Een harde klap, stilstaande voertuigen en zwaailichten die de nacht verlichten: op de N245 bij Alkmaar ging vrijdagavond het flink mis bij een ongeval waarbij meerdere voertuigen betrokken waren.
Op de locatie kwamen twee auto’s en een bedrijfsbus met elkaar in botsing. Hulpdiensten rukten massaal uit en waren snel ter plaatse om de betrokkenen te controleren en eerste hulp te verlenen.
Eén betrokkene is met spoed per ambulance naar het ziekenhuis vervoerd voor verdere behandeling. Twee anderen zijn ter plekke nagekeken door ambulancepersoneel, maar hoefden niet mee naar het ziekenhuis.
De bedrijfsbus kon na het incident zijn weg vervolgen. De twee beschadigde personenauto’s hadden minder geluk en zijn door een berger afgesleept.
Als gevolg van het ongeval werden twee rijstroken op de N245 in de richting van Schagen tijdelijk afgesloten. Dit leidde tot de nodige verkeershinder in de omgeving. (foto’s: PersfotoNH)
Rennende voeten over het zand, kinderen die joelend richting het schommelnest sprinten en overal tegelijk geklim, gelach en geroep. Nog voordat de laatste woorden van het officiële praatje zijn uitgesproken, staan ze al te popelen. Zodra het sein wordt gegeven, barst het los. “Jaaaa!”
Het nieuwe, groene schoolplein van Kindcentrum Bello in Alkmaar is donderdagmiddag voor het eerst écht in gebruik. En dat blijft niet onopgemerkt. Waar eerst vooral tegels lagen, ligt nu een plein vol groen, hout en speelelementen. Het verschil is groot.
“Alles lag hier vol met alleen maar stenen,” zegt wethouder Jan Hoekzema. “We hebben zo’n 30.000 kilo puin afgevoerd. Dan weet je wel hoe versteend het hier was.” Met een knipoog voegt hij daaraan toe dat de kleding van de kinderen door al het groen misschien ook wel ‘meer gewassen moet worden’.
Geen kale bende meer. Nu staan er bomen, is er meer schaduw en zijn er plekken om te ontdekken en te spelen. Het plein is niet alleen bedoeld voor de school, maar ook voor kinderen uit de buurt. “Zo wordt de Spoorbuurt steeds interessanter om te verblijven, te wonen en naar school te gaan,” aldus Hoekzema. (tekst gaat door onder de foto)
De kinderen weten niet hoe snel ze de nieuwe speeltoestellen in gebruik moeten nemen. (foto: Streekstad Centraal)
Tussen alle nieuwe speeltoestellen springt er één duidelijk uit: het schommelnest. “Dat was echt een eis van de kinderen,” vertelt Maaike Bleeker, medewerkster van de school. Zij maakte zich hard voor de vernieuwing van het plein. “En die hebben we doorgedrukt.”
Ze benadrukt dat het plein samen met de kinderen tot stand kwam. “We hebben samen gekeken naar wat zij wilden. Ons vorige schoolplein had geen schommel, terwijl je juist iets wilt waar meerdere kinderen tegelijk op kunnen, zeker als jenaplanschool.”
Het schommelnest wordt meteen goed in gebruik genomen. Een grote groep kinderen wil er allemaal tegelijk op. Bleeker lacht: “We moeten nog even regels bedenken zodat iedereen er veilig gebruik van kan maken, maar dat komt nog. Laat ze nu maar even lekker genieten.” (tekst gaat door onder de foto)
Het schommelnest is de parel van het schoolplein, en daarnaast ook één van de eisen die de kinderen hadden. De schommel wordt meteen goed gebruikt. (foto: Streekstad Centraal)
Ze kijkt zichtbaar tevreden naar plein. “We dachten eerst dat we dit in delen moesten doen, omdat het zoveel geld kost. Ik had verwacht dat het pas rond 2030 klaar zou zijn. Dat het nu al zo ver is, is echt fantastisch.”
Ook binnen de school is de trots groot. Directrice Dewi Soewarno kijkt rond terwijl de kinderen het plein ontdekken. “Als je om je heen kijkt, hoor en zie je dat ze echt blij zijn,” zegt ze. “Dit project speelt al veel langer en we zijn ontzettend blij dat het nu zover is. De samenwerking met de gemeente is ook heel fijn geweest.”
