat het verwerken van de bomen veel makkelijker maakt.”
De ingeleverde bomen worden later die middag opgehaald met een grote vrachtwagen. “Die brengt ze naar de gemeentewerf en daar worden ze versnipperd”, legt Henk aan Streekstad Centraal uit. “We zitten nu op ruim 110 kerstbomen op deze inleverlocatie, dus dat zijn er een hele hoop. Dat kun je ook wel zien aan de enorme berg.”
Susanne is samen met haar zoon Jelle de hele ochtend al druk in de weer met kerstbomen achter hun fietsen. “Ik had op Facebook een oproep geplaatst met de vraag of mensen een kerstboom hebben die we op kunnen halen, binnen no time hadden we er zo veel dat ik er maar een stop op heb gezet. Echt niet normaal!” (tekst gaat door onder de foto)
Na de lange en zware fietstocht schiet Henk te hulp om de kerstboom los te krijgen van de fiets. (foto: Streekstad Centraal)
En zij is zeker niet de enige die omkomt in de kerstbomen. “Er is vandaag een jongeman die alle kerstbomen helemaal zelf met een stuk touw komt slepen. Een zware opgave maar zo verdient hij natuurlijk wel lekker wat geld.” En daar is de jongen trots op. “We hebben een hele grote groepsapp bij ons deel in de wijk, dus dat is mijn terratorium. Alle kerstbomen daar zijn van mij, en dat zijn er een hele hoop. Het enige wat ik nog moet doen is ze heen en weer slepen”, zegt hij blij.
Anderen pakken het op een andere manier aan. Door telkens bomen aan de trekhaak te hangen rijdt een moeder samen met haar dochter de hele wijk door om overal en nergens kerstbomen op te halen. “Kijk daar komt weer een lading aan!”, reageert Henk enthousiast. De deur van de auto zwaait open en een meisje in een blauw skipak stapt vrolijk uit. “Weer een euro erbij!” (tekst gaat door onder de foto)
Vol trots levert een meisje de volgende twee kerstbomen af bij het inleverpunt. (foto: Streekstad Centraal)
Terwijl de middag vordert, groeit niet alleen de hoop van kerstbomen, en ook het aantal verhalen eromheen. Vaders en moeders lopen samen met hun kinderen af en aan, soms ieder met een eigen boom onder de arm. Zo komt een vader met zijn zoon het park in lopen, allebei met een kerstboom die bijna groter lijkt dan zijzelf. Lachend leggen ze hun bomen bovenop de inmiddels indrukwekkende berg.
“Het is hard werken, maar dit soort dagen maken het juist leuk,” vertelt Henk. “Je staat hier niet alleen bomen te tillen, je maakt praatjes, hoort verhalen en ziet iedereen met een glimlach vertrekken. Van kinderen die hun eerste vijftig cent verdienen tot ouders die samen met hun kind fanatiek de hele wijk door gaan. Dat maakt dit werk bijzonder.”