Na een dag vol optochten, muziek en feestgedruis was het donderdagavond tijd voor een andere Alkmaarse traditie: de zuurkoolmaaltijd op de Paardenmarkt. Voor duizenden Alkmaarders hoort een bord zuurkool met worst net zo bij 8 oktober als de optochten en het Alkmaars Ontzet zelf. En met de dweilorkesten erbij bleef het nog lang gezellig.
Wie op 8 oktober in Alkmaar zuurkool eet, doet meer dan alleen een warme maaltijd nuttigen. Het is een traditie die voor veel inwoners onlosmakelijk verbonden is met het vieren van Alkmaars Ontzet. Samen aan tafel, bekenden tegenkomen en ondertussen genieten van de muziek. Op de Paardenmarkt draait het minstens zo veel om de gezelligheid als om het eten. (tekst gaat verder onder de foto)
Voor sommigen de eerste keer, anderen hebben al ontelbare keren aangeschoven: de zuurkoolmaaltijd voor de leden van de 8 October Vereeniging. (foto: Streekstad Centraal)
Na de kranslegging en lampionnenoptocht op woensdagavond, de kinderoptocht en de grote optocht op donderdag, vormde de zuurkoolmaaltijd een van de laatste onderdelen van het feestprogramma. De geschiedenis van de stad kwam tijdens de optochten uitgebreid voorbij, maar aan tafel ging het vooral om het samen vieren van de vrijheid die Alkmaar in 1573 op de Spanjaarden bevocht.
Voor de maaltijd waren maar liefst 3300 porties voorzien. Dat betekent ook 1650 worsten, die ieder in tweeën worden gedeeld. De zuurkool kwam van Kramer uit Langedijk en de worsten van de Alkmaarse slager Jeroen de Vries. Voor wie liever geen vlees eet, was er een vegetarische worst. (tekst gaat verder onder de foto)
Voor iedereen een halve worst bij de zuurkool, al dan niet de vegetarische variant. (foto: Streekstad Centraal)
De eerste eters konden vanaf 17:00 uur aanschuiven. Aanvankelijk was er rustige muziek, maar vanaf 18:00 uur namen de dweilorkesten De Klinkers en De Blaaskaken het muzikale gedeelte voor hun rekening. Daarmee kreeg de maaltijd ook het karakter van een feestelijke afsluiting van een dag waarop de binnenstad opnieuw het decor was van Alkmaarse tradities.
De organisatie had ook nagedacht over wat er met eventueel overgebleven eten moest gebeuren. Zuurkool en worsten die na afloop over waren, waren bestemd voor de daklozenopvang. Nog verpakte zuurkool zou naar de voedselbank gaan. Zo konden ook anderen profiteren van de grote hoeveelheid eten die voor de feestdag was klaargemaakt. (tekst gaat verder onder de foto)
De hoogwaardigheidsbekleders op 8 oktober zochten elkaar op tijdens de traditionele zuurkoolmaaltijd op de Paardenmarkt. (foto: Streekstad Centraal)
En daarmee kwam de viering van Alkmaar Ontzet weer tot een einde. Een feest waarbij de geschiedenis ieder jaar opnieuw wordt verteld, maar waarbij het minstens zo belangrijk is dat Alkmaarders elkaar ontmoeten. Of dat nu langs de route van de optocht is, met een lampion in de hand of met een bord zuurkool op schoot.
Streekstad Centraal maakte bijgaande videoreportage van de zuurkoolmaaltijd op de Paardenmarkt.
Smeerkaas. Truus Wijsmuller. Victorien en het gevoel Alkmaarder te zijn. Het kwam allemaal voorbij in de Grote Middagoptocht, en Alkmaar zag dat het goed was. Het had zelfs wel langer mogen duren, was de mening ‘langs de lijn’. De muziek, het toneelspel, de mooie afwerking van de wagens: de optocht bleek een schot in de roos.
De Grote Middagptocht is de derde en laatste stoet van de Ontzetviering in Alkmaar – na de lampionnen- en de Kinderoptocht. Het is traditioneel ook de best bezochte optocht. Dat was voorafgaand aan het evenement al te merken: Alkmaar stroomde vol, op de toegangswegen verdrongen zich fietsers om zo snel mogelijk in de oude binnenstad te zijn.
“Natuurlijk, dit mag je niet missen”, onderstreepten toeschouwers hun toewijding. Écht Alkmaars is het sfeertje, hoorden we. Uiteraard was ook Streekstad Centraal van de partij. (tekst gaat door onder de foto)
Vanzelfsprekend was er tijdens de Grote Optocht van Alkmaar Ontzet volop aandacht voor historie. (foto: Streekstad Centraal)
De chocolade van Ringers. Het bier Alkmaars Blondje. Maar ook Alkmaarse muziek, met en zonder knipoog. Het trok allemaal voorbij aan de toegestroomde toeschouwers langs de route. Veel algemene thema’s, zeker, maar ook de actualiteit werd niet vergeten.
Dat bleek wel uit het enthousiasme waarmee het verhaal van de hete zomer werd eh, ‘uitgesmeerd’. Dat er vanwege de hitte kaasmarkten niet doorgingen, dat had menig Alkmaarder van de zomer al tot grapjes over smeerkaas geïnspireerd. Maar zo’n grap maak je natuurlijk pas echt af met meerdere voorstellingen en praalwagens in stijl.
Uiteraard kwam ook de Alkmaarse historie aan bod, met het ‘vechten bij de Friesepoort’. Daar is het natuurlijk allemaal mee begonnen, lang geleden. En dat zal nog vele uren ná de optocht worden gevierd, en nog vele jaren ná 2026.
Brandweer, buien, bonte stoeten en later ook bier in de straten, met ver dragende blaasmuziek en het gebeier van de carrillons. Wie op donderdag 8 october (ja met een ‘c’) in de Alkmaarse binnenstad is kan er écht niet omheen: Alkmaar viert de victorie! En belangrijke traditie is de Kinderoptocht en dat het een beetje regende, nou ja jammer dan.
Op het Nassauplein, net buiten de historische binnenstad, verzamelden zich honderden kinderen voor hún optocht, samen met juffen, ouders en begeleiders. Veel groepen waren passend gekleed in rood en wit, volgens het thema ‘Alkmaars Glorie’ en thema’s behorende bij Alkmaar Ontzet zoals ‘vrijheid’ en historische kledij. Dat de optocht eraan zat te komen was goed te horen, want ook de jeugd van Trompetterkorps Alkmaar was van de partij.
Eenmaal netjes opgesteld was het aan burgemeester Anja Schouten en kinderburgemeester Isolde Visser, in bijzijn van bestuursleden van de 8 October Vereeniging, om de bonte stoet los te laten met voorop het trompetterkorps. (tekst gaat verder onder de foto)
Burgemeester Anja Schouten en kinderburgemeester tellen af voor de start van de Kinderoptocht van Alkmaar Ontzet. (foto: Streekstad Centraal)
Vanaf het Naussauplein begaf de stoet zich richting met een lus naar het centrum, onder andere via de Koorstraat, met als eindpunt het Canadaplein. Daar vond de prijsuitreiking plaats voor de mooiste uitdossingen, die altijd hoort bij de Alkmaar Ontzet Kinderoptocht.
De kinderjury, met daarin kinderburgemeester Isolde Visser, koos voor ‘De Alkmaarse Muur’, die de geschiedenis van het Ontzet mooi inzichtelijk maakte. “Heel creatief”, vond de jury. Volgens de klasgenootjes van de Driemaster was de muur ‘niet zwaar om te dragen’ – maar ze kregen er dus wel een échte prijs voor. (tekst gaat verder onder de foto)
De prijswinnende Victorientjes waren niet te missen in hun witte outfits. (foto: Streekstad Centraal)
De grotemensenjury had het moeilijk voor de categorie grote groepen, omdat er zo veel moois te zien was. ‘Hoofd, hart en voeten’ met Alkmaarse helden van Drebbel tot Trijn en van Truus tot AZ won uiteindelijk de eerste prijs, onder groot gejuich van de aanwezigen op het Canadaplein.
De prijs voor de mooiste mini-groep ging naar ‘Een compleet Alkmaars tafereel’, verzonnen door Vincent, Olivia, Emma en Casper. Bij de kleine groepen ging het tussen groen en wit, met de tweede prijs voor de Bertjes – geïnspireerd door Alkmaars bekendste straatartiest Bertje Doperwtje – en de eerste prijs voor ‘Heel Victorien Bakt’. (tekst gaat verder onder de foto)
De Bertjes wonnen niet in hun categorie, maar waren wél populair onder de Alkmaarders. (foto: Streekstad Centraal)
Bertje Doperwtje was vanzelfsprekend zelf van de partij. “Bert, je bent een inspiratiebron voor Alkmaar.” Bertje, dankbaar maar ook bescheiden, ontsnapte aan de vele felicitaties met de woorden: “Ik ga weer, ik heb het heel erg druk!” – om zich elders op zijn onmiskenbare wijze hoorbaar te maken.
De feeststemming zat er woensdagavond in Alkmaar al goed in. Terwijl in het Victoriepark op plechtige wijze werd stilgestaan bij het Beleg en Ontzet van Alkmaar, maakten honderden kinderen zich in de binnenstad op voor de traditionele lampionnenoptocht. Het zachte en droge herfstweer werkte mee. Pas later op de avond vielen de eerste regendruppels, maar toen was het feest op straat al volop begonnen.
De viering van Alkmaar Ontzet begon woensdagavond bij Victorientje in het Victoriepark. Daar brachten leerlingen van de Sint Adelbertusschool de geschiedenis van Alkmaar tot leven. In historische kostuums speelden ze scènes uit het Beleg en Ontzet van 1573, toen de Alkmaarders de Spaanse belegeraars wisten te verdrijven.
Zoals het hoort bij de aftrap van 8 October: de gezelligheid komt je tegemoet! (foto: Streekstad Centraal)
Willem van Oranje, de Spaanse koning Filips II, de watergeuzen en stadstimmerman Maerten Pieterzoon van der Mey kwamen allemaal voorbij. De leerlingen uit de groepen 8 maakten er onder leiding van leerkracht Rick Barnaart van Bergen een levendige geschiedenisles van. Het Trompetterkorps Alkmaar zorgde als vanouds voor de muzikale omlijsting.
Ook werden enkele winnende gedichten over Alkmaar Ontzet voorgedragen. Daarna volgde het plechtige moment waarop burgemeester Anja Schouten en voorzitter Nils van Heijst van de 8 October Vereeniging een krans legden bij het monument. Ook kinderburgemeester Isolde Visser was aanwezig. Met het uit volle borst zingen van het Alkmaarse Stedelied werd de herdenking afgesloten. (tekst gaat verder onder de foto)
Winnaars van de gedichtenwedstrijd mochten hun ingezonden gedicht voordragen. (foto: Streekstad Centraal)
De kranslegging is een traditie die teruggaat tot 1876, toen het beeld van de godin Victoria werd onthuld. Het toneelspel door basisschoolleerlingen is een jongere traditie, maar inmiddels niet meer weg te denken uit de viering.
Even verderop maakte de plechtige sfeer plaats voor vrolijke drukte. In de Langestraat verzamelden zich kinderen uit de groepen 4 en 5 van Alkmaarse basisscholen, gewapend met zelfgemaakte lampionnen. Rond 19:15 uur kwam de lange, kleurrijke stoet in beweging. (tekst gaat verder onder de foto)
Voorzitter Nils van Heijst van de 8 October Vereeniging (midden) met kinderburgemeester Isolde Visser en burgemeester Anja Schouten bij Victorientje. (foto: Streekstad Centraal)
Onder begeleiding van muziekkorpsen trokken de kinderen door de historische binnenstad. Langs de grachten en smalle straatjes vormden de lichtjes een mooi gezicht. Ouders, grootouders, binnenstadsbewoners en andere belangstellenden stonden langs de route om de jonge deelnemers aan te moedigen. Na een tocht van ongeveer twee kilometer eindigde de optocht weer in de Langestraat.
Ook na afloop bleef het gezellig in de binnenstad. Rond 21:00 uur begon het voorzichtig te spetteren, maar dat mocht de pret niet drukken. Op het Ritsevoort en op de Plattestenenbrug waren de overkappingen van de horeca niet voor niets opgezet. Onder de tentdoeken kropen de flinke mensenmassa’s nog wat dichter naar elkaar toe. (tekst gaat verder onder de foto)
De Lampionnentocht door de Alkmaarse binnenstad die wordt begeleid door vele muziekkorpsen trok woensdagavond veel bekijks. (foto: Streekstad Centraal)
Het was een avond waarop herdenken en feestvieren elkaar moeiteloos opvolgden. En terwijl de eerste regendruppels vielen, bleef één ding duidelijk: Alkmaar had er zin in. De toon voor een feestelijke 8 oktober is gezet.
De één woont bij Pieter Raat, de ander werkt er en weer een ander komt er normaal gesproken vooral op bezoek. Maar dit weekend staan ze naast elkaar op een heel andere plek: het podium van COOL in Heerhugowaard. Na maanden oefenen zijn honderd bewoners, medewerkers, en jongeren klaar voor de voorstelling ‘Pieter is terug’. Of iedere stap en iedere noot straks precies goed gaat? Dat lijkt tijdens de generale repetitie eigenlijk niemand het belangrijkste te vinden.
De lampen hangen, de muziek klinkt door het theater en op het podium wordt nog één keer geoefend. Waar de eerste voorstelling ‘Pieter leeft’ nog werd opgevoerd in een kleiner zaaltje, pakt De Pieter Raat Stichting het vervolg twee jaar later een stuk groter aan. ‘Pieter is terug’ wordt gespeeld op een echt theaterpodium, compleet met professioneel licht en geluid.
Dat verschil merkt Sabina maar al te goed. Ze zingt mee in het koor en heeft dit keer ook een solonummer. “Het is deze keer toch wel net even wat professioneler dan de vorige keer”, vertelt ze. “Bij de vorige voorstelling was het allemaal wat kleinschaliger.”
Helemaal onbekend is het theater voor Sabina niet. Vroeger stond ze er al eens met haar eigen toneelgroep op de planken. Maar nu voelt het anders. “Om dan nu hier te staan met deze groep, maakt het wel echt heel leuk en bijzonder.”
De eerste repetities in het theater maakten de terugkeer naar de vertrouwde repetitieruimte daarna zelfs even wennen. “Dat voelt dan toch wel als een soort downgrade”, zegt ze lachend. (tekst gaat door onder de foto)
Nog één keer oefenen voordat de zaal vol zit. Sabina zingt mee met het koor, maar staat tijdens haar solonummer straks alleen in de schijnwerpers. (foto: Streekstad Centraal)
Ook voor Annika is het anders, deze keer. Ze kwam kort na de vorige voorstelling bij Pieter Raat werken en zat toen nog tussen het publiek. Toen ze hoorde dat er een vervolg kwam, wilde ze graag meedoen. Helemaal vreemd is het podium voor haar niet: vroeger speelde ze al in theaterstukken.
Annika kruipt in de huid van Kiki, een zelflerende robot die samen met Pieter Raat een belangrijke plek heeft in het verhaal. “Toen ze mij belden met de vraag of ik Kiki de robot wilde spelen, hoefde ik daar niet lang over na te denken. Maar een robot spelen is niet iets wat ik vaker heb gedaan”, vertelt ze.
Sinds april wordt er gerepeteerd. Ook om samen ergens naartoe te werken. Juist dat laatste maakt de maanden voor Annika zo bijzonder. “Ik vind het zo ontzettend leuk om de mensen nu ook naast mijn werk te zien. Ze halen zo veel energie uit het repeteren en je bouwt op een heel andere manier een mooie band met elkaar op.”
Dat merkt ze ook buiten de repetities. “Soms zie ik iemand daarna en vraag ik hoe het gaat. Dan merk je gewoon hoeveel ze hiervan genieten. Daar doe je het natuurlijk voor.” (tekst gaat door onder de foto)
Teksten onthouden, op tijd klaarstaan en vooral veel plezier maken: tijdens de generale repetitie komt al het oefenen van de afgelopen maanden samen. (foto: Streekstad Centraal)
Dat plezier is tijdens de generale repetitie moeilijk te missen. Er wordt geconcentreerd geoefend, maar minstens zo vaak gelachen. Voor sommige bewoners zijn de repetities de afgelopen maanden een vast moment geworden om naar uit te kijken.
“Op het podium staan voor familie op deze leeftijd, dat had ik echt niet meer verwacht hoor”, vertelt een van hen. “Maar ik vind het toch leuk. Lekker met elkaar oefenen en echt ergens naartoe werken.” Een ander sluit zich daar volledig bij aan: “Ik noem de repetities echt het hoogtepunt van mijn week.”
Eén van de ouderen ziet het einde van de repetitieperiode wel met gemengde gevoelens tegemoet. “Ik geniet hier zo van. Als het straks klaar is, zal ik toch wel even moeten wennen hoor. Maar dan ben ik wel mooi wat herinneringen rijker.”
Dat is volgens Annika de kracht van het project. Haar oudste zoon speelt eveneens mee en ook andere jongeren hebben zich bij de groep aangesloten. Leeftijd speelt op het podium nauwelijks een rol. “Het laat zien dat je, hoe oud je ook bent, gewoon kunt doen wat je leuk vindt. We doen dit ook niet om iets helemaal foutloos neer te zetten. Het gaat om gezellig samen zijn en met z’n allen ergens naartoe werken. Het zorgt echt voor dat stukje verbinding met iedereen die meedoet.” (tekst gaat door onder de foto)
Vanaf de coulissen houdt Gabriele de repetitie nauwlettend in de gaten. En als er een decorwissel moet gebeuren, steekt ze zelf de handen uit de mouwen. (foto: Streekstad Centraal)
Dat zijn er inmiddels nogal wat. Volgens bestuurder en directeur Gabriele Kasten bestaat de groep achter ‘Pieter is terug’ uit ongeveer honderd mensen. Bewoners staan daarbij zij aan zij met medewerkers en andere betrokkenen.
“We zijn al vanaf april aan het repeteren en de puntjes op de i aan het zetten om een zo mooi mogelijke voorstelling neer te zetten”, vertelt Gabriele. “Je ziet aan de ouderen, maar ook aan de begeleiders en de andere deelnemers dat ze echt heel veel plezier hebben met elkaar. En daar doen we het voor.”
Een productie met honderd mensen betekent ondertussen ook maanden plannen, oefenen en regelen. “Het is natuurlijk wel een hoop geregel en gedoe”, erkent Gabriele. “Maar het is wel echt ontzettend leuk om te doen.”
Yvonne weet inmiddels hoeveel tijd daarin kan gaan zitten. Zij deed ook mee aan de eerste voorstelling en twijfelde niet toen een vervolg werd aangekondigd. Dit keer heeft ze een grotere rol: achter de piano begeleidt ze de hele voorstelling met muziek. “Ik vind het vooral mooi om iedereen zo te zien stralen op het podium”, vertelt ze. “Dat maakt het gewoon heel erg leuk om al die tijd erin te stoppen. De repetities zijn altijd lekker gezellig en er wordt veel gelachen.” (tekst gaat door onder de foto)
Nog zijn de stoelen grotendeels leeg. Tijdens de technische doorloop wordt alles klaargemaakt voor het moment waar de deelnemers maanden naartoe hebben gewerkt. (foto: Streekstad Centraal)
Maar vanzelf gaat het niet. Zeker nu de voorstelling dichterbij komt, moeten de laatste details kloppen. Sabina kan er inmiddels over meepraten. “Er gaat ontzettend veel tijd, werk en moeite in zitten. Tijdens zo’n repetitie denk je soms echt: pfff, ik ben er klaar mee.” Zodra ze het theater binnenloopt en op het podium staat, verdwijnt dat gevoel. “Dan ben je gewoon alleen maar heel erg aan het genieten. Het is ook zo leuk met al die ouderen.”
Voor één moment zijn er nog wel zenuwen. Straks staat Sabina tijdens haar solo ineens even zonder de rest van het koor naast zich. “Daar ben ik best wel een beetje gespannen voor hoor”, geeft ze toe. “Maar dat hoort erbij.”
Na maanden repeteren zit het werk er bijna op. Voor Annika zou het mooi zijn als het daar niet bij blijft. Ze hoopt dat ook andere zorgorganisaties zien wat samen theater maken kan opleveren. “De ouderen en iedereen die hieraan meewerkt kunnen hier nog maanden van nagenieten”, zegt ze. “En ook de naasten vinden het ontzettend leuk om ze zo bezig te zien.”
Voor sommige spelers begint dat nagenieten waarschijnlijk pas nadat de laatste lamp in het theater is uitgegaan. Eerst wacht nog het moment waar ze sinds april met z’n allen naartoe hebben gewerkt: het doek mag open.
Nog een lik verf op de Waagtoren, hier en daar de laatste details en dan moeten ze klaar zijn voor hun grote rit door Alkmaar. In een loods wordt hard gewerkt aan de dertien praalwagens die donderdag door de stad trekken tijdens de Grote Middagoptocht van Alkmaar Ontzet. Voor Toon Indri is dat inmiddels bijna vaste prik. Hij bouwt al 36 jaar mee en kreeg ondertussen ook zijn kinderen en kleinkinderen zover.
Tientallen vrijwilligers zijn betrokken bij het maken van de wagens. In de laatste dagen voor 8 oktober wordt nog volop geschilderd, gebouwd en gewerkt aan de details. Alles moet op tijd klaar zijn voor de optocht, die voor veel Alkmaarders een vast onderdeel is van de viering van Alkmaar Ontzet.
Toon weet inmiddels nauwelijks beter. Al 36 jaar helpt hij mee met de voorbereidingen. Dit keer is hij onder meer bezig met het schilderen van de Waagtoren op een van de praalwagens. In al die jaren bleef het bovendien niet bij hem alleen. Ook zijn kinderen en kleinkinderen raakten betrokken bij het bouwen. “Het is zelfs een familietraditie geworden.”
De vrijwilligers hebben dit jaar dertien praalwagens om onder handen te nemen. Die staan allemaal in het teken van Alkmaar en de geschiedenis van de stad. Daarbij gaat het niet alleen over het Ontzet zelf. Verschillende gebeurtenissen en bekende onderdelen uit de Alkmaarse geschiedenis krijgen een plek. (tekst gaat door onder de foto)
Nog even schilderen en bouwen: de praalwagens voor Alkmaar Ontzet zijn bijna klaar voor de optocht. (foto: NH Nieuws)
Zo wordt aandacht besteed aan Alkmaarse vrouwen die tijdens de Tweede Wereldoorlog in het verzet zaten. Ook voetbalclub AZ en de muziekgeschiedenis van de stad komen voorbij. “Het is een eerbetoon aan alles wat de stad groot heeft gemaakt”, vertelt optochtregisseur Majella van Ispelen aan NH Nieuws, mediapartner van Streekstad Centraal.
De wagens zijn donderdagmiddag 8 oktober voor het eerst in volle glorie te zien. De Grote Middagoptocht begint om 14.30 uur. Tot die tijd blijven Toon en de andere vrijwilligers bouwen, schilderen en bijwerken. Dat daar flink wat uren in gaan zitten, lijkt voor hem geen probleem. “We doen het met veel plezier.”
Alkmaar viert ieder jaar op 8 oktober het Alkmaars Ontzet. De stad herdenkt daarmee dat in 1573 het Spaanse beleg van Alkmaar eindigde tijdens de Tachtigjarige Oorlog.
Na vele omzwervingen door heel de regio komt de modelspoor- en modelbouwbeurs van de Westfriese Modelspoorclub deze maand naar Heerhugowaard. En daar verheugen ze zich zeker op in het clubgebouw in Noord-Scharwoude. Vrijdag schoof Streekstad Centraal aan rond ‘koppiestoid’ om van dichtbij te zien hoe de meterslange banen klaar werden gemaakt om te worden verhuisd.
Want dat is wat er aan zo’n beurs voorafgaat: het inpakken van hele werelden op schaal, in stevige dozen, zodat ze na een korte óf lange reis weer kunnen worden uitgepakt in Sporthal Waardergolf. Daar staat het weekend van 17 en 18 oktober in het teken van modelbouw, met behalve veel spoor ook vliegtuigen, auto’s, Zaanse molens en vele andere zaken op schaal.
“Er komen dertien banen naar de beurs”, vertelt voorzitter Kees. “Daar zijn ook banen uit Duitsland en België bij.” (tekst gaat door onder de foto)
Van opzij is de opbouw in modules goed te zien. (foto: Streekstad Centraal)
Hoe dat technisch mogelijk is laat Gerrit zien bij de N-baan die beneden in het clubgebouw staat. De letter N staat hier voor een schaal van één op 160, met spoortjes van negen millimeter breed. “De baan is gebouwd op standaardplaten van de bouwmarkt. Die zijn 60 bij 120 centimeter, iedereen gebruikt dezelfde maat. Dat is zo gegroeid.”
Deze platen vormen modules met daarop de bekende huisjes, boompjes, kermisattracties en spoorlijnen. Precies op de grenzen van de modules zijn de spoortjes doorgezaagd en zo kan de baan redelijk eenvoudig uit elkaar worden getrokken om te worden ingepakt. (tekst gaat door onder de foto)
Op de H0-baan boven gaat het even mis, maar dat is gauw verholpen. (foto: Streekstad Centraal)
Boven in het clubgebouw is Streekstad Centraal van een klein mankement precies op de grens van twee modules, waar de doorgezaagde sporen niet precies aansluiten en dus ontsporingen veroorzaken. “Natuurlijk net als er een reporter is”, lacht Arthur, die het probleem snel weet te verhelpen.
Het is handwerk, alles op de millimeter, en dat is er juist zo leuk aan. Arthur laat de sponsortrein zien, met daarop reclames van bedrijven uit de regio die de Westfriese Modelspoorclub een warm hart toe dragen. Ook handwerk, zíjn handwerk, en juist daarom effectieve reclame. (tekst gaat door onder de foto)
Arthur laat zien hoe hij de reclame zelfs licht kan laten geven. (foto: Streekstad Centraal)
Het clubgebouw in Noord-Scharwoude is nu al drie jaar het thuis van de Westfriese Modelspoorclub. Daarvoor zwierf de club, die in 1998 als Hoornse Modelspoorclub werd opgericht, door West-Friesland. “We hebben nog in een oude champignonkwekerij gezeten, in Blokker”, herinnert Gerrit zich. “Hiervoor zaten we in Obdam”, zegt Hans. Het Westfriese karakter spreekt ook uit de ‘Westwoudbaan’ die op de beurs weer te zien zal zijn.
Ook die beurs die de club traditioneel organiseert heeft al vele locaties gekend. De vorige editie, toen voor het eerst twee dagen, was in De Goorn. “Dat we dat twee dagen doen, heeft ook wel een beetje met de vergrijzing van de club te maken”, lacht Kees. “Dan heb je al wat makkelijker hulp bij de opbouw.” Gerard vult aan: “Maar je ziet ook dat mensen die je uitnodigt om met hun baan te komen, zeggen: voor één dag doe ik dat niet.” (tekst gaat door onder de foto)
Drones zijn niet nodig voor dit mooie vogelperspectief. (foto: Streekstad Centraal)
Zelf bezoeken de leden ook beurzen of stellen ze hun banen tentoon bij Huider in Heerhugowaard, waar regelmatig open dagen zijn. Ook bij de grote modelspoorbeurs in Willem Blaeu in Alkmaar is de club betrokken. Dat de eigen beurs nu een nieuw thuis vindt in Heerhugowaard is wel een mooie stap. “Het is echt groter”, zegt Gerard. “Meer vloeroppervlak.”
Streekstad Centraal vraagt zich in tijden van netcongestie af hoe dat dan met het stroomgebruik zit, maar dat blijkt bepaald geen punt van zorg. “Dat is echt heel gering”, legt Fred uit. “De N-baan die we hier hebben staan gebruikt 2,5 ampère, compleet met verlichting en alles.” (tekst gaat door onder de foto)
Fred (links) en Gerrit bij de N-baan, die ook zal worden ingepakt voor de beurs. (foto: Streekstad Centraal)
Kees wijst er in dit verband op dat er wel krachtstroom is in de Waardergolf, zodat de beurs met al z’n handelaren, demonstraties, spoorbanen en extra’s prima kan draaien. “We hebben een heel stroomplan voor hoe alles langs de tafels gaat, dat komt wel goed. Maar als er een stroomstoring zou zijn… Ja, dan kunnen we niks. Maar daar gaan we niet van uit natuurlijk.”
Juist dat in gezamenlijkheid genieten van modelspoor en modelbouw, dáár gaat het om in het weekend van 17 en 18 oktober. Voor jong en oud, benadrukken de clubleden. Volwassenen betalen 6 euro, kinderen onder de twaalf mogen gratis mee.
“Weet je, thuis heb ik niet eens een baan staan”, overweegt Arthur. “Ik doe alles hier. Dat is het mooiste. Het is ook nooit hetzelfde. Kijk, die schaapjes, voel je dat? Net echte wol. Je kunt schaapjes wel kopen, maar het is leuk om het zo veel mogelijk zelf te doen. Dat is het mooie van deze hobby.”
Een boek pakken en rustig gaan zitten lezen? Het is niet zo besteed aan de 85-jarige Lieneke Kops uit Heiloo. “Ik ben zelf geen lezer, ik ben meer een doener”, vertelt ze. “Ik zet mezelf er weleens toe om te gaan lezen, maar dan val ik in slaap.” Vrijdag bleek in Bibliotheek Heiloo dat er nog een andere manier is om van een verhaal te genieten: gewoon luisteren.
Lieneke was een van de ongeveer twintig deelnemers aan de Nationale Voorleeslunch. Bibliotheekmedewerker Margot las in het Leescafé ‘Toen Rosa een brood ging kopen’ voor, het verhaal dat schrijver en dichter Joke van Leeuwen speciaal voor de veertiende editie van de Voorleeslunch schreef. Op meer dan tweehonderd plekken in Nederland werd het deze vrijdag voorgelezen. (tekst gaat verder onder de foto)
Lieneke Kops pakt een plakje kaas tijdens het luisteren naar het verhaal van Joke van Leeuwen. (foto: Streekstad Centraal)
Voor Lieneke werkte dat uitstekend. “Wat een prettige stem heeft die mevrouw. Enorm prettig. Heel fijn om naar te luisteren”, zegt ze na afloop. Ook het verhaal viel in de smaak. “Geweldige keuze.”
Een e-reader is voor haar geen alternatief. Haar kinderen hebben het weleens voorgesteld, maar digitale apparaten zijn niet haar wereld. “Ik ben net 85 geworden. Dan ben je daar ook niet mee opgevoed en opgegroeid. En dan maak je een paar foutjes en dan durf je niet meer”, bekent ze. Voorgelezen worden maakt een verhaal wèl toegankelijk voor haar. (tekst gaat verder onder de foto)
Lieneke Kops duwde de rolstoel van haar zus naar de Voorleeslunch in de bibliotheek Heiloo. (foto: Streekstad Centraal)
Maar het verhaal was niet de enige reden waarom ze vrijdag naar de bibliotheek kwam. Lieneke kwam samen met haar oudere zus Rie, die in het nabijgelegen Overkerck woont. Door haar doofheid kon Rie het verhaal niet goed volgen, maar samen lunchen en er even uit zijn was minstens zo belangrijk. Lieneke is niet alleen haar zus, maar ook mantelzorger en vrijwilliger bij Overkerck.
Haar oudste zus heeft geen kinderen en verloor haar man. Lieneke probeert daarom veel voor Rie te betekenen. Vroeger was het juist andersom. “Zij heeft voor mij gezorgd toen ik klein was”, vertelt ze. Nu zijn de rollen omgedraaid. (tekst gaat verder onder de foto)
Bibliotheekmedewerkers Birgit, Margot en Eva poseren even voor de start van de Nationale Voorleeslunch in Heiloo. (foto: Streekstad Centraal)
Zelf woont Leineke Kops nog zelfstandig in Heiloo en stilzitten doet ze bepaald niet. Ze fietst, rijdt auto en zet zich in als vrijwilliger. “Bezig blijven”, is haar devies. Het vrijwilligerswerk doet ze graag. “Ik hou van mensen.” En het werkt volgens haar twee kanten op: “Ik krijg ook liefde terug van die mensen. Je geeft, je krijgt. Dat is zo’n fijn gevoel.”
Precies dat sociale aspect is ook waar organisator Eva Smit van Bibliotheek Heiloo op hoopt. De voorleeslunch valt samen met Nationale Ouderendag. Bewoners van onder meer Overkerck en De Loet waren uitgenodigd, maar de lunch stond ook open voor andere belangstellenden. De bibliotheek houdt de groep bewust op ongeveer twintig deelnemers. (tekst gaat verder onder de foto)
Het draait tijdens de Nationale Voorleeslunch niet alleen om het voorlezen, maar ook om de gezelligheid. (foto: Streekstad Centraal)
“Als je zo’n groep bij elkaar ziet, is het ten eerste hartstikke gezellig”, zegt Smit. “En ten tweede heeft iedereen kunnen genieten van een mooi verhaal, wat lekkers te eten en te drinken en even bijkletsen. Over het verhaal of niet.”
Dat laatste is belangrijk. De Nationale Voorleeslunch is bedoeld om te laten zien dat voorlezen niet alleen iets voor kinderen is. Voor ouderen die slecht zien of om een andere reden moeilijk zelf kunnen lezen, kan luisteren een manier zijn om toch van verhalen te blijven genieten. Tegelijk draait de landelijke dag nadrukkelijk om ontmoeting, samen luisteren en herinneringen ophalen.
In Heiloo kon iedereen gratis aanschuiven. Volgens Smit is dat mogelijk doordat de lunch wordt gesponsord. Lokale ondernemers, waaronder Bakkerij Kerssens en Albert Heijn, droegen eraan bij. “Daardoor kunnen mensen gewoon aanschuiven. Het is gratis”, zegt Smit. “Dus we hopen het heel laagdrempelig te doen.” (tekst gaat verder onder de foto)
De Voorleeslunch kon voor het derde achtereenvolgende jaar kosteloos worden aangeboden dankzij de lokale sponsors. (foto: Streekstad Centraal)
En daarmee raakt de middag volgens haar ook aan een bredere rol van de bibliotheek. Het gebouw aan de Westerweg hoeft wat Smit betreft niet alleen een plek te zijn waar mensen boeken komen halen. “Voor mij is het belangrijk dat mensen zich welkom voelen in de bibliotheek. En dat ze hier niet alleen voor de boeken komen, maar hier ook gewoon even mogen zijn. Ook voor de gezelligheid.”
Aan de tafels met lunchende ouderen lijkt dat vrijdag aardig te lukken. En Lieneke? Die hoeft na deze middag nog altijd geen e-reader. Een stoel, een goed verhaal en iemand die prettig voorleest werken wat haar betreft prima.
De Alkmaarse binnenstad was woensdag een gezellige drukte – en het waren zeker niet alleen Alkmaarders die op de traditionele Landbouwdag en Lappendag afkwamen. Het is al langer de boodschap van de organisatie: het ‘land’ de stad in brengen, daar gaat het om. Een rondgang over de markt bevestigde dat dat lukte.
“Nôh, jôôj!” Onvervalst ‘Derpers’, maar dan gewoon midden in Alkmaar. Dat horen we toch niet elke dag, maar wél op Lappendag. Want dat is gewoon voor iedereen een feest van herkenning. Onder de vrolijke klanken van het carillon ontmoetten Alkmaarders en bezoekers elkaar. “Is het Lappendag? O, ja. Het is Lappendag.”
Dat feest begon woensdagmorgen met de intocht van de paarden van landbouwschool Vonk. Hoefjes op het staal van de Friesebrug. Het was maar één van de klanken van dit grote spel. De omtovering van de Alkmaarse binnenstad tot een grote vrolijke markt. Waarbij Alkmaarse winkels en horeca zich ook eens lekker in de kijker konden spelen. (tekst gaat door onder de foto)
Zo werd het Waagplein schoongeveegd nadat de paarden weg waren. (foto: Streekstad Centraal)
Na tweeën veranderde dat spel en maakten de paarden plaats. Het Waagplein werd vakkundig schoongemaakt, snel legden de terrassen hun meters: er zou gedronken worden, gevierd. Ook daar gaat het om bij Lappendag.
Dat was ook op het Hofplein te horen. De kramen die daar nog bleven staan tot een uur of vijf kregen al gauw een muur van geluid achter zich. Van Hazes tot Borsato: ook hier vierde Alkmaar de laatste woensdag van september, als voorproefje op wat er volgende week te gebeuren staat. “Nee, ik mag het echt alleen in de fles verkopen”, verzekerde de verkoper van het Alkmaarse bier Zeglis de dorstige passanten.
De markt had ondertussen op alle manieren de wind mee. Lappendag is natte dag, heet het wel eens, maar daar was deze middag geen sprake van. Het was opmerkelijk warm voor de tijd van het jaar en dat zorgde voor welkome drukte op de markt die bijna heel de binnenstad bedekte. Met véél honing, véél stroopwafels – dat viel wel op tussen de ‘lappen’. (tekst gaat door onder de foto)
De Koorstraat liep mooi vol tussen de Alkmaarse vlaggen door. (foto: Streekstad Centraal)
Leerlingen van Vonk presenteerden bitterballen gevuld met vlees van ganzen, plaatselijk geschoten, en een fris-pittige tapenade van groenten die hier werden verbouwd. De laatste koeien liepen nog nét van de markt af. Natuurlijk: Landbouwdag. Daar begon het toch allemaal mee.
“Dit is het laatste broodje paling mevrouw.” Even verderop zijn het ándere hapjes die de markt maken. “Hee, Laan! Zo heet het bij ons ook!” Bezoekers uit Den Helder durven dat ijs wel aan, zo blijkt. En tussen het feestgedruis door ziet de Hartstichting kans om te collecteren. (tekst gaat door onder de foto)
De agrarische sfeer was natuurlijk niet te missen woensdag. (foto: Streekstad Centraal)
De terrassen hebben zich dan allang gevuld, al blijft het beloofde zonnetje rond borreltijd wel achterwege. Het gaat er nauwelijks over, het deert geen mens. Op Lappendag draait het om de ontmoeting, om de gezelligheid.
En de verzuchting: “Ach, weet je, volgende week is het eh, weer helemaal normaal toch?” De échte Alkmaarder weet dat dat een grap is. Volgende week, nou, dán gaat het pas los.
De Alkmaarse ochtendspits is een wonderlijke machine van langsschietende fietsers en auto’s op korte afstand van elkaar – maar niet op de laatste woensdag van september. Dan komt heel even alles tot stilstand om voorrang te geven aan grote én kleine paarden die de weg naar het Waagplein afleggen.
Vanaf de schoolgebouwen van Vonk gaat het dan over de Frieseweg in een lange stoet, stapvoets, en dan met klinkende paardenhoeven de Friesebrug op. Over de Kanaalkade bereiken de paarden en hun jonge begeleiders dan de oude binnenstad.
Voor de fietsers en automobilisten die onderweg zijn naar hun werk is het een korte onderbreking van de dagelijkse routine. Heel even een ergernis, maar toch ook wel een mooie aanblik, en de pauze is welkom.
Woensdag 30 september staat de Alkmaarse binnenstad in het teken van de landbouw, maar daarnaast draait het ook om mode, mooie stoffen, bijzondere vintage-vondsten: Landbouwdag is immers óók Lappendag, en dat betekent dat het nog lang nadat de dieren de stad weer verlaten hebben gezellig is in Alkmaar.