Volgens haar is het effect van het nieuwe schoolplein direct zichtbaar. “Kinderen moeten lekker buiten spelen, in plaats van achter een telefoon of tablet te zitten. Ik denk echt dat dit schoolplein daaraan bijdraagt.” (tekst gaat door onder de foto)
Maaike Bleeker en directrice Dewi Soewarno zijn ontzettend trots op het nieuwe schoolplein van Bello. (foto: Streekstad Centraal)
Terwijl kinderen van toestel naar toestel rennen en het plein in rap tempo veroveren, kijken ouders en buurtbewoners vanaf de rand toe. “Onze zoon heeft het hier al de hele week over,” zegt een ouder. “Hij wilde zo graag op het schommelnest.”
Even verderop wordt enthousiast gewezen naar een waterspeelplek. “Misschien komen ze nat in de klas, maar zolang ze lekker spelen is dat alleen maar goed.”
Buurtbewoners zien vooral hoe groot de behoefte is in de Spoorbuurt met zijn smalle straatjes. “Het is hier best dicht op elkaar,” vertelt een omwonende. “Dan is het echt mooi dat er zo’n plek bij komt. Je zag net bij het praatje al dat de kinderen niet konden wachten om te gaan spelen. Het is echt een aanwinst voor de buurt.” (tekst gaat door onder de foto)
Het nieuwe watertoestel op het schoolplein gaat zeer waarschijnlijk voor de nodige natte broeken zorgen, maar juist dat maakt het zo leuk. (foto: Streekstad Centraal)
Tegelijkertijd speelt er in de buurt ook een ander onderwerp: overlast van dak- en thuislozen. Wethouder Jan Hoekzema hoopt dat het nieuwe plein daar geen last van krijgt. “We hopen dat die overlast niet naar dit schoolplein trekt en dat kinderen er geen last van hebben,” zegt hij. “Dat is het allerbelangrijkste. Er hangen camera’s en de overlast is op dit moment al minder, dus we hopen dat dat zo blijft, of zelfs minder wordt.”
Volgens hem is het plein juist bedoeld als positieve impuls voor de wijk. “Wij doen niets zonder overleg met de school en de kinderen, we doen dit samen,” zegt Hoekzema. “Wij zorgen voor de uitvoering en luisteren naar de wensen. Als je zo om je heen kijkt, dan wil ik best zeggen dat dat heel goed gelukt is.” Of, zoals een buurtbewoner het samenvat: “Dit hadden we hier echt nodig.”
Huurders van appartementen aan het Dorus Rijkersplein en de Derde Oosterberg in Egmond aan Zee hebben via een Woo-verzoek inzage gekregen in overleg tussen Kennemer Wonen en de gemeente Bergen. Daaruit blijkt dat de gemeente vorig jaar positief stond tegenover plannen voor sloop en nieuwbouw.
In de vrijgegeven stukken staat er vanaf juni 2025 bestuurlijk overleg plaatsvond tussen de corporatie en de gemeente. In die periode werd gesproken over vervanging van de complexen door nieuwbouw. De gemeente gaf daarbij aan mee te willen denken en positief tegenover de plannen te staan.
Grote verrassingen leveren de stukken volgens betrokkenen niet op. Bewoners verzetten zich al langer tegen mogelijke sloop van de 33 appartementen. Zij vinden dat de gebouwen nog in prima staat zijn en vrezen dat zij na nieuwbouw niet kunnen terugkeren naar hun woning in Egmond aan Zee.
Kennemer Wonen reageerde eerder al dat sloop en nieuwbouw de voorkeur had boven renovatie. Inmiddels wordt die renovatie-optie toch opnieuw onderzocht, maar onder bewoners is het vertrouwen niet groot. (tekst gaat door onder de foto)
Bewoners van de appartmenten hebben al vaker van zich laten horen. (foto: NH Nieuws)
Een belangrijk punt voor de huurders is een rapport van bouwbedrijf BAM van ruim twee jaar geleden. Volgens hen blijkt daaruit dat de woningen met aanpassingen nog langer gebruikt kunnen worden. De bewoners zeggen dat zij dit rapport niet volledig hebben ingezien, maar slechts een presentatie. Zij proberen het document nu via een juridische procedure in handen te krijgen, zodat zij beter kunnen meepraten over de plannen.
De weerstand tegen sloop is de afgelopen maanden zichtbaar geworden. In januari gingen bewoners tijdens de nieuwjaarsreceptie al de straat op. Ook is een petitie gestart, die inmiddels door honderden mensen is ondertekend. De huurders willen dat sloop en nieuwbouw van tafel gaan en pleiten voor meer inspraak en meer tijd om op plannen te reageren.
De gemeente is betrokken bij het overleg, maar neemt geen besluit over sloop of renovatie. Die keuze ligt bij Kennemer Wonen. De corporatie werkt aan verdere plannen, die naar verwachting later dit jaar worden gepresenteerd.
Zit er eindelijk beweging in de spraakmakende kunstroof uit het Drents Museum? Volgens bronnen van het Dagblad van het Noorden is de gestolen gouden helm van Coțofenești teruggevonden. Donderdagmiddag geven het Openbaar Ministerie en het Drents Museum een persconferentie over de stand van het onderzoek. Mogelijk wordt daar meer duidelijk over de vondst en de stand van zaken.
De roof begin 2025 maakte veel indruk. Met explosieven drongen daders het museum binnen en namen in korte tijd meerdere archeologische topstukken mee, waaronder de gouden helm en armbanden van grote historische waarde. Sindsdien ontbrak ieder spoor van de buit.
Dat er nu mogelijk een doorbraak is, volgt op maanden van stilte. Onderzoekers hielden er al rekening mee dat het goud niet was omgesmolten. De berichten dat de helm zou zijn teruggevonden, wijzen erop dat de kunstschatten mogelijk nog intact zijn.
Kunstdetective Arthur Brand, die vaker betrokken is bij het opsporen van gestolen kunst, zegt dat dit soort zaken vaak eindigen met onderhandelingen tussen betrokken partijen. Volgens hem zouden de Roemeense kunstschatten zijn teruggekomen na een deal met verdachten. (tekst gaat door onder de foto)
Een van de gestolen gouden armbanden. (foto: Politie)
“Als je hem niet teruggeeft krijg je een boete van zes miljoen euro, dus ik verwacht dat de verstopplek na overleg met het Openbaar Ministerie bekend is gemaakt. Ik ga er niet van uit dat ze hem ergens in een bos hebben teruggevonden”, zegt Brand.
“Dit soort topstukken zijn eigenlijk onverkoopbaar. Uiteindelijk kom je dan vaak uit op onderhandelingen om ze terug te krijgen,” vertelt Brand tegen NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal. “Het belangrijkste is dat ze weer boven water komen.”
Een officiële bevestiging van justitie ontbreekt vooralsnog. Ook is niet duidelijk of alle gestolen objecten zijn teruggevonden en waar de helm is aangetroffen. In de zaak zitten meerdere verdachten uit Heerhugowaard en Obdam vast. Zij staan op 14, 16 en 17 april terecht in de rechtbank in Assen. Mogelijk komt tijdens die zittingen meer duidelijkheid over de rol van de verdachten en de verblijfplaats van de kunstschatten.
De kunstroof had niet alleen impact in Assen, maar trok ook internationaal aandacht. De gestolen stukken zijn afkomstig uit Roemenië en gelden daar als belangrijk erfgoed. Dat ziet Brand ook: “Dit wordt ontzettend groot nieuws daar. Deze spullen zijn van onschatbare waarde voor het land, dus je kan er op rekenen dat daar een feest uitbreekt.” Het onderzoek naar de kunstroof loopt nog. Donderdagmiddag wordt tijdens de persconferentie in het museum mogelijk meer duidelijk.
De vermissing van Trudy uit Heiloo houdt de regio nog altijd bezig. Ondanks uitgebreide zoekacties, tips en meerdere oproepen is er nog altijd geen duidelijkheid over waar zij zich bevindt. De 75-jarige vrouw wordt sinds zaterdag 21 februari vermist.
De zoektocht richt zich met name op het Heilooërbos en de directe omgeving daarvan. Omdat Trudy haar fiets thuis heeft laten staan, gaat de politie ervan uit dat zij te voet is vertrokken. Waar zij daarna naartoe is gegaan, is nog onbekend.
In en rond het bos is de afgelopen tijd intensief gezocht door de politie, het Veteranen Search Team en vrijwilligers met speurhonden. Deze inspanningen hebben tot nu toe geen concrete sporen opgeleverd.
“Onze zoekmogelijkheden op basis van de huidige tips en aanknopingspunten raken uitgeput,” laat Erwin Sintenie van politie Noord-Holland aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal weten. (tekst gaat door onder de foto)
In het Heilooërbos is de afgelopen tijd hard gezocht naar de vermiste Trudy. (foto: NH Nieuws)
Trudy is 75 jaar oud, ongeveer 1,75 meter lang en heeft een normaal postuur. Ze heeft halflang grijs krullend haar en blauwgrijze ogen. Op de dag van haar verdwijning droeg ze een witte lange jas met capuchon en bontkraag, een spijkerrok en lichtgekleurde laarzen.
Vorige week werd nog een recente foto van Trudy gedeeld, in de hoop nieuwe informatie boven tafel te krijgen. De zorgen bij familie, vrienden en de politie zijn groot. “We maken ons ernstige zorgen. We weten niet waar Trudy is”, zegt Sintenie. “Als u ook maar iets weet of vermoedt, meld het ons.”
De politie roept iedereen met informatie op om zich te melden via politie.nl/vermissing of via de bekende telefoonnummers.
Een mailtje uit Kenia bezorgt Pieter Bijl uit Alkmaar nog steeds kippenvel. Na de aanleg van een waterpomp bleek er ineens veel minder vraag naar medicijnen tegen buik- en maagklachten. “Dat je dat dan terughoort… dan weet je: dit maakt echt verschil.”
Met die gedachte organiseert hij nu opnieuw een actie: een combinatie van fietsen, eten en doneren. Met zijn ‘Diner by Bike’ hoopt hij geld op te halen voor een nieuw waterproject op een school in Kenia. De opzet is simpel, maar origineel: deelnemers stappen op de fiets voor een tocht van zo’n 25 kilometer – of trekken de wandelschoenen aan voor een route van ongeveer 7 kilometer – en krijgen onderweg een driegangendiner geserveerd. De route start in Heerhugowaard en loopt ook door Alkmaar.
Voor Pieter is het meer dan een leuke activiteit. Het is een manier om mensen te laten zien wat er met hun bijdrage gebeurt. Zijn band met Afrika gaat jaren terug. “Ik heb daar veel gezeten,” vertelt hij. “Als je er eenmaal bent geweest, zie je wat voor levendig en bruisend continent het is. Mensen zijn blij, willen vooruit en doen daar alles voor.” (tekst gaat door onder de foto)
Pieter merkt bij ieder bezoek aan Kenia dat de mensen daar er alles aan doen om het beste van het land te maken. (foto: aangeleverd)
Juist dat beeld wil hij benadrukken. “Het zijn positieve mensen, gedreven. Je ziet dat ze hun land beter willen maken. Ouders doen ook echt alles voor hun kinderen.” Via stichting Share, waar hij al zo’n twintig jaar vrijwilliger voor actief is, helpt hij bij onderwijsprojecten in Kenia. Daarbij werken ze al jaren samen met dezelfde school en directeur.
“We bouwen niet zomaar iets en gaan weer weg,” legt Pieter uit. “We blijven betrokken. Bij die school hebben we al meerdere projecten gedaan en helpen we stap voor stap verder.” Op die school is schoon drinkwater nog altijd een uitdaging. “We vangen wel regenwater op via de daken, maar dat is in bepaalde periodes gewoon niet genoeg,” zegt Pieter. (tekst gaat door onder de foto)
Uit deze rivier wordt nu water gehaald. Daar moet snel wat aan gedaan worden volgens Pieter. (foto: aangeleverd)
Als dat water opraakt, moet er water worden aangevoerd. “Dat gebeurt met een tankwagen en dat is ontzettend duur, omdat het van ver moet komen.” Daarnaast is er in de omgeving ook water uit een rivier beschikbaar, maar dat is niet geschikt om te drinken. “Dat is ongefilterd en echt groezelig. Je weet niet wat er allemaal in zit – er lopen dieren doorheen, noem maar op.” Ondertussen is water onmisbaar. “Per kind reken je ongeveer zes liter. Dat lijkt weinig, maar met leraren erbij loopt dat snel op. En je hebt het gewoon nodig.”
De impact van schoon water is volgens Pieter groot – en zichtbaar. “In de buurt van diezelfde school hebben we eerder een waterproject gedaan. Toen kregen we dus die mail dat er veel minder medicijnen nodig waren. Dat zegt alles,” vertelt hij. “En onderzoek laat ook zien dat mensen met schoon drinkwater gemiddeld 30 procent meer verdienen. Ze zijn gezonder, kunnen beter leren en werken.” (tekst gaat door onder de foto)
Pieter Bijl samen met de leidinggevenden van het ziekenhuis die merkten dat er veel minder vraag was naar darm- en maagklachten na de aanleg van de waterput. (foto: aangeleverd)
Volgens hem laat dat zien waar het echt om draait. “Als je ziek bent, kun je niet werken. Dan loop je inkomen mis. Dus ja, schoon water maakt echt verschil.” Wat hem extra motiveert, is dat het geld ook echt terechtkomt waar het nodig is. “Ruim 99 procent van de opbrengst gaat naar het goede doel,” zegt hij. “De kosten die we maken, zoals reizen en verblijf, betalen we zelf. Alleen bankkosten en internationale overboekingen gaan eraf. We halen jaarlijks zo’n 50.000 tot 60.000 euro op, met maximaal 300 euro aan kosten.”
De school is volgens Pieter een belangrijke plek in de gemeenschap. “Het is veel meer dan alleen een school. Kinderen slapen er ook en er worden allerlei activiteiten georganiseerd,” vertelt hij. “De school is de afgelopen jaren flink gegroeid. Eerst zaten er soms 60 kinderen in één klas, dat was gewoon te veel. Inmiddels zijn die klassen opgesplitst.” (tekst gaat door onder de foto)
Door de nieuwe tijdelijke schoolgebouwen zijn de klassen veel minder groot. (foto: aangeleverd)
Hij heeft nog altijd nauw contact met de school. “Ik heb korte lijntjes met de directeur, dus ik weet dat het geld goed terechtkomt. Ik word ook op de hoogte gehouden.” Zelf reist hij tegenwoordig minder vaak naar Kenia. “Ik probeer het vliegtuig niet al te vaak te nemen vanwege het milieu. Maar het contact blijft.”
Met ‘Diner by Bike’ hoopt Pieter niet alleen geld op te halen, maar ook mensen te betrekken bij het verhaal. “De vorige keer hadden we zo’n 30 aanmeldingen, dat was mooi,” zegt hij. “Het hoeft niet massaal, maar hoe meer hoe beter natuurlijk. En als mensen niet mee kunnen doen, is een donatie ook al heel waardevol.”
En groeit het initiatief toch onverwacht uit tot een enorm groot succes? Dan past hij zich daar graag op aan. “En als het nou ineens enorm druk wordt met aanmeldingen, vind ik het helemaal niet erg als ik meer moet koken,” zegt hij lachend. “Graag zelfs, ik doe het met plezier.”
Een grote teleurstelling voor een groep ritmische gymnastes uit Alkmaar. Door een fout van gymnastiekbond KNGU mag Nederland eind mei niet deelnemen aan het EK ritmische gymnastiek in het Bulgaarse Varna. Daarmee vervliegt ook de kans op deelname aan het WK later dit jaar. “Dromen in duigen.”
Het gaat onder meer om sporters van de Alkmaarse vereniging Ritmica/RG, die zich maandenlang hebben voorbereid op het internationale toernooi. Hun leven stond grotendeels in het teken van trainen: zo’n 25 uur per week, naast hun studie of school. Ritmische gymnastiek is een olympische sport waarin elementen van dans, ballet en turnen samenkomen. De sporters voeren oefeningen uit op muziek met materialen als linten, hoepels en ballen.
De sporters werkten via nationale selectiewedstrijden toe naar uitzending naar het EK. Met succes: op basis van hun prestaties verdienden zij een plek in de Nederlandse selectie. Opvallend is dat alle vijf beschikbare plekken voor Nederland dit jaar naar gymnastes uit Alkmaar gingen. “Dat is echt uniek en daar waren we ontzettend trots op,” zegt voorzitter Cees Heegstra van Ritmica/RG. Maar begin maart ging het mis. (tekst gaat door onder de foto)
Amina Abdumalik, Anne Werner, Adriana Bondarenko, Indy Veltman en Noa van der Laan hebben zich wel gekwalificeerd voor het EK maar mogen door een fout niet uitkomen voor Nederland. (foto: Ritmica RG Club Alkmaar)
Op 5 maart vond de loting plaats voor het EK, een dag later werd de deelnemerslijst gepubliceerd. Daar ging het voor de Alkmaarse club mis. “We zagen geen enkele Nederlandse deelneemster staan. Toen zijn we gaan bellen wat er aan de hand was,” vertelt Heegstra. Al snel bleek dat het mis was gegaan bij de bond. “We kregen te horen dat we niet waren opgegeven. Eerst werd door de KNGU nog gezegd dat dat wel zo was, maar uiteindelijk bleek dat gewoon niet te kloppen.”
Volgens Heegstra is er geen sprake van een technisch probleem. “Er werd gewezen naar een nieuw systeem, maar dat systeem bestaat al vijf jaar. Ze zijn het gewoon vergeten. En de regels zijn keihard: te laat is te laat. In ons geval waren we niet eens te laat, we waren helemaal niet ingeschreven.”
Voor de gymnastes uit Alkmaar komt dit nieuws hard aan. In een gezamenlijke reactie laten zij weten dat ze zich al meer dan een half jaar volledig naar dit moment hebben toegeleefd. “Alles waar we zo lang voor hebben gewerkt, valt ineens weg,” reageren ze. “We doen hier zoveel voor, omdat we Nederland willen vertegenwoordigen. Dat dit nu niet kan door een fout waar wij niets aan kunnen doen, is heel pijnlijk.”
De gevolgen zijn groot. “Het betekent ook dat het WK klaar is,” legt Heegstra uit. “Je moet je via het EK kwalificeren. Dus we zitten nu met helemaal niks.” Voor de sporters is het niet alleen een sportieve klap, maar ook een persoonlijke en financiële. “Die meiden betalen alles uit eigen zak. Dat is vaak al een enorme opgave,” zegt Heegstra. “Zelfs de pakjes voor internationale wedstrijden moeten ze zelf kopen via de bond.” Dat maakt de situatie extra wrang. “Er wordt al weinig voor deze discipline gedaan, en dan gebeurt dit ook nog. Dat is echt ernstig.” (tekst gaat door onder de foto)
Anne Werner en Noa van der Laan deden in mei 2025 al mee aan the World Cup in Tashkent. (foto: Instagram/ritmica_rg_club)
Volgens hem is het seizoen feitelijk voorbij. “Andere toernooien zijn voor deze meiden niet interessant. Ze willen op het hoogste niveau presteren, niet ergens achter in de polder in een hal.” Daarnaast vreest hij voor de motivatie van de sporters. “Dit soort dingen zorgen ervoor dat meiden gaan afwegen: waar doe ik het eigenlijk voor? Dat is echt zonde.”
De sportsters proberen inmiddels ook online om aandacht te vragen. Vanuit de vereniging is op Facebook en op Instagram een noodkreet gedeeld,in de hoop dat er toch nog een oplossing komt. Daarin wordt aandacht gevraagd voor de situatie van de Alkmaarse sporters, die buiten hun schuld om buitenspel staan. Vooralsnog lijkt die kans klein, omdat de regels van de internationale bond laten weinig ruimte voor uitzonderingen.
De KNGU heeft aangegeven in gesprek te willen gaan met de betrokken sporters en hun omgeving over het vervolg. Heegstra bevestigt dat er gesprekken aankomen. “De vervolgstap is dat we met de bond om tafel gaan om ervoor te zorgen dat dit nooit meer gebeurt. En ik hoop dat ze voor de meiden en de club met iets moois komen. We gaan het zien.” Voor de Alkmaarse gymnastes blijft voorlopig vooral de teleurstelling overheersen. Het seizoen waar ze maanden naartoe werkten, lijkt plotseling voorbij – zonder dat ze ooit de kans kregen om zich op het EK te laten zien.
De dorpsraad van Stompetoren hoeft niet bang te zijn dat ze buitenspel wordt gezet bij de plannen voor de nieuwe woonwijk Stompetoren-West. Volgens het Alkmaarse college blijft de dorpsraad gewoon betrokken – en zelfs structureel.
Aanleiding voor de duidelijkheid zijn vragen van Lijst Van Lier. De partij ontving signalen dat de dorpsraad minder werd meegenomen in het proces en wilde weten of dat klopt. Zeker bij een project dat zo veel invloed heeft op het dorp, moet de inspraak goed geregeld zijn, vindt de fractie.
Volgens het college is daar geen sprake van. Sinds begin dit jaar zitten de dorpsraad, gemeente en betrokken ontwerpers juist regelmatig met elkaar om tafel. Die gesprekken gaan onder meer over het stedenbouwkundig plan voor de nieuwe wijk.
De dorpraad schuift daarbij niet standaard aan, maar wordt volgens de gemeente wel structureel betrokken. Er zijn vaste overlegmomenten en die blijven ook de komende periode gewoon doorgaan. (tekst gaat door onder de foto)
De dorpsraad van Stompetoren wil goed betrokken blijven bij de plannen voor de nieuwe woonwijk Stompetoren-West. (foto: Bing Maps)
Dat het soms anders voelt dan voorheen, heeft volgens het college vooral te maken met het feit dat dit een nieuwe aanpak is. Alkmaar werkt hierbij samen met de provincie aan een zogenoemd maatwerkvoorstel – iets wat nog niet eerder op deze manier is gedaan.
Tijdens de gesprekken heeft de dorpsraad al duidelijk gemaakt wat voor Stompetoren belangrijk is. Zo moet de nieuwe wijk aansluiten bij de behoefte in de Schermer en is er veel aandacht voor verkeersveiligheid en het behoud van het dorpse karakter. Ook praktische wensen kwamen op tafel, zoals ruimte voor een ommetje en een slimme fasering van de bouw. De gemeente zegt deze punten mee te nemen in de verdere uitwerking.
Naast de dorpsraad krijgen ook andere inwoners nog de kans om mee te denken. Zodra er een eerste versie van de plannen ligt, organiseert de gemeente een bewonersavond. Tot die tijd blijft de dorpsraad elke zes weken betrokken bij de voortgang.
Er klinkt applaus. Even daarvoor heerste nog stilte. Iemand leest voor. Iemand zingt. En ergens in de zaal wordt herkenning gevonden in woorden die net zijn uitgesproken. In De Binding in Zuid-Scharwoude kreeg schrijven zaterdag een podium tijdens het eerste Schrijvenswaard Café. “Dit is gewoon ontzettend belangrijk.”
De middag is gevuld met een gevarieerd programma waarin leden van Schrijvenswaard de eigen teksten voordragen. Van persoonlijke verhalen tot speelse gedichten en muzikale optredens: het publiek wordt meegenomen in de verschillende werelden die schrijvers zelf creëren. Het café is niet alleen een podium, maar vooral ook een inkijkje in wat Schrijvenswaard is.
En dat blijkt veel meer dan alleen samen schrijven. “Het is een groep bestaande uit mensen die graag willen schrijven en het gewoon heel erg leuk vinden,” vertelt voorzitter Bea Pols. “Voor iedere bijeenkomst bedenken we een thema en daar schrijft iedereen een eigen tekst over. Het maakt het zo leuk om te zien dat iedereen een onderwerp anders kan interpreteren.” (tekst gaat door onder de foto)
De leden van Schrijvenswaard zijn razendenthousiast over schrijven en hopen dat er meer leden bij hun ‘vriendengroep’ komen. (foto: Streekstad Centraal)
Die diversiteit is precies wat de groep kenmerkt. “Je inspireert elkaar echt, dus het is niet dat je een hele avond naar dezelfde verhalen zit te luisteren,” legt Bea uit. “Neem bijvoorbeeld het woord ‘camerarol’. De een denkt aan foto’s en de verhalen daarachter, terwijl een ander juist denkt aan een ouderwets fotorolletje. Iedereen doet het op zijn of haar eigen manier.”
Dat herkennen de leden zelf ook. “Je hoort dingen waarvan je denkt: wow, zo had ik er helemaal niet naar gekeken,” vertelt een van hen. “Dat maakt het elke keer weer verrassend, en je leert hoe je het een volgende keer zelf kan aanvliegen.”
Er werd zaterdag aandachtig geluisterd naar de gedichten en verhalen die werden voorgedragen. (foto: Streekstad Centraal)
Schrijvenswaard bestaat al sinds 1999 en werd opgericht door Eugènie Herlaar en Siem de Haan. Hun idee: een plek creëren waar mensen samen kunnen schrijven en hun werk kunnen delen. Inmiddels zijn beide oprichters overleden, maar hun initiatief leeft voort binnen de groep. Bea is trots dat zij dat werk mag voortzetten.
“Dit was hun droom,” vertelt ze. “Een middag om samen bezig te zijn met schrijven en te laten zien wat je hebt gemaakt. Ik heb nog contact met nabestaanden en ik ben heel trots dat het werk wordt doorgezet.” Die droom krijgt met het Schrijvenswaard Café letterlijk een podium. En als het aan de organisatie ligt, blijft het niet bij deze ene keer. “Als het eenmaal een keer goed gelukt is, dan is een tweede of derde keer zo geregeld,” stelt Bea enthousiast. (tekst gaat door onder de foto)
Zaterdagmiddag zat de Binding in Zuid-Scharwoude goed vol met schrijfliefhebbers.
In de basis komt de groep tien maanden per jaar bij elkaar, van september tot en met juni. Iedere maand is er een bijeenkomst op een donderdagavond. “Per seizoen bedenken we wat voor bijeenkomsten het worden,” zegt Pols. “Soms nodigen we gasten uit, maar we maken ook gebruik van de kwaliteiten binnen de groep. Leden geven bijvoorbeeld uitleg over een manier van schrijven die ze goed beheersen.”
Voor veel leden zijn die avonden onmisbaar. “Als ik een donderdag niet kan, baal ik echt,” zegt Bea. “Het is zo leuk om met elkaar te praten over alles wat met schrijven te maken heeft. Je leert ook ontzettend veel. Op school krijg je wel iets mee over literatuur, maar de wereld van het schrijven is zoveel groter. En het is gewoon heel erg gezellig. Dat is misschien nog wel het belangrijkste.” (tekst gaat door onder de foto)
Naast leden van Schrijvenswaard waren er ook veel niet-leden aanwezig bij Schrijvenswaard Café. (foto: Streekstad Centraal)
Wat Schrijvenswaard misschien wel het meest bijzonder maakt, is de sfeer. Het is niet alleen een schrijfgroep, maar ook een hechte gemeenschap. “We letten echt op elkaar,” vertelt Bea aan Streekstad Centraal. “We helpen elkaar en leven met elkaar mee. Het is eigenlijk een soort vriendengroep.”
Dat gevoel herkennen de leden zelf ook. “Het mooiste vind ik dat je je teksten met elkaar kunt delen en echt iets aan elkaar hebt,” zegt een van hen. “De ene keer help je iemand, de andere keer helpt diegene jou. Het is zo gezellig en leuk – ik zou het iedereen aanraden.”
Met het café hoopt Schrijvenswaard ook nieuwe mensen te bereiken. En dat lijkt te lukken: er zijn al nieuwe aanmeldingen binnen. “We hebben nieuwe leden nodig om te blijven bestaan,” zegt Pols. “Sommige leden zijn al best op leeftijd, dus wat nieuwe wind in de groep is nooit verkeerd.” Daar zijn de leden het mee eens: “Iedereen geniet hier zo van. Dit is gewoon ontzettend belangrijk.”
De zoektocht naar een nieuw stadsbestuur in Alkmaar begint mogelijk onder leiding van een bestuurder van buiten de stad. GroenLinks-PvdA wil Ernest Briët voordragen als verkenner voor de coalitievorming.
De gemeenteraad beslist daar op 1 april over, tijdens het eerste zogeheten duidingsdebat. Dat debat is nieuw, en moet richting geven aan de vorming van een nieuwe coalitie. Er wordt niet alleen teruggekeken op de verkiezingsuitslag, maar ook vooruitgeblikt op hoe een nieuw college tot stand moet komen.
Als Briët wordt benoemd, wacht hem een sleutelrol. Hij gaat met alle partijen in gesprek om te peilen welke samenwerkingen mogelijk zijn. Daarbij brengt hij politieke verschillen en overeenkomsten in kaart. Zijn advies wordt op 16 april besproken in de gemeenteraad. (tekst loopt door onder de foto)
Tijdens de uitslagenavond werd het resultaat uitbundig gevierd door Groenlinks/PvdA. (foto: Streekstad Centraal)
Hiermee kiest GroenLinks-PvdA voor iemand zonder directe rol in de Alkmaarse politiek. Briët is momenteel wethouder in de gemeente Bergen, waar hij sinds 2022 deel uitmaakt van een bestuur waarin niet de partijpolitiek, maar het besturen centraal staat. In die gemeente werd destijds gekozen voor een zakenkabinet om bestuurlijke rust te brengen. Dat houdt in dat bestuurders niet namens een partij opereren, maar dat de verantwoordelijkheid gezamenlijk wordt gedragen.
Briët werd in Bergen binnengehaald om bestuurlijke rust te brengen na een roerige periode. Voor zijn tijd als wethouder was hij onder meer directeur van Landschap Noord-Holland, een organisatie die zich bezighoudt met natuurbeheer in de provincie.
Dat Alkmaar nu start met een duidingsdebat, is het gevolg van afspraken die partijen voorafgaand aan de verkiezingen hebben gemaakt. Het debat is bedoeld om gezamenlijk stil te staan bij de verkiezingsuitslag én om het proces richting een nieuw college zorgvuldiger te laten verlopen. Of Briët daarin daadwerkelijk de verkenner wordt, hangt af van de steun van de gemeenteraad.