Het begon met één eenzijdig ongeval – maar het werden er drie. Op de N242 tussen Heerhugowaard en Alkmaar was er in de nacht van donderdag op vrijdag veel werk voor de hulpdiensten.
De eerste melding kwam binnen om 22:50 uur. Op de rijbaan van Heerhugowaard naar Alkmaar, ter hoogte van Oudorp, was een bestuurder de controle over de auto verloren. De auto raakte van de weg en belandde op zijn kop in het water. De bestuurder kon gelukkig nog zelf uit de auto komen.
De hulpdiensten kwamen naar de plek van het ongeval. De politie zorgde daar voor een afzetting. Maar rond 23:20 uur reed een auto op die afzetting in, waarbij zowel de inrijdende auto als een politievoertuig forse schade opliepen. Bovendien was de bestuurder van de personenauto gewond geraakt. Hij is door de ambulance meegenomen naar het ziekenhuis.
De weg bleef hierna langer afgezet. Later in de nacht reed opnieuw een personenauto door de afzetting heen, waarna de bestuurder staande werd gehouden door de aanwezige politie. De boete kan oplopen tot 750 euro.
Tot 2:00 uur ‘s nachts bleef dit deel van de weg afgezet. Verder noordelijk op de N242 leidde een andere afzetting niet tot ongelukken. Daar was een waterleiding gesprongen. Die afzetting duurde nog tot de ochtend van vrijdag.
“Toch heb ik het gevoel dat ik u al eerder heb gezien.” De kersverse ‘boswachter publiek’ Denise van Dillen voelt voor de wandelaars in de Waarderhout duidelijk al best vertrouwd. Maar het is voor haar écht nog best nieuw allemaal, ze begon in april. Om haar werkgebied én de mensen die er zo graag recreëren beter te leren kennen vraagt ze daarom of mensen haar hun favoriete natuur in de regio willen laten zien.
Het typeert de nieuwe boswachter, merkt Streekstad Centraal als we met Denise op pad gaan in de Heerhugowaardse natuur. “Het gaat me echt om de sociale kant van de boswachterij. Ik ga met mensen in gesprek en leg uit wat wij hier doen.”
Daarbij komt ze natuurlijk niet om de gestipte populieren heen. Heel wat van deze reuzen moeten verdwijnen uit de Waarderhout, omdat ze aan het einde van hun levensduur zijn. Met een ‘dunning’ hoopt Staatsbosbeheer ook andere soorten meer kansen te geven. De kap staat pas voor volgende zomer op het programma, tóch krijgt ze er nu al veel mail over. (tekst gaat door onder de foto)
Denise van Dillen is sinds dit voorjaar actief als boswachter publiek. (foto: Streekstad Centraal)
“Je komt toch aan iets dat leeft, dat raakt mensen”, begrijpt ze. Tegelijk is die kap echt wel ergens goed voor. Staatsbosbeheer wil gebieden als de Waarderhout gezond en divers houden, legt ze uit. “Als je niets doet, overleven de sterkste soorten. Daaronder groeit niets anders.”
Ook zo’n stammenbos kan een bepaalde bekoring hebben, zeker. Maar alle kleinere soorten die nu nog in de Waarderhout leven, de insecten, de specifieke schimmels – die leggen het dan af.
“Staatsbosbeheer is ooit, lang geleden, opgericht voor het hout, en om zand tegen te houden in de duinen… Maar nu richten we ons echt op die biodiversiteit. Daar hebben we de kennis en ervaring voor.” (tekst gaat door onder de foto)
In de schaduw van een grote populier. (foto: Streekstad Centraal)
Natuurbeheer – én recreatie. De gebieden van Staatsbosbeheer zijn in trek bij wandelaars, fietsers en sporters. De Schoorlse duinen zijn een echte toeristentrekker zelfs. Ook in de Waarderhout zien we veel mensen die hun hond uitlaten en het Speelbos, met de kabelbaan en andere toestellen, is in trek bij gezinnen.
“Recreatie en natuurbeheer zijn wel twee verschillende dingen. Maaien bijvoorbeeld, dat doen we hier ook. Maar voor de natuur wil je dat zo laat mogelijk in het seizoen doen. Voor de wandelaars en de mensen met honden zeg ik dan, als boswachter publiek: doe het tóch maar even eerder. Daar zoek ik echt de gulden middenweg.” (tekst gaat door onder de foto)
Het is voor de boswachter belangrijk dat paden begaanbaar blijven, zoals hier in de Waarderhout. (foto: Streekstad Centraal)
Gemaaid wordt er langs de paden, zodat die begaanbaar blijven. Bezoekers moeten bij de bankjes kunnen komen, en bij de prullenbakken. Die moeten natuurlijk ook door medewerkers van Staatsbosbeheer worden geleegd – het is de praktische kant van het werk. “Dat zijn zware, diepe bakken”, legt Denise uit. “Ze moeten worden leeggezogen.”
Tijdrovend en arbeidsintensief werk is dat. Geen wonder dus dat Staatsbosbeheer de containers op veel plekken heeft weggehaald. De organisatie heeft beperkt budget voor ‘recreatie’ en probeert zich daarom echt te focussen op natuurbeheer, de kerntaak.
“Maar we kijken ook naar samenwerking met de gemeente”, legt Denise uit. “Die weten ook hoe ze een vuilnisbak moeten legen. Het Speelbos hier, in de Waarderhout, is een mooi voorbeeld van zo’n samenwerking. Wij beheren de natuur, de gemeente zorgt voor de speeltoestellen.” (tekst gaat door onder de foto)
Werk voor volgend jaar: het professioneel verwijderen van oude, te grote populieren. (foto: Streekstad Centraal)
Zelf is ze nog maar kort boswachter, hiervoor werkte ze in de zorg. De natuur was een oude liefde. “Ik was als kind al graag buiten. Lekker in de modder. Je moet mij geen sieraden omdoen”, lacht ze. “Maar ik ben de zorg in gerold, zoals dat gaat. Dat heb ik heel lang met veel plezier gedaan. Ik was uiteindelijk leidinggevende.”
Ze zat goed, maar tóch kriebelde het. De rest van haar werkend leven in de zorg blijven – ze heeft het wel overwogen, maar moest erkennen dat ze iets anders wilde. Het bos, de wilde natuur. “Ik woon in Wormerveer en bezocht bij ons een evenement, een excursie met de boswachter. Ze vertelde prachtig. Toen stootte mijn vriend me echt aan: moet je niet eens met haar gaan praten.”
En zo geschiedde. Ze ging in de leer, nam vrijwilligerswerk op. En toen kwam deze baan op haar pad: boswachter publiek, als opvolger van Samuelle van Deutekom. En dat in een gebied dat al langer tot haar verbeelding sprak. “Ja, de Schoorlse duinen, die zijn écht bijzonder, die kende ik natuurlijk wel. Maar ik wil heel Noord-Holland Noord beter leren kennen. Daarom doe ik een oproep.” (tekst gaat door onder de foto)
Boswachter Denise wil graag weten welke plekjes favoriet zijn onder Noord-Hollanders. (foto: Streekstad Centraal)
In Wormerveer kent Denise haar plekjes best. De weidevogels in het Guisveld, een prachtig gebied. Maar zulke gebieden zijn er in haar nieuwe werkterrein toch ook. “Waar ik ontzettend benieuwd naar ben is naar de lievelingsplekjes van de mensen híér. En naar de verhalen die daar bij horen.”
Ze nodigt de lezers van Streekstad Centraal dan ook uit die verhalen met haar te delen. Welk stukje natuur mag de nieuwe boswachter écht niet missen? De kenners kunnen haar mailen via boswachtersschoorlseduinen@staatsbosbeheer.nl.
“We willen mensen echt betrekken bij wat we doen”, benadrukt ze. “Daarom bestaat deze functie ook: boswachter publiek. We beheren de natuur, daar weten we ook veel van, dat is vaak het eerste waar mensen aan denken bij een boswachter. Maar het gaat bij ons werk ook om begrip en draagvlak. Daarvoor ben ik hier.”
De parkeerplaats, de fietsenstalling én het voetbalveld van voetbalclub Duinrand S in Schoorl: ze mogen alle drie wel een beetje liefde krijgen. Sterker: “De algemeen geldende gebruikstermijn is al lang overschreden.” De Bergense gemeenteraad stemde dan ook in met een motie om dit stukje Schoorl de noodzakelijke update te geven.
Het veld is in slechte staat, constateren Michiel van den Busken (Ons Dorp) en Sjaak Swart (Kies Lokaal) in hun motie, die eerder deze maand werd voorgelegd aan de gemeenteraad van Bergen. “We verzoeken het college om samen met het bestuur van Duinrand S een plan van aanpak op te stellen voor de vernieuwing van het gemeenteveld.”
De raadsleden vrezen zelfs dat de KNVB het veld in de huidige conditie zal afkeuren bij een volgende controleronde. Het veld aan de Smeerlaan in Schoorl is aangelegd in 2007 en sindsdien is er eigenlijk niks meer aan gedaan. Normaal had er na tien of vijftien jaar al wat gebeurd moeten zijn.
Verder wilden de raadsleden dat er iets zou gebeuren met de parkeerplaats en de fietsenstalling. Ook die zijn allebei aan een upgrade toe, stelden ze vast. Eerder al waren er zorgen over de verouderde kleedkamers.
Het voorstel kon rekenen op brede steun in de Bergense raad. Alleen D66 stemde niet in met het voorstel om een plan op te stellen en de vernieuwing van de voorzieningen op te nemen in de begroting van 2027.
Een cv om u tegen te zeggen, zeker. Maar daarmee was Barbara Bos niet eens de enige in de sollicitatieprocedure voor een nieuwe directeur-bestuurder van Museum Kranenburgh in Bergen. Juist door haar mentaliteit en haar veelzijdigheid sprong ze eruit, laat het museum weten. Zó werd Bos de nieuwe directeur-bestuurder.
Daarmee is er opvolging voor Adriana González Hulshof, die eerder aankondige te zullen vertrekken. Per 1 september komt er een einde aan het bestuur dat zij de afgelopen vijf jaar voerde, in een museum dat eerst nog geloofde in twéé bestuurders in deze rol, maar uiteindelijk González Hulshof de hoofdrol toebedeelde.
“Onder leiding van González Hulshof realiseerde Museum Kranenburgh een aantrekkelijk en onderscheidend tentoonstellingsprogramma en wist het zich te versterken met een stabiele bedrijfsvoering en een gezonde financiële basis”, blikt het museum terug. (tekst gaat door onder de foto)
Adriana González Hulshof vierde successen met Museum Kranenburgh. (foto: aangeleverd)
Een erfenis om voorzichtig mee te zijn, juist ook omdat bezoekers zich er blij mee toonden – maar de Raad van Toezicht rekent op meer dan alleen dat. Er zijn ook hoge verwachtingen van de creativiteit en veelzijdigheid van opvolger Barbara Bos.
“We hebben voor Barbara gekozen omdat we een duizendpoot zochten. Ideaal als een directeur van dit museum van zo ongeveer alle markten thuis is. Haar museale achtergrond, brede ervaring en haar hands-on mentaliteit gaven de doorslag”, verklaart Tillie van der Poel, voorzitter van de Raad van Toezicht.
Van der Poel benadrukt dat de kwaliteit en het niveau hoog was onder de sollicitanten. Dat gaf het museum de vrijheid te kiezen voor iemand die veel in haar mars heeft. Bos studeerde kunstgeschiedenis en Museum Studies in Amsterdam en Londen en was voorheen werkzaam voor museum Voorlinden in Wassenaar.
Bos zelf toont zicht dankbaar: “Museum Kranenburgh is een bezielde plek”, vindt ze. “Historisch geworteld én eigentijds, avontuurlijk én toegankelijk. Ik kijk ernaar uit om, samen met het team en alle betrokkenen, het museum verder te ontwikkelen tot een levendige, verbindende ontmoetingsplaats – betekenisvol lokaal én daarbuiten.” (hoofdfoto: Anne Laureen Fotografie)
Uitgeest moet een nieuw station krijgen – en wie dat graag zou willen bouwen, die kan zich daar vanaf nu op inschrijven. Spoorbeheerder ProRail heeft de aanbestedingsprocedure voor dit grote en veelzijdige project geopend. “We zijn op zoek naar een opdrachtnemer die op alle spoor-disciplines vakwerk gaat leveren.”
Dat zegt de projectmanager van ProRail, Frans van Wegen. Hij noemt het een mooi project, waar alles wat de spoorsector zo speciaal maakt in samenkomt. Het bouwen van spoor, het bouwen van grote constructies, het realiseren van bovenleiding en daarnaast nog de telecommunicatie en de treinbeveiliging.
Het maakt station Uitgeest tot een heel compleet project, waar naar verwachting niet de minsten in de sector interesse in hebben. De vernieuwing van station Uitgeest maakt deel uit van het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer Alkmaar – Amsterdam. (tekst gaat door onder de foto)
De wachtruimte in Station Uitgeest, mét molen. (foto: Streekstad Centraal)
Wie nu wel eens van of naar Uitgeest reist zal het station kennen als een grote open ruimte met soms behoorlijke afstanden om af te leggen van de ene naar de andere trein. Schaduw en beschutting zijn er niet bepaald in grote mate aanwezig. Gelukkig is er koffie.
Het nieuwe station moet met een extra perron en een grote loopbrug een andere ervaring bieden. “Het station krijgt een lichte, prettige en veilige uitstraling en er komen trappen en liften bij”, blikt ProRail vooruit op wat er in Uitgeest gebouwd gaat worden.
“De traverse wordt zo’n 85 meter lang, zo’n zes meter breed, overdekt en voorzien van glazen wanden. Ook de perrons worden geheel vernieuwd en voorzien van nieuw meubilair en nieuwe wachtruimtes.” Zo moet een station ontstaan dat juist wel beschut is en meteen is voorbereid op een toekomst met méér reizigers en méér treinen.
Aannemers die graag hun bijdrage zouden leveren aan dit stukje spoor kunnen zich tot januari 2027 inschrijven. In het voorjaar volgt dan de handtekening onder het contract. De verbouwing van het station zelf staat gepland voor 2028 en verder. (hoofdfoto: ProRail)
Extra financiële ruimtes voor starters op de woningmarkt: daar werkt de gemeente Dijk en Waard sinds vorig jaar aan mee met de speciale ‘starterslening’. Huizenkopers in de gemeente weten deze regeling te vinden, zo blijkt. Het budget is bijna ‘uitgeput’ en dus wordt het weer aangevuld.
Dat laat de verantwoordelijk wethouder Jasper John weten in een schrijven aan de gemeenteraad. De regeling bestaat sinds het voorjaar van 2025 en sindsdien is het budget in tussenstappen verhoogd tot 9,5 miljoen euro. Dat geld komt dus terecht in de woningmarkt van Dijk en Waard, waar stijgende prijzen het voor starters moeilijk maken om nog een huis te bemachtigen.
“Het college heeft besloten het budget voor startersleningen aan te vullen met 2,5 miljoen euro”, zegt de wethouder over de nieuwe verhoging. “In artikel 3 van de Verordening Starterslening Dijk en Waard staat dat het college waakt over het beschikbare budget en dit aanvult wanneer uitputting dreigt.” (tekst gaat door onder de foto)
Wethouder Jasper John ziet dat de starterslening veel mensen bereikt. (foto: gemeente Dijk en Waard)
De aanvulling die nu wordt gedaan houdt het budget ‘voorlopig’ op peil, volgens de wethouder. “Het college blijft de ontwikkeling van het budget scherp volgen en vult het budget zo nodig opnieuw aan. Op deze manier voorkomen we rentekosten.”
Het geld dat de gemeente uitleent komt uiteindelijk ook weer terug – de starters lossen immers af. Er is daarom geen probleem voor de begroting, verklaart de wethouder. “Er is geen budget nodig om dit te dekken.”
De regeling wordt goed gebruikt. In de eerste helft van 2026 konden er in Dijk en Waard 86 huizen worden gekocht door het bestaan van de starterslening. 44 daarvan waren nieuwbouwwoningen. Verreweg de meeste aanvragen voor de lening keurde de gemeente goed, er waren in de eerste helft van dit jaar maar zes afwijzingen.
Gemiddeld genomen leenden starters een bedrag van 47.554 euro, geeft de wethouder nog mee. Daarmee dekken de leningen wel een aardig deel van de gemiddelde aankoopprijs van 324.041 euro voor een woning.
Geruchten – nog niet bevestigd, mogelijk onwaar. Die zijn voor de fracties van BAS, OPA, FVD en SPA reden om in het zomerreces dringende vragen te stellen aan het college van Alkmaar. Misschien komt er een asielopvang in het gebouw van het Stedelijk Dalton College in De Mare. Dat is wat de fracties betreft belangrijk genoeg om er snel opheldering over te krijgen.
“Deze geruchten leiden tot onrust onder de bewoners.” De vier partijen verklaren door verschillende buurtbewoners te zijn benaderd met verhalen over een op handen zijnde asielopvang in het schoolgebouw. Dat komt leeg te staan door een fusie.
“Het huidige gebouw van het Stedelijk Dalton College zou over twee jaren worden ingezet voor de opvang van asielzoekers”, vatten de partijen de geruchten samen in de raadsvragen die ze maandag voorlegden aan het college. (tekst gaat door onder de foto)
Pien Bijl (BAS) en Victor Kloos (OPA) maakten er al eerder een punt van dat het college ze over élke ontwikkeling op de hoogte moet houden.
Des te groter is de verbazing, nu er een ongecheckt verhaal rondgaat over een extra opvanglocatie. “Zijn hierover gesprekken gevoerd, verkennende contacten geweest of afspraken gemaakt tussen de gemeente Alkmaar, het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA), het Rijk, de eigenaar van het pand of andere betrokken partijen?”, willen de partijen nu weten.
Nog voor het einde van het zomerreces willen de partijen alle relevante stukken zien, en het onderwerp zou hoog op de agenda van de eerste raadsvergadering moeten staan.
De onderliggende vraag is dus vooral: is het wáár, of is het alleen maar een gerucht? Maar in de raadsvragen klinkt ook al de nodige kritiek door: “Deelt het college de opvatting dat inwoners en de gemeenteraad tijdig, transparant en volledig moeten worden geïnformeerd over eventuele plannen met een dergelijke maatschappelijke impact en dat besluitvorming niet mag plaatsvinden zonder betrokkenheid van de gemeenteraad?”
Het kan natuurlijk ook zo zijn dat het gerucht echt alleen maar een gerucht is. In dat geval willen de partijen dat het college de bewoners van De Mare daar goed over informeert, om de onrust in de buurt weg te nemen.
Het is de gewoonte dat bij raadsvragen eerst de raad antwoord krijgt, de pers pas later, dus er zijn door Streekstad Centraal zelf geen vragen gesteld over dit onderwerp.
Alkmaar was zondag één van de drie startlocaties van de traditionele Ronde van de Westfriese Omringdijk. Een wielerronde op historische grond – letterlijk, want die oude, stoere dijk is de kern van deze route. Op drie verschillende afstanden startten de fietsers. “Een stralende jubileumeditie.”
Daarop blikt organisatie Le Champion uit Alkmaar zondagmiddag terug. Het was zonnig, maar de hitte was in Noord-Holland over het algemeen prima uit te houden: 24 graden en een verkoelend windje. Dat zijn toch eigenlijk ‘ideale omstandigheden’, oordeelt de organisatie.
Ruim 1.600 deelnemers gingen van start in de Ronde van de Westfriese Omringdijk. Dat deden ze in Hoorn, Schagen en Alkmaar, drie gemeenten waar de Omringdijk doorheen kronkelt. In Schagen door landelijk gebied met uitzicht op de duinen in de verte, in Hoorn dwars door het oude centrum en in Alkmaar tussen de binnenstad en Oudorp door, maar ook langs het Noordhollandsch Kanaal, de Schermer en Oterleek. (tekst gaat door onder de foto)
Kasteel Radboud in Medemblik was één van de historische plekken die de fietsers aandeden. (foto: Le Champion)
Het waren maar enkele van de hoogtepunten langs de route. Ook de IJsselmeerkust (hoofdfoto) en kasteel Radboud in Medemblik leverden aantrekkelijke plaatjes op. De deelnemers bepaalden zelf hoe ver ze fietsen: 50, 80 of 135 kilometer.
Het zonnige weer maakte goed insmeren natuurlijk wél bittere noodzaak. Verder zorgde de organisatie voor koude bidons, om de sporters de perfecte voorbereiding mee te geven. Verzorgingsposten langs de route waren dit jaar van extra belang, onderkende Le Champion.
“Deelnemers konden bijtanken met fruit, sportdrank, water en natuurlijk de vertrouwde krentenmik”, vertelt de organisatie. “Vrijwilligers zorgden voor sfeer, muziek en een warm welkom.” Het evenement zorgde zondagmiddag ook voor gezellige drukte in de Alkmaarse binnenstad.
De fietsers leverden ook een bijdrage aan een goed doel. “Jan Houtenbos, bestuurslid van Le Champion, mocht een cheque met het prachtige bedrag van €1.594 overhandigen aan Right To Play. Gedurende de dag liep dit bedrag verder op tot €1.629.”
In het fietstunneltje bij de Fritz Conijnlaan in Alkmaar is zondag een man gewond geraakt. Het ongeluk gebeurde rond 19:10 uur. Twee ambulances kwamen ter plaatse, maar ook de politie had werk aan het ongeval. Eén van de betrokkenen bleek namelijk onder invloed en is aangehouden.
Het gaat om een aanrijding met twee fietsen. Eén man raakte daarbij gewond. Het ambulancepersoneel verpleegde het slachtoffer ter plaatse en nam hem daarna mee naar het ziekenhuis.
De andere betrokkene was onder invloed en is aangehouden. Hij wordt gezien als de veroorzaker van het ongeval.
Nee, de fatbike mag niet op de stoep, daar wordt al vaak genoeg op gemopperd. Maar hij mag óók niet op de autoweg. Toch stak een fatbiker zondagmiddag op de N9 ongegeneerd vier rijstroken over – wat voor het autoverkeer een gevaarlijke situatie opleverde.
Na de melding van deze opvallende oversteek, die binnenkwam even voor 14:15 uur, was de politie dan ook snel ter plaatse. De politie vond de man bij een tankstation. De man kreeg meerdere bekeuringen. Daarna brachten agenten hem onder begeleiding weer terug naar het fietspad.
Het risicovolle oversteekje leidde niet tot aanrijdingen of andere incidenten. De politie herhaalt nog maar eens dat fietsers géén gebruik mogen maken van wegen als de N9. Dat geldt voor gewone fietsers, maar ook voor fatbikers